04-03-17

Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe

 

De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Kristof Magnusson op dit blog.

Uit: Ik was het niet (Vertaald door Hilde Keteleer)

“Ik vroeg de anderen wat ze ervan vonden dat Felix Magath nu trainer van Schalke werd. Iedereen kende alleen maar Bayern München. Natuurlijk wist ik wel dat het zinvol was om met de collega’s iets te gaan drinken.
Netwerken en zo. Het wás ook werk, maar niet zo productief dat je er een hele nacht aan hoefde te besteden. Waarom dronken ze niet gewoon twee pintjes, handelden intussen de hele riedel van Tottenham en Arsenal, Auditt, Range Rover en vrouwelijke collega’s af en gingen dan maffen?
Eindelijk ging de kroeg dicht. Ik liep naar het hotel en had al op de liftknop geduwd toen Vikram, de in Bombay geboren Arsenalfan, aan mijn mouw trok en me meezeulde naar de hotelbar, waar iedereen bij elkaar zat. ‘We drinken Jägermeister, man’, had hij gezegd, alsof ik dan als Duitser geen nee kon zeggen. En dus dronk ik. Veroorzaakte een pijnlijke stilte toen ik zei dat ik geen auto had. Om drie uur deed ik alsof ik naar de wc moest, liep naar mijn kamer, kotste, douchte, dronk twee liter water, nam twee magnesiumtabletten, drie paracetamols en een Pantozol, pakte mijn koffer, nam een taxi naar Heathrow en stapte om 5.03 uur in dit vliegtuig terug naar Chicago.
De stewardess nam mijn jasje aan en hing het op een knaapje, waaraan ze mijn instapkaart vastmaakte als een garderobenummer. Daarna kwam ze met een glas champagne.
Ik moest me beheersen om niemand te laten merken hoe blij ik was met mijn stoel in de businessclass. Per slot van rekening was deze vlucht geen cadeau van Rutherford & Gold maar een noodzakelijke uitgave.”

 

 
Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

Lees meer...

04-03-16

Khaled Hosseini, Kristof Magnusson, Robert Kleindienst, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe, Ryszard Kapuściński

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini werd geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook alle tags voor Khaled Hosseini op dit blog.

Uit: De vliegeraar van Kabul (Vertaald door Miebeth van Horn)

“Op mijn twaalfde ben ik geworden wat ik nu ben, op een kille bewolkte dag in de winter van 1975.   Ik  herinner  me  nog  precies  het  moment,  weggekropen  achter  een afbrokkelende lemen muur, de steeg bij de bevroren beek in turend. Dat is lang geleden, maar ik heb geleerd dat het niet waar is wat ze over het verleden zeggen, dat je het kunt begraven. Als ik nu terugkijk, besef ik dat ik de afgelopen zesentwintig jaar die steeg in ben blijven gluren. Op een dag afgelopen zomer belde mijn vriend Rahim Khan me uit Pakistan. Hij vroeg of ik hem kwam opzoeken. Staand in de keuken, met de hoorn tegen mijn oor, wist ik dat het niet zomaar Rahim Khan was die ik aan de lijn had. Het was mijn verleden van onbestrafte zonden. Toen ik had opgehangen ging ik op pad om een wandeling te maken langs het Spreckelsmeer aan de noordkant van het Golden Gatepark. De vroege middagzon glinsterde op het water, waar miniatuurbootjes zeilden, voortgestuwd door een stevige bries. Toen keek ik omhoog en zag een paar vliegers, rood met een lange blauwe staart, hoog in de lucht. Ze dansten ver boven de bomen aan de westrand van het park, boven de molens, zij aan zij zwevend als een stel ogen die neerkeken op San Francisco, de stad die ik nu als mijn thuishaven beschouw. En plotseling fluisterde Hassans stem in mijn hoofd: Voor u doe ik alles. Hassan, de vliegeraar met de hazenlip.
Ik ging op een bank zitten bij een wilg. Ik dacht na over iets wat Rahim Khan vlak voor hij ophing had gezegd, alsof het hem net te binnen was geschoten. Er is een manier om het goed te maken. Ik keek omhoog naar die twee vliegers. Ik dacht aan Hassan. Aan Baba. Ali. Kabul. Ik dacht aan het leven dat ik geleid had tot de winter van 1975 was ingevallen en alles anders had gemaakt. En mij gemaakt had tot wat ik nu ben.”

 

 
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

Lees meer...

04-03-15

Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Kristof Magnusson, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe, Ryszard Kapuściński

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini werd geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook alle tags voor Khaled Hosseini op dit blog.

Uit: En uit de bergen kwam de echo (Vertaald door W. Hansen)

“Ten slotte, toen de zon net over zijn hoogste punt heen was, bleef vader weer staan. Hij draaide zich in de richting van Abdullah, leek even na te denken en maakte toen een beweging met zijn hand.
‘Je geeft het toch niet op,’ zei hij.
Vanaf de kar gleed Pari’s hand snel in die van Abdullah. Ze keek naar hem met vochtige ogen, en met haar uiteenstaande tanden glimlachte ze alsof haar nooit iets slechts zou kunnen overkomen zolang hij aan haar zijde was. Hij sloot zijn vingers om haar hand zoals hij elke nacht deed als hij en zijn zusje in hun bed lagen, hun hoofden tegen elkaar, hun benen verstrengeld.
‘Je had eigenlijk thuis moeten blijven,’ zei vader. ‘Bij je moeder en Iqbal. Dat heb ik je gezegd.’
Abdullah dacht: het is jouw vrouw. Mijn moeder hebben we begraven. Maar hij wist die woorden in te slikken voor hij ze uitsprak.
‘Nou goed dan. Kom maar mee,’ zei vader. ‘Maar we gaan niet huilen. Begrepen?’
‘Ja.’
‘Ik waarschuw je. Dat zal ik niet dulden.’
Pari glimlachte breed naar Abdullah, hij keek naar haar bleke ogen en ronde roze wangen en glimlachte terug.
Vanaf dat ogenblik liep hij naast de kar die over de woestijngrond vol kuilen en gaten hotste, en hij hield Pari’s hand vast. Ze wisselden gelukkige steelse blikken, broer en zus, maar ze zeiden niet veel, uit angst vaders stemming te bederven en hun geluk te verspelen. Heel vaak waren ze alleen, zij met hun drieën, niemand in de verste verte te zien, alleen de roodkoperen bergketens en de grote zandstenen rotsen. De woestijn strekte zich voor hen uit, open en weids, alsof die voor hen was geschapen, alleen voor hen, de lucht roerloos en snikheet, de hemel hoog en blauw. Rotsblokken schitterden op de gebarsten grond. De enige geluiden die Abdullah hoorde waren zijn eigen ademhaling en het ritmisch gepiep van de wielen, terwijl vader de rode kar trok, in noordelijke richting.”

 

 
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

Lees meer...

04-03-14

Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Kristof Magnusson, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe, Ryszard Kapuściński

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini werd geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook alle tags voor Khaled Hosseini op dit blog.

Uit: En uit de bergen kwam de echo (Vertaald door W. Hansen)

“Najaar 1952
Vader had Abdullah nooit eerder geslagen. Dus toen hij het wel deed, toen hij de zijkant van Abdullahs hoofd raakte, vlak boven het oor, hard en onverhoeds en met de vlakke hand, sprongen er tranen van verbazing in Abdullahs ogen.
Hij knipperde ze snel weg.
‘Naar huis,’ zei vader knarsetandend.
Abdullah hoorde boven zich Pari in snikken uitbarsten.
Toen sloeg vader hem opnieuw, harder, ditmaal op zijn linkerwang. Abdullahs hoofd kantelde opzij. Zijn gezicht schroeide, en er kwamen meer tranen. Zijn linkeroor suisde. Vader bukte zich zo ver voorover dat zijn donkere, gerimpelde gezicht de woestijn en de bergen en de lucht helemaal verduisterde.
‘Ik zei je dat je naar huis moest gaan, jongen,’ zei hij met een gepijnigde blik.
Abdullah gaf geen kik. Hij slikte luid en gluurde naar zijn vader, terwijl hij met zijn ogen knipperde achter de hand die de zon afschermde.
Vanaf de kleine, rode kar gilde Pari zijn naam, terwijl ze beefde van angst. ‘Abollah!’
Vader hield hem met een strenge blik op afstand en sjokte terug naar de kar. Op de bodem ervan strekte Pari haar handen uit naar Abdullah. Abdullah gaf hun een voorsprong.
Toen veegde hij zijn ogen af met de muis van zijn hand en volgde hen.
Even later gooide vader een steen naar hem, zoals kinderen in Shadbagh stenen gooiden naar Shuja, de hond van Pari – zij het dat de kinderen Shuja wilden raken om hem pijn te doen. De steen van vader kwam een meter van Abdullah op de grond terecht, machteloos. Hij wachtte, en toen vader en Pari zich weer in beweging zetten, ging Abdullah opnieuw achter hen aan.”

 

 
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

Lees meer...

04-03-13

Robert Kleindienst, Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Irina Ratushinskaya, Alan Sillitoe

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Zie ook alle tags voor Robert Kleindienst op dit blog.

 

Uit: Später vielleicht

 

“Dann stellte er sich im Dunkel ans Fenster und zog den Vorhang zurück. Was mochte in diesem Moment in den Zimmern gegenüber vor sich gehen? Hinter den vorgezogenen Vorhängen und heruntergelassenen Jalousien konnte gerade eine Beziehung beendet oder ein Mord verübt werden. Zwei konnten sich wortlos gegenübersitzen, streiten oder miteinander schlafen, einem Kind das Leben schenken. Im Block gegenüber saß ein weißhaariger Mann am Tisch und schrieb. Er saß dort Tag für Tag, immer um dieselbe Zeit, bis tief in die Nacht. Er sah sich selbst an einem Schreibtisch sitzen, mit weißen Haaren, und stellte sich vor, jemand würde ihn von einem gegenüberliegenden Fenster aus beobachten und sich ähnliche Gedanken machen.

Eine kalte Hand legte sich auf seinen Nacken.

»Na, mein Voyeur?«, sagte Nelly.

»Ich suche eine gute Szene«, sagte er wie zur Rechtfertigung und zog ihre Hand auf seine Brust.

»Habe ich dir schon von meinem neuen Projekt erzählt?«, fragte er, als sie wenig später nebeneinander lagen, und sie schüttelte den Kopf.

»Der Protagonist in meinem Roman lernt zu Beginn eine Frau kennen und verliebt sich in sie, obwohl er eine Freundin hat. Er macht das, weil er die Emotion zum Schreiben braucht. Kannst du dir vorstellen, dass etwas daraus wird? Ich frage auch, weil ich Situationen aus meinem eigenen Leben in das Buch einbauen möchte. Verstehst du? Es kann nur so funktionieren.«

»Dann suchst du dir besser gleich jemand anderen. Ich werde nicht deine Laborratte sein.«

»Ach, komm. Erstens werde ich dich nicht namentlich erwähnen und zweitens gebe ich sicher nicht deine intimsten Geheimnisse preis. Das werden auch keine Figuren aus meinem Leben, sondern Romanfiguren sein.«

»Bist du schon müde?«, fragte sie und gähnte.

»Nein. Wir haben Vollmond heute.«

Nach einem Kuss drehte sie sich zur Seite, und er knipste das Licht aus. Kurz darauf: gleichmäßige Atemzüge. Er hätte gern noch ein paar Worte mit Nelly gewechselt, über das Buch, ihre Reaktion von vorhin. Aber sie war schon weit weg von all dem.”

 

 


Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

Lees meer...

04-03-12

Robert Kleindienst, Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Irina Ratushinskaya, J. Rabearivelo

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Hij studeerde germanistiek, pedagogie en politicologie. Kleindienst schrijft gedichten, proza en drama. Zie ook mijn blog van 4 maart 2009 en ook mijn blog van 4 maart 2010 en ook mijn blog van 4 maart 2011.

 

Uit: Beim Tode! Lebendig!

 

"Diese Lyriker! Letzten Endes muß man ihnen denn doch wünschen, daß sie eines Tages einen richtigen Roman zu Papier bringen", pointierte Celan 1958 als Antwort auf eine Umfrage der Pariser Librairie Flinker. Zweifellos ist es hinsichtlich seines Œuvres unumgänglich, nicht von seinen Gedichten Abstand zu nehmen, in die er ein "Äußerstes an menschlicher Erfahrung in dieser unserer Welt und dieser unserer Zeit" einbrachte.

Gedichte sah Celan als "Geschenke an die Aufmerksamen", als "Schicksal mitführende Geschenke." Im Gegensatz zum literaturtheoretischen Verständnis Roland Barthes', dass es nichts außerhalb des Textes gebe und das Verhältnis jeder historischen Darstellung zur Wirklichkeit dem Verhältnis eines rein literarischen Textes zur Wirklichkeit ähnlich sei, weist Celans Sprache einen hohen Wirklichkeitsbezug auf, wie er selbst immer wieder betonte - so auch in Zusammenhang mit seinem Band Ausgewählte Gedichte: "Mein letztes Buch wird überall für verschlüsselt gehalten. Glauben Sie mir - jedes Wort ist mit direktem Wirklichkeitsbezug geschrieben. Aber nein, das wollen und wollen sie nicht verstehen"

Als Schlüssel zum Verständnis werden in der literarischen Öffentlichkeit bei Celan - der selbst "kein Freund der Vergesellschaftung des Innenlebens" war - Teile seiner Privatsphäre wie Briefe und Notizen aus der Nachlassbibliothek betrachtet. "Nein", widersprach er Bedenken Franz Wurms während der Zusammenstellung einer Auswahl aus Kafkas Briefen an Felice Bauer, "ich finde die Veröffentlichung dieser Briefe keine Indiskretion, die Indiskretionen kommen erst, wenn die Leute darüber schreiben. "

In der Herangehensweise an sein eigenes Werk wird die Privatsphäre häufig stärker in den Vordergrund gestellt als das Geschriebene selbst, wobei dem öffentlichen Umgang mit der Person Celan insofern Gewicht zukommt, als dass dieser als mitverantwortlich für seine schwere Krise und Depression, die letztendlich zu seinem Tod führte, betrachtet werden kann.

Womit wieder Barthes' These vom Verschwinden im Raum steht. Zugegeben, wäre der Tod des Autors bereits konsequent in der literaturwissenschaftlichen Praxis umgesetzt und würde er den Bereich Lyrik nicht ausschließen, wäre das Schreiben dieses Buches ungemein schwerer gefallen: Celans Texte müssten als auf Sprache Reduziertes gelesen werden, hinter der man einen Autor mit seiner einzigartigen Lebensgeschichte allenfalls vermuten dürfte.“

 

 

Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

Lees meer...

04-03-11

Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Irina Ratushinskaya, J. Rabearivelo

 

De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008 en ook mijn blog van 4 maart 2009 en ook mijn blog van 4 maart 2010.

 

Uit: Summer of Love (Vertaald door Mike Mitchell)

 

“Outside my window a lemon tree is steaming in the rising heat. Eyes closed, I feel all over the large mattress, although I know there’s no one else there. I’m lying in bed in a hotel room in California reading about Australia in a guidebook. The trip round the world was the idea of the head of personnel who appointed me. For the first three months, he said, my position was free, after all the stress of the examinations I could take time out to live a little, to see something of life. The next day I paid three thousand marks for an air ticket with the words ‘Hamburg — London — New York — San Francisco — Hong Kong — Bombay — Hamburg’ printed on it in slightly smudged red ink. I’d already ticked off London, New York and San Francisco, I hadn’t seen anything of life there. To me the red double-decker buses, yellow taxis and cable cars looked like poor, dirty copies of the double-deckers, taxis and cable cars I knew from films. In each place I stayed one night and flew on, only in San Francisco did I stay two nights, because I had a hotel room with cable TV. I began to get accustomed to things, bought a second deodorant, a rather sweet-smelling one by Jean Paul Gaultier, which I used for my left armpit. For the right one I continued to use the Hugo by Boss which I’d bought for my job interview. It was fun being able to distinguish left and right, port and starboard, the two halves of this body that was to carry me through the world, by smell. On the fifth day of my trip round the world I hired a bicycle and rode across the red bridge and out of the city. Soon I had no idea where I was any more. I was riding through pinewoods along a country road with no markings and which wasn’t on my map. Coming round a curve, a village suddenly leapt out at me. It was simply there; without there having been any signposts or a board with the name, there were wooden houses in front of me with blue scraps of sea hung between them. I rode past a filling station with Save the Rainforest banners hanging out of the windows. Shortly after that I stopped and asked a man, who was sitting in the sun outside a house with paintings on the walls, where I could buy something to drink. The man had long grey hair and his beard was spattered with flecks of colour. He asked me how I liked his wall painting and pointed over his shoulder: animals, naked people and pink clouds, with flowers in all the colours of the rainbow twined round them. Above it was written: 30 Years Summer of Love 1967-1997.”

 

 

 

Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

 

 

Lees meer...

04-03-10

Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Irina Ratushinskaya


De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008 en ook mijn blog van 4 maart 2009.

 

Uit: Das war ich nicht

 

“Ich sollte mich wirklich schämen. Schämen solltest du dich, Henry LaMarck! Auf jeder anderen Party wäre es im Rahmen des gesellschaftlich Akzeptierten gewesen, sich sang- und klanglos davonzustehlen, doch auf der Party zu meinem eigenen sechzigsten Geburtstag war es das sicher nicht.        
        Meine Verlegerin Gracy Welsh hatte mich zu Parker Publishing gebeten, angeblich um mir die Umschlagentwürfe für die Taschenbuchausgabe meines letzten Romans, Windeseile, zu zeigen. Als ich jedoch das Großraumbüro im 24. Stock betrat, standen plötzlich jede Menge Leute um mich herum und riefen: "Überraschung!" Viele hatten sich mit Hütchen dekoriert, mit ganz ironisch hässlichen Hütchen natürlich, da ich bei Parker Publishing für meinen Humor bekannt war. Humor - Schmumor, ich war sechzig geworden, was war daran witzig? 
       Als sich der Überraschungslärm nicht legen wollte, schnipp­te Gracy mit dem Zeigefinger an ihren mit Sekt gefüllten Plastik­becher, begrüßte und beglückwünschte mich und sagte dann das, von dem sie dachte, das ich es ohnehin längst wusste:
        "Henrys Geburtstag wäre ja an sich schon eine tolle Sache, aber das ist erst der Anfang: Henry ist nämlich mit Windeseile einer der Finalisten um den diesjährigen Pulitzerpreis. Ist das nicht fantastisch?"
        Alle schienen zu jubeln, das sah ich ihren Gesichtern an, denn ich hörte nichts, und spürte auch nichts, außer diesem Herz­rasen, das mich seit einiger Zeit immer wieder befiel und in ­meinem ganzen Körper wiederzuhallen schien, aufdringlich und schnell. Oh Gott. Ich war für den Pulitzerpreis nominiert, den ich vor etlichen Jahren schon einmal für meinen Roman Unterm Ahorn bekommen hatte. Damals war das eine echte Auszeichnung gewesen, doch jetzt schoss mir nur ein Gedanke durch den Kopf: Sie wollen dir schnell noch mal den Pulitzerpreis geben, bevor sie dich aufs literarische Abstellgleis schieben.

 

 

 

Magnusson-Kristof
Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

 

 

 

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini is geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008 en ook mijn blog van 4 maart 2009.

 

Uit: Tausend strahlende Sonnen (Vertaald door Michael Windgassen)

 

“Mariam war fünf, als sie zum ersten Mal das Wort »harami« hörte. Es war an einem Donnerstag, zweifelsohne, denn Mariam erinnerte sich, dass sie aufgeregt und mit ihrenGedanken woanders gewesen war, wie immer an Donnerstagen, wenn Jalil in der kolba zu Besuch kam. Sie sehnte sich danach, ihn endlich im kniehohen Gras der Lichtung winkend näher kommen zu sehen, und hatte, um sich die Zeit zu vertreiben, das Teeservice aus dem Schrank geholt. Für ihre Mutter Nana war das Teeservice das einzige Andenken an die eigene Mutter, die zwei Jahre nach Nanas Geburt gestorben war. Nana hielt jedes Einzelteil aus blauem und weißem Porzellan in Ehren, die Kanne mit der elegant geschwungenen Tülle, den handgemalten Finken und Chrysanthemen,und das Zuckerschälchen mit dem Drachen, der böse Geister fernhalten sollte. Ausgerechnet dieses Zuckerschälchen glitt Mariam aus der Hand, fiel auf die Holzdielen der kolba und zersprang in tausend Stücke.

Als Nana die Scherben sah, verfärbte sich ihr Gesicht dunkelrot, die Unterlippe bebte, und die Augen, das lidlahme ebenso wie das gesunde, trafen Mariam mit hartem, starrem Blick. Sie war so wütend, dass Mariam fürchtete, der Dschinn würde wieder Besitz von ihr ergreifen. Doch der Dschinn kam nicht, diesmal nicht. Stattdessen packte Nana Mariam bei den Händen, zog sie nah zu sich heran und stieß zwischen zusammengepressten Zähnen hervor:

»Du ungeschickter kleiner harami. Das ist wohl der Dank für das, was ich alles ertragen musste. Zerbrichst mir mein Erbe, du ungeschickter kleiner harami.« Damals verstand Mariam nicht. Sie wusste weder, was harami bedeutete, noch war sie alt genug zu begreifen, wie ungerecht der Vorwurf war, denn schließlich hatten sich die Erzeuger schuldig gemacht und nicht der harami – der Bankert –, dessen einziges Vergehen darin bestand, auf die Welt gekommen zu sein. Der Tonfall

ihrer Mutter ließ allerdings vermuten, dass ein harami etwas Hässliches, Widerwärtiges war, so etwas wie ein Insekt, wie die krabbelnden Kakerlaken, die Nana immer fluchend aus der kolba fegte.

Später konnte sich Mariam sehr wohl einen Begriff davon machen. Die Art, in der Nana das Wort aussprach – oder vielmehr ausspuckte –, ließ Mariam den Stachel spüren, der darin steckte.”

 

 

 

KhaledHosseini
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Hij studeerde germanistiek, pedagogie en politicologie. Kleindienst schrijft gedichten, proza en drama. Zie ook mijn blog van 4 maart 2009.

 

Uit: Später vielleicht

 

Erst im Weitergehen realisierte er, was soeben passiert war: Um Haaresbreite wäre er von der Schaufel eines Baggers getroffen worden. Um Haaresbreite wäre er nicht mehr jemand gewesen, der durch die Stadt ging, auf der Suche nach Ideen, sondern ein Körper, um den sich nach und nach Menschen versammelt hätten. Betroffene Bauarbeiter. Fotografierende Touristen. Kinder, die unbeantwortet bleibende Fragen an ihre Eltern gestellt hätten. Irgendwann wäre der Arzt eingetroffen und hätte wohl nur noch seinen Tod festgestellt. Seltsam. Nie im Leben hatte er ernsthaft daran gedacht, sich das Leben zu nehmen. Und jetzt, wo er fast von einem metallenen Klotz ausgelöscht worden wäre, ohne die leiseste Vorwarnung, fühlte er einen unabdingbar stärkeren Drang, zu leben. Er ging ins nächste Café und schrieb.

Seltsam, alles aufzuschreiben, was man eben wahrnimmt. So greift man ein Stück Welt auf und erschafft sie gleichzeitig neu am Papier. Aber ich möchte erleben und dann erst Worte dafür finden, nicht umgekehrt. Ich bin kein Bildersammler, der gleich beim ersten Sehen alles in Worte umsetzt, jemand, dessen Wahrnehmung sich aufs Schreiben reduziert. Aber wo kann ich Bilder finden, wenn nicht vor der Haustür? Es ist ein pointillistisches Vermessen von Menschen und Landschaft, mit dem Zweck, später alles in Worten wiederzugeben. Ich schreibe das Drehbuch meines eigenen Lebens, aber ich schreibe nicht über mich, sondern schreibe mich selbst.“

 

 

 

 

Kleindienst1
Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

 

 

 

 

De Russische dichteres en dissidente Irina Ratushinskaya werd geboren op 4 maart 1954 in Odessa. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007  en ook mijn blog van 4 maart 2009.

 

Uit: Wind Of The Journey

 

Fairy tales creep on little cat paws
And smell like currants.
And by night they steal away
Little boys, if they don't go to bed properly,
Little girls, if they don't go to bed properly,
And even little bear cubs.
Oh, they are naughty, terribly naughty.

 

And they take the stolen child to the raspberry wood,
There is a honeysuckle bridge and beyond it a valley,
And whatever you fear, that's what they have there:
An old witch stares at you and eats you up,
A tree ensnares you and eats you up,
Wolves' eyes glow in the dark, too many to count.
And no one, no one will wake you!

 

Once you've had your fill of fear, you can fly,
Jump on a bed made of clouds,
Tickle the stars' whiskers:
A scarlet bell, hot bronze!
If you burn yourself, don't bawl:
There's a bear that patrols the sky
Waiting to have fun with the hunting dogs.

 

And from there you can see it all clearly:
The castles and roads and the chases.
Over there, the mermaids wave, laughing.
"Hey, you over there, behind the bronze mountain!
If you feel like a hero, come out and fight!
But if you're a coward we'll send you home,
You'll go back for ever and ever."

 

And then you'll cry under the covers,
You'll remember how it was and is no more.
Only a scent, like after a thunderstorm.
Oh you, stars and voices!
Now I am closing my eyes tight-tight:
Steal me back there!
If you don't I'll run away anyway!

 

 

 

Vertaald door Lydia Razran Stone

 

 

 

Ratushinskaya

Irina Ratushinskaya (Odessa, 4 maart 1954)


Zie voor nog meer schrijvers van de 4e maart ook
mijn vorige twee blogs van vandaag.

04-03-09

Kristof Magnusson, Khaled Hosseini, Robert Kleindienst, Annette Seemann, F. W. Bernstein, Léon-Paul Fargue, Alan Sillitoe, Giorgio Bassani, Kito Lorenc, J. Rabearivelo, Irina Ratushinskaya, Bernardo Ashetu, Jacques Dupin, Thomas S. Stribling


De Duitse schrijver Kristof Magnusson werd geboren op 4 maart 1976 in Hamburg. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008.

 

Uit: Summer of Love

 

“Günther erzählte mir, dass Bolinas ein Fischerdorf war, das Anfang der Siebziger von Hippies übernommen wurde. Er selbst sei seit zehn Jahren hier, eigentlich Fahrlehrer aus Bochum, aber nach einem Lottogewinn aus der Deutschland AG ausgestiegen. Hier habe er Frieden gefunden, kein Massentourismus bringe die Gewalt und den Konsum aus der Außenwelt hierher. Alle Wegweiser, die die Straßenmeisterei auf der Landstraße aufstellte, verschwänden noch in der selben Nacht. Hastig fügte er hinzu, dass ich natürlich okay sei, weil kein Massentourist. Man lebe gut hier, immer gebe es etwas zu feiern und zu rauchen; ganz besonders heute, auf der Geburtstagsparty für den Summer of Love. Man könne auch im Saloon sitzen, der übrigens Zimmer vermiete, und Gün Tonics trinken, oder Gün Fiddich. Er lachte und bot an, mich zu massieren. Ich stand auf und bekam seine Visitenkarte: Günther, massage for the working class, Ocean View Boulevard, Bolinas. Ich ging.

Es war ein heißer Tag. Als ich zum ersten Mal mit den Füßen auf die Dorfstraße trat, merkte ich, wie weich und klebrig der Teer war. Eine Frau mit langen grauen Zöpfen kämpfte mit einem handbetriebenen Rasenmäher. Er blieb im viel zu hohen Gras stecken, aber sie versuchte es immer wieder mit einer Beharrlichkeit, die ich in einem Hippiedorf einer Wiese gegenüber nicht erwartet hätte. Auf dem Weg zum Strand wurde es immer hektischer: Schüsseln, Lebensmittel, Bierdosen und Colaflaschen wurden zum Strand getragen, ein großer Grill wurde angefeuert. Im Sand war eine Bühne aufgebaut und eine Band begann mit dem Soundcheck. Ich ging in den Saloon und mietete mir ein Zimmer.”

 

 

 

Kristof_Magnusson
Kristof Magnusson (Hamburg, 4 maart 1976)

 

 

 

 

 

De Afghaanse schrijver Khaled Hosseini is geboren op 4 maart 1965 in Kabul. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008.

 

Uit: De vliegeraar van Kabul (Vertaald door Miebeth van Horn)

 

'Mijn vader was een natuurkracht, een uit de kluiten gewassen exemplaar van de Pashtun, met een volle baard, een grillige bos bruine krullen die even tegendraads was als de man zelf, handen die eruitzagen alsof ze in staat waren een wilg uit de grond te rukken, en felle zwarte ogen die ‘de duivel smekend om genade op de knieën konden dwingen’, zoals Rahim Khan altijd zei. Als hij met zijn geweldige lengte van 1.92 meter op een feest de kamer binnen stampte, trok hij alle ogen naar zich toe, als zonnebloemen die zich naar de zon wenden.
Baba was zelfs als hij sliep niet te negeren. Ik stopte altijd plukjes watten in mijn oren en trok de deken over mijn hoofd, en nog drong het geluid van Baba’s gesnurk – dat veel weg had van het ronken van een vrachtwagenmotor – door de muren heen. En mijn kamer was helemaal aan de andere kant van de hal. Hoe mijn moeder ooit kans heeft gezien in dezelfde kamer als hij te slapen is me een raadsel. Dat staat op de lange lijst dingen die ik mijn moeder had willen vragen als ik haar ooit had ontmoet.'

 

 

 

hosseini_khlaled
Khaled Hosseini (Kabul, 4 maart 1965)

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter en schrijver Robert Kleindienst werd geboren op 4 maart 1975 in Salzburg. Hij studeerde germanistiek, pedagogie en politicologie. Kleindienst schrijft gedichten, proza en drama.

 

 

elaborierte nähe

 

bilder allabendlich:

vergessen, unvergessen,

orgasmisch zentriert –

bilder von tulkarem

verändert zu spät

wahr genommen

der ein, einschreibbare

wehlaut wiederholung

 

unterm strich

so zu sagen

es wäre

es sei

auch

diesmal

zu

wenig

 

 

 

 

minder: postkartengrüße

 

maledivische kadaver, angeschwemmt

in überragender nahaufnahmen-manier, nur jetzt,

nur jetzt: hieße es abschied nehmen

vom bild mit palmen im hintergrund,

vom geruch des balsamierenden kokosnussöls,

abstand zu nehmen von übermalungen

in der vielzahl eines toten, eines – nur jetzt

ließe sich auch das maledivische nahe

entfernter betrachten

 

 

 

 

Robert_Kleindienst
Robert Kleindienst (Salzburg, 4 maart 1975)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijfster en vertaalster Annette Seemann werd geboren op 4 maart 1959 in Frankfurt am Main. Zij studeerde tot 1982 1982 in Frankfurt a. M. en Poitiers germanistiek en romanistiek. Haar vertalersloopbaan begon met drie theaterstukken van Carlo Gozzi. In 1998 publiceerde zij de roman Das falsche Kind“. Sinds 2002 woont zij in Weimar, waar zij in 2003 voorzitster werd van de vriendenkring van de Gesellschaft Anna Amalia Bibliothek. Over de voormalige hertogin van Weimar Anna Amalia schreef zij ook een biografie.

 

Uit: Anna Amalia - Herzogin von Weimar

 

„Anna Amalias Projekt, die Weimarer Bibliothek auch für bürgerliches Publikum, Schüler und Studenten inbegriffen, zu öffnen, hatte Vorläu­fer, etwa in ihrer Heimatstadt Wolfenbüttel, doch für den mitteldeut­schen Raum war es einzigartig. Wenngleich die Bücher der Herzogin keineswegs große Kostbarkeiten darstellten, so ergänzten sie doch die vorhandenen Weimarer Buchschätze ideal. In Anna Amalias Regie­rungszeit und danach wurde dieser Bestand konsequent weiter ausge­baut. Es waren im wesentlichen Prägungen, die die Herzogin in dem kultur- und bildungsfreundlichen Elternhaus in Wolfenbüttel und Braunschweig empfing, die sie zu Käufen anregten. Die Kapitel dieses Buchs über die Herzog August Bibliothek in Wolfenbüttel und die müt­terliche Privatbibliothek ebenso wie über die Weimarer Herzogliche Bibliothek und Anna Amalias private Büchersammlung führen dies nä­her aus.“

 

 

 

Seemann
Annette Seemann (Frankfurt am Main, 4 maart 1959)

 

 

 

 

 

De Duitse dichter, graficus, karikaturist en satiricus F. W. Bernstein (eig. Fritz Weigle) werd geboren op 4 maart 1938 in Göppingen. Samen met Robert Gernhardt, Eckhard Henscheid, F. K. Waechter, Chlodwig Poth, Bernd Eilert en Hans Traxler richtte hij de legendaire Neue Frankfurter Schule op, waarvan het satirische blad Titanic in 1979 de spreekbuis werd.

 

 

Apokalypsen-Programm

 

Montag geht die Welt zugrunde

Dienstag regnet’s und ist kalt

Mittwoch um die zehnte Stunde

wird kein Geld mehr ausgezahlt

 

Donnerstag nur Feuersbrünste

Freitag früh ist Jüngster Tag

Samstag Ende aller Künste

und zwar ZACK auf einen Schlag

 

Sonntag herrscht dann endlich Ruhe

und die Straßen wüst und leer

auf der Post noch ein Getue

Pst – nun ist auch das nicht mehr

 

 

 

 

Bernstein
F. W. Bernstein (Göppingen, 4 maart 1938)

 

 

 

 

 

De Franse dichter en essayist Léon-Paul Fargue werd geboren op 4 maart 1876 in Parijs. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007 en ook mijn blog van 4 maart 2008.

 

Uit: Haute solitude

 

« Mon destin, c'est l'effort de chaque nuit vers moi-même, c'est le retour au cœur, à pas lents, le long des villes asservies à la bureaucratie du mystère. Que m'importe d'être né, d'être mort, d'avoir cent ans de cheveux, des dispositions pour la marine marchande, un mètre d'esprit de contradiction et des femmes fidèles dans les lits des autres ? Que m'importe d'avoir ma place retenue d'avance sur ce monde que je connais pour l'avoir fait ? Je suis de ceux qui sèment le destin, qui ont découvert le vestiaire avant de se risquer en pleine vie. Je suis arrivé tout nu, sans tatouages cosmiques. Le doux géant qui me tracasse quand je me sens encore désossé par le sommeil, c'est l'Univers que je me suis créé, qui me tient chaud en rêve. Et si je meurs demain, ce sera d'une attaque de désobéissance. »

 

 

 

fargueRousseau
Léon-Paul Fargue (4 maart 1876 – 24 november 1947)

Portret door Henri Rousseau 

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver Alan Sillitoe werd geboren op 4 maart 1928 in Nottingham. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007  en ook mijn blog van 4 maart 2008.

 

Uit: Saturday Night and Sunday Morning

 

"It was Saturday night, the best and bingiest glad time of the week. Piled up passions were exploded on Saturday night and the effect of a week's monotonous graft in the factory was swilled out of your system in a burst of goodwill.”

(,,,)

"You followed the motto of be drunk and be happy! Kept your craft arms around female waists and felt the beer going beneficially down the elastic capacity of your guts."

 

 

 

sillitoe460
Alan Sillitoe (Nottingham, 4 maart 1928)

 

 

 

 

 

De Italiaanse schrijver Giorgio Bassani werd geboren op 4 maart 1916 in Bologna. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007. 

 

Uit: The Garden of the Finzi-Continis (Vertaald door Jamie McKendrick)

 

We walked up and down for perhaps twenty minutes, following the arc of the beach. The only jolly person of the company was a little girl of nine, daughter of the young couple in whose car I was riding. Thrilled by the same wind, the sea, the mad eddies of sand, Giannini gave her gay, expansive nature free rein. Though her mother tried to forbid it, she had taken off her shoes and stockings. She rushed towards the waves attacking the shore, and allowed her legs to get wet up to the knees. She seemed to be having the time of her life, in other words; and in fact, a little later, when we climbed back into the cars, I saw in her lively little cheeks, a passing shadow of frank regret.

After we had reached the Via Aurelia again, in five minutes' time we were in sight of the turnoff for Cerveteri. Since it had been decided that we were going straight back to Rome, I was sure we would go on. But instead, at this point, our car slowed down more than was necessary, and Giannina's father thrust his arm out of the window. He was signaling to the second car, about thirty yards behind us, his intention to turn left. He had changed his mind.“

 

 

 

 

Bassani
Giorgio Bassani (4 maart 1916 – 13 april 2000)

 

 

 

 

De Duits-sorbische dichter, schrijver en vertaler Kito Lorenc werd geboren op 4 maart 1938 in Schleife (Oost-Sachsen). Zie ook mijn blog van 4 maart 2007. 

 

 

Mein kurzer Wintertag

 

Bernsteinlicht sprühst du

über blauende Schatten

Unterm Falbgras

birgst du das Haar

der Tiere im Feld

die großen Augen

ruhn in der Sasse

 

Fruchten läßt du

die Mistel am Baum

hauchst nach der Rauhnacht

heimlich mir

in die frostklamme Hand

Glanz legst du

auf die Hasel

tönst das Weidengezweig

 

Daß ich nicht störe

deinen Verlauf

wenn ich Sorge trag

lös mir

die Spur von der Sohle

schneeleicht

 

 

 

 

 

lorenc
Kito Lorenc (Schleife, 4 maart 1938)

 

 

 

 

 

De Madagassische dichter en schrijver Jean-Joseph Rabearivelo werd geboren op 4 maart 1901 in Antananarivo. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007. 



 

Naissance du Jour

 

Avez-vous déjà vu l’aube aller en maraude

au verger de la nuit ?

La voilà qui revient

par les sentes de l’Est

envahies des glaïeuls en fleurs :

elle est tout entière maculée de lait

comme ces enfants élevés jadis par des génisses ;

ses mains qui portent une torche

sont noires et bleues comme des lèvres de fille

mâchant des mûres.

 

S’échappent un à un et la précèdent

les oiseaux qu’elle a pris au piège

 

 

 

 

Rabearivelo
Jean-Joseph Rabearivelo (4 maart 1901 – 22 juni 1937)

 

 

 

 

 

De Russische dichteres en dissidente Irina Ratushinskaya werd geboren op 4 maart 1954 in Odessa. Zie ook mijn blog van 4 maart 2007. 

 

Uit: In the Beginning

 

How strange it mustlook to an uninitiated observer: either you are loaned a typewritten manuscript for twenty-fourhours, or there could be a gathering of about twenty people in one room, all silently reading the one work, a sheet at a time; you read one page, pass it on, and wait for the next from your neighbor. The smoke filled room is in a silence broken only by the rustle of paper going hand to hand. Somewhere my work is being read just like this, and we both understand fully what that means. Soon, soon, we shall come up against that bloody-meat grinder, and the more we know about who set it in motion and why, the better our chances of standing fast and surrendering nothing: not our fledgling faith, nor our convictions, nor our future freedom. For surely our homeland will not be enslaved and paralyzed by fear for ever? Can emigration really be the only solution? At present it does seem to be the only way, or they'll wring our necks the moment we dare utter a peep. And we want to live— oh, how we want to live! This system will last for centuries, is the gloomy prediction of our new friends... Never mind what people think: totalitarianism endures not through force of intellect, but by force of tanks.And there's no shortage of those!"

 

 

 

Ratushinskaya
Irina Ratushinskaya (Odessa, 4 maart 1954)

 

 

 

 

 

De Poolse journalist, schrijver en dichter Ryszard Kapuściński werd geboren in Pinsk, Polen (thans Wit-Rusland), op 4 maart 1932. De familie Kapuściński wist na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog een deportatiekonvooi van het Sovjet-Russische leger richting Siberië te ontvluchten en uit te wijken naar Lviv en vervolgens naar Warschau. Zijn vader sloot zich bij het verzet aan en de jonge Kapuściński kreeg in de hoofdstad met ontberingen zoals honger te maken. Na de oorlog studeerde hij geschiedenis en Poolse taal- en letterkunde aan de universiteit van Warschau. In 1949 maakte hij zijn debuut met gedichten in het blad Dzis i Jutro. Bij het jeugdblad Sztandar Mlodych deed hij zijn eerste schreden op het journalistieke pad; hij reisde ervoor door allerlei Aziatische landen waarbij hij onder meer India, China en omliggende landen aandeed. Kapuściński sloot zich in 1953 bij de Poolse communistische partij aan. Eind jaren vijftig maakte hij onder andere journalistieke reportages over Belgisch-Kongo. In Afrika maakte hij de dekolonisatie en de chaotische tijd daarna van nabij mee. Niet alleen zag hij 27 revoluties en staatsgrepen aan zich voorbijtrekken, ook werd hij viermaal onderworpen aan een ter dood veroordeling.Toen in 1981 Solidarność, de vrije vakbond van Walesa alsmede de journalistiek met een strenge aanpak van de Poolse communistische regering te maken kregen, besloot Kapuściński voor zijn lidmaatschap van de communistische partij te bedanken.

 

Uit: The Shadow of the Sun (Vertaald door Klara Glowczewska)

 

„More than anything, one is struck by the light. Twilight everywhere. Brightness everywhere. Everywhere, the sun. Just yesterday, an autumnal London was drenched in rain. The airplane drenched in rain. A cold wind, darkness. But here, from the morning's earliest moments, the airport is ablaze with sunlight, all of us in sunlight.

In times past, when people wandered the world on foot, rode on horseback, or sailed in ships, the journey itself accustomed them to the change. Images of the earth passed ever so slowly before their eyes, the stage revolved in a barely perceptible way. The voyage lasted weeks, months. The traveler had time to grow used to another environment, a different landscape. The climate, too, changed gradually. Before the traveler arrived from a cool Europe to the burning Equator, he already had left behind the pleasant warmth of Las Palmas, the heat of Al-Mahara, and the hell of the Cape Verde Islands.

Today, nothing remains of these gradations. Air travel tears us violently out of snow and cold and hurls us that very same day into the blaze of the tropics. Suddenly, still rubbing our eyes, we find ourselves in a humid inferno. We immediately start to sweat. If we've come from Europe in the wintertime, we discard overcoats, peel off sweaters. It's the first gesture of initiation we, the people of the North, perform upon arrival in Africa.“

 

 

 

Ryszard_Kapuscinski
Ryszard Kapuściński (4 maart 1932 - 23 januari 2007)

 

 

 

 

 

De Surinaamse dichter Bernardo Ashetu (Eig. Hendrik George van Ommeren) werd geboren in Kasabaholo op 4 maart 1929. Hij bracht zijn jeugd in Suriname door en een groot deel van zijn latere leven als scheepsmarconist in de Caraïbische wateren. Hij debuteerde in de reeks Antilliaanse Cahiers van De Bezige Bij met de omvangrijke bundel Yanacuna (1962), ingeleid door Cola Debrot, waarin behalve gedichten ook enkele korte poëtisch getoonzette prozastukjes staan, die mogelijk als prozagedicht zijn op te vatten.

 

 

Onkruid

 

Bespot mij niet

vandaag

nu 't mis is

met m'n kleurkrijt.

 

De tonen zijn

te zwak van

m'n mooie klarinet.

 

Bespot mij niet

vandaag

nu ik met de

spade omwoel m'n

tuin vol bitter onkruid.

 

 

 

Bernardo_Ashetu
Bernardo Ashetu (4 maart 1929  - 3 augustus 1982)

 

 

 

 

 

De Franse dichter Jacques Dupin werd geboren in Privas, Ardèche, op 4 maart 1927. Hij behoort met André du Bouchet, Yves Bonnefoy en Philippe Jacottet tot een generatie Franse dichters die rond 1950 debuteerde. Vanaf 1967 zouden deze dichters samenwerken in het tijdschrift L'Éphémère, waaraan ook Paul Celan, die La nuit grandissante van Dupin vertaalde in het Duits, korte tijd meewerkte.  Al in 1950 was Dupin redactiesecretaris van het tijdschrift Cahiers d'Art waar hij het métier van (kunst)uitgever leerde en zich verdiepte in het modernisme. Hij bezocht Brancusi, Picasso, Laurens en Léger, en werd een vertrouweling van Lam, Hélion, Nicolas de Staël en Francis Bacon.
In 1954 ontmoette hij Juan Miró, het begin van een hechte vriendschap, en bezocht hij voor het eerst het atelier van Giacometti. Hij was jarenlang artistiek directeur van de legendarische galerie Maeght te Parijs, en later van Galerie Lelong. Door deze professionele bezigheden en zijn persoonlijke contacten met kunstenaars kwam het dat zijn eigen poëzie geïllustreerd werd door kunstenaars als Masson, Giacometti, Miró, Tapiès, Alechinsky

 

 

 

Le prisonnier

 

Terre mal étreinte, terre aride,

Je partage avec toi l'eau glacée de la jarre,

L'air de la grille et le grabat.

Seul le chant insurgé

S'alourdit encore de tes gerbes,

Le chant qui est à soi-même sa faux.

 

Par une brèche dans le mur,

La rosée d'une seule branche

Nous rendra tout l'espace vivant,

 

Etoiles,

Si vous tirez à l'autre bout.

 

 

 

 

 

 L'initiale

 

Poussière fine et sèche dans le vent,

Je t'appelle, je t'appartiens.

Poussière, trait pour trait,

Que ton visage soit le mien,

Inscrutable dans le vent.

 

 

 

 

 

dupin_jacques
Jacques Dupin (Privas, 4 maart 1927)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Thomas S. Stribling werd geboren op 4 maart 1881 in Clifton, Tennessee. Nadat hij gestopt was met zijn werk als docent en als advocaat begon hij avonturenverhalen te schrijven voor populaire magazines. Zijn belangrijkste werk als serieuze schrijver ontstond tussen 1921 en 1938. Hij had succes met zijn eerste roman Birthright (1921).  In der jaren dertig schreef hij de trilogie bestaande uit The Forge (1931), The Store (1932), en Unfinished Cathedral (1934). Voor The Store ontving hij in 1933 de Pulitzer Prijs.

 

Uit: Laughing Stock

 

There was a girl in Clifton to whom I had been reading THE FORGE chapter by chapter. When I finished the last installment, we sat thinking about the story, and she asked me what I was going to do next. I said that I didn't know; I was very tired, I didn't want to stay in Clifton, and there was nowhere I wanted to go. She suggested that I would feel all right pretty soon and start my next novel. I said, "Let's get married and go on a wedding tour." She said that she didn't want to interfere with my work. I told her that I didn't think she would. Then she talked on, and I discovered that that wasn't her real point at all; her real point was that she didn't want me to interfere with her work; she was a public-school music supervisor and was very much enraptured with orchestras and large choruses.

We talked the matter over for some time. If we were married, we were to live down in South Florida where she had her position. I didn't know whether or not I could write seriously down in South Florida. We pondered the matter for several days, and, finally, we drove over to Corinth, Mississippi, and were married by the county court clerk.

We arrived in Corinth late in the afternoon, and as we drove up to the courthouse, neither of us knew whether the clerk would be in at that hour. We were both dubious as to whether we really wanted the clerk to be in his office.

 

 

 

Stribling
Thomas S. Stribling (4 maart 1881 – 8 juli 1965)