13-05-17

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin, Alphonse Daudet, Kō,ji Suzuki

 

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

Lectori salutem

Je fronst je lippen bij het lezen van de achterflap.
Je tandenknarst en spreidt je neusvleugels -
de onderlip kon wat meer nadruk hebben.
Het haar helt over je wenkbrauwen, valt dan
in pieken naar beneden.

Zo gaat het in een handomdraai pijpen-
stelen regenen op hardhorige tortelduiven
en zachtjes fluisterende pantervrouwen,
en alles wat in spiegelschrift geschreven
wordt, verdrinkt dan in de plas.

 

 

Zeer persoonlijke muggen en hun tijd

Het gieren van golven,
de versterkte luchtstroom.

‘Iets coronaals, dat je net hebt gehoord
als je het hoorde.’

Ze verscheen als een kleine zwarte stip
die zich traag maar zeker over de
zonneschijf voortbewoog.

De gedachte liet zich weer denken
dat automorfe functies toch wel
noodzakelijk waren.

‘Het kan zijn dat er iemand is.’
Aldus het nagelaten bloed.

Hebben we bewijs van spijt?

(Rommelige ingewikkelde grafieken.)
(Niets nieuws vergeleken bij vorig jaar.)

 

 

Fragmenten galopperen

Het labyrint, aandacht,
is niets dan een weg om het lichaam
van dit woord naar het volgende te voeren.

Hoe de hiel zich licht!
Hoe de enkel scharniert!

Das Fragment an sich, da capo con malinconia.

Askleurig stromend
laat de rivier dwars door goud
de tijger drinken.

Muze, vernietig ons integraal.
Handen, krabbelen maar.

The flight to Seoul [uitgesproken als ziel]
is now ready for boarding.

Lippen, doe jullie ding.

 

 
Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

Lees meer...

13-05-16

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin, Alphonse Daudet, Kōji Suzuki

 

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

De bladzijden open

De bladzijden open
wacht je
 
op het als een bij zoemend dansen
 
een mug in de neusvleugel
 
reeds heb ik bijtspoortjes
op mijn oren
 
de moederkat schrikt terug
 
met van die witpluizige
 
die daar in je homepage
gevangen zitten
 
ik laat het geschip
 
doe het antieke kalfsleer toe
 
verhuis naar de voorleeskamer.

 

 

Je doet het of

Je doet het of
je doet het niet
 
happy time with animal
 
als je het doet
doe je het
 
oog op verzadiging
en lekkerness
 
zo klaar en gretig afgehandeld
 
logisch
filosofisch
 
dat de stilstand der dingen
 
op de heupen werkt
tot ik het daar daarvan
 
krijg
 
book off
 
en rap een beetje.

 


Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

Lees meer...

13-05-15

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin, Alphonse Daudet

 

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

Het pure spectrum

Het pure spectrum
Lang in vloed gelegen

Ebde jij
Onwaarschijnlijk weg

Door mij onder alle sterren verkozen
Heropgeroepen, verdampt

Vele woorden van liefde
Bij het finale aflopen van alles, absurd

En toch, en evengoed, zal niets gedaan zijn
Wat achteraf gezien onmogelijk bleek

Nergens resten wat ooit zeker zou
Geen wijsheid of richtlijn

Dan in het brandpunt
De verdwenen parabool

Die cirkel werd, meisje
Hemelsblauw


 

Ongelooflijk veel verdriet

Terwijl ze langdurig en gewelddadig schreeuwt
zijn haar ogen stevig gesloten, zodat de huid
er rond rimpelt, en het voorhoofd zich

samentrekt tot een frons.

Zuigeling: meesteres in het beoefenen
van de buigzaamheden.
Die overtuigender dan de dichter
voorwendt pijn te zijn haar werkelijk
doorvoelde pijn?

Gegeven hoe droog haar tranen zijn.

En als je zwicht voor haar chantage
houdt ze in minder dan een vingerknip op.

 

 

Anatomie van melancholie

Is de Kilimanjaro hoog genoeg?
Om jezelf in de rug te schieten?

Wanneer je voeten wegzinken in eeuwige sneeuw.
Nu dan?

Je strekt je arm,
je haalt de ijzeren hoektand over.
De draak in je hand spuwt vuur.

Draak: orbitaleur, brenger van veelal
ongewenste voorwerpen in een baan rond de aarde

ware het niet

dat de slaagkans omgekeerd evenredig is
met zwaartekracht. Tegenwind?

 

 
Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

Lees meer...

13-05-14

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin

 

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

Het lange spoor 4

Onderaards krioelen, gericht op sjouwen
van immense korrels zand, rotsblokken,

mieren, bladluizen, honderdpoten.
Dit is de tweeledigheid der schepping,

op en om, vervolgens op en nogmaals om.
Zandberg, zanddal, stoffelijkkheid migreert.

Onder en boven lopen, woeker, woeker,
op het karkas van arme geelkuifkaketoe.

 

 

Onderwater

Weg met pixels, projectietoestellen!

Was ik maar aan de andere kant van de evenaar.
Zou mijn kompas zich vanzelf naar de zuidpool richten.

Zuidpool: die van de pinguïn, vogel in duikerpak
die het eigen lichaam als slee gebruikt om over de hard
geworden winter te glijden.

Vogel die liever zal zwemmen in het donker onderwater
dan vliegen in het licht der eeuwigheid.

Ik kan de pinguïn wel begrijpen.

Slapend zien we meer dan met de ogen open.
Vooral slapend met de snelle oogbewegingen.

 

 

NEW ORLEANS

Gauw zal het geheel overstromen
met meer dan je gewone dosis

televisietoestellen en broodroosters
het hopeloze lot
van wie op het dak

van een taxi
stranden
klaar om uit te blazen

hun laatste

maar niet vooraleer in de gezonken stad
de blauwe gitaar opklinkt

nog een (weggesneden) keer
van (weggesneden) dingen zoals ze zijn

leg dat wapen neer
begrepen?!

 

 
Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

 

Lees meer...

13-05-13

Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin

 

De Vlaamse dichter Jan Lauwereyns werd geboren op 13 mei 1969 in Antwerpen. Zie ook alle tags voor Jan Lauwereyns op dit blog.

 

 

Licht onder de hersenpan

 

Het stapeltje bladeren waar ik me voor had gezet is alweer
tot nul herleid. Nul: niets, problematisch oorsprong van alles.

Zie ik nu ijskoude staaltjes werkelijkheid?

Verklaren oogbewegingen in het donker welke beelden
zich vormen onder de hersenpan? Ik bedoel,
werpen ze er een licht op?

Of juist niet?

Blijf ik gedoemd snappshots te schieten met waar ik
veel kegeltjes heb op mijn netvlies.

Van dit landschap zie ik wat bloesem op een tak
van een - alles bij elkaar genomen -
verbluffende kersenboom.

Van je gezicht zie ik de komma, rechts,
vlak naast je mondhoek.

 

 

 

 

Gedicht/Niet-gedicht deel 2

Bij Rainer Maria Rilkes 'Lied vom Meer'

Oeroud waaien van meer, zeewind bij nacht
Jou ontgaat geen die wacht of zien zal hoe
Oeroud waaien van meer, zeewind des nachts
Jij zult weerstaan! Oeroud waaien van meer
Jou ontgaat wachten niet, noch verwijzen
Verstenigd weze van ruimte rijzen
Jij zult weerstaan! Aldoor waaien van meer
Zo gevoel je varen, diep in maanschijn
Verstrengeld wezen van ruimte rijze
Zo gevoel je varen, in maanschijn diep

 

 

 

Tijger

 

In een wereld

van goud,

 

dit askleurige

vloeiend

water,

 

daarvan

drinken,

 

(natuurlijk!)

 

een tijger.

 

 

 

 

Jan Lauwereyns (Antwerpen, 13 mei 1969)

Lees meer...

13-05-12

Martinus Nijhoff, Jan Lauwereyns, Reinout Verbeke, Bruce Chatwin, Daphne du Maurier, Kathleen Jamie, Armistead Maupin


Bij Moederdag

 

 

 

 

Mary Cassat, Young Thomas And His Mother, 1893

 

 

 

Herinnering


Moeder, weet je nog hoe vroeger
Toen ik klein was, wij tesaam
Iedere nacht een liedje, moeder,
Zongen voor het raam?


Moe gespeeld en moe gesprongen
Zat ik op uw schoot en dacht
In mijn nachtgoed, kleine jongen,
Aan 't geheim der nacht.


Want als wij dan gingen zingen
't Oude altijd-eendre lied
Hoe God alle, alle dingen
Die wij doen, beziet,
Hoe zijn eeuwige, grote wondren
Steeds beschermend om ons zijn
- Nimmer zong je moeder, zonder 'n
Beven dat refrein - ,
Dan zag ik de sterren flonkren
En de maan door de wolken gaan,
D' Oude nacht met wijze, donkre
Ogen voor me staan.

 

 

 

Martinus Nijhoff (20 april 1894 – 26 januari 1953)

Lees meer...

13-05-11

Reinout Verbeke

 

De Vlaamse dichter Reinout Verbeke werd geboren op 13 mei 1981 in Roeselare. Zie ook mijn blog van 29 mei 2009 en ook mijn blog van 29 mei 2010.

 

Waterloper

Rood kleurt de rivier achter mij
Ik ben zwaar, maar voeten tasten vederlicht af
de weg naar de bron

Bij een bocht vind ik rust op een rots
Langs mijn linkerbeen snijdt wat voorbijglijdt
zich verder in de verte kronkelt
Geen wier zal hier vertellen wat de bocht
verbergt: (verdrinkingsdood? roeiboot? een vrouw
als een dam?)

Wenkbrauwen wegen op mijn oogleden.
Rood is de rivier achter mij
Bron blijkt monding.

Ik geef horizontaal toe aan het water
terwijl aan mijn mond
het druppelen begint

 

 


Reinout Verbeke (Roeselare, 13 mei 1981)

 

16:46 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: reinout verbeke, romenu |  Facebook |

29-05-10

Bernard Clavel, Max Brand, Anne d'Orléans de Montpensier, Alfonsina Storni, Reinout Verbeke, Till Mairhofer


De Franse schrijver Bernard Charles Henri Clavel werd geboren op 29 mei 1923 in Lons-le-Saunier. Zie ook mijn blog van 29 mei 2009.

 

Uit: L’Ouvrier de la nuit

 

« Mon cher Jacques,
J’ai sur ma table, depuis trois jours, le seul exemplaire de « L’Ouvrier de la Nuit » que je possède ici. La couverture a bruni au soleil de quelque vitrine, elle est toute piquetée de cette neige couleur brou de noix qui est la rouille du papier et dont l’humidité jaspe les vieux livres.
Il est vrai, ce récit est déjà un vieux livre.
Si le bas de cette couverture demeure plus propre, c’est qu’il porte la trace de la bande dont vous aviez eu l’idée, Pierre Javet et toi-même, pour compléter le titre par cette formule qui était presque une question : « …ou le malheur d’être écrivain ».
La bande a disparu, mais ces mots ont pesé sur moi durant des années. Ils m’ont poursuivi comme un mauvais présage, comme ces phrases que les vieux paysans prononcent pour accueillir sur cette terre un enfant dont la naissance leur parait étrange. La bande a disparu, ce qu’elle disait a cessé de me poursuivre, amis il me reste du temps où j’écrivais ce livre, le souvenir précis, à la fois très proche et infiniment lointain. (…) notre amitié est étroitement liée à notre travail, à ce que nous voulons tirer de ce qu’il y a en nous de meilleur et de pire. Car nous avons en commun cet attachement à notre jeunesse et aux années les plus dures de notre vie (…) Au fond il suffit que le lecteur soit averti que ce livre est un cri, jeté sur le papier en quelques jours et en quelques nuits de fièvres. On peut retoucher une œuvre construite, on ne retouche pas un cri.(…) Si je fais aujourd’hui le compte de la douleur, de la peine, des nuits de veille, des déceptions, des sarcasmes encaissés, des jalousies sordides, des pièges de toutes sortes, des épreuves, des trahisons subies, des privations que j’ai imposées aussi aux miens, je suis tenté de dire que c’est, en effet, un très grand malheur que d’être atteint par le virus indestructible de l’écriture.”

 

 

 

bernard-clavel

Bernard Clavel (Lons-le-Saunier, 29 mei 1923)

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijver Max Brand (eig. Frederick Schiller Faust) werd geboren op 29 mei 1892 in Seattle. Hij schreef voornamelijk onder pseudoniemen als Max Brand, , David Manning en Frederick Frost. In de jaren 1910 en 1920 schreef hij vooral verhalen voor pulpmahazines als Western Story Magazine. In 1938 keerde hij uit Europa terug naar de VS en vestigde hij zich in Hollywood. Daar groeide hij uit tot een van de best betaalde (script) schrijvers van zijn tijd. Ook voor zijn verhalen over Dr. Kildare ontving hij veel geld door de verfilming ervan door MGM. Faust relaiveerde zelf zijn succes en gebruikte zijn echte naam alleen voor publicatie van poëzie, zijn echte roeping.

 

Uit: Alcatraz

 

“The west wind came over the Eagles, gathered purity from the evergreen slopes of the mountains, blew across the foothills and league wide fields, and came at length to the stallion with a touch of coolness and enchanting scents of far-off things. Just as his head went up, just as the breeze lifted mane and tail, Marianne Jordan halted her pony and drew in her breath with pleasure. For she had caught from the chestnut in the corral one flash of perfection and those far-seeing eyes called to mind the Arab belief.

Says the Sheik: "I have raised my mare from a foal, and out of love for me she will lay down her life; but when I come out to her in the morning, when I feed her and give her water, she still looks beyond me and across the desert. She is waiting for the coming of a real man, she is waiting for the coming of a true master out of the horizon!"

Marianne had known thoroughbreds since she was a child and after coming West she had become acquainted with mere "hoss-flesh," but today for the first time she felt that the horse is not meant by nature to be the servant of man but that its speed is meant to ensure it sacred freedom.

A moment later she was wondering how the thought had come to her. That glimpse of equine perfection had been an illusion built of spirit and attitude; when the head of the stallion fell she saw the daylight truth: that this was either the wreck of a young horse or the sad ruin of a fine animal now grown old.”

 

 

 

Maxbrand

Max Brand (29 mei 1892 – 12 mei 1944)

 

 

 

 

 

De Franse schrijfster Anne Marie Louise d'Orléans, hertogin van Montpensier, werd geboren op 29 mei 1627 in Parijs. Zie ook mijn blog van 29 mei 2007 en ook mijn blog van 29 mei 2009.

 

Uit: Memoires de Mademoiselle de Montpensier

 

« La reine, ma grand'mère, Marie de Médicis, m'aimoit extrêmement, et témoignoit, à ce que j'ai ouï dire, beaucoup plus de tendresse pour moi qu'elle n'avoit jamais fait pour ses propres enfants ; et comme Monsieur en avoit toujours été le plus chéri, cette considération, jointe à l'estime et à l'affection qu'elle avoit eues pour ma mère, fait qu'on ne doit pas s'étonner de l'amitié qu'elle avoit pour moi. Néanmoins j'ai malheureusement été privée d'en recevoir les effets par la disgrâce qui la fit sortir de France, parce que j'étois encore si jeune alors, que je ne me souviens pas seulement de l'avoir vue. Ce fut une perte qui me fut pas moins importante que celle que je fis à ma naissance, puisque je devois ; selon toutes les apparences, rencontrer en cette grande reine ce que j'avais perdue par la mort de ma mère. Ce n'est pas que madame de Saint-Georges, ma gouvernante, ne possédât, pour se bien acquitter de cette charge, toutes les qualités qu'on sauroit souhaiter. Quoique la capacité, la bonne conduite et la naissance se trouvent souvent dans les personnes qu'on met à cette place, celles de ma condition craignent si rarement celles qui sont au-dessous d'elles, quelque jeunes qu'elles soient, qu'il est comme nécessaire qu'une autorité supérieure seconde les soins de ceux qui les gouvernent : ce qui me fait oser dire que, s'il paroît en mois quelques bonnes qualités, elles y sont naturelles, et que l'on n'en doit rien attribuer à l'éducation, quoique très-bonne ; car je n'ai jamais eu l'appréhension du moindre châtiment. Ajoutez à cela qu'il est très-ordinaire de voir les enfants que l'on respecte, et à qui l'on ne parle que de leur grande naissance et de leurs grands biens, prendre les sentiments d'une mauvaise gloire. J'avois si souvent à mes oreilles des gens qui ne me parlaient que de l'un et de l'autre, que je n'eus pas de peine à me le persuader, et je demeurai dans un esprit de vanité fort incommode, jusqu'à ce que la raison m'eût fait connoître qu'il est de la grandeur d'une princesse bien née de ne pas s'arrêter à celle dont dont l'on m'avoit si souvent et si longtemps flattée. La naïveté avec laquelle je veux parler de tout ce que je vais raconter, me fait remarquer ici un trait de mon enfance. Quand l'on me parloit de madame de Guise, ma grand'mère,8 je disois : « Elle est ma grand'maman de loin ; elle n'est pas reine. »

 

 

 

Orleon

Anne d'Orléans de Montpensier (29 mei 1627 – 5 april 1693)

Standbeeld in de Jardin du Luxembourg.

 

 

 

 

 

Rectificatie

 

De Argentijnse dichteres Alfonsina Storni werd geboren in Sala Capriasca, Zwitserland op 29 mei 1892. Zie ook mijn blog van 22 mei 2007 en ook mijn mijn blog van 22 mei 2008 en ook mijn blog van 22 mei 2009.

 

 

To Eros

 

I caught you by the neck
on the shore of the sea, while you shot
arrows from your quiver to wound me
and on the ground I saw your flowered crown.

I disemboweled your stomach like a doll's
and examined your deceitful wheels,
and deeply hidden in your golden pulleys
I found a trapdoor that said: sex.

On the beach I held you, now a sad heap,
up to the sun, accomplice of your deeds,
before a chorus of frightened sirens.
Your deceitful godmother, the moon
was climbing through the crest of the dawn,
and I threw you into the mouth of the waves.

 

 

 

 

To My Lady of Poetry

 

I throw myself here at your feet, sinful,
my dark face against your blue earth,
you the virgin among armies of palm trees
that never grow old as humans do.

I don't dare look at your pure eyes
or dare touch your miraculous hand:
I look behind me and a river of rashness
urges me guiltlessly on against you.

With a promise to mend my ways through your
divine grace, I humbly place on your
hem a little green branch,
for I couldn't have possibly lived
cut off from your shadow, since you blinded me
at birth with your fierce branding iron.

 

 

 

alfonsina-storni
Alfonsina Storni
(29 mei 1892 – 25 oktober 1938)

 

 

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

 

De Vlaamse dichter Reinout Verbeke werd geboren in 1981. Zie ook mijn blog van 29 mei 2009.

 

 

 

Vroegwoord

 

wat
als je handen voegwoorden zijn
en al te vroeg binden, terwijl mijn
zin nog koud is?

hoe
wij dan toch
over veel vertelde tijd
taal ophangen aan vingers en
ze uit haar voegen wrijven

tot
ze barst.

zoals
betekenis nu dichter
bij letters kruipt

zo ook wij

zo

 

 

 

 

verbeke
Reinout Verbeke (1981)

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 29 mei 2009.

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en uitgever Till Mairhofer werd geboren op 29 mei 1958 in Steyr. Zie ook mijn blog van 29 mei 2008.

29-05-09

André Brink, G. K. Chesterton, Leah Goldberg, Till Mairhofer, Hans Weigel, T. H. White, Bernard Clavel, Anne d'Orléans de Montpensier, Reinout Verbeke


De Zuid-Afrikaanse schrijver André Brink werd geboren op 29 mei 1935 in Vrede. Zie ook mijn blog van 29 mei 2007 en ook mijn blog van 29 mei 2008.

 

Uit: Surprise Visit

 

“There is no one at the reception desk to welcome him. This suits him perfectly. One can only assess the standard of care-giving in an old-age home if they aren’t alerted to your coming. Even more important is that he wants to surprise her. He has something to tell her, something he has spent a lifetime looking for and which he must share with her. It is now almost two years since his last visit. One doesn’t feel good about these long intervals, but what else can one do? Princeton is not exactly round the corner from Cape Town. And, anyway, his sister Jolene is living right here in the city, close by, in Claremont, and since her husband’s death she hasn’t had much to occupy her. In any case, it isn’t as if Mum is really aware of what is going on around her. For at least three years now, since the last stroke, she has just been lying here. Waiting. For ‐ well. Still has some lucid moments, says Jolene, but fewer and further between. Hardly ever recognises anybody.

He goes through the reception area to the corridor, where he quickly makes sure that nobody is approaching from either end. Then, following Jolene’s instructions, he turns right. The last time he visited her was with his family, just before they left the country. Her room was to the left then, three doors down. But the home likes to shift them around. A change of scenery? Hardly. His own feeling is that the old people ‐ Mum, undoubtedly ‐ find these shifts deeply distressing. Every time it becomes a radical displacement. As bad as those moves in his youth, from one town to the next, as the bank authorities in their wisdom transferred them across the map of the country. Every time a new school, new friends, new teachers, new everything.”

 

 

 

 

Andre_Brink
André Brink (Vrede, 29 mei 1935)

 

 

 

 

 

De Engelse letterkundige, schrijver en journalist Gilbert Keith Chesterton werd geboren in Londen op 29 mei 1874. Zie ook mijn blog van 29 mei 2007 en ook mijn blog van 29 mei 2008.

 

Uit: Father Brown. The Essential Tales

 

Between the silver ribbon of morning and the green glittering ribbon of sea, the boat touched Harwich and let loose a swarm of folk like flies, among whom the man we must follow was by no means conspicuous—nor wished to be. There was nothing notable about him, except a slight contrast between the holiday gaiety of his clothes and the official gravity of his face. His clothes included a slight, pale grey jacket, a white waistcoat, and a silver straw hat with a grey-blue ribbon. His lean face was dark by contrast, and ended in a curt black beard that looked Spanish and suggested an Elizabethan ruff. He was smoking a cigarette with the seriousness of an idler. There was nothing about him to indicate the fact that the grey jacket covered a loaded revolver, that the white waistcoat covered a police card, or that the straw hat covered one of the most powerful intellects in Europe. For this was Valentin himself, the head of the Paris police and the most famous investigator of the world; and he was coming from Brussels to London to make the greatest arrest of the century.
Flambeau was in England. The police of three countries had tracked the great criminal at last from Ghent to Brussels, from Brussels to the Hook of Holland; and it was conjectured that he would take some advantage of the unfamiliarity and confusion of the Eucharistic Congress, then taking place in London. Probably he would travel as some minor clerk or secretary connected with it; but, of course, Valentin could not be certain; nobody could be certain about Flambeau.

It is many years now since this colossus of crime suddenly ceased, keeping the world in a turmoil; and when he ceased, as they said after the death of Roland, there was a great quiet upon the earth. But in his best days (I mean, of course, his worst) Flambeau was a figure as statuesque and international as the Kaiser. Almost every morning the daily paper announced that he had escaped the consequences of one extraordinary crime by committing another. He was a Gascon of gigantic stature and bodily daring; and the wildest tales were told of his outbursts of athletic humour; how he turned the juge d’instruction upside down and stood him on his head, “to clear his mind”; how he ran down the Rue de Rivoli with a policeman under each arm.“

 

 

 

 

Gilbert_Keith_Chesterton2
G. K. Chesterton (29 mei 1874 - 14 juli 1936)

 

 

 

 

 

De Hebreeuwse dichteres, schrijfster en letterkundige Leah Goldberg werd geboren in Königsberg (Pruisen) op 29 mei 1911. Zie ook mijn blog van 29 mei 2007 en ook mijn blog van 29 mei 2008.

 

 

 

THE TREE SINGS TO THE RIVER

He who carried my golden autumn,
Swept away my blood with the leaf fall,
He who shall see my spring when it returns
To him with the turning of the year.

 

My brother, the river, who is forever lost,
New each day and different and one,
My brother the stream between his two shores
Who flows as I do between spring and fall.

 

For I am the bud and I am the fruit,
I am my future and I am my past,
I am the solitary tree trunk,
And you — you are my time and my song.

 

 

 

 

 

THE GIRL SINGS TO THE RIVER

To where will the stream carry my small face?
Why is he tearing my eyes?
My home is far away in a pine grove,
Sad is the swishing of my pines.

 

The river seduced me with a joyous song
Caroled and called me by my name,
I went to him, following the sound,
I abandoned my mother's house.

I am her only child, tender in years
And a cruel river is before me —
To where is he carrying my small face?
Why is he tearing my eyes?

 

 

 

 

 

Goldberg
Leah Goldberg (29 mei 1911 –  15 januari 1970)

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse dichter, schrijver en uitgever Till Mairhofer werd geboren op 29 mei 1958 in Steyr. Zie ook mijn blog van 29 mei 2008.

 

 

Wohin

 

w o h i n
sich die wortlosen wenden
weiß auch die nacht nicht
die sie verliert

denn diese nacht
reicht für ihr dunkel nicht aus
auch ist kein morgen
welcher sie ruft

fliehend erhellt
von der gegenwart schein
stürzen sie
durch die zeit

 

 

 

 

mairhofer
Till Mairhofer (Steyr, 29 mei 1958)

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse schrijver en theatercriticus Hans Weigel werd geboren op 29 mei 1908 in Wenen. De jaren tussen 1938 en 1945 bracht hij door in ballingschap in Zwitserland. Samen met Friedrich Torberg was hij jarenlang verantwoordelijk voor een boycot van Bertold Brecht in de Oostenrijkse theaters omdat hij diens communistische wereldbeschouwing afwees. Tussen 1951 en 1954 gaf hij een serie bloemlezingen uit, waarin hij jonge schrijvers als Ingeborg Bachmann en Gerhard Fritsch introduceerde.

 

Uit: Niemandsland

 

“Österreich nimmt den Untergang Österreichs nicht zur Kenntnis. Man hört hier auch schon das verhängnisvolle Wort vom "kleineren Übel", das in Deutschland geprägt worden ist, so lange, bis die Betonung von dem "kleiner" unerheblich immer mehr auf "Übel" gewechselt hatte, so lange, bis das Übel unversehens immer grösser und schliesslich das ganz grosse geworden war. Peter versucht vergeblich darzutun, dass man jedes Übel bekämpfen müsse, ob es nun kleiner oder grösser sei.

Peter kann solche Gespräche nicht mehr hören. Es ist gespenstisch, höllisch, dass man hier das selbe erleben muss wie draussen, einen Staat auf dem selben Weg in den Untergang sehen und ein Volk die selben selbstbetrügerischen Phrasen dazu sagen hören muss, ohne dass man helfen kann, ja ohne dass der dokumentarische Hinweis dieser Gleichartigkeit auch nur zur Kenntnis genommen wird.

Peter fühlt sich erschöpft und völlig leer. Alles, was er, seit er denken kann, erlebt hat, alle Enttäuschung, alle Fragwürdigkeit seiner Existenz und der letzten Tage zumal, alles steigt auf, wächst unerträglich in ihm an und höhlt ihn aus. Kein Erlebnis kann ihn aus dieser Hoffnungslosigkeit reissen, was immer geschieht, wird sie nur bestätigen, falls es unerfreulich, wird sie doppelt grausam machen, wenn es erfreulich ist.”

 

 

 

weigel
Hans Weigel (29 mei 1908 – 12 augustus 1991)

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver Terence Hanbury (Tim) White werd geboren op 29 mei 1906 in Bombay (Mombai). Hij studeerde in Cheltenham en Cambridge. Hij is bekend geworden met zijn verhalenepos rond Koning Arthur, The Once and Future King, voor het eerst gepubliceerd in 1958. Het is in het Nederlands vertaald door Max Schuchart onder de titel "Arthur, Koning voor eens en altijd". Een ander boek van White is "The Goshawk" (1951), een roman over het temmen en trainen van een havik voor de valkenjacht, gebaseerd op echte gebeurtenissen.

 

Uit: The Once and Future King

 

“When God had manufactured all the eggs out of which the fishes and the serpents and the birds and the mammals and even the duck-billed platypus would eventually emerge, He called the embryos before him, and saw that they were good.

Perhaps I ought to explain,' added the badger, lowering his papers nervously and looking at Wart over the top of them, 'that all embryos look very much the same. They are what you are before you are born - and, whether you are going to be a tadpole or a peacock or a cameleopard or a man, when you are an embryo you just look like a peculiarly repulsive and helpless human being. I continue as follows:

The embryos stood in front of God, with their feeble hands clasped politely over their stomachs and their heavy heads hanging down respectfully, and God addressed them.”

 

 

 

thwhite
T. H. White (29 mei 1906 – 17 januari 1964)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver Bernard Charles Henri Clavel werd geboren op 29 mei 1923 in Lons-le-Saunier. Clavel is een autodidact die diverse baantjes had totdat hij in de jaren vijftig als journalist begon te werken. Na de oorlog werkte hij voor een verzekering en pas in 1964 kon hij zich geheel wijden aan het schrijven. Zijn eerste roman L'Ouvrier de la nuit verscheen in 1956.

 

Uit: Les roses de Verdun

 

« Ce soir-là, j'ai senti qu'il serait plus convenable de ma part de laisser mes patrons en famille. Vers sept heures, j'ai demandé si je pouvais disposer.

- Mais il faut que vous mangiez, Laubier, a tonné Monsieur. Vous n'allez pas me laisser tomber. C'est indigne d'un poilu!

- Je n'ai pas faim, Monsieur, et j'aimerais aller au cinéma. J'ai vu qu'on donne Les gueux au paradis. J'aime bien Fernandel et Raimu.

Monsieur m'a lancé:

- C'est parfait, mon petit. Mais n'allez pas courir la gueuse. Ça ne mène pas au paradis et je veux vous avoir en forme demain matin.

Je crois qu'ils ont compris que je me retirais par discrétion et apprécié mon attitude.

Il ne pleuvait plus. Il faisait beaucoup plus froid. Une bise aigre prenait la rue en enfilade. Le cinéma n'était pas loin, mais j'étais très en avance. Je suis entré dans un café où j'ai bu un canon de rouge en mangeant une curieuse petite tarte salée achetée dans la charcuterie voisine. Il n'y avait pas grand monde dans ce bistro. Seulement des habitués. Ils parlaient au patron, gros homme rouge qui boitait bas. Quatre vieux jouaient aux cartes en se chamaillant. Quand le patron m'a servi, il a regardé ma boutonnière.

- Alors, on vient revoir les anciens?

Il m'a demandé dans quel régiment j'avais servi, j'ai répondu, et deux hommes sont entrés, qu'il a rejoints. J'étais soulagé qu'il me laisse tranquille. Il ne pouvait pas mieux dire quand il parlait de revoir les anciens. Depuis que j'avais quitté l'hôtel, ils étaient tous après moi, mes copains. Surtout les morts. C'était curieux, car ils ne faisaient pratiquement rien. Ils se contentaient d'être des visages sous des képis ou des casques. Et sous pas mal de boue brune aussi. »

 

 

 

Clavel
Bernard Clavel (Lons-le-Saunier, 29 mei 1923)

 

 

 

 

 

De Franse schrijfster Anne Marie Louise d'Orléans, hertogin van Montpensier, werd geboren op 29 mei 1627 in Parijs. Zie ook mijn blog van 29 mei 2007.

 

Uit: MÉMOIRES DE MLLE DE MONTPENSIER

 

“Le commencement du malheur de ma maison arriva peu après ma naissance (29 mai 1627), puisqu'elle fut suivie de la mort de ma mère 1 : ce qui a bien diminué de la bonne fortune que le rang que je tiens me devoit faire attendre. Les grands biens que ma mère a laissés à sa mort, et dont je suis seule héritière, pouvoient bien, dans l'opinion de la plupart du monde, me consoler de l'avoir perdue. Pour moi, qui conçois aujourd'hui de quel avantage m'auroient été ses soins dans mon éducation, et son crédit, joint à sa tendresse, dans mon établissement, je ne saurois assez regretter sa perte.

Bientôt après qu'elle fut morte, on fit ma maison, et l'on me donna un équipage bien plus grand que n'en a jamais eu aucune fille de France, même pas une de mes tantes, les reines d'Espagne2 et d'Angleterre3 et la duchesse de Savoie4, avant que d'être mariées. La reine, ma grand'mère5, me donna pour gouvernant madame la marquise de Saint-Georges6, de qui le mari étoit de la maison de Clermont d'Amboise ; elle étoit fille de madame la marquise de Montglat, qui avoit été gouvernant du feu roi, de Monsieur, de feu mon oncle7 le duc d'Orléans, et de toutes mes tantes ; et c'étoit une personne de beaucoup de vertu, d'esprit et de mérite, qui connoissoit parfaitement bien la cour. »

 

 

 

Montpensier
Anne d'Orléans de Montpensier
(29 mei 1627 – 5 april 1693)

 

 

 

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

 

De Vlaamse dichter Reinout Verbeke werd geboren in 1981. Hij won al heel jong de Anton Van Wilderodeprijs en daarna nog diverse prijzen. Gedichten van hem werden opgenomen in tijdschriften als  Dietsche Warande en Belfort, Gierik, De Brakke Hond, KFV-Mededelingen, Ambrozijn  en in de bloemlezing " Op het oog. 21 dichters voor de 21e eeuw ".  Hij is de organisator van het poëziefestival Literaire Living en treedt sinds 2007 onder de naam Reinout met Nevenwerking op met muziek en poëzie.  Professioneel werkt hij bij het maandblad EOS, waarvan hij enkele jaren eindredacteur is geweest en nu ' Nieuwscoördinator on line'

 

 

Axon

 

ik heb een zwemster in mijn lijf

ze peddelt traag mijn lichaam

door

tikt randen die geen randen zijn

maar volgehouden

randgedachten

 

bloedgeil word ik daarvan

ze is mijn onderhuidse gast

ze is een zenuw op de tast

een axon zonder plan

 

zwemmen is niet het water

mennen

maar altijd verliezen van

 

ik heb een zwemster in mijn lijf

gevoeld

ze zwom de gedachte los

aan een rand, spoelde aan in een

spier

 

 

 

 

ReinoutVerbeke
Reinout Verbeke (1981)