14-06-17

Alex Boogers, Lieve Joris, Allard Schröder, John van Ierland, Peter O. Chotjewitz, Harriet Beecher Stowe, Hermann Kant, Jerzy Kosiński, Thomas Graftdijk

 

De Nederlandse schrijver Alex Boogers werd geboren op 14 juni 1970 in Vlaardingen. Zie ook alle tags voor Alex Boogers op dit blog.

Uit: Alleen met de goden

“Het gevaarte stuwde allerlei rommel voort, beelden die in mijn hoofd kropen en die bezit van me wilden nemen. Het hield me uit mijn slaap en als ik eenmaal sliep zorgde het voor nachtmerries. Wanneer ik wakker schrok kreeg ik de beelden niet meer uit mijn hoofd. Het leek een ziekte. Ik lag bezweet in bed, met hartkloppingen, en met drukte en lawaai in mijn hoofd. Ik wist niet wat ik ermee aanmoest tot ik begon op te schrijven wat ik zag. Dat hielp. De beelden waren niet langer angstaanjagend. Ze vertelden verhalen die ik niet begreep. De volgende dag verborg ik mijn schrift onder mijn matras, uit schaamte. Ik leerde van papa Leeuw dat je voor niks bang moest zijn, maar ik durfde de schriften ook hem niet te laten zien. Mijn vader had geweldige vuisten waarmee hij soms wild om zich heen zwaaide en dan kon je beter niks tegen hem zeggen. Ik werd steeds rustelozer en begon meer schriften onder mijn matras te verzamelen. Mijn favoriete woorden waren ‘fuck you’, want dat hoorde ik vaak in de Amerikaanse films waar mijn moeder naar keek als ze in haar fauteuil zat te roken. Ze zei zelf nooit ‘fuck you’, want mijn moeder was een Hollandse vrouw. Ze zei vaak ‘krijg de tyfus’, en mijn vader zei dat mijn moeder de beste vertaalster was die hij kende.
‘Wat achtervolgt ons, papa Leeuw?’
Ik zat voor de zoveelste keer rechtop in bed en keek naar het speelgoed in mijn kamer, naar het plastic beeld van Reintje de Vos, naar de stiften en tekenspullen op mijn tafeltje, naar de opgezette Vlaamse gaai aan mijn muur, en naar de poppetjes van Star Wars. Ik hield van C-3PO en Chewbacca. Mijn vader leek op Chewbacca. Hij was ook groot en harig. Niet zo harig als Chewbacca, maar wel net zo sterk, en hij had een harde, dikke buik.
‘Wat achtervolgt ons?’ vroeg hij verbaasd. Hij ging op de rand van mijn bed zitten. Ik knikte en voelde hoe ik zweette onder mijn armen. Ik had in mijn slaap als een bezetene gerend, op de vlucht voor een groot, onheilspellend gevaarte, dat als een woest beest achter me aan galoppeerde. Ik piepte als een bibberend vogeltje dat uit zijn nest gevallen was. Daarna werd ik wakker en schreeuwde om mijn moeder, maar die kwam nooit.”

 

 
Alex Boogers (Vlaardingen, 14 juni 1970)

Lees meer...

14-06-16

Alex Boogers, Lieve Joris, Allard Schröder, John van Ierland, Peter O. Chotjewitz, Harriet Beecher Stowe, Hermann Kant, Jerzy Kosiński

 

De Nederlandse schrijver Alex Boogers werd geboren op 14 juni 1970 in Vlaardingen. Zie ook alle tags voor Alex Boogers op dit blog.

Uit: Alleen met de goden

‘Zeik niet! Wat niet weet, wat niet deert,’ zei mijn moeder. Als een van hen vroeg wat het was, zei ze: ‘Paardenrookvlees.’ Mijn Turkse vrienden hielden van het paardenrookvlees van mijn moeder.
‘Te veel buitenlanders,’ zei mijn vader op een avond aan tafel. ‘Hij heeft niet één normaal vriendje. We donderen op hier.’ Toen verhuisden we naar de flat in West. We woonden in een vierkamerappartement op twee hoog met een groot grasveld aan de achterkant en ik raakte bevriend met Gerald, een Surinaamse jongen die op vier hoog woonde. Hij had een strenge moeder, mevrouw Lafayette, en drie slanke zusjes die heel soepel konden dansen op de muziek van James Brown, Marvin Gaye, The Jackson Five, en nog een heleboel andere zwarte artiesten die ik niet kende. Ik kon uren naar ze kijken, die glimmende donkere benen, die soepele heupen die heen en weer gingen, die ronde, wippende kontjes, de glimlach en het glanzende kroeshaar.
‘Godverdomme, je doet het erom,’ zei mijn vader toen Gerald bij ons thuiskwam. ‘Zie je dat, Jo, een zwarte!’ Gerald behoorde dus niet tot de normale mensen over wie mijn vader steeds sprak.
In de flat kreeg ik last van slapeloosheid. Mijn moeder zei dat ik als baby ook al nooit goed sliep.
‘Janken wel, slapen niet. We namen je mee naar de kroeg, en daar viel je onder de tafel in slaap.’
Ik had een terugkerende droom waarin ik werd achternagezeten door een onheilspellend, voortrollend gevaarte. Het stonk, het zag er smerig uit, het wilde in mijn hoofd kruipen en me verzwelgen. Ik kon niet goed zien wat het was, maar ik wist dat ik het voor moest zien te blijven. Ik vroeg papa Leeuw of hij wist wat het kon zijn. ‘Je geweten,’ zei hij. ‘Zuipen helpt, maar daar ben je nog te jong voor.’

 

 
Alex Boogers (Vlaardingen, 14 juni 1970)

Lees meer...

14-06-15

John van Ierland

 

De Nederlandse schrijver en uitgever John van Ierland werd op 14 juni 1964 geboren in Breda. Van Ierland behaalde zijn diploma bedrijfskunde, Hoger Management en zijn diploma Uitgeverij aan de Boek Academie. Hij heeft verschillende betrekkingen gehad bij diverse bedrijven, waaronder Würth en de Hoogovens, waarna hij in dienst kwam bij NHTV internationale hogeschool Breda als studiebegeleider, docent en coördinator. Via NHTV kwam hij begin 2011 bij Hogeschool Zeeland als Studieloopbaan coördinator terecht, de werkzaamheden bij deze laatste twee hogescholen combineert hij nog steeds met zijn passies boeken schrijven en uitgeven. In 2000 richtte hij zijn Ierland Evenementen en Relatiemarketing’ bedrijf op, in 2004 werd dit omgezet naar Van Ierland Uitgeverij. Tegenwoordig bedrijft hij zijn eigen Woordmagie. Zijn eerste boek schreef hij in 1999, sindsdien volgden er nog zeker vijfendertig. De boeken zijn erg divers van stijl en onderwerp; zijn Jasper & Jasmijn reeks kent al vijf kinderboeken, verder is van Ierland zich gaan specialiseren in de volksverhalen, sagen en legenden van streken.

Uit: Fietsend verliefd worden op Breda… (Column)

“Ik ben een kind van de stad, nu weer druk bezig met het herontdekken van haar hotspots om ze ook anderen te tonen tijdens een mooie fietstocht. Ze openen mijn ogen wederom en doen me op mijn tussenstop even dagdromen.
De milde regen zingt in de bomen, wast het stof van de straatplavuizen, ritselt door de bladeren en ruist door de binnenstadse pleinen de dampende aarde bevruchtend. Hij springt door de straat en roffelt op de ruit, op de kleine ruit van het petieterige café dat ’t Begijntje heet. De glimmende kranen spiegelen er het blauwe boezeroen van de kastelein achter de tap¬kast. Warm is hier het leven en schoon.
Mijn anders zo bezige ziel suddert soezend diep in mijn lijf. Ik hoor de gesprekken links en rechts van me, ik hoor de woorden, maar toch weer niet.
“C'est le ton qui fait la musique.”
Het is de sfeer in een omgeving die me aan het peinzen zet. Nee, aan het peinzen niet, want ik voel alleen, ik ontvang slechts de gulheid van hemel en aarde, het wondere samenzijn van mensen en dingen. De regen lekt langs het raam en onder de overkapping van de winkel aan de overkant omhelst een meisje met druipende haren haar jongen. Wat is de liefde? Een goddelijke spijs, het levens¬elixer, en verliefdheid is de naam van de driftige wijn aan die maaltijd.
Ik gewaar me als op een rondreis door het Brabantse land, dat ooit een dichter heeft genoemd als moederlijk en gul en rond en zo jubelend alsof er geen bitterheid bestaat op deze grond! Ik ben verliefd geworden op Breda.”

 

 
John van Ierland (Breda, 14 juni 1964)

14:45 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: john van ierland, romenu |  Facebook |