31-07-17

Cees Nooteboom, Wouter Godijn, Grand Corps Malade, Joanne Rowling, Alain Nadaud, Daniel Bielenstein, Hans-Eckardt Wenzel, Ahmed Zitouni, Munshi Premchand

 

De Nederlandse dichter en schrijver Cees Nooteboom werd geboren in Den Haag op 31 juli 1933. Zie ook alle tags voor Cees Nooteboom op dit blog.

 

Bashio III

Nergens in dit helaal heb ik een vaste woonplaats
Schreef hij op zijn hoed van cypressen. De dood nam zijn hoed af,
Dat hoort zo. De zin is gebleven.
Alleen in zijn gedichten kon hij wonen.
Nog even en je ziet de kersenbloesem van Yoshino.
Zet je sandalen maar onder de boom, leg je penselen te rusten.
Berg je stok in je hoed, vervaardig het water in regels.
Het licht is van jou, de nacht ook.
Nog even, cypressehoed, en ook jij zult ze zien,
De sneeuw van Yoshino, de ijsmuts van Sado,
Het eiland dat scheepgaat naar Sorén over grafstenen golven.

 

 

En vannacht in de stenen stilte

En vannacht, in de stenen stilte
van mijn kamer, het huis op het eiland,
onder het web van sterren, de palmen roerloos,
kwamen die andere stemmen, Auden en Frost
en Elisabeth Bishop, Pound en Cummings
en Sylvia Plath, woorden op mijn schouders,
in mijn haren, tegen de ramen,
dichters, gedichten,
droombeeld, verhaal, getijden
van toen, ooit, nu,
naast me, achter me, op de maat
van de mot tegen het licht, zinnen,
ooit hardop gesproken in een andere ruimte,
nu bij mij binnengelopen
als de omarming van vrienden, de monden
van al deze doden in het middelste
nachtuur,
de adem waarvan ik leef,
en jij.

 

 

Latijn

In een duister woud, zeker,
en het midden al jaren voorbij,
hoefde ik geen volkstaal
meer uit te vinden.

Niets wat ik had te zeggen
kon daarin nog klinken,
mijn woorden waren weer
latijn geworden, onleesbaar, gesloten.

Dichter, klerk, geheime diaken
van de kleinste gemeente,
de afkerige sekte van verhulde beduiding,
gewend naar zichzelf,

een gnosis van gemaskerde zinnen
in een steeds onherkenbaarder schrift.

 

 
Cees Nooteboom (Den Haag, 31 juli 1933)

Lees meer...

31-07-16

Cees Nooteboom, Wouter Godijn, Grand Corps Malade, Joanne Rowling, Alain Nadaud, Primo Levi, Daniel Bielenstein

 

De Nederlandse dichter en schrijver Cees Nooteboom werd geboren in Den Haag op 31 juli 1933. Zie ook alle tags voor Cees Nooteboom op dit blog.

Uit: Roads to Santiago (Vertaald door Ina Rilke)

“The television screen in the lounge is showing blurred, shadowy images from the real world, but hardly anyone is watching. The passengers are postponing the moment of going to sleep, they hang around on the decks, drink until the bars shut. Then the very last, carousing song dies away and all you can hear is the slap of the waves against the hull.
The lone traveller goes to his cabin and lies down on the small iron bunk. He wakes up a few times in the night and looks out through the porthole. The vast surface of water sways in a slow, glistening dance. There is mystery and danger in the immense and silent element as it lies there with only the sluggish undertow disclosing that so much goes on hidden in the deep. The ivory chip of moon appears and disappears in the satin waves, it is at the same time sensual and frightening. The traveller is a city-dweller, unaccustomed to that vast and speechless sea of which his world now suddenly consists. He draws the skimpy curtain across the porthole and switches on a toy lamp by the bed. A wardrobe, a chair, a table. A water carafe in a nickel bracket attached to the steel bulkhead, a glass upturned over the neck. A towel marked Compania Mediterranea which he will take with him tomorrow, along with the tumbler decorated with the flag of the shipping company. He already has quite a number of these towels and glasses, for he has made many such crossings.
Gradually he surrenders to the roll of the ship, pitching in her mighty mother's dance and he knows what it will be like. In the course of the night he will really fall asleep at last, then the first light of day will stream in through the unavailing curtain, he will go up on deck and stand with the other bleary-eyed passengers to see the city slowly approaching--looking improbably lovely in the early sun which will cast a light, golden, impressionistic veil over the horror of gasworks and smog, so that it will seem for a moment as if we are heading towards a hazy, gilded paradise instead of the uncharitable buffers of an industrial metropolis.
The ship glides into the stone welcome of the harbour. She is dwarfed by the towering cranes. The swell has ceased, this water is no longer part of the sea, and on board too the communal spirit has gone. Everyone is wrapped up in his own affairs, in the expectation of what is to come. Down in the cabins the stewards are stripping the bunks and counting the number of towels missing. On the dockside it is already hot.“

 

 
Cees Nooteboom (Den Haag, 31 juli 1933)

Bewaren

Lees meer...

31-07-13

Israël Querido , 80 Jaar Cees Nooteboom, Grand Corps Malade, Joanne Rowling

 

Dolce far niente

 

 

 


De Jordaan, Lijnbaansgracht, richting Tichelstraat

 

 

Uit: De Jordaan: Amsterdamsch epos

 

“Ze zworen bij hun buurt, hun markten en winkels, hun halletjes, hun venters en herbergen, hun straten en walm, hun dobbel-gangen en krotten. - De vischvrouwen konkelden met de koffiebazen. De koffiebazen met de groente-sjachers; de fabrieks-meiden met de pelsters, baksters, en die allen weer met den grutter, melkman, loodgieter, stoelenmaker en zoo den heelen Jordaan rond. Eén geweldige menschenklis van duizenden en duizenden gezinnen bijééngeperst, boven, achter, voor, tegenover elkaar, omwemeld van kinderen en weer kinderen. - De gezinnen van een-twee-en driehoog-vóór, en de gezinnen van een-twee-en driehoog-áchter, kenden elkaars leven, handel en wandel tot in de kleinste kleinigheid. In de vuile en nauwe stank-gangetjes der verdiepingen, waar man en vrouw openlijk hun gevoeg loosden in stilletjes en emmers, bestond geen schaamte meer voor elkaars gedoe. In beestelijke onverschilligheid leefden ze hun instincten rauw en hittig uit, ongedekt voor een ieder die hen waar wou nemen. Op hitsige dagen barstten er eerst bommen los, gooiden ze elkaar de gruwelijkste en gemeenste beschuldigingen naar den kop. Dan vunsde er een boek open over zondige hoererij, schanddaden en verwrongen laagheden. O! ze kenden allen zoo van nabij, den donkeren gloed van het bloed, de koude flikkering van het mes, den fonkel van den borrel. - De walmende straat, met haar gootvuil en stinkende keien, de open vrije straat met haar kelders en krotten, haar gewoel, kindergeschreeuw en honden-geblaf, met haar kleurige stalletjes, haar riekende, uitdampende eetwaren, haar kar-geratel, haar buitenzittende en hurkende vrouwen en kerels, - die open straat was hun gerecht, daár leefde eerst wijd-uit in rondwortelende woeling, het groote, krioelende menschen-gezin: de Jordaan. Daar verslonden ze elkaars hevigste hartstochten en begeerten; elkaars kleinzieligste, grilligste buitensporigheden en nietigste amusementen. Huiselijk leven van gezinnetje op gezinnetje, met afgesloten muurtjes, waar de nieuwsgierige en dierlijke leefdriftigheid van de hunkerende massa geen bres doorheen kon schieten, verlangden ze niet. Ze hadden hun tooneels en bals, voordrachts-kroegen en zang-café's, hun bioscopen, ‘bibberfotegrefies,’ en gramophoon-muziek; ze hadden de dans-holen en kelders van Zeedijk, Ridderstraat tot Haarlemmerdijk; hun orgels op Maandag, alle straten door, den heelen dag achterna-geslenterd. Ze hadden in het liederlijke en in het klein-burger-fatsoenlijke, het wellustigste en het betamelijkste genot. In elkaars bijzijn konden ze eerst ademen, dollen, bluffen, om elkaars woorden en daden vechten, bij elkander zuipen en sjacheren; onder elkaar bruiloften en hoereeren.”

 

 

 

 

Israël Querido (1 oktober 1872 - 5 augustus 1932)

Bewaren

Lees meer...

31-07-12

Cees Nooteboom, Grand Corps Malade, Joanne Rowling, Primo Levi

 

De Nederlandse dichter en schrijver Cees Nooteboom werd geboren in Den Haag op 31 juli 1933. Zie ook alle tags voor Cees Nooteboom op dit blog.

 

Uit: Roads to Santiago (Vertaald door Ina Rilke)

 

„Spain is brutish, anarchic, egocentric, cruel. Spain is prepared to face disaster on a whim, she is chaotic, dreamy, irrational. Spain conquered the world and then did not know what to do with it, she harks back to her Medieval, Arab, Jewish and Christian past and sits there impassively like a continent that is appended to Europe and yet is not Europe, with her obdurate towns studding those limitless empty landscapes. Those who know only the beaten track do not know Spain. Those who have not roamed the labyrinthine complexity of her history do not know what they are travelling through. It is the love of a lifetime, the amazement is never-ending.

From the ship's rail I watch the dusk settle over the island where I have spent the summer. The approaching night steals into the hills, everything darkens; one by one the tall neon street-lamps come on to illuminate the quay with that dead white glow which is as much a part of the Mediterranean night as the moon. Arrival and departure. For years now I have been crossing to and fro between the Spanish mainland and the islands. The white ships are somewhat bigger than they used to be, but the ritual is unchanged. The quay full of white-uniformed sailors, kinsfolk and lovers come to wave goodbye, the deck crowded with departing holiday-makers, soldiers, children, grandmothers. The gangplank has already been raised, the ship's whistle will give one final farewell that will resound across the harbour and the city will echo the sound: the same, but weaker. Between the high deck and the quay below a last tenuous link, rolls of toilet paper. The beginnings flutter on the quay; up at the rail, the rolls will unwind slowly as the ship moves away, until the final, most fragile link with those staying behind is broken and the diaphanous paper garlands drown in the black water.

There is still some shouting, cries wafting back, but it is already impossible to tell who is calling out and what their messages signify. We sail out through the long narrow harbour, past the lighthouse and the last buoy -- and then the island becomes a dusky shadow within the shadow that is night itself. There is no going back now, we belong to the ship. Guitars and clapping on the afterdeck, people are singing, drinking, the deck passengers are settling down for a long night in their steamer chairs, the dinner bell rings, white-jacketed waiters cross and recross the antique dining room under the earnest regard of the king of Spain.“

 

 

Cees Nooteboom (Den Haag, 31 juli 1933)

Santiago de Compostella

Lees meer...

31-07-11

Cees Nooteboom, Grand Corps Malade, Joanne Rowling

 

De Nederlandse dichter en schrijver Cees Nooteboom werd geboren in Den Haag op 31 juli 1933. Zie ook mijn blog van 31 juli 2010 en eveneens alle tags voor Cees Nooteboom op dit blog.

 

 

Zoals regen...

 

zoals regen zoekt een natuurlijk versmelten
en planten hun aarde ten zeerste bevroeden

zo drijvend op een lange zijden zeewind
blies jij in mijn gebied je oevers, mistiger,
heb jij verdriet voortdurend op mij ingesproken
zoals ook regen steeds zoekt een natuurlijk versmelten.

en groeit nu dit bitter stromen rustiger, zijns ondanks, en
opgesierd met vreemde dingen van het maanspel -
het blijft mijn grondwater van dagelijks versterven
en jij en ik is dood en verder machteloos.

 

 

 

Romantische herfst

 

schimmig vanavond jaagt die mist de velden
de maan sluipt terug in dodelijke bomen

nu is de grote rafelaar gekomen
een herfst een doodgaan een gekwelde smeekstem
hoor... ademend beweegt de aarde van heimwee
om mensen te bezetten met een adem van verdriet
om koeien zwaar en zwijgend in zich vast te zetten
als schepen, vastgegroeid aan het lichaam van de zee
of de dood, levend aan het gezicht van de mensen,
mééademend, méésprekend.

 

 

 

Iets

 

Het leven
je zou het je moeten kunnen
herinneren
als een buitenlandse reis
en er met vrienden of vriendinnen
over na moeten praten
en zeggen
Het was toch wel aardig,
het leven,
en flarden zien van vrouwen, geheimen
en landschappen

en dan tevreden achteroverleunen
maar doden kunnen niet achteroverleunen.

En ook verder kunnen ze niets.

 

 

Cees Nooteboom (Den Haag, 31 juli 1933)

Lees meer...

31-07-10

Cees Nooteboom, Grand Corps Malade, Joanne Rowling, Daniel Bielenstein, Ahmad Akbarpour, Hans-Eckardt Wenzel, Primo Levi, Alain Nadaud, Triztán Vindtorn, Ahmed Zitouni, Munshi Premchand, Peter Rosegger

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 31e juli mijn blog bij seniorennet.be 

  

Cees Nooteboom, Grand Corps Malade, Joanne Rowling, Daniel Bielenstein

 

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 31e juli ook bij seniorennet.be mijn vorige blog van vandaag.

 

Ahmad Akbarpour, Hans-Eckardt Wenzel, Primo Levi, Alain Nadaud

 

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 31e juli ook bij seniorennet.be mijn tweede  blog van vandaag.

 

Triztán Vindtorn, Ahmed Zitouni, Munshi Premchand, Peter Rosegger

 

31-07-09

Cees Nooteboom, Joanne Rowling, Primo Levi, Alain Nadaud, Triztán Vindtorn, Ahmed Zitouni, Peter Rosegger


De Nederlandse dichter en schrijver Cees Nooteboom werd geboren in Den Haag op 31 juli 1933. Zie ook mijn blog van 31 juli 2006 en ook mijn blog van 31 juli 2007 en ook mijn blog van 31 juli 2008.

 

 

Trinidad

 

Dit ben ik vaak geweest:
een man op een landweg,
een man in een vliegtuig,
een man met een vrouw.

En dit ben ik vaak geweest:
een man die zich onder een steen
wou verbergen
om geen licht meer te zien.

Deze twee mannen,
ze dragen mijn koffers,
ze lezen mijn kranten,
ze verdienen mijn brood.

Samen trekken we
door het geluid en de lucht van de wereld
op zoek naar het onzichtbare standbeeld
waar ze alle drie opstaan
in de gedaante van één.

 

 

 

 

Duizend nachten en dagen

 

Als een koning op een nors eiland
gaat de wind heen en weer door de avond.
Ik jaag op mijn onzichtbare leven.
De vleugels van mijn ogen branden.

Zwarter worden de vogels.
Een koperen avond schalt in de bergen.
Onder de houten bomen graast de rust,
maar niemand gelooft het.

Alle struiken verbergen soldaten.
Het gruis van de regen likt aan het water.
Het koper verschaalt en gaat onder.
Alleen ik vlieg nog rond met mijn vernederde onrust.

Nooit zal ik een keer mijn lichaam ontmoeten.
Een schuldig gordijn houdt me voor eeuwig van me gescheiden.

 

 

 

 

 

Black dog

 

Ik die geen leerlingen heb
en geen bediendes,
ik die mijn kaas alleen eet
en de verkeerde mensen
in de verkeerde steden zie
ik ruik bloemen op het ijs,
en zie de dood op een schommel.

Ik die ook wel weet
dat een woord maar een vertaling is,
een armzalige code
van iemand voor niemand,
ik die zelf woorden
gekocht en geerfd heb
uit het groot bordeel
waar de wereld op uitmondt.

Ik die geleerd heb
dat de toekomst een motor is
die nog nooit heeft gelopen
dat alle talen hetzelfde
verzwijgen
en dat veel unieke dromen
op film te zien zijn.

Ik

en ook dat niet lang meer.

 

 

 

 

 

Cees_Nooteboom
Cees Nooteboom (Den Haag, 31 juli 1933)

 

 

 

 

 

De Britse schrijfster Joanne Rowling werd geboren in Chipping Sodbury bij Bristol op 31 juli 1965. Zie ook mijn blog van 31 juli 2007 en ook mijn blog van 31 juli 2008.

 

Uit: Harry Potter And The Chamber Of Secrets

 

October arrived, spreading a damp chill over the grounds and into the castle. Madam Pomfrey, the nurse, was kept busy by a sudden spate of colds among the staff and students. Her Pepperup potion worked instantly, though it left the drinker smoking at the ears for several hours afterward. Ginny Weasley, who had been looking pale, was bullied into taking some by Percy. The steam pouring from under her vivid hair gave the impression that her whole head was on fire.
Raindrops the size of bullets thundered on the castle windows for days on end; the lake rose, the flower beds turned into muddy streams, and Hagrid's pumpkins swelled to the size of garden sheds. Oliver Wood's enthusiasm for regular training sessions, however, was not dampened, which was why Harry was to be found, late one stormy Saturday afternoon a few days before Halloween, returning to Gryffindor Tower, drenched to the skin and splattered with mud.
Even aside from the rain and wind it hadn't been a happy practice session. Fred and George, who had been spying on the Slytherin team, had seen for themselves the speed of those new Nimbus Two Thousand and Ones. They reported that the Slytherin team was no more than seven greenish blurs, shooting through the air like missiles.”

 

 

 

 

Rowling
Joanne Rowling (Chipping Sodbury, 31 juli 1965)

 

 

 

 

 

De Italiaanse schrijver Primo Levi werd geboren op 31 juli 1919 in Turijn. Zie ook mijn blog van 31 juli 2007 en ook mijn blog van 31 juli 2008.

 

Uit: Survival In Auschwitz (Vertaald door Stuart Woolf)

 

“I was captured by the Fascist Militia on 13 December 1943. I was twenty-four, with little wisdom, no experience and a decided tendency -- encouraged by the life of segregation forced on me for the previous four years by the racial laws -- to live in an unrealistic world of my own, a world inhabited by civilized Cartesian phantoms, by sincere male and bloodless female friendships. I cultivated a moderate and abstract sense of rebellion.

It had been by no means easy to flee into the mountains and to help set up what, both in my opinion and in that of friends little more experienced than myself, should have become a partisan band affiliated with the Resistance movement Justice and Liberty. Contacts, arms, money and the experience needed to acquire them were all missing. We lacked capable men, and instead we were swamped by a deluge of outcasts, in good or bad faith, who came from the plain in search of a non-existent military or political organization, of arms, or merely of protection, a hiding place, a fire, a pair of shoes.

At that time I had not yet been taught the doctrine I was later to learn so hurriedly in the Lager: that man is bound to pursue his own ends by all possible means, while he who errs but once pays dearly. So that I can only consider the following sequence of events justified. Three Fascist Militia companies, which had set out in the night to surprise a much more powerful and dangerous band than ours, broke into our refuge one spectral snowy dawn and took me down to the valley as a suspect person.”

 

 

 

 

primo_levi
Primo Levi (31 juli 1919 – 11 april 1987)

 

 

 

 

De Franse schrijver Alain Nadaud werd geboren op 31 juli 1948 in Parijs. Zie ook mijn blog van 31 juli 2007 en ook mijn blog van 31 juli 2008.

 

Uit: Le Passage du col

 

“Un matin, il y eut une alerte qui mit le monastère en émoi. Une délégation d'officiels chinois venait d'emprunter la piste à l'entrée de la vallée. Entourée de volutes de poussière, elle arrivait dans plusieurs grosses land cruisers blanches, escortées à l'avant et à l'arrière par deux voitures de police. Le khempo Lobsang en avait été averti par des émissaires à cheval qui, en empruntant les raccourcis, les avaient précédées. Et aussi, par le changement de la couleur de certaines bannières, visibles de loin, qui flottaient au sommet des collines et servaient de système de signalisation. Avant que, sous la conduite du dobdob Athar, je ne m'esquive par une porte dérobée,j'eus le temps de les apercevoir, qui descendaient de voiture. Cette visite faisait suite à un déjeuner qui avait eu lieu dans la vallée et avait dû être bien arrosé. En costume cravate, mais à présent un rien débraillés, les bureaucrates venus de Lhassa ou de Pékin tinrent à se faire photographier devant la porte du monastère, entourés de militaires, au garde-à-vous dans leur uniforme impeccable et sans pli. Il y avait même une ou deux femmes parmi eux. Ils avaient l'air à la fois brutaux, lisses, impénétrables, sans scrupules ni états d'âme. Ils parlaient fort et s'esclaffèrent devant les fresques de l'entrée, pour un détail, peut-être salace, que je ne compris pas.”

 

 

 

 

Nadaud
Alain Nadaud (Parijs, 31 juli 1948)

 

 

 

 

 

 

De Noorse dichter Triztán Vindtorn werd geboren als Kjell Erik Vindtorn in Drammen op 31 juli 1942. Hij gold als de enige belangrijke surrealistische dichter van zijn land. Zijn eerste werk was de dichtbundel Sentrifuge ('Centrifuge') uit 1970. In 2008 kwam zijn laatste bundel uit onder de titel Sirkus for usynlige elefanter ('Circus voor onzichtbare olifanten').

De fantasierijke en avant-gardistische Vindtorn genoot ook bekendheid in het buitenland. Hij heeft lange tijd buiten Noorwegen gewoond, onder meer in Portugal, Spanje (onder andere op Ibiza en Majorca) en Griekenland. Verder woonde hij zes jaar in de Deense hoofdstad Kopenhagen. Een aanzienlijk deel van zijn werk is in (literaire) tijdschriften, kranten en als bloemlezingen, in negentien talen verschenen. Voorts gaf hij nog een tweetal dichtcollages en een aantal kalligrafieën uit alsook diverse vertalingen van Chinese gedichten. Triztán Vindtorn overleed plotseling op 4 maart van dit jaar 66-jarige leeftijd

 

 

 

Linguistic Search Party

 

death is without logic and only a circle
placed outside another to fix the limit
of the glowing mass of our volcanic lives ..

every thought has its own egg as a hiding place
for shooting stars and breakneck exercises
the core of our pointless leaps into survival ..

the dark cathedral may easily be transformed into amniotic fluid
set free by the moon's quivering fingertips
like flotsam towards all our chained enigmas ..

in the linguistic search for new paintings
the goal is what can save us from point zero
while the trough between the waves drowns out all our cries ..

life's energy discharge and the planet's rotation
are not only remedies against sleep
but against the sound of glass ringing in our throat ..

in order to have the rainbow drip from our armpits
and green sprouts grow out of the lovers' eyes
this brief story is lifted onto a broader plane?

see the human being drag a wing across the earthen floor
and the army of black shoes which hone the corner of the world
back on the wet asphalt lies only a run-over moon


 

 

 

vindtorn
Triztán Vindtorn (31 juli 1942 - 4 maart 2009)

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 31 juli 2008.

 

Volgens de Franse Wikipedia is de Algerijnse, Franstalige schrijver Ahmed Zitouni geboren op 31 juli 1949 in Saïda, Algerije. Zie ook mijn blog van 31 juli 2007.


De Oostenrijkse schrijver Peter Rosegger
werd geboren op 31 juli 1843 in Alpl, Steiermark. Zie ook mijn blog van 31 juli 2007.