02-03-17

Godfried Bomans, Multatuli, Frank Albers, John Irving, Thom Wolfe, Michael Salinger, János Arany, Olivia Manning, Rinske Kegel

 

De Nederlandse schrijver Godfried Bomans werd geboren in Den Haag op 2 maart 1913. Zie ook alle tags voor Godfried Bomans op dit blog.

Uit: Pieter Bas

“Doch mijn moeder keek hem stralend aan en noemde hem een malle.
Ik heb later meermalen de gelegenheid gehad op te merken hoe gering de belangstelling van vrouwen is in zaken van politieke strekking. Zelfs mijn eigen lieve Catharina kende het verschil niet tussen de Eerste en Tweede Kamer, en wanneer het gesprek die kant opging werd zij onrustig en trachtte de aandacht te vestigen op de jampot of op andere voorwerpen welke in generlei verband stonden met het besprokene. Misschien is dit te verklaren uit een zekere vrees voor de ernst van het leven. In elk geval is het beter terug te keren tot de loop der gebeurtenissen, waarvan mijn geboorte het begin was.
Ik moet die eerste dag geweldig geschreeuwd hebben; doch daar het juist de verjaardag van koning Willem III was, stak hierin niets opvallends. Van dat eerste levensjaar kan ik mij, hetgeen te verontschuldigen is, niets herinneren. Het is het noodlot van memoires dat zij haperen op de twee belangrijkste punten: het einde en het begin, de dood en de geboorte. Omtrent het eerste kan de schrijver niets mededelen zonder met zichzelf in tegenspraak te geraken en omtrent het laatste is hij letterlijk genoodzaakt zich naar bakerpraatjes te richten. De bijzonderheden, die ik nochtans weet, zijn mij overgeleverd bij monde van Anna, een grote dikke vrouw, waarvan ik mij alleen haar twee blinkende zwarte ogen herinner. Ik moet dan een bijzonder groot hoofd gehad hebben, dat ik reeds toen gewoon was een weinig schuin te houden, een gewoonte waarvan, zoals ge weet, duur mijn politieke tegenstanders zulk een laaghartig gebruik is gemaakt.
Naar aanleiding hiervan schijnt mijn oom Jozef in scherts gezegd te hebben dat er nog een minister uit mij Zou groeien. Deze voorspelling kwam mij echter pas ter ore toen ik minister was, hetgeen de betrouwbaarheid aanzienlijk vermindert. Een neiging tot spelen schijn ik niet gehad te hebben; gewoonlijk lag ik stil op mijn rug naar boven te kijken ‘alsof ik over iets nadacht’. Ik groeide snel op en reeds in mijn eerste jaar kon ik lopen. Ook mijn bevattingsvermogen was al vroeg rijp; zo zal ik wel de enige in Holland zijn die zich de begrafenis van burgemeester Sanders weet te herinneren. Hij stierf toen ik drie jaar was en ik kan mij de stoet nog zeer goed voorstellen.”

 

 
Godfried Bomans (2 maart 1913 - 22 december 1971)
Ilustratie uit Pieter Bas door Harry Prenen

Lees meer...

02-03-15

Frank Albers

 

De Vlaamse schrijver Frank Albers werd geboren op 2 maart 1960 in Schoten. Hij studeerde in Gent en Oxford en promoveerde aan Harvard op een proefschrift over het utopische denken van Jean-Jacques Rousseau en Ralph Waldo Emerson. Van 1998 tot 2000 leidde hij samen met Bernard Dewulf het Nieuw Wereldtijdschrift. In het jaar daarop werd hij chef van de boekenbijlage Standaard der Letteren (tot 2005). Als auteur trad Albers op de voorgrond met de fragmentarische roman “Angst van een Sneeuwman” (1982) waarvoor hij in 1983 de Yangprijs ontving. In 2007 verscheen het reisessay “Beatland”: In het spoor van Jack Kerouac’s On the road (De Bezige Bij), waarin hij verslag doet van zijn tocht dwars door de Verenigde Staten, vijftig jaar na het verschijnen van Kerouac’s cultroman. Voor het Nationale Toneel in Den Haag vertaalde Albers onder meer Hamlet, Titus Andronicus en King Lear. Albers houdt ook een blog bij en geeft lezingen over onder andere Shakespeare, Kerouac en Albert Camus.

Uit: Een zonderling land

“Er was eens een land dat niet wilde bestaan. Dat vonden de andere landen raar. De meeste landen waren trots op zichzelf. De meeste landen voelden zich beter dan alle andere landen. Zelfs een land dat hanger leed, deed vaak alsof het beter was dan een land dat te eten had. De meeste landen waren macho's. Wie hen tergde, kreeg een dreun. Zo waren vele landen ook ontstaan. Al vechtend. Vechten schept een band en soms een land. Al was er om een land bijeen te houden meer nodig
dan speren of bommen. De meeste landen waren een samenweefsel van gedeeld leed en gedeelde herinneringen, van gedeeld geloof en gedeelde taal. Soms. als ze wat ouder en wijzer waren geworden, leenden landen om met elkaar samen te werken. Dan gingen 2e bijvoorbeeld samen naar
de maan. of samen een ander land vernietigen. Maar hoe lang en innig ze ook met elkaar samenwerkten, uiteindelijk hielden landen altijd het meest van zichzelf. Dat zag je bij sportwedstrijden en fabriekssluitingen. Eens macho, altijd macho. Er bestaat geen tweelandenvlag.
Tussen al deze grote, trotse macholanden lag dus dit ene landje dat. tot verbijstering van velen, niet wilde bestaan. Het had zichzelf niet bedacht, was niet gegroeid uit het verlangen van mensen om binnen dezelfde grenzen te wonen, niet uit angst voor een vijand, niet uit krijgszucht of list, maar uit slib samengeklonterd in een trage bocht van de tijd. Het land was als een vondeling, verwekt en vergeten in een achterkamertje van de geschiedenis, een bastaardje dat de natuur niet bepaald had verwend, want behalve erg klein was het ook erg lelijk, en het bezat ook niets van wat kleine lelijke landjes voor grotere landen soms toch aantrekkelijk maakt. zoals gas olie of diamant.”

 

 
Frank Albers (Schoten, 2 maart 1960)

19:00 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: frank albers, romenu |  Facebook |