18-09-16

Michaël Zeeman, Armando, Ton Anbeek, Stephan Sarek, Omer Karel De Laey, Michael Deak

 

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman werd geboren op Marken op 18 september 1958. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Michaël Zeeman op dit blog.

Uit: Aan mijn voormalig vaderland (Ludwig Wittgenstein op het damestoilet)

“Bruce Duffy is een 40-jarige Amerikaanse anglist en filosoof, die een nieuw en huiveringwekkend literair genre heeft uitgevonden: de intellectuele streekroman. Dat is een genre dat enigszins doet denken aan de negentiende-eeuwse professorenroman. Toentertijd had je historici die hun machtige kennis van een bepaalde periode niet systematisch onderbrachten in een monografie, maar hun materiaal gebruikten om slopend informatieve romans te schrijven. Al die feiten, speculaties en wetenschapswaardigheden werden ondergebracht in een toneel waarop zich deels verzonnen, deels vrijelijk geordende historische gebeurtenissen afspeelden. Wat Bruce Duffy in zijn eerste roman, De wereld die ik aantref, heeft gedaan, lijkt daarop.
Zijn held is Ludwig Wittgenstein: dan zit je goed, want die is inmiddels al twintig jaar in de mode, moet hij gedacht hebben. Wittgensteins levensgeschiedenis en de levensverhalen van een touringcar vol tijdgenoten vormden de stof voor Duffy’s roman. Omdat Wittgenstein aan de rand van de Bloomsbury Group en de directe voorloper daarvan, de Cambridge Apostles, stond, en al die hyper-Britse apostelen en Bloomsburianen als een gek brieven en dagboeken hebben zitten schrijven, was er voor een roman materiaal te over. En interessant materiaal: Bloomsbury staat voor een prikkelende mengeling van brille en verslaving aan achterklap - wat wil je nog meer.
Bovendien is ook de geschiedenis van de Bloomsbury Group al meer dan vijftien jaar in de mode en heeft zich gedurende die tijd een heel leger van beroepsvoyeurs gestort op de uitgave van al hetgeen er aan brieven, dagboeken, aantekeningen en boodschappenbriefjes te vinden was. Van het overzicht van de menstruatiecyclus van Virginia Woolf tot en met de tabaksrekening van de zwarte pijproker G.E. Moore is het allemaal in elke enigszins geoutilleerde dorpsbibliotheek te vinden.
Van iedereen die enige originaliteit of esprit bezat en in de periode 1890-1940 met de universiteit van Cambridge of het artistieke leven in Londen te maken had weten we tamelijk nauwkeurig met wie hij of zij het deed, hoe, hoe vaak en met welk resultaat.”

 

 
Michaël Zeeman (18 september 1958 - 27 juli 2009)
Hier tijdens een podiumgesprek

Bewaren

Bewaren

Lees meer...

18-09-15

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Stephan Sarek, Omer Karel De Laey

 

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Armando op dit blog.

 

niemand weet wie ik zal zijn wie ik was
niemand weet wie ik zal zijn wie ik was
u overschat mij
ik ben radeloos ik was een ander

geef mij touwen bind mij vast
dood mij niet
ik ben onschuldig ik ben de vijand

 

 
Armando, Damals, 2010

 

 

Een tijdperk

Strenge stemmen verlaten de aarde,
bezingen de razernij der dingen
en het geween van bloeiende bloemen:
de oogst van een roekeloos tijdperk.

Was het een offer op verlaten altaren?
Het bleek een halsstarrig ademen.

 

 
Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

Lees meer...

18-09-14

85 Jaar Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Stephan Sarek, Omer Karel De Laey

 

85 Jaar Armando

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Armando op dit blog. Armado viert vandaag zijn 85e verjaardag.

 

De geur

De herinnering van geluiden,
van geuren, van bezinning
op het betoverde bestel en
het bestaan van rode bloemen.

De geur van mos,
van denkende moerassen.

Allicht de kleuren van het geschut,
naar hartelust de geur en
geuren van het verlaten plein.

De klaagzang van de takken
omarmd door de gebeurtenis,
die zelfs een geur verspreidt.

 

 

 
Armando, Das Tier, 2005

 

 

Bezieling

Onmiskenbaar woedt de groei,
vandaar het streven naar de oorsprong.
Is de verbazing belangrijk?
De toewijding?

Nee,
bezieling heeft een masker nodig,
benadert de harde kalmte.

 

 
Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

Lees meer...

18-09-13

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Doris Mühringer, Stephan Sarek, Omer Karel De Laey

 

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Armando op dit blog.

 

 

Haat

 

Is de haat vergeten?
Als sneeuw voor de hevige regen?

Vraag de haat wanneer hij kwam,
hoe de haat ontstaan is,
aan welke grens de haat geduldig wachtte
om ongestoord naar binnen te komen.

Vraag de haat hoe lang hij duurt,
hoe breedsprakig hij wil zijn,
op welke hoogte haatgevoelens
kunnen leven.

O haat, doornige haat.

 

 

 

 

Armando, Antwoord, 2008

 

 

 

Voorbarig

Ik hoorde ze joelen,
ze dansten en lachten,
het roversnest werd geplunderd,
men gluurt naar voornemens,
schimmel en een glimp:
het is voorbarig en voorbij.

 

 

 

Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

Lees meer...

18-09-12

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman

 

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2010 en eveneens alle tags voor Armando op dit blog.

 

 

Licht

 

Terwijl het licht zich probeert te
ontvouwen, is de stad opstandig,
de verschrikking heeft zichzelf overleefd,
het einde nadert de onderdanen,
nadert de onontkoombaarheid.

Het grillige licht wil bezitten
wil veinzen,
maar het licht is machteloos,
het licht is ontmanteld.

 

 

 

Armando, Paysage criminel, 1955

 

 

 

 

Het laatste gesprek

 

'Heer, herken ik u? Zijn wij niet dezelfde van weleer?'
'Wie riep mij dan? Zijn uw wapens niet de mijne?'
'Ik wacht op woorden, Heer.'
'Ik was Dader, u het Offer. De medemens is leeg.'
'Sterven Daders niet.'
'Neen. Zij kunnen niet. Zij verwoorden.'
'Heeft u ginds gesproken, Heer?'
'De dagen zijn beschreven.'
'Heeft de Tijd nog kwaad gewild?'
'Ja, het slagveld is begroeid.'
'Geen spoor van oorlog meer?'
'Geen. Maar ik doorzie de stilte. Oog en oor vergaan.'
'Nadert weer de Dood, o heer?'
'Neen. Hij was er al.'

 

 

 

 

Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

 

Lees meer...

18-09-11

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Doris Mühringer, Stephan Sarek

 

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 18 september 2006.en ook mijn blog van 18 september 2009 en ook mijn blog van 18 september 2010.

 

 

Voorzichtig

 

Ze liepen voorzichtig,
en lieten het landschap binnenkomen,
ze merkten dat hun tred bewonderd werd.
Heel voorzichtig gingen ze door de deuren,
langs het lusteloze strand, bezichtigden de bomen,
ze dachten dat de struiken ontvlambaar waren
en de hemel onder handbereik.
Zie, ze houden zich voorzichtig vast.

 

 

 

Der Horizont, 2010

 

 

 

Vierkant

 

vierkant.
in rijen.

nummers vierkant.
volgorde.

hees vierkant.
getallen angst.

nummers tucht.
dood vierkant.
orde.

 

 

 

Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

 

Lees meer...

27-01-11

VSB Poëzieprijs 2011 voor Armando

 

VSB Poëzieprijs 2011 voor Armando

 

 

De Nederlandse dichter en kunstenaar Armando is de winnaar van de VSB Poëzieprijs 2011. Hij krijgt de jaarlijkse prijs voor Nederlandstalige poëzie voor zijn dichtbundel “Gedichten 2009”. Dat maakte de organisatie woensdag bekend tijdens de prijsuitreiking in het stadhuis van Utrecht. Armando ontving een geldbedrag van 25.000 euro en een glaskunstwerk van kunstenares Maria Roosen. Zie ook mijn blog van 18 september 2006.en ook mijn blog van 18 september 2009 en ook mijn blog van 18 september 2010.

 

 

Voorzichtig


Ze liepen voorzichtig,
en lieten het landschap binnenkomen,
ze merkten dat hun tred bewonderd werd.
Heel voorzichtig gingen ze door de deuren,
langs het lusteloze strand, bezichtigden de bomen,
ze dachten dat de struiken ontvlambaar waren
en de hemel onder handbereik.
Zie, ze houden zich voorzichtig vast.

 

 

 

Nooit meer

Nergens is de lente.
Onverschrokken de helden van weleer.
Nooit meer. Nooit meer.

Geen geestverwanten, geen drempel van de oogst.
Je denkt toch niet dat sneeuw nog smelt.
Met z’n hoevelen waren ze.


 

 


Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

  

10:11 Gepost door Romenu in Actualiteit, Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vsb poëzieprijs, armando, romenu |  Facebook |

18-09-10

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Doris Mühringer, Stephan Sarek, Jayne-Ann Igel, Einar Már Gudmundsson, Jens Rehn, William March, Justinus Kerner, Samuel Johnson, Omer Karel De Laey, Jan Mens, Tomás de Iriarte, Judite Maria de Carvalho

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 18e september mijn blog bij seniorennet.be

  

Armando, Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Doris Mühringer, Stephan Sarek

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 18e september ook bij seniorennet.be mijn vorige blog van vandaag.

 

Jayne-Ann Igel, Einar Már Gudmundsson, Jens Rehn, William March, Justinus Kerner

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 18e september ook bij seniorennet.be mijn eerste blog van vandaag.

 

Samuel Johnson, Omer Karel De Laey, Jan Mens, Tomás de Iriarte, Judite Maria de Carvalho

 

 

18-09-09

Tachtig jaar Armando, Michaël Zeeman, Ton Anbeek


De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Dat is dus vandaag precies tachtig jaar geleden.

Zie ook mijn blog van 18 september 2006 en ook mijn blog van 18 september 2007 en  mijn blog van 18 september 2008.

 

 

wat vader, de lust tot wezen en inkeer, de ver-

nietiging voor mij betekende, de lust tot bewegen

en langzaam sterven, als vóór mij de doden

de stoom van hun vergissing traag lieten verglijden,

de jaren dat wij leefden.

 

de lust tot inkeer, de vader en de vernietiging zij keren

mij om, hoe langzaam, hoe ingetogen is de hand

waarmee zij de zon boetseren om slechts te leven om te doden.

 

 

 

armando%20kelk
Kelk                              

 

 

een bijtende spreuk verlost hem van de duivel

de schepping is voltooid.

hij voelt het zachte gras, een klein gebaar omhoog en bevend

slaapt hij in.

men zoekt hem, een machteloos dier, de vader van een dode.

 

de zoon is gesneuveld, de moeder, begroeid met dromen, bestuift

haar kind moet leven, het wonder wordt gehoond:

de hemel pakt de aarde woedend aan.

 

 

 

 

armando_das_haus_12505
Das Haus

 

 

 

waarom zouden we

 

waarom zouden we wat we gedaan hebben
om vergeving vragen waarom
hebben we gedaan wat we moesten doen

we deden wat we konden om niet
te weten dat we leefden

 

 

 

 

 

Armando_88498a
Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman werd geboren op Marken op 12 september 1958. Zie ook mijn blog van 18 september 2008. Michaël Zeeman is op 27 juli van dit jaar overleden. Zie ook mijn blog van 28 juli 2009.

 

 

Halverwege, de factor t

 

Giet twee duim zwarte peper in een kolf,

daarna, voorzichtig, twee duim zout erop,

schudt dan de kolf met vaste hand naar grijs.

 

Nooit zal men zo lang kunnen schudden,

dat alle korrels hun plaats hernemen en grijs

weer wit op zwart, of zwart op wit geworden is.

 

Ook valt een beker melk wel in een plas

en scherven op de grond, maar nooit een

plas en scherven in een beker melk bijeen.

 

Er is geen wet die het verbiedt. Als kind

spoelden wij filmpjes terug; herstelden

de toestand, maakten de schade ongedaan.

 

De som te maken is zo simpel als die film te keren:

de factor t hoef ik er niet uit te elimineren,

er is geen reden en geen richting voor de tijd.

 

De weg loopt hellend naar de oever,

schuift rimpelloos het grijze water in.

Hoe ik ook zoek, ik vind geen ommekeer.

 

 

 

 

Halverwege, de factor t

 

Staand voor de spiegel, is alleen

links rechts en omgekeerd. Voor

blijft voor en achter achter -

 

maar is dan de voorwaarts afgelegde weg

niet ook even lang als wat achterwaarts nog rest?

 

Niet over mijn schouder, keek ik,

ik boog en week om achteruit te kijken,

ik kronkelde om te zien wat er nog komen ging.

 

Steeds kleiner de gestalte, steeds smaller de weg.

En onooglijk de verborgen diepte,

het vermoeden van bloed en gevecht -

 

de paling die in de Carriben begint,

de zalm uit de Schotse rivier -

 

zij weten het, ja, zij weten het:

ten halve gekeerd.

 

 

 

 

 

Zeeman
Michaël Zeeman (18 september 1958 - 27 juli 2009)

 

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver en letterkundige Ton Anbeek werd geboren in Ede op 18 september 1944. Zie ook mijn blog van 18 september 2008.

 

Uit: Remco Campert, al die dromen al die jaren

 

“Is de titel van Camperts romandebuut Het leven is vurrukkulluk (1961) ironisch? Wie zijn columns kent of denkt aan de rafelige figuur van de schrijver, zal snel geneigd zijn dat zonder meer aan te nemen. Toch geeft het boek wel degelijk aanleiding om de titel zonder grijns te lezen. ‘Het leven is vurrukkulluk’ is een uitspraak van het meisje Panda, dat vederlicht door het leven danst. Haar credo vat zij als volgt samen: ‘Geld is het allerallerbelangrijkste op de wereld. Geld en lichamelijke liefde. Ik ben blij dat ze bestaan.’ Over die lichamelijke liefde doet ze niet moeilijk. Tot ontsteltenis van de andere hoofdpersoon, Mees, vat ze verhoudingen even luchthartig op als hijzelf. Moralisten zullen Panda mogelijk zien als de mannenfantasie van een voor iedereen beschikbare beeldschone vrouw, maar je kan haar ook opvatten als de belichaming van de mentaliteit die later als typerend voor de jaren zestig zal worden beschouwd.

 

En er is meer dat in deze roman die roerige tijd aankondigt. Uitdagend wordt de jeugdcultuur tegenover de wereld van de ouderen gesteld. De grijsaard die in het boek voortdurend opduikt, windt zich buitengewoon op over de jeugd van tegenwoordig: ‘En maar giegullen [...]. Dat komt natuurlijk van het rokkenrollen en het Marie-Johanna roken.’ Zo heeft hij het ook over ‘rokkenrollende zakkenrollers.’ Hij wordt op zijn wenken bediend, want kort daarop wordt hij zonder pardon door Mees neergeslagen en door Panda van zijn centen beroofd. Het conflict tussen de generaties wordt samengevat in de volgende tirade van de retiradejuffrouw:

 

‘Viezerikken vind je overal,’ zei de juffrouw, ‘ook in boeken. Trouwens, wat is er zo mooi aan de werkelijkheid?’

‘Ik heb het niet over mooi,’ antwoordde Panda. ‘Ik zei dat de werkelijkheid levender is. Ik wil geen boeken lezen, ik wil leven.’

Met iets van afschuw in haar oude gezicht keek de retiradejuffrouw Panda aan. ‘Ajakkes, kind,’ zei ze, ‘ik dacht dat dat soort idealisme er in de veertiger jaren uitgebrand was. Moeten we het werkelijk weer allemaal opnieuw meemaken?’

 

Dus een boek dat het feest van de jaren zestig aankondigt? Zo eenvoudig ligt het niet. Panda mag dan wel een vlinder zijn, Mees zit heel wat gecompliceerder in elkaar. Hij krijgt van de schrijver een aantal treurige jeugdherinneringen mee (gescheiden ouders, de vader een Don Juan zonder scrupules) die hem niet bepaald een vrolijke kijk op het leven hebben meegegeven.”

 

 

 

Anbeek
Ton Anbeek (18 september 1944)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e september ook mijn vorige blog van vandaag.

18-09-08

Ton Anbeek, Michaël Zeeman, Samuel Johnson, Omer Karel De Laey, Jan Mens, Armando


De Nederlandse schrijver en letterkundige Ton Anbeek werd geboren in Ede op 18 september 1944. Hij promoveerde in januari 1978 bij Sötemann in Utrecht, was daar ook korte tijd werkzaam, doceerde een jaar in de Verenigde Staten en aanvaardde vervolgens het ambt van hoogleraar aan de Universiteit Leiden in 1982 met de oratie In puinhopen voel ik mij prettig, ergens anders hoor ik niet thuis. Hij was hoogleraar in de Nederlandse letterkunde van de Romantiek tot nu. Anbeek ging in september 2005 vervroegd met emeritaat. Op 27 september 2005 hield hij zijn afscheidscollege over ‘De jaren Zestig en de literatuur of: Is cultuurgeschiedenis mogelijk?’. In het academisch jaar 2005-2006 heeft hij aan de universiteit van Padua (Italië) Nederlandse en Vlaamse letterkunde gedoceerd.

 

Uit: Doodknuffelen

 

“Op twee punten verschilt Bouazza van Sahar: zijn verhalen spelen bijna allemaal in Marokko en zijn taal is niet flitsend als rap, maar hoogst literair. Bij Sahar komt men een enkele keer een woordspeling tegen. Zo heet een hoofdstuk ‘Het vegende lijf’: een variant op ‘het vege lijf’ dat de hoofdpersoon in de vijandige wereld moet redden, maar tegelijkertijd is ‘vegen’ hier een platte uitdrukking voor copuleren (vergelijk het Italiaans ‘scopare’). Zo'n taalspel blijft bij Sahal uitzondering; bij Bouazza is het regel.

De tweede zin van het openingsverhaal in De voeten van Abdullah luidt:

‘De stilte ging ongemakkelijk verzitten als een schroomvallige vrouw in mannelijk gezelschap.’ Deze formulering is gelukkig, niet alleen omdat zij een duidelijk beeld oproept, maar vooral ook omdat zij indirect verwijst naar een samenleving waar vrouwen schroomvallig bij mannen gaan zitten: het dorp dat Bouazza in zijn verhalen evoceert.

Elke nostalgie ontbreekt in deze beschrijvingen. In feite is het leven op het platteland dat Bouazza oproept even rauw als de asfaltjungle waarin Sahars held ronddoolt. In het Marokkaanse dorp waar de verhalen uit De voeten van Abdullah zich afspelen, overheersen seksueel geweld en godsdienst. Die twee lijken elkaar uit te sluiten waar bijvoorbeeld een fanatieke imam (Bouazza schrijft in tegenstelling tot Sahar het woord met een m op het eind) de verkoop van komkommers en aubergines verbiedt omdat de vorm van die vruchten vrouwen op verkeerde gedachten zou kunnen brengen. Maar een godsdienstleraar kan ook de koranlessen gebruiken om jongens seksueel in te wijden. Bij Bouazza wordt net als bij Sahar het koranonderricht weinig aantrekkelijk voorgesteld.”

 

 

 

 

 

 

anbeek_200
Ton Anbeek (18 september 1944)

 

 

 

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman werd geboren op Marken op 12 september 1958.  Zeeman studeerde enkele jaren filosofie, in Utrecht en in Groningen. In 1974 begon hij te werken bij boekhandel De Tille in Leeuwarden. Hij schreef recensies voor de Leeuwarder Courant en later ook voor NRC Handelsblad. Hij nam vaak boeken mee naar huis ter recensie. In 1986 werd hij door de eigenaar van de boekhandel aangeklaagd wegens diefstal van boeken ter waarde van honderdduizenden guldens. In 1993 werd hij veroordeeld. Volgens Zeeman was er een afspraak dat hij de boeken mocht houden, maar volgens de eigenaar van De Tille was er geen probleem met het meenemen van boeken ter recensie, maar moesten ze wel worden teruggebracht.

In 1987 werd hij stafmedewerker letteren bij de Rotterdamse kunststichting en hij begon in 1991 te werken bij de Volkskrant, waar hij chef kunst werd. Twee jaar na die aanstelling werd hij wegens ernstige interne conflicten met collega's van de Volkskrant weer uit die functie ontheven en werd hij redacteur van het Boekenkatern. Nadat bekend werd dat hij in privécomputers van een collega van de Volkskrant had ingebroken, gaf de directie hem ontslag en veranderde het dienstverband in een freelancerdienstverband en werd hij freelance correspondent in Rome voor de krant.

Zeeman ontving in 1991 de C. Buddingh'-prijs voor het beste poëziedebuut voor de bundel Beeldenstorm. Vanaf 1995 presenteerde hij voor de VPRO Zeeman met boeken (onderdeel van het cultuurprogramma Laat op de avond na een korte wandeling onder eindredactie van George Brugmans) waarvoor hij in januari 2002 de Gouden Ganzenveer kreeg. In datzelfde jaar 2002 ging hij bij de VPRO weg en vestigde hij zich in Rome.

 

 

Bericht aan de laatkomers

 

U bent te laat: wij zijn vertrokken.

als u goed luistert is misschien

de echo van een laatste voetstap

nog te horen. De rest is stof:

't geluid van vallend puin lijkt

louter van een afstand nog op lachen.

 

Op u viel niet te wachten;

de lichten zijn gedoofd,

zie maar dat u ons vindt.

Wij werden data in uw boeken,

wat u van buiten leert, het

heeft ons uit de slaap gehouden.

 

Wij hebben u benijd: u zult de uitkomst

kennen van het spel dat wij begonnen.

Wij moesten voor de pauze weg: geen mens

speelt ooit een stuk van achteren naar voren.

 

Stoor u eens niet aan tijd,

en schrijf ons terug. Wij

zouden graag wat van u houden.

 

 

 

 

 

Uit: Halverwege, de liefde

 

En altijd moet, bijvoorbeeld, Troje dringend bevrijd,

moet Rome vandaag nog gesticht of tot de orde geroepen,

moet de boodschap beslist nu beantwoord, de oproep

gehoorzaamd, de groente gewassen en de was nog gedaan.

 

En terwijl ik nog maar net aan haar tepel proef

hoont op het nachtkastje een mobiele telefoon,

terwijl mijn hand nog pas zoekt in haar schoot,

sommeren rode cijfers zich en tellen de nacht af.

 

Wat hebben wij om ’s lichts wil op te staan,

die om het donker niet het bed in zijn gegaan?

Een beest, twee koppen, jawel, maar ook:

een borst met op zijn minst twee zielen -

 

dat is twee borsten met een legioen, het bed

een bijeenkomst, de nacht een agenda.

 

 

 

 

 

zeeman2
Michaël Zeeman (Marken, 18 september 1958)

 

 

 

 

De een Britse lexicograaf, dichter, essayist en criticus Samuel Johnson werd geboren in Lichfield op 18 september 1709. Johnson was de zoon van een boekverkoper, in zijn jeugd nogal ziekelijk. Hij deed niets liever dan lezen. Toen hij negentien was, verhuisde hij naar Oxford om daar te studeren. Johnson liep de eerste week nauwelijks college, maar zat boeken te lezen in zijn kamertje boven de poort. Samuel gaf de studie na anderhalf jaar op wegens geldgebrek en reisde terug naar zijn geboortestad, waar zijn vader op sterven lag. Een carrière in Lichfield als boekverkoper zag hij niet zitten; terwijl ook zijn publicaties in de plaatselijke courant niet aansloegen. Zijn leven veranderde toen hij een twintig jaar oudere weduwe, Elisabeth Porter trouwde. Johnson richtte een school op en David Garrick was een van zijn (weinige) leerlingen. In 1737 verhuisden alle drie naar Londen. Johnson schreef een aantal lange gedichten, essays en boeken, de meeste van nogal morele, stichtende strekking. Ze worden dan ook niet of nauwelijks meer gelezen. Johnson heeft zich echter vooral onsterfelijke roem verworven, omdat James Boswell, een jongere, maar na hun eerste ontmoeting in 1763 verder levenslange vriend, in 1791 een biografie over hem publiceerde The Life of Samuel Johnson, waarin zijn vlijmscherpe geest en briljante aforismen bewaard zijn gebleven. Samen maakten ze in 1773 een reis naar de westelijke eilanden van Schotland. Beide mannen publiceerden een verslag. Johnson hield van conversatie en goed eten en drinken, en een belangrijk deel van Boswell's biografie is gevuld met de tafelgesprekken die Johnson hield met andere vooraanstaande intellectuelen en kunstenaars van zijn tijd. In ieder Engels citatenwoordenboek heeft Johnson een aanzienlijk hoofdstuk voor zichzelf.

 

Uit: A Journey to the Western Islands of Scotland

                       

“Inverness was the last place which had a regular communication by high roads with the southern counties. All the ways beyond it have, I believe, been made by the soldiers in this century. At
Inverness therefore Cromwell, when he subdued Scotland,* stationed a garrison, as at the boundary of the Highlands. The soldiers seem to have incorporated afterwards with the inhabitants, and to have peopled the place with an English race; for the language of this town has been long considered as peculiarly elegant.

Here is a castle, called the castle of Macbeth, the walls of which are yet standing. It was no very capacious edifice, but stands upon a rock so high and steep, that I think it was once not accessible, but by the help of ladders, or a bridge. Over against it, on another hill, was a fort built by Cromwell, now totally demolished; for no faction of Scotland loved the name of Cromwell, or had any desire to continue his memory.

Yet what the Romans did to other nations, was in a great degree done by Cromwell to the Scots; he civilized them by conquests, and introduced by useful violence the arts of peace. I was told at Aberdeen that the people learned from Cromwell’s soldiers to make shoes and to plant kail.

How they lived without kail, it is not easy to guess. They cultivate hardly any other plant for common tables, and when they had not kail they probably had nothing. The numbers that go barefoot are still sufficient to show that shoes may be spared. They are not yet considered as necessaries of life; for tall boys, not otherwise meanly dressed, run without them in the streets; and in the islands the sons of gentlemen pass several of their first years with naked feet.”

 

 

 

 

 

Samuel_Johnson_by_Joshua_Reynolds_2
Samuel Johnson (18 september 1709 – 13 december 1784)

Portret door Joshua Reynolds

 

 

 

 

 

 

De Vlaamse dichter, toneelschrijver en essayist Omer Karel De Laey werd geboren in Hooglede op 18 september 1876. Zie ook mijn blog van 18 september 2006.

 

Het boek des levens

 

Op 't agenda waar de cijfers

onzer levensdagen staan,

teekent Sinte Pieter nevens

vele dagen zero aan.

 

Slechts den schijn der waarheid vragen

in de dingen, of te wel

Als men zelf den weg kan vinden

zoeken eenen reisgezel;

 

Derschen, met gespannen spieren

op de terweschoven slaan,

en dan weerom 't kaf oprapen

in de plaatse van het graan;

 

Gaven krijgen en verachten

't gene er ons geschonken wordt,

Dat is alles aan te teeknen

langs den kant van het: te kort.

 

Zoo, de mensch die op den akker

zijner ziele al zweeten zwoegt,

vindt er, als 't gedaan is, enkel

eene brokke van geploegd.

 

 

 

 

DeLaey_oke
Omer Karel De Laey (18 september 1876 - 16 december 1909)

 

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijver Jan Mens werd geboren in Amsterdam op 18 september 1897 als zoon van Jan Mens, diamantslijper en Helena Elisabeth Falke. Hij groeide op in een sober milieu. Op 9-jarige leeftijd verloor hij zijn vader, en zijn moeder was gedwongen als schoonmaakster de kost voor het gezin te winnen. Jan ging naar de ambachtsschool om het meubelmakervak te leren, en kreeg in 1922 een vaste baan. Datzelfde jaar trouwde hij met Abeltje Stenhuis. In 1933 verloor Mens zijn baan, en hij begon te schrijven, eerst wat kinderboeken en verhalen. In 1934, onder het pseudoniem J. Rebel werd een selectie sociale schetsen uitgegeven met de titel Rafels. In 1935 kwam hij in contact met de schrijver en oud-schoolmeester Theo Thijssen, die hem van aanbevelingen voorzag en zijn manuscripten corrigeerde. In 1938 won Mens de Kosmos Eerstelingen Prijs voor jonge schrijvers met zijn manuscript van Mensen zonder geld, en dit was het begin van zijn doorbraak als schrijver. Begin jaren zestig, kort voor zijn dood, was hij de best verkochte schrijver van Nederland.

 

Uit: De Maasbode, 17 oktober 1953, aan de vooravond van de presentatie van zijn roman Elisabeth

 

“Nadien ben ik zelf gaan snuffelen in Betje's verleden - een fascinerende bezigheid, die tot gevolg had dat ik haar heel anders ben gaan zien dan voorheen. [...] Ik had altijd gedacht, dat ze een van die vervelende oude vrijsters was, waar de jeugd van onze middelbare scholen mee geplaagd wordt. Niets is minder waar! Betje Wolff was een ontzaglijk geestige en strijdbare vrouw, die na een amoureus avontuur te Vlissingen, haar geboortestad, op twintigjarige leeftijd met de anderhalf maal zo veel oudere dominee Wolff trouwde. Een roman in optima forma! “

 

 

 

 

Jan_Mens
Jan Mens (18 september 1897 – 31 oktober 1967)

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 18 september 2006.

 

De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam.

 

 

 

 

 

18-09-07

Armando, Ivan Diviš


De Nederlandse kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker Armando werd geboren als Herman Dirk van Dodeweerd in Amsterdam op 18 september 1929. Hij bracht zijn jeugd door in Amersfoort. Later studeerde hij een aantal jaren kunstgeschiedenis. Als beeldend kunstenaar maakte hij deel uit van de in1959 door Jan Henderikse opgerichte Nederlandse Informele Groep, die in 1960 opging in de Nederlandse Nul-beweging. Als dichter en kunstenaar was hij verder betrokken bij De Nieuwe Stijl en Gard Sivik. Naast de beeldende kunst en de literatuur was hij ook actief in de journalistiek, theater, televisie, muziek (als violist in het zigeunerorkest van Tata Mirando) en sport (bv. amateurboksen). Hij speelde gedurende vijfentwintig jaar met Cherry Duyns en Johnny van Doorn in Herenleed, eerst in de televisieserie en daarna in de theaterversie: absurde, traag verlopende taferelen uit een leven met meester-knechtverhoudingen. Armando was betrokken bij verschillende kunstenaarsgroepen zoals de Liga Nieuw Beelden, de Informele Groep en Nul. De leden van de Nul-groep brachten in hun werk een geheel nieuwe, verwondering wekkende visie op bekende dingen In 1957 was hij een van de leden van de Nederlandse Informele Groep (Informelen) samen met de Nederlandse kunstschilders Kees van Bohemen, Jan Henderikse, Henk Peeters, Jan Schoonhoven en andere. Vanaf 1979 woont hij in Berlijn, waar hij tot 1989 in het oude atelier van de nazi-beeldhouwer Arno Breker werkte.

 

 

niemand weet wie ik zal zijn wie ik was

 

niemand weet wie ik zal zijn wie ik was
u overschat mij
ik ben radeloos ik was een ander

geef mij touwen bind mij vast
dood mij niet
ik ben onschuldig ik ben de vijand

 

 

 

Herenleed

 

Fragment

 

Man 1 staat te bewegen, hij kan geen moment stil staan, wat heeft hij toch.

Man 2: Meneer, staat u toch eens even stil, wilt u.
Man 1: Ja, dat is het danseresje in me, dat doet me steeds bewegen, het danseresje.
Man 2: Ach juist.
Man 1: Want wat ik al niet in me heb, ik heb in me: het pelgrimmetje, het bloemenverkoopstertje, het roverhoofdmannetje, en het danseresje natuurlijk, dat zei ik al.
Man 2: Dat is veel te weinig om prat op te gaan, wilt u.
Man 1: Ik ga niet prat!
Man 2: U ging heel erg prat.
Man 1: Ja, soms ga ik wel es een beetje prat ja.
Man 2: Zeg, had u nog een nummertje te berde?
Man 1: O, zeker te berde ja, dat zeker, namelijk...
Man 2: Ja?
Man 1 onduidelijk: Declameren.
Man 2: Wat?
Man 1: Declameren.
Man 2: Duidelijker voor de draad graag.
Man 1: Declameren.
Man 2 kucht: Declameren?
Man 1: Ja, declameren.
Man 2: En hoe gaat het dan toe tijdens het genoemde declameren?
Man 1: Declameren, dat is praten met schone klanken, een beetje als een lakei, of als een schoolopziener, of als een mandenmaker.
Man 2: Ach, op die manier. Ja, doet u maar.

 

 

 

 

Armando
Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

Armando in 1962

 

De Tsjechische dichter Ivan Diviš werd geboren op 18 september 1924 in het gezin van een bankemployé in Praag. Hij doorliep zijn middelbare school bij het reaalgymnasium in Praag. In 1941 werd hij in de septima (laatste klas) gearresteerd door de Gestapo en vastgezet. Naast zijn werk studeerde hij en legde in 1945 zijn eindexamen af. Daarna ging hij filosofie en esthetiek studeren bij de faculteit geesteswetenschappen van de Karelsuniversiteit te Praag (1945-49).In 1949 werkte hij kort als leider van een boekhandel in Liberec. In de jaren 1949-1953 was hij eerst propagandaredacteur van uitgeverij Svoboda, later werd hij corrector van de krant Rudé právo (De Rode Waarheid) te Praag. Van 1953 tot 1960 werkte hij als bankwerker in Liberec en in Praag. In de jaren 1961-1968 was hij redacteur van uitgeverij Mladá fronta (Het Jonge Front). in 1964 werd hij gedoopt en converteerde hij tot het katholicisme. In 1969 werd hij redacteur van het tijdschrift Sešity pro literaturu a diskusi (Schriften voor de Literatuur en Discussie).In datzelfde jaar emigreerd hij naar West-Duitsland, waar hij bij Radio Free Europe ging werken. Hij keerde na de Fluwelen Revolutie van 1989 terug naar Tsjechië, waar hij de rest van zijn leven doorbracht.

 

Les tilleuls face aux vitres

 

Les tilleuls face aux vitres sous une tente de miel
l'un après l'autre comme des vierges

d'un vert de grâce m'imprègnent
me concilient un instant avec le mal

Dans peu de temps, déjà demain soir
armé d'un canif innocent j'irai cueillir des pivoines

pivoines, rouges fées,
toute plante bénéfique qui embaume:


Ô mon eau, ruisseau de grand'maman,
où ma mère venait rafraîchir ses seins,
seins d'espoir sauvage

Qu'est du donc, soulagement du thé,
d'où viens-tu donc, parfum?
Je ferme les yeux un instant,

je lêche du sel, à une biche semblable
lorsqu'elle a froid

 

 

 

Vertaald door Jana Boxberger et Petr Kral.

 

 

 

 

divis
Ivan Diviš (18 september 1924 – 7 april 1999)

20:47 Gepost door Romenu | Permalink | Commentaren (0) | Tags: romenu, armando, ivan divisj |  Facebook |

19-09-06

De Laey, Armando en Johnson


De Vlaamse dichter, toneelschrijver en essayist Audomarus Carolus Desiderius De Laey werd geboren op 18 september 1878 te Hooglede. In 1890 ging Omer Karel De Laey naar het Klein Seminarie in Roeselare en in 1896 naar Leuven, waar hij rechten studeerde. Vanaf 1900 was hij medewerker aan de "Dietsche Warande en Belfort", een literair tijdschrift dat nog steeds bestaat. In datzelfde jaar promoveerde hij tot doctor in de rechten en ging hij werken bij de advocatuur.
In 1902 debuteerde hij met de dichtbundel Ook verzen. Een jaar later verscheen een tweede bundel en moest hij zich vanwege een aangeboren hartkwaal terugtrekken uit de advocatuur.
De Laey bracht nog enkele dichtbundels uit, schreef twee toneelstukken en leverde bijdragen aan een aantal literaire tijdschriften. In 1909 overleed hij, 33 jaar oud.

 

DISTINGUE SEMPER

"Zonder dorst te kunnen drinken,
is de schoonste faculteit,
die de menschen, op de wereld,
van de beesten onderscheidt."

Zoo beweerde Bommel, die de
deugden van het gerstenvat
- dank aan twintig jaar pratieke -
grondig ondervonden had.

Dit beweerde Bommel, ‘s avonds,
toen hij, voor zijn schuimend glas,
neergezeten in de herberg,
nog perfectus homo was.

Maar, als hij, bij de eerste klaarte,
‘s nuchtens, en met veel getuit,
huiswaarts keerde al wagglen, riep hij,
riep hij duizelachtig uit:

"Zonder dorst te kunnen drinken,
is de schoonste faculteit,
die de beesten, op de wereld,
van de menschen onderscheidt."

‘t Was ‘t contrarie, dat hij wilde;
Bommel miste, lijk gij ziet,
miste, zeg ik, waarlijk missen,
en pertank, hij miste niet.

 

HERFST

De zonne zinkt, de dag vervalt;
de boomen worden bloot,
en langs de velden sleept de mist
den sluier van de dood.

‘n Bende kraaien vliegt om:mij,
en breekt met haar gekras
de boezemwonden open, die
de zomerlucht genas.

De wind verschudt het gele loof;
de klaarte ligt versmacht
in ‘t purperblauwe bosch versmelt
en duikelt in den nacht.

Intusschen voelt de ziel, alleen
de pijn van ‘t leven nog,
en buldert haren oorlogskreet:
de wereld is bedrog.

En dan, gelukkig hij, die met
den blaai der menschen spot,
de ellende van z'n eigen kent
en ruste zoekt bij God.

 


Omer Karel De Laey (18 september 1878 – 16 december 1909)

 

Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Hij is een Nederlands kunstschilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker. Armando (zich wapenend) is zijn officiële naam; zijn geboortenaam, het pseudoniem zoals hij het noemt, bestaat voor hem niet meer. Zelf ziet hij zijn werk als Gesamtkunstwerk, waarvoor zijn ervaringen uit de Tweede Wereldoorlog in de omgeving van Kamp Amersfoort de basis vormen. De kunstenaar is geboren in Amsterdam maar brengt zijn jeugd door in Amersfoort. Later studeert hij een aantal jaren kunstgeschiedenis. Als beeldend kunstenaar maakt hij deel uit van de in 1959 door Jan Henderikse opgerichte Nederlandse Informele Groep, die in 1960 opgaat in de Nederlandse Nul-beweging. Als dichter en kunstenaar is hij verder betrokken bij De Nieuwe Stijl en Gard Sivik. Naast de beeldende kunst en de literatuur is hij ook actief in de journalistiek, theater, televisie, muziek en sport. Vanaf 1979 woont hij in Berlijn, waar hij tot 1989 in het oude atelier van de nazi-beeldhouwer Arno Breker werkte.

 

Uit: Magere Hein

“Er was eens een meneer die heel graag dood wilde. Daar hoor je van op, hè, want iedereen wil zo lang leven als maar kan. Nou, deze meneer wilde niets liever dan dood. Dat mag toch! Kijk, dood gaan we allemaal. Op een dag word je geboren, wat betekent dat er op den duur een dag komt dat je doodgaat, dat is nu eenmaal zo. Alleen, het eigenaardige is dat de mensen dolblij zijn als er iemand geboren wordt en ze zijn diepbedroefd als er iemand doodgaat. Vreemd, hè?

Maar goed, deze meneer was achtentachtig, hij had van alles gezien en gehoord, had heel veel pret gehad want hij was een grappenmaker van de bovenste plank, dus hij vond het tijd worden om dood te gaan.

Zijn vrouw was het daar niet mee eens. Hij mocht niet dood van z'n vrouw. Af en toe vroeg hij: 'Ach, mag ik dood?' - 'Nee, zei z'n vrouw dan, nee, dat wil ik niet hebben, ik vind je nog veel te grappig, ik moet nog steeds erg om je lachen. Ik zal je vertellen: als Magere Hein komt, dan smijt ik 'm de deur uit, daar kun je van op aan.'

Ken je Magere Hein, weet je wie dat is? Magere Hein is een geraamte met een pet op en een tas om. In die tas zitten de namen en adressen van degenen die dood moeten. Hij komt je halen. De ooievaar komt je brengen en Magere Hein komt je halen. Je komt 'm wel eens tegen op straat, let maar eens goed op. Af en toe staat-ie even stil om op z'n papieren te kijken, hij moet weten waar hij nou weer heen moet. Hij kijkt een beetje zuur en dat is niet zo verwonderlijk, want hij werkt dag en nacht, hij heeft nooit eens een moment vrij, op elk uur van de dag is er wel iemand die doodgaat. O ja, en hij heeft ook nog een zeis bij zich. Niemand weet waarom-ie die zeis bij zich heeft, eerlijk gezegd denk ik dat het aanstellerij is….”

 

Armando (Amsterdam, 18 september 1929)

 

De Britse schrijver en lexicograaf Samuel Johnson werd geboren op 18 september 1709 in Lichfield. Johnson was de samensteller van het eerste echte Britse woordenboek. Daarnaast schreef hij een aantal lange gedichten, essays en boeken, de meeste van nogal morele, stichtende strekking. Ze worden dan ook niet of nauwelijks meer gelezen. Een nog relatief bekend gedicht van hem is het moraliserende The Vanity of Human Wishes.

Toch heeft Johnson zich onsterfelijke roem verworven, omdat James Boswell, een jongere maar na hun eerste ontmoeting in 1763 verder levenslange Schotse vriend, een biografie over hem heeft geschreven ('The Life of Samuel Johnson') waarin zijn vlijmscherpe geest en briljante aforismen bewaard zijn gebleven. Johnson was in zijn tijd een van de belangrijkste figuren van het Londense intellectuele milieu. Deze biografie is ook tegenwoordig nog zeer leesbaar. In ieder Engels citatenwoordenboek heeft Johnson dan ook een aanzienlijk hoofdstuk voor zichzelf.

Een bekend maar weinig vrouwvriendelijk citaat:

"A woman's preaching is like a dog walking on his hind legs. It is not done well, but you are surprised to find it done at all." (Een prekende vrouw is als een hond die op zijn achterpoten loopt. Het gaat niet goed, maar je bent verrast dat het überhaupt gaat)

Johnson definieerde zijn eigen vak, lexicograaf, in zijn eigen woordenboek als 'a harmless drudge', een ongevaarlijke ploeteraar.

 

 

One And Twenty

 

LONG-EXPECTED one and twenty
Ling'ring year at last has flown,
Pomp and pleasure, pride and plenty
Great Sir John, are all your own.

Loosen'd from the minor's tether,
Free to mortgage or to sell,
Wild as wind, and light as feather
Bid the slaves of thrift farewell.

Call the Bettys, Kates, and Jenneys
Ev'ry name that laughs at care,
Lavish of your Grandsire's guineas,
Show the spirit of an heir.

All that prey on vice and folly
Joy to see their quarry fly,
Here the gamester light and jolly
There the lender grave and sly.

Wealth, Sir John, was made to wander,
Let it wander as it will;
See the jocky, see the pander,
Bid them come, and take their fill.

When the bonny blade carouses,
Pockets full, and spirits high,
What are acres? What are houses?
Only dirt, or wet or dry.

If the Guardian or the Mother
Tell the woes of willful waste,
Scorn their counsel and their pother,
You can hang or drown at last.

 

 

 

 

Samuel Johnson (18 september 1709 – 13 december 1784)

 

15:55 Gepost door Romenu | Permalink | Commentaren (0) | Tags: de laey, armando, johnson |  Facebook |