08-09-17

Siegfried Sassoon, Anthonie Donker, Clemens Brentano, Wilhelm Raabe, Eduard Mörike, Franz Hellens, Frederic Mistral, Grace Metalious

 

De Engelse dichter Siegfried Sassoon werd geboren op 8 september 1886 in Brenchley, Kent. Zie ook mijn blog van 8 september 2010 en eveneens alle tags voor Siegfried Sassoon op dit blog.

 

Prelude: The Troops

Dim, gradual thinning of the shapeless gloom
Shudders to drizzling daybreak that reveals
Disconsolate men who stamp their sodden boots
And turn dulled, sunken faces to the sky
Haggard and hopeless. They, who have beaten down
The stale despair of night, must now renew
Their desolation in the truce of dawn,
Murdering the livid hours that grope for peace.

Yet these, who cling to life with stubborn hands,
Can grin through storms of death and find a gap
In the clawed, cruel tangles of his defence.
They march from safety, and the bird-sung joy
Of grass-green thickets, to the land where all
Is ruin, and nothing blossoms but the sky
That hastens over them where they endure
Sad, smoking, flat horizons, reeking woods,
And foundered trench-lines volleying doom for doom.

O my brave brown companions, when your souls
Flock silently away, and the eyeless dead
Shame the wild beast of battle on the ridge,
Death will stand grieving in that field of war
Since your unvanquished hardihood is spent.
And through some mooned Valhalla there will pass
Battalions and battalions, scarred from hell;
The unreturning army that was youth;
The legions who have suffered and are dust.

 

 

Song-Books Of The War

In fifty years, when peace outshines
Remembrance of the battle lines,
Adventurous lads will sigh and cast
Proud looks upon the plundered past.
On summer morn or winter's night,
Their hearts will kindle for the fight,
Reading a snatch of soldier-song,
Savage and jaunty, fierce and strong;
And through the angry marching rhymes
Of blind regret and haggard mirth,
They'll envy us the dazzling times
When sacrifice absolved our earth.

Some ancient man with silver locks
Will lift his weary face to say:
'War was a fiend who stopped our clocks
Although we met him grim and gay.'
And then he'll speak of Haig's last drive,
Marvelling that any came alive
Out of the shambles that men built
And smashed, to cleanse the world of guilt.
But the boys, with grin and sidelong glance,
Will think, 'Poor grandad's day is done.'
And dream of lads who fought in France
And lived in time to share the fun.

 

 
Siegfried Sassoon (8 september 1886 – 1 september 1967)

Lees meer...

08-09-16

Dolce far niente, C. S. Adama van Scheltema, Siegfried Sassoon, Anthonie Donker, Clemens Brentano, Wilhelm Raabe, Eduard Mörike, Franz Hellens

 

Dolce far niente

 

 
Zomers landschap met molen door Johan Krouthén, 1916

 

 

Zomer

De grote zomerdag staat open
En bouwt zijn weelde over de aarde,
Het malse moes lacht in de gaarde
Bij ‘t sappig groen, met dauw bedropen;
Het ruiselt in de weke hagen,
Het gonzelt in de bloesemstruiken,
het tintelt in de groene pruiken
Der berken bij de zoete vlagen;
De kool brandt op de peerse kluiten,
De blonde brem bloeit welig tegen
De mulle hel-beschenen wegen
Met volle gele honigtuiten, –
Hef over de aarde uw aangezicht,
Over uw ogen valt het licht,
Over uw lippen stort een lied –
Levend mooi mens geniet!

 

 
C. S. Adama van Scheltema (26 februari 1877 - 6 mei 1924)
Amsterdam. C. S. Adama van Scheltema werd geboren in Amsterdam

Lees meer...

08-09-15

Siegfried Sassoon, Anthonie Donker, Clemens Brentano, Wilhelm Raabe, Eduard Mörike, Perikles Monioudis

 

De Engelse dichter Siegfried Sassoon werd geboren op 8 september 1886 in Brenchley, Kent. Zie ook mijn blog van 8 september 2010 en eveneens alle tags voor Siegfried Sassoon op dit blog.

 

Aftermath

Have you forgotten yet?...
For the world's events have rumbled on since those gagged days,
Like traffic checked while at the crossing of city-ways:
And the haunted gap in your mind has filled with thoughts that flow
Like clouds in the lit heaven of life; and you're a man reprieved to go,
Taking your peaceful share of Time, with joy to spare.
But the past is just the same--and War's a bloody game...
Have you forgotten yet?...
Look down, and swear by the slain of the War that you'll never forget.

Do you remember the dark months you held the sector at Mametz--
The nights you watched and wired and dug and piled sandbags on parapets?
Do you remember the rats; and the stench
Of corpses rotting in front of the front-line trench--
And dawn coming, dirty-white, and chill with a hopeless rain?
Do you ever stop and ask, 'Is it all going to happen again?'

Do you remember that hour of din before the attack--
And the anger, the blind compassion that seized and shook you then
As you peered at the doomed and haggard faces of your men?
Do you remember the stretcher-cases lurching back
With dying eyes and lolling heads--those ashen-grey
Masks of the lads who once were keen and kind and gay?

Have you forgotten yet?...
Look up, and swear by the green of the spring that you'll never forget.

 

 

Suicide In The Trenches

I knew a simple soldier boy
Who grinned at life in empty joy,
Slept soundly through the lonesome dark,
And whistled early with the lark.

In winter trenches, cowed and glum,
With crumps and lice and lack of rum,
He put a bullet through his brain.
No one spoke of him again.

You smug-faced crowds with kindling eye
Who cheer when soldier lads march by,
Sneak home and pray you'll never know
The hell where youth and laughter go.

 


Thrushes

Tossed on the glittering air they soar and skim,
Whose voices make the emptiness of light
A windy palace. Quavering from the brim
Of dawn, and bold with song at edge of night,
They clutch their leafy pinnacles and sing
Scornful of man, and from his toils aloof
Whose heart's a haunted woodland whispering;
Whose thoughts return on tempest-baffled wing;
Who hears the cry of God in everything,
And storms the gate of nothingness for proof.

 

 
Siegfried Sassoon (8 september 1886 – 1 september 1967)
James Wilby (l) als Sassoon en Stuart Bunce als Wilfried Owen in de film "Regeneration" uit 1997

Bewaren

Lees meer...

08-09-14

Anthonie Donker

 

De Nederlandse dichter, letterkundige, schrijver, essayist en literair vertaler Anthonie Donker (Nicolaas Anthonie Donkersloot ) werd geboren in Rotterdam op 8 september 1902. Donker debuteerde als dichter in De Vrije Bladen in de jaren twintig. In 1929 won hij voor zijn dichtbundel “Kruistochten” de Domprijs voor poëzie van de jury die bestond uit J.C. Bloem, Hendrik Marsman en Marnix Gijsen. In datzelfde jaar won hij de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde voor zijn dichtbundel “Grenzen”. Hij studeerde Nederlands aan zowel de Universiteit van Amsterdam als aan de Rijksuniversiteit Leiden en werd tijdens zijn studie ziek waardoor hij meermalen voor tbc moest kuren in Zwitserland. Hier schreef hij later de roman “Schaduw der Bergen” over uit 1935. Na zijn studie zou hij ook zes jaar werken als leraar Nederlands in Zwitserland. In 1929 promoveerde Donkersloot en in 1936 werd hij benoemd tot hoogleraar Nederlandse taal- en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Tijdens de oorlogsjaren was hij betrokken bij verzetsactiviteiten en werd door de Duitse bezetter ontslagen als hoogleraar en gearresteerd. Hij werd opgesloten in de gevangenis van Scheveningen (Oranjehotel) en zou na de oorlog een tekst schrijven voor een plaquette ter nagedachtenis aan de geëxecuteerden op de Waalsdorpervlakte. Eind 1945 kwam hij namens de Sociaal Democratische Arbeiders Partij (SDAP) in de eerste naoorlogse zitting van de Eerste Kamer terecht. Na zijn overstap begin 1946 naar de nieuw opgerichte Partij van de Arbeid zat hij voor deze partij in de Kamer. In 1949 verliet hij de Kamer omdat hij zich niet kon vinden in de Tweede Politionele Actie in het toenmalige Nederlands-Indië (het latere Indonesië); ook zegde hij zijn partijlidmaatschap op.In 1957 werd Donkersloot lid van de Pacifistisch Socialistische Partij. Voor de oorlog was Donkersloot oprichter van het literaire tijdschrift “Critisch Bulletin” waar hij tot het verschijningsverbod tijdens de Duitse bezetting in 1941 voor zou schrijven en redigeren. Ook was hij van 1937 tot 1940 redacteur van De Stem. In 1946 kon “Critisch Bulletin” weer verschijnen en was hij nog twee jaar redacteur ervan alsmede van De Nieuwe Stem. Hij nam tevens deel aan vele andere georganiseerde literaire organisaties. Als vertaler werd Donkersloot bekend door zijn vertaalde werk van onder meer Coleridge, Goethe en Feuchtwanger. Ook vertaalde hij een sprookjesbewerking van Robert Browning van het verhaal De rattenvanger van Hamelen, die werd uitgegeven in 1930 met kleurplaten van Rie Cramer.

 

Achterbalcon

Het menselijk gelaat - hoe droef mistekend,
Des morgens in de tram grauw van de nacht,
Des avonds in de tram grauw afgejacht
Van al waar men zich deerlijk in verrekent.

Retour kantoor, kliniek en magazijn
Tobt elk van wat er kan tegenvallen.
Zie in de mondhoek, onder de oogwallen
Onverwisselbaar de paraaf der pijn.

Hoe als nu plotseling de bazuinen schallen,
Het hemellicht hoog neerstraalt over allen?
Verhoord gebed, gevonden wat gij zocht!

Doch God is zuinig op zijn wonderwerken,
En vreest dat zij het zelfs niet zouden merken,
Tegen elkander schuddend in de bocht.

 

 

Het duinpad

Achter   onherstelbre puinhoopen
van een dichtgestort bestaan
moet een weg naar het duin nog  open
liggen niet ver hiervandaan.

Maar alzijds met getrokken wapen
staan mij vijanden in den weg.
Laat  mij  gaan,  ik weet  heg noch steg,
in het duiniand wil ik gaan slapen.

Ik boek met mijn vage lantaren
hetduinpad, laat mij met vrêe,
een stil pad waar het hart bedaren,,
en de ruimte, de verte, de zee .-

 

 

Kinderspel
 
Een ijle schemering omringt mijn stoel,
Een stilte waarin klokgetik verzandt.
Alles wordt loodgrijs, en onzeker voel
Ik aan het voorhoofd nog mijn verre hand.
 
- Spelende in het warme, diepe bed
Heb ik de dekens over mij gespannen:
Een sultan is in de woestijn verbannen.
Een vos sluipt naar zijn hol met sluwen tred -
 
Is dit voorbij? Ben ik teruggekeerd?
Wat is aan mij geschied, sinds ik verdreven
Werd uit dat zorgeloos en zonnig land?
 
De droomen houden zelden overhand.
En hiervan is alleen overgebleven
Een schuw herinn'ren bijna ongedeerd.

 

 

 
Anthonie Donker (8 september 1902 – 26 december 1965)

19:15 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: anthonie donker, romenu |  Facebook |