19-07-16

Dolce far niente, Prosper van Langendonck, Anna Enquist, Gottfried Keller

 

Dolce far niente

 

 
Mortlake Terrace door J. M. W. Turner, 1827

 

 

Zomeravond

O zomeravond, smachtend neergevlijd
op 't gele veld, in 't Westen goudgetint...
Teerkreunend ruisen van de avondwind,
die langs de vlakte in zware weemoed glijdt...
O melodie uit lang verleden tijd,
waarvan ik zin noch woorden wedervind...

O rust, o stilte, blauwige avonddoom!
Doorzichtig ligt ge op verre velden neer...
Zo schouwt mijn geest de beelden van weleer
door 't wazig scheemren van een weke droom.
't Verleden rimpelt, onbepaald en loom,
- verzonken stad in 't stilgevallen meer.

Verheerlijkt glinstren! onbereikbre trans!
O vloeiend zilverlicht zo hoog verbreid...
De zwoele nacht doortrilt uw majesteit,
de aarde is een matte weerschijn van uw glans;
zacht om mijn slapen vloeit uw stralenkrans;
mijn zwellend harte vult de onmeetlijkheid.

 

 

 
Prosper van Langendonck (15 maart 1862 – 7 november 1920)
Brussel op een zomeravond. Prosper van Langendonck werd geboren in Brussel

Lees meer...

03-08-15

Dolce far niente, Anna Enquist, Rupert Brooke, Radek Knapp, P. D. James, Marica Bodrozic, Leon Uris

 

Dolce far niente

 

 
Gezicht op het Centraal Station en het IJ door Jan Korthals, 1966

 

 

MONUMENT

'Deze metro gaat richting Centraal Station'
Het galmt. Mijn kleinzoon straalt. 'Oma,
ze zeggen het!' Het brandpunt van zijn wereld
ligt aan 't IJ. Roltrap. We stijgen op.

Hoofd in zijn korte nek, hand in mijn hand.
De treinen, trams, de bussen. Kleurige stenen,
torens met hun klokken, beelden en gouden slingers
aan de wand. Zo wordt de glorie van de stad

zijn hersens in geprent. Ik zie een pronkend
bouwsel dat de vluchtweg naar het water bruut
blokkeert. Sloopkogel, bomkanon? Kijk naar
zijn glad gezicht, aanvaard dit monument.

 

 
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)
Het IJ bij het centraal station Amsterdam door Cornelis de Bruin (1870 – 1940)
Anna Enquist is momenteel stadsdichter van Amsterdam

Bewaren

Lees meer...

19-07-15

70 Jaar Anna Enquist, Lucas Malan, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Jean-Pierre Faye, Hermann Bahr, Robert Pinget

 

De Nederlandse dichteres en schrijfster Anna Enquist werd geboren op 19 juli 1945 in Amsterdam als Christa Boer. Zie ook mijn blog van 19 juli 2010 en eveneens alle tags voor Anna Enquist op dit blog. Anna Enquist viert vandaag haar 70e verjaardag.

 

Parijse daken

Ik kreeg een hotelkamer met openslaande
deuren. Zesde verdieping. Jij, al anderhalf
jaar dood, zat tegenover mij. Ochtend.

Een zeer lange neger bracht ons ontbijt,
hij glimlachte. Tussen ons in schikte ik
kopjes en messen. Ik schoof een croissant

op je bordje, hier, dat vind je lekker, kletste ik.
Gaan we naar warenhuizen, paleizen
of gewoon zitten bij de vijver? Ik dacht

aan de zon op je schouders, nu, gave huid.
goud, en je haar, ongekamd nog, welke
kleur in dit licht - ik keek op. De lucht

was van lood boven de daken, golfde
grijs de kamer in en vrat broodmand
confitures boter benen je stem en je handen.

Weer niet gelukt. Ik sloot de deuren. Naar
beneden, snel, een dag was begonnen.

 

 

Krimp

Hoe de dagen mij ontkomen, steeds
waait er een nieuwe tegen het raam.

Een somber kind in de keuken eet
niet meer uit mijn pannen. Zeldzaam

is het oude leven dat voelt als immer.

Intussen verwaaien mijn uren, ze zijn
de echte, wat tegen mijn raam slaat

is het echte leven, het huidige,
dat van mij, dat van mij eet.

 

 

www.gewicht.com

Hoeveel aandeelhouders dansen
op de punt van een naald? Gewichtloos
web voor wie gelooft. Het schittert
op een scherm. Uit de mobiel kwijlt
een ijle Beethoven. Wat je zegt raast
jaren rond de aarde, een pulserende
stroom noodkreetjes. 'Lekker chatten
met mevrouw Van der Geest in Australië!'

Geen leugen zonder waarheid, zonder
tijd geen verte. Gewicht voelde ik
van strijkstok op snaren; zwaar lag de pen
in mijn hand. Ik had een postbode
om te haten. Over bergen ging ik
op eigen benen. Geen netwerk, echt ijs
onder de voet. Mevrouw van der Geest sterft
aan de achterkant van de wereld, alleen.

 

 
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

Lees meer...

03-08-14

Dolce far niente, Anna Enquist, Rupert Brooke

 

Dolce far niente

 

 
Zuiderkerk in Amsterdam door Claude Monet, ca. 1874

 

 

De stad herboren

Liggend ontwerpt hij het stadsdak, prent
het patroon van bladloze takken tegen fel

blauw in zijn brein, dat bloemkooltje, leeg




nog en klein. Waakzaam ontvangt hij licht
en lawaai, zonder oordeel. Honden, motoren,
een boor. Ik duw zijn wagen en merk hoe hij

schift, niet meer schrikt, scheidt wat hem boeit
en wat niet. Hij verovert de woorden, hij groeit

en zit voor op mijn fiets. Hij vult zijn stad in




met herrie en troep, wil stil bij de vuilnis,
de veegwagen, roept de lantaarns aan,

verstomt bij de rijzende brug, wacht verheugd.




In anderhalf jaar ben ik om, heb ik hekel
en haat laten gaan, is er dankzij zijn geestdrift

een heldere lusthof ontstaan. In het park




gaan wij liggen op doodmoe gras, in de verte
murmelt de stad. We kijken tevreden omhoog,

hij en ik, door de takken van de plataan.

 

 
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)
Anna Enquist is sinds februari stadsdichter van Amsterdam

Lees meer...

30-07-14

Dolce far niente - Naarden Vesting

 

Dolce far niente – Naarden Vesting

 

 
Naarden Vesting

 

 

 
Duivensteeg

 

 

Iemand moet het doen

Iemand moet het doen, iemand
moet de schimmen van zieners
en zangers de weg wijzen, iemand

bevroren paden betreden onder
schaduwregen van een vlucht spreeuwen,
moet in de melkwitte winter allen

gedenken die hier ooit liepen
en dronken en sliepen – zodat zij
blijven. Iemand moet het doen.

 

 

 
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

Lees meer...

19-07-14

Slenteren met een ongelukkige auteur (Simon Carmiggelt)

 

Dolce far niente

 

 

 
Spui met Maagdenhuis, Amsterdam

 

Uit: Slenteren met een ongelukkige auteur

“Schrijvers zijn ziekelijk nieuwsgierig naar alles wat ze niet aangaat. Ik stond op en liep in de richting van de Kalverstraat. Voor het Maagdenhuis groepten wat mensen tezamen bij het opzienbarende moderne kunstwerk dat daar sinds kort dapper beproeft uit te komen boven de geparkeerde auto's, een karweitje dat alleen aan de Eiffeltoren aardig is gelukt.
Een vlezige man, met een opmerkelijk dom gezicht en een baard die nodig eens bemest moest worden, vroeg op polemische toon aan een grijzende dame:
‘Wat stelt dat nou vóór?’
‘Ik weet het niet,’ antwoordde ze, ‘het wordt niet uitgelegd.’
(Connolly: ‘Hoeveel boeken schreef Renoir over hoe men schilderen moet?’)
‘En allemaal van onze belastingcenten,’ riep de man. ‘Kijk!’
Hij wees naar een met zwarte viltstift op het kunstwerk geschreven mededeling, die luidde: ‘Dit kost 50.000 gulden’.
Ik dacht aan een bespiegeling van Connolly over de houding van de staat jegens de kunst die, zo meende hij, Engeland maakte tot een natie van commentators, critici en kleurloze uitleggers. ‘Alles voor de melkbar en niks voor de koe.’ En hij verzuchtte: ‘Wanneer zal de staat eens zeggen: hier is duizend pond, jongeman, ga waarheen je wilt en kom terug met iets moois.’ Maar als de overheid het doet, zoals voor het Maagdenhuis, staan allerlei mannen te roepen dat zij niet mooi vinden wat die jongeman mooi vond.
‘Dit kost 50.000 gulden,’ las de dikke met stemverheffing voor.
Hij las niet wat er onder stond, met dunnere lettertjes, namelijk: ‘Nou - en?’. Dat klonk meer ter zake. De meest functionele bekladding van een kunstwerk stond te lezen op het grafmonument van Oscar Wilde: ‘Oscar, we love you, John and Will’.
De twee vrouwen met de boodschappentassen kwamen nu langs.
Ze keken naar het kunstwerk en de ene vrouw zei, veel diepzinniger dan ze vermoedde:
‘O, dat is maar tijdelijk.’

 

 
Simon Carmiggelt (7 oktober 1913 – 30 november 1987)

Lees meer...

05-05-14

Het kind uit vijfenveertig (Anna Enquist)

 

Bij Bevrijdingsdag

 

 
Het Nationale Bevrijdingsmonument in Wageningen

 

 

Het kind uit vijfenveertig

Mijn vader had twee levens. Eén
kort en vlammend, zonder mij. En één
daarna. Mijn vrijheid was een plicht.

Ik speelde in een pasgeboren luwte;
wat ik voor vol aanzag was innerlijk
ontwricht. Verhalen gingen onvoorspelbaar

dicht en vragen ketsten terug. Ik zweeg.
Als ik aan tafel zat stond er een horde
hol van honger in mijn rug. Ik at.

Hij nam een boot. Geen vijand kan
op open water schuilen. Mijn vader
klemde in zijn vuisten schoot en roer.

Gevangen in een cel van hout dwong
hij de vrede af. Hij vocht met storm.
Opluchting dreigde als een tweede dood.

Mijn vader had twee levens: één
sloeg zijn brandmerk in het ander
en het ander joeg een schaduw over mij.

Ik ging aan land, ik voel de wind
en in die schaduw ben ik vrij.

 

 

 
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)
De dokwerker aan het Jonas Daniel Meijerplein in Amsterdam

 

 

Zie voor de schrijvers van de 5e mei ook mijn vorige blog van vandaag en ook mijn blog van 5 mei 2013 deel 2.

18:50 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bevrijdingsdag, anna enquist, romenu |  Facebook |

19-07-13

Mart Smeets, Anna Enquist, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Jean-Pierre Faye, Hermann Bahr

 

Bij de Tour de France

 

 

 

 

Team Radio Shack in actie in 2010, in het midden L. A.

 

 

 

Uit: Onmacht, dat is het… (column)

“Als er iets vervelend is aan de laatste etappe van de Tour…
Nu kreeg het deze lading mee en kreeg het alle aandacht van de wereld.
Met een staartje natuurlijk.
De boete van de grove (??) overtreding van Team Radio Shack zal door de UCI op de rekening van het Zwitserse kankerfonds worden overgemaakt.
Go figure, wat een ontstellende hypocrieten.
Regels dienen soms overtreden te worden om diep bij ons mensen hun weerslag te krijgen. Dit was zo’n moment dat het niemand pijn deed, dat het waardig en ook nog leuk en zonder poeha werd uitgevoerd en wat doet de scheidsrechter?
Hij pakt een donkergele kaart.
Hij weet niet beter. Hij hanteert de regels.
De regels van de ongevoeligen, van de nitwits, van de schoonmakers, van de lege hoofden. Gevoelloze wezens, op sterk water staande medeburgers, dat zijn het.
Dit was nou zo’n moment, dat door de vingers zien een ‘must” was. Voor 102 kilometer lang.
Regelgevers en beschermers daarvan zijn toch soms zo meelijwekkende mensen. Ik kan er niets aan doen, maar ben het van harte met Johan Bruyneel eens.
Die sprak in een tweet over hersenloze wezens.
Dat is niet aardig gesteld, maar dekt de lading volledig.
Maar, dacht ik, L.A. was nu bijna Voltooid Verleden Tijd en dan kon hij, in zijn finale kilometers toch nog even goed gepakt worden.
Dan werd er tenslotte toch duidelijk wie het echt voor het zeggen had.
Een actie, misschien wel schalks en uiteraard onaangekondigd, voor een zeer nobel doel, werd dan toch nog inzet van het moordende machtspel dat zich altijd al in de contouren van de Ronde van Frankrijk afspeelt.
Dat laatste is, als je er goed over nadenkt, zo intens triest.”

 

 

 

 

Mart Smeets (Arnhem, 11 januari 1947)

Lees meer...

14-06-12

Dolce far niente 11, Anna Enquist, Remco Campert, Ted van Lieshout, Jan Kal, Henk Spaan

 

Dolce far niente (Voetbal)

 

 

 

 

In het gras

 

Een schema van het leven ligt

op het voetbalveld, een tekening

van de wereld, op zondagmiddag.


Hoe wij in wisselende bezetting

elkaar steunen, stuktrappen, vereren,

verlaten en kwijtraken, rennend.

 

Tussen de krijtlijnen een blauwdruk

van verlangen. Nooit krijgen wat wij

najagen, en als de buit binnenkomt

 

onthand zijn, leeggevreten door vreugde

van een dag, door elkaar bedolven.

En altijd die man, met die fluit.

 

 

 

Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

Lees meer...

19-07-11

Anna Enquist, Gottfried Keller

 

De Nederlandse dichteres en schrijfster Anna Enquist werd geboren op 19 juli 1945 in Amsterdam als Christa Boer. Zie ook mijn blog van 19 juli 2010 en eveneens alle tags voor Anna Enquist op dit blog.

 

 

Stuwmeer

 

Toen de dam klaar was

begon het water te stijgen.

Kilte ving aan in de berg-

wand. De bomen begrepen

niet hoe zij stikten in wat

hen lief was. Vissen kwamen

te zwemmen in de wijngaard.

 

Schreeuwend breken mijn kinderen

het gladde watervlak. Ik wil

hen roepen: acht niet de pijn

van tekort, maar vrees de on-

keerbare kracht van teveel, hoor

mij, hoe ik roep, hoe ik keihard zwijg.

 

Zij maken fonteinen en regenbogen.

Zij lachen en luisteren niet, daar

aan de bovenkant van de diepte,

aan de overkant van de tijd.

 

 

 

Als water ben ik uitgestort

 

Dom water. Beukt en striemt de

pijlers van de brug die zwijgend

schrap staat tegen overgave. Eeuw

na eeuw is wat hij weet het binden

van twee oevers. Waakzaam, moe.

 

Weer ga ik door de oude stad, altijd

naar de rivier. Midscheeps posteer ik mij

in machteloze aandacht, blote hand

op steen. Ik brul met doorgesneden keel,

zonder geluid, van woede en verlies:

 

Al wat wij weten, hoe wij zijn, verdwijnt

als wind over het land. Herinnering

die even spartelt in het water en

verloren gaat. Grijsbruine golven die

hun naam niet zijn. De kamparts Tijd.

 

Rivier, stroom achterwaarts. Steen,

wordt weer vuur. Lucht om mij heen,

wordt lichaam dat mij draagt en

troost. Geheugen, val uiteen.

 

 

 

Ineens

 

Ineens was ik het vermogen

om warmte vast te houden

verloren. Nu de kinderen

het huis uit zijn, snoof ik,

ja ja. Ik kroop onder steeds

meer dekens. De kachel

loeide. De warmste van ons

tweeen kon mij niet meer

verhitten. Ik rilde en

huiverde alsof ik oog

in oog stond met de dood.

 

Wat ook zo was. De dood

en ik stonden op een dijk.

Tussen ons was niets dan

een aanzienlijke afstand.

 

 

 

Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

Lees meer...

20:36 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: anna enquist, gottfried keller, romenu |  Facebook |

19-07-10

Anna Enquist, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Jean-Pierre Faye, Hermann Bahr, Robert Pinget, A. J. Cronin, Heinrich Christian Boie, Dominic Moraes, Georg Diefenbach, Ferdinand Brunetière, Jean-Marie Déguignet

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 19e juli mijn blog bij seniorennet.be

 

 

Anna Enquist, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Jean-Pierre Faye, Hermann Bahr

 

 

Zie voor de volgende schrijvers van de 19e juli ook bij seniorennet.be mijn vorige blog van vandaag: 

 

Robert Pinget, A. J. Cronin, Heinrich Christian Boie, Dominic Moraes, Georg Diefenbach, Ferdinand Brunetière, Jean-Marie Déguignet

22-06-10

Frans Pointl, Willem Jan Otten, Anna Enquist


Romenu was er noodgedwongen even niet. Vanaf morgen zijn er weer de vertrouwde berichten.

 

 

 

Ziek

 

de forse broeder met de harde handjes
de trippelbroeder met de wollen wantjes
de hoofdzuster, imperatief,
vult massief de kamer
dreigend met haar zwarte hamer

gejaagd telt het infuus
66 druppels per minuut
een half uur lang onrust
een nieuw infuus:
7 druppels per minuut
traag geruststellend getik
kam en zakdoekjes vallen
oprapen? vergeet het maar

de stervende in de aangrenzende kamer
balt zijn laatste krachten te zamen
in een ontzagwekkend hallo! hallo! hallo!
hij heeft Gods geheime nummer gedraaid
wacht
op meer dan nacht

 

 

 

Frans Pointl

 

 

 

pointl
Frans Pointl (
Amsterdam, 1 augustus 1933)

 

 

 

 

Op zaal

Nadert er rinkelend glas,
en platte hakken, op de gang,
dan is dat iemand half dood
die terugkeert in zijn rijdend ledikant
van ergens waar men opensnijdt.

Zij die hem duwde glimlacht,
schuift hem bij ons vijven aan
en trekt gordijnen om hem dicht.

Straks komt hij bij. Begint de pijn
die ons al leerde mee te geven
als een halm. Het zal hem zijn
of hij de eerste is die zo diep buigt.

Klinkt morgen nieuw gerinkel,
en platte hakken op de gang,
dan is hij een van ons. Want ieder
was de enige die zo diep boog.



Willem Jan Otten

 

 

 

 

willemjan_otten
Willem Jan Otten
(Amsterdam, 4 oktober 1951)

 

 

 

 

Polikliniek

 

De scalpel. Dieper. Het pincet
rukt met een schijn van drift de rode
tijdbom weg. Doe nu mijn zoon weer
dicht, chirurg, vijandig bondgenoot.
Sluit op zijn rug die rare mond die
fluistert over ongepaste groei en dood.

Na afloop benen wij, veldheren, door de
gangen langs brancards, langs richtingwijzers
naar de hel van 'kinderonc.'en 'mort.'.
'Dood aan de ziekte', roepen wij, en:
'wat is pijn'. Scheurend ontploft
het ziekenhuis als we weer buiten zijn.

 

 

 

 

Anna Enquist

 

 

 

 

enquist
Anna Enquist
(Amsterdam, 19 juli 1945)

 

19-07-09

Anna Enquist, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Jean-Pierre Faye, Hermann Bahr, Robert Pinget, A. J. Cronin, Heinrich Christian Boie, Dominic Moraes, Jean-Marie Déguignet, Georg Diefenbach, Ferdinand Vincent-de-Paul Marie Brunetière


De Nederlandse dichteres en schrijfster Anna Enquist werd geboren op 19 juli 1945 in Amsterdam als Christa Boer. Zie ook mijn blog van 19 juli 2006 en ook mijn blog van 19 juli 2007 en ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

Uit: Contrapunt

 

“De vrouw met het potlood hing over de tafel en las in een zakpartituur van de Goldbergvariaties. Het potlood was gemaakt van voornaam zwart hout. Er zat een zware zilveren dop op, waarin een puntenslijper verborgen was. Het potlood zweefde boven een leeg schrift. Naast de partituur lagen sigaretten en een aansteker. Een kleine metalen asbak, compact en glimmend geschenk van een vriend, stond op de tafel.

De vrouw heette simpelweg ‘vrouw’, misschien ‘moeder’. Er waren naamgevingsproblemen. Er waren veel problemen. In het bewustzijn van de vrouw lagen geheugenproblemen aan de oppervlakte. De aria die zij bekeek, het thema waarop Bach zijn Goldbergvariaties componeerde, deed de vrouw denken aan de periodes waarin zij deze muziek studeerde. Toen de kinderen klein waren. Daarvóór. Daarna. Op die herinneringen was zij niet uit. Op elk dijbeen een kind, en dan met de armen om de kinderlijven heen dat thema eruit zien te krijgen; de kleine zaal van het Concertgebouw in lopen, de pianist zien opkomen, ademloos wachten op het kale octaaf van de inzet – de elleboog van de dochter voelen: ‘Mama, dat is óns lied!’ Dat hoefde nu niet. Zij wilde louter aan de dochter denken. De dochter als baby, als meisje, als jonge vrouw.

De herinneringen verschrompelden tot grauwe gemeenplaatsen die niemand belangstelling zouden kunnen inboezemen. Zij zou over de dochter niets kunnen vertellen, zij kende de dochter niet. Schrijf dáár dan over, dacht ze woedend. Ook de omtrekkende beweging is beweging; ook het negatief toont een beeld. Of ook de stilte muziek is, wist ze zo net nog niet.”

 

 

 

 

 

Anna_Enquist
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

 

 

 

 

 

 

De Zwitserse schrijver Gottfried Keller werd geboren in Zürich op 19 juli 1819. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007 en ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

Uit: Die Leute von Seldwyla

 

Seldwyla bedeutet nach der älteren Sprache einen wonnigen und sonnigen Ort, und so ist auch in der Tat die kleine Stadt dieses Namens gelegen irgendwo in der Schweiz. Sie steckt noch in den gleichen alten Ringmauern und Türmen wie vor dreihundert Jahren und ist also immer das gleiche Nest; die ursprüngliche tiefe Absicht dieser Anlage wird durch den Umstand erhärtet, daß die Gründer der Stadt dieselbe eine gute halbe Stunde von einem schiffbaren Flusse angepflanzt, zum deutlichen Zeichen, daß nichts daraus werden solle. Aber schön ist sie gelegen, mitten in grünen Bergen, die nach der Mittagseite zu offen sind, so daß wohl die Sonne hereinkam, aber kein rauhes Lüftchen. Deswegen gedeiht auch ein ziemlich guter Wein rings um die alte Stadtmauer, während höher hinauf an den Bergen unabsehbare Waldungen sich hinziehen, welche das Vermögen der Stadt ausmachen; denn dies ist das Wahrzeichen und sonderbare Schicksal derselben, daß die Gemeinde reich ist und die Bürgerschaft arm, und zwar so, daß kein Mensch zu Seldwyla etwas hat und niemand weiß, wovon sie seit Jahrhunderten eigentlich leben. Und sie leben sehr lustig und guter Dinge, halten die Gemütlichkeit für ihre besondere Kunst, und wenn sie irgendwo hinkommen, wo man anderes Holz brennt, so kritisieren sie zuerst die dortige Gemütlichkeit und meinen, ihnen tue es doch niemand zuvor in dieser Hantierung.

Der Kern und der Glanz des Volkes besteht aus den jungen Leuten von etwa zwanzig bis fünf-, sechsunddreißig Jahren, und diese sind es, welche den Ton angeben, die Stange halten und die Herrlichkeit von Seldwyla darstellen. Denn während dieses Alters üben sie das Geschäft, das Handwerk, den Vorteil oder was sie sonst gelernt haben, das heißt sie lassen, solange es geht, fremde Leute für sich arbeiten und benutzen ihre Profession zur Betreibung eines trefflichen Schuldenverkehrs, der eben die Grundlage der Macht, Herrlichkeit und Gemütlichkeit der Herren von Seldwyl bildet und mit einer ausgezeichneten Gegenseitigkeit und Verständnisinnigkeit gewahrt wird; aber wohlgemerkt, nur unter dieser Aristokratie der Jugend.“

 

 

 

 

gottfried_keller
Gottfried Keller (19 juli 1819 – 15 juli 1890)

Monument in Zürich

 

 

 

 

 

De Griekse dichter Miltos Sachtouris of Miltos Sahtouris werd geboren in Athene op 19 juli 1919. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007 en ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

 

The Poet

When they find me on the cross of my death
the sky around will have reddened far beyond
there’ll be a suspicion of sea
and, from above, in a now terrifying darkness
a white bird will recite my songs.

 

 

 

Morning And Evening

In the morning
you see death
looking through the window
at the garden
the cruel bird
and the quiet cat
on the branch

passing
on the street outside
is the phantom-car
the supposed driver
the man with the broom
the gold teeth
laughs
and in the evening
at the cinema
you see
what you didn’t see in the morning
the joyful gardener
the real car
the kisses with the real couple

that death is not liked
by the cinema

 

 

 

Vertaald door David Connoly

 

 

 

 

saxtouris
Miltos Sachtouris (19 juli 1919 – 29 maart 2005)

 

 

 

 

 

De Franse schrijver en filosoof Jean-Pierre Faye werd geboren in Parijs op 19 juli 1925. Zijn bekendste wetenschappelijke werk is Langages totalitaires. Critique de la raison / économie narrative (1972), een analyse van de ideologische processen in het Duitsland van de Republiek van Weimar. Zijn literaire proza omvat voornamelijk verhalen, zoals La Cassure und Battement, die handelen over de Algerijnse oorlog. Voor zijn roman L'Écluse, over de koude oorlog, kreeg hij in 1964 de "Prix Renaudot".

 

Uit: La bataille de Léda

 

« Il se rappelle : Je voyais Léda manger des oeufs durs, elle les sortait deux par deux d'un petit sac à fermeture éclair.

À ce moment je ne savais pas son nom.

Ses cheveux tombent autour de ses yeux, nattés en tresses légères du côté gauche, libres du côté droit. À sa gauche, c'est-à-dire à droite en la regardant, le tissu des cheveux est tressé et en même temps rebelle, il s'échappe en boucles légères. À sa droite, donc à gauche en la regardant, l'échappée des boucles est plus libre.

Elle me croise dans le couloir d'avion, à la sortie, elle s'excuse au passage auprès d'un homme aux proportions gigantales, qui lui barrait le chemin.

Elle me dit très vite, dans un coup d'oeil : il est toxé, celui-là.

Sa place était là, à côté. »

 

 

 

 

JPFAYE
Jean-Pierre Faye (Parijs, 19 July 1925)

 

 

 

 

 

 

De Oostenrijkse toneelschrijver, romanschrijver, essayist, tijdschriftuitgever, journalist, theaterregisseur, dramaturg en theater-, kunst- en cultuurcriticus Hermann Bahr werd geboren op 19 juli 1863 in Linz. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007 en ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

Uit: Trost in Goethe

 

Diese Schrift hat sich gewissermaßen selbst geschrieben. Es erging mir seltsam mit ihr. Ich hatte sie nicht vor und staune noch, wie sie mich auf einmal überkam.

Ich spreche seit Jahren gern in Danzig. Diese Menschen sind mir lieb geworden. Sie hören gut zu und bringen dem Redner etwas entgegen, das ihn produktiver macht, als er in gemeinen Stunden ist. Ihre Teilnahme steigert ihn, ihre Gunst holt alle Kraft aus ihm heraus, und indem er sie, so leicht sie sich bewegen, so gern sie sich verlocken lassen, dabei doch kritisch aufmerksam, ja beim ersten Anlaß gleich zum Spott bereit merkt, muß er auf der Hut sein, nimmt sich zusammen und übertrifft sich selbst. Es ist mir dort geschehen, daß ich bei Vorträgen, die mir längst geläufig, ja durch Übung und Gewohnheit schon fast mechanisch geworden waren, Wendungen, Einfälle, Lebendigkeiten fand, die ich mir gar nicht anmaßen durfte, sondern, fast mit Neid, eigentlich diesen Zuhörern und ihrer geheimnisvoll mich belebenden Kraft zusprechen mußte. Darum ist es mir auch, wenn ich einen Vortrag zum erstenmal halten soll, in Danzig am liebsten. Wenn ich nämlich über etwas zum erstenmal spreche, weiß ich zwar ein und aus, ich weiß, woher und wohin, ich weiß, was ich sagen will, und auch ungefähr wie, doch liegt das alles höchst ungewiß im Schatten, es ist noch ganz ungestalt, und gar nicht weiß ich, wieviel sich davon ergreifen, festhalten, gar aber formen lassen wird. Ich bin selber immer sehr neugierig. Wenn ich nämlich nichts sage, als was ich vom Anfang an sagen will, das genügt mir nicht, sondern es muß, indem ich spreche, noch etwas dazu kommen, was mich selber überrascht, ja mir oft im ersten Augenblick gar nicht recht geheuer ist, bis es sich dann auf einmal doch als eben das zu erkennen gibt, worauf ich insgeheim immer schon aus war; in guten Gesprächen geht's einem ja auch so: bloß dadurch, daß man einen Zuhörer hat, findet man dann, was man immer schon gesucht, aber vergeblich, solang man mit sich allein war. Nur muß der Zuhörer auch danach sein. In Danzig ist er es mir."

 

 

 

 

Bahr
Hermann Bahr (19 juli 1863  - 15 januari 1934)

Portret door Emil Orlik

 

 

 

 

 

De Frans-Zwitserse schrijver Robert Pinget werd geboren op 19 juli 1919 in Genève. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007 en ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

Uit: Théo ou le temps neuf

 

“Mais tes livres c'est toujours les mêmes ils ont point de fleurs.

Je t'ai dit prends en d'autres, là sur la table tu vois, il y a des tas d'histoires, celle du café des illusions, celle des traîne-misère, celle du château et celle de l'étang aux nénuphars et celle du sentier dans le bois et celles des souterrains qui se creusent et celle du cimetière et celle de la lettre perdue et celle du tribunal et celle du roi déchu et celle du jardin aux orties et celle des innocents en promenade et celle du manuscrit plein de ratures et celle de l'alchimiste et celle de l'ennemi qui nous guette à tous les tournants et celle du vagabond dans les collines grises, des centaines d'histoires, des centaines qui nous rendent heureux quand on les a bien comprises. »

 

 

 

 

Pinget
Robert Pinget (19 juli 1919 – 25 augustus 1997)

 

 

 

 

 

De Schotse schrijver Archibald Joseph Cronin werd geboren op 19 juli 1896 in Cardross, Dunbartonshire

 

Uit: The Judas Tree

 

"Now he perceived how illusory his hopes had been, how all his imaginings had been falsely based on a romantic re-creation of the past. Had he actually expected, after thirty years, to find Mary as on the day he had abandoned her, sweet with the freshness of youth, tenderly passionate, still virginal? God knows he would have wished it so. But the miracle had not occurred and now, having heard the history of a woman who wept for him late and long, who married, though not for love, lost an invalid husband, who suffered hardships, ill-fortune, perhaps even poverty, yet sacrificed herself to bring up her daughter to a worthy profession - knowing all this, he had returned to reality, to the calm awareness that the Mary he would find at Markinch would be a middle-aged woman, with work-worn hands and tired, gentle eyes, bruised and defeated by the battle of live..."

 

 

 

 

cronin
A. J. Cronin (19 juli 1896 – 6 januari 1981)

 

 

 

 

 

De Duitse dichter en uitgever Heinrich Christian Boie werd geboren op 19 juli 1744 in Meldorf. Hij studeerde rechten in Jena en Göttingen. Daar begon hij in 1770samen met Friedrich Wilhelm Gotter de Göttinger Musenalmanach die hij van 1770 tot 1775 alleen uitgaf. In 1772 richtten  Johann Heinrich Voß, Johann Martin Miller, dessen Vetter Gottlieb Dieterich Miller, Ludwig Christoph Heinrich Hölty, Johann Friedrich Hahn und Johann Thomas Ludwig Wehrs de Göttinger Hainbund op. De Göttinger Musenalmanach werd de spreekbuis van deze vereniging.

 

 

An einen jungen Dichter

 

Verstecke dich und statt zu fliegen krieche!
So sprach mit Recht ein weiser alter Grieche,
Und traun! der Mann sah tief in unser Herz.
Des Bruders Glück ist seinem Bruder Schmerz;
Stets ungerecht, voll Neid ist unsre Seele,
Sie leidet, wenn geehrt ein andrer ist.
Verdiene Ruhm! Doch daß dir Glück nicht fehle,
So werde nicht genannt, eh du gestorben bist.

 

 

 

 

Aufrichtiges Geständniß

 

Herr Schlemm verkauft sein Haus, und spricht, er hab es satt.
Natürlich, denn man weiß daß ers gefreßen hat.

 

 

 

 

 

Boie
Heinrich Christian Boie (19 juli 1744 – 3 maart 1806)

Portret door Heinrich Friedrich Leopold Mathieu, 1773.

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijver ook mijn blog van 19 juli 2008.

 

De Indiase dichter en schrijver Dominic Francis Moraes werd geboren op 19 juli 1938 in Bandra. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

De Franse schrijver en criticus Jean-Marie Déguignet werd geboren op 19 juli 1834 in Guengat. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

De Duitse dichter en schrijver Georg Anton Lorenz Diefenbach werd geboren op 19 juli 1806 in Ostheim, Hessen.

 

De Franse schrijver en criticus Ferdinand Vincent-de-Paul Marie Brunetière werd geboren op 19 juli 1849 in Toulon.

 

 

19-07-08

Anna Enquist, Gottfried Keller, Miltos Sachtouris, Dom Moraes, Hermann Bahr, Robert Pinget, Ferdinand Brunetière, Jean-Marie Déguignet, A. J. Cronin, Lorenz Diefenbach


De Nederlandse dichteres en schrijfster Anna Enquist werd geboren op 19 juli 1945 in Amsterdam als Christa Boer. Zie ook mijn blog van 19 juli 2006 en ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

Weerzien

 

Hoe de mensen, hoe deze mensen, hoe
een man en een vrouw na jaren elkaar –
hoe na jaren deze mensen elkaar zullen
zien, harnas van vroeger over het sleets
lichaam, hoe in hun botten moeheid
en deceptie jaar na jaar kerven.

Hoe mensen, door afscheid op afscheid
gestriemd en geslagen, het kijken
verdragen in de laatste smalle kier
die de tijd hen laat, in laat licht
ontluisterd. Dat ligt aan de ogen;
genadig wrikt tovenaar geheugen
aan de deur van de tijd; ontzien
in het zien (weggeblazen heupen,
dood haar). Die daar staan ont-
staan voor elkaar bedrieglijkerwijs
in vijvers van vroeger. Zij bieden
elkaar een diep water, hier.

Zo zien een man en een vrouw na
jaren elkaar of niet of anders. Vuur!

 

Reizen

Een schoorvoetende reiziger
van het bed naar de tafel
die mijn zware armen steunt.

Het papier drinkt de inkt.
De woorden willen wel weg,
ze verheugen zich op roomwitte

geribbelde stranden, op de lichtflits
van een omzwiepende bladzijde.
Wie zullen ze zoenen in het donker,

wie zal hen zien. Reislustig
zijn ze, de woorden, ze verdringen
zich voor de uitgang.

Van het bed naar de keuken
maak ik de kleine rondreis
naar de tuin naar de tafel

 

Ontsnappen

 

In de kooi van dag en nacht,
de kooi van de boodschappen,
blikjes bier, de betere baan.

In de kooi van het fotoalbum,
van de liefde. In de kunstkooi,
in de kooi van het weten:

Sta op, grijp de tralies,
haal de diepste adem en
scheur je hart uiteen.

 

 

 

 

 

Enquist_Anna_Tee
Anna Enquist (Amsterdam, 19 juli 1945)

 

 

 

 

 

De Zwitserse schrijver Gottfried Keller werd geboren in Zürich op 19 juli 1819. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

Uit: Romeo und Julia auf dem Dorfe

 

So war der lange Morgen zum Teil vergangen, als von dem Dorfe her ein kleines artiges Fuhrwerklein sich näherte, welches kaum zu sehen war, als es begann die gelinde Höhe heranzukommen. Das war ein grünbemaltes Kinderwägelchen, in welchem die Kinder der beiden Pflüger, ein Knabe und ein kleines Ding von Mädchen, gemeinschaftlich den Vormittagsimbiß heranfuhren. Für jeden Teil lag ein schönes Brot, in eine Serviette gewickelt, eine Kanne Wein mit Gläsern und noch irgendein Zutütchen in dem Wagen, welches die zärtliche Bäuerin für den fleißigen Meister mitgesandt, und außerdem waren da noch verpackt allerlei seltsam gestaltete angebissene Äpfel und Birnen, welche die Kinder am Wege aufgelesen, und eine völlig nackte Puppe mit nur einem Bein und einem verschmierten Gesicht, welche wie ein Fräulein zwischen den Broten saß und sich behaglich fahren ließ. Dies Fuhrwerk hielt nach manchem Anstoß und Aufenthalt endlich auf der Höhe im Schatten eines jungen Lindengebüsches, welches da am Rande des Feldes stand, und nun konnte man die beiden Fuhrleute näher betrachten. Es war ein Junge von sieben Jahren und ein Dirnchen von fünfen, beide gesund und munter, und weiter war nichts Auffälliges an ihnen als daß beide sehr hübsche Augen hatten und das Mädchen dazu noch eine bräunliche Gesichtsfarbe und ganz krause dunkle Haare, welche ihm ein feuriges und treuherziges Ansehen gaben. Die Pflüger waren jetzt auch wieder oben angekommen, steckten den Pferden etwas Klee vor und ließen die Pflüge in der halbvollendeten Furche stehen, während sie als gute Nachbaren sich zu dem gemeinschaftlichen Imbiß begaben und sich da zuerst begrüßten; denn bislang hatten sie sich noch nicht gesprochen an diesem Tage.”

 

 

 

 

gottfried_keller
Gottfried Keller (19 juli 1819 – 15 juli 1890)

 

 

 

 

De Griekse dichter Miltos Sachtouris of Miltos Sahtouris werd geboren in Athene op 19 juli 1919. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

 

THE GARDEN

It smelled of fever
that was no garden
some strange couples were walking inside
wearing shoes on their hands
their feet were large white and bare
heads like wild epileptic moons
and red roses suddenly
sprouted
for mouths
that were set upon and mauled
by the butterfly-dogs

 

 

 

 

MORNING AND EVENING

In the morning
you see death
looking through the window
at the garden
the cruel bird
and the quiet cat
on the branch

passing
on the street outside
is the phantom-car
the supposed driver
the man with the broom
the gold teeth
laughs
and in the evening
at the cinema
you see
what you didn’t see in the morning
the joyful gardener
the real car
the kisses with the real couple

that death is not liked
by the cinema

 

 

 

 

THE SAINT

He stared deep
deep
into the well
its depth
had no end
in this life

the flesh peeled off
and fell bit by bit
soon nothing would remain
but his skeleton

I’ve decided - he said -
I’ve finally decided
I’ll live among the drowned
and among the lepers

 

 

 

 

Vertaald door David Connoly

 

 

 

 

 

Sachtouris
Miltos Sachtouris (19 juli 1919 – 29 maart 2005)

 

 

 

 

 

De Indiase dichter en schrijver Dominic Francis Moraes werd geboren op 19 juli 1938 in Bandra. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

PROPHET

 

I followed desert suns
Alone, these thirty years,
A goatskin knotted round my sex,
My fodder what I found,
My shelter under rocks,
My visions in my eye
That mapped the slow wind flowing
Across the sunwashed dunes, or the
Scuffed dwarf spoor of the ant.
Once these kept me happy.

 

Tufted with tamarisk
The tawny dunes end
Suddenly in shadow.
The ridged rocks rise.
The known desolate land
Kisses my bare feet.
Infested by winged things
The rough hair of the sky
Teems in the sun's eye.
Kindling the dunes, the enraged
Wind beats up sand. The awkward ant
Gnaws in a dry pasture.

 

I have aged.
 

 

 

 

KEY

 

Ground in the Victorian lock, stiff,
With difficulty screwed open,
To admit me to the seven mossed stairs
And the badly kept garden.

 

Who runs to me in memory
Through flowers destroyed by no love

 

But the child with brown hair and eyes,
Smudged all over with toffee?

 

I lick his cheeks. I bounce him in air.
Two bounces, he disappears.

 

Fifteen years later, he redescends,
Not as a postponed child, but a letter
Asking me for his father who now possesses
No garden, no home, not even any key
.

 

 

 

 

 

dommoraes
Dom Moraes (19 juli 1938 – 2 juni 2004)

 

 

 

 

De Oostenrijkse toneelschrijver, romanschrijver, essayist, tijdschriftuitgever, journalist, theaterregisseur, dramaturg en theater-, kunst- en cultuurcriticus Hermann Bahr werd geboren op 19 juli 1863 in Linz. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

 

Uit: Dostojewski

 

“Die Größe Dostojewskis berührte mich zum erstenmale in sehr jungen, unreifen Jahren; ich hatte noch drei Klassen des Gymnasiums vor mir, bis zu der sonderbaren Reifeprüfung, die in Deutschland die Pforten der Universität öffnet. Ich las damals so viel, daß ich mich jetzt mit einigem Rechte vom Lesen dispensieren darf. Und ich las, wenn auch nicht mit vollem Verständnis, so doch mit gutem Instinkte: fast nur Bücher, die mir eine Welt auftaten, in der Ziele für mich leuchteten, und nur Bücher von persönlich künstlerischem Ausdruck. Trotzdem ist vieles davon für mich versunken und kaum noch in Erinnerung. Aber Dostojewski ist mir geblieben, und je mehr ich davon abkam, modernen Künstlern Größe zuzuerkennen (was ich nach Jugendart schnellfertig gerne tat, wenn mich ihre Kunst sympathisch berührte und mein Lebensgefühl steigerte), um so mehr fühlte ich: dieser ist wirklich groß, obwohl er mir nicht eigentlich sympathisch ist und mich öfter bedrückt, als erhebt. Ich weiß jetzt: er ist mehr als ein Gipfel, er ist ein Gebirge. Und alle modernen Gipfel, einen einzigen ausgenommen, ragen kaum zur halben Höhe seines Mittelzugs: der Eine aber, der seine Spitze überragt, Nietzsche, wirkt neben seinem ungeheuren Massiv aus gewachsenem Fels fast beängstigend als Kunstwerk: wie etwas Konstruiertes neben etwas Elementarem.

 Dieses Bild (es ist nur ein Bild und will nicht als mehr genommen sein) spricht keine Wertvergleichung aus, sondern den Eindruck, den ich vom Nebeneinander der beiden einzigen wirklichen Größen habe, die in der modernen Literatur seit Goethe und Byron erschienen sind. Vielleicht ist Nietzsche ein sublimes Ende und Dostojewski ein riesiger Anfang; jener das Ende der westlichen: europäischen, auf der Antike beruhenden Kultur, dieser der Anfang der östlichen: russischen, die von Byzanz stammt. Das Künstliche in der Erscheinung Nietzsches läßt dieses bange, ja tragische Gefühl aufkommen, und die beklemmende Wucht, mit der uns der slawische Byzantiner Dostojewski entgegentritt als Fürsprech einer ungeheueren, uns trüb chaotisch erscheinenden Masse von urchristlichen Barbaren, verdichtet diese Empfindung zu einer nebligen Beängstigung.”

 

 

 

bahr
Hermann Bahr (19 juli 1863  - 15 januari 1934)

 

 

 

 

De Frans-Zwitserse schrijver Robert Pinget werd geboren op 19 juli 1919 in Genève. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

Uit : Abel et Bela

 

BELA : Nous devions faire du théâtre, pas du caf’conc’. (Un temps.) Cette présidente, quelle idée. Le théâtre ce n’est pas ça.
ABEL : Nous y voilà. (Un temps.) Il faut viser à l’essentiel. (Un temps.) Quelle st l’essence du théâtre ? (Un temps.) Un texte nourri de… de… l’universel. Le cœur humain, son tréfonds. Comment y atteindre ? Descendre en soi-même. (Un temps.) Je descends en moi-même et je trouve quoi ? (Un temps.) Peur de mourir. Regret du passé. Horreur du vulgaire. (Un temps.) Oui il faut renoncer à cette partouse. Faire du théâtre avec le tréfonds, pas avec le fondement. (Un temps.) Qu’est-ce que tu trouves, toi, en descendant ?
BELA : Sommeil.
ABEL : Plus profond.
BELA : Envie de dormir.



 

 

 

pinget
Robert Pinget (19 juli 1919 – 25 augustus 1997)

 

 

 

 

De Franse schrijver en criticus Jean-Marie Déguignet werd geboren op 19 juli 1834 in Guengat. Zie ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

Uit : Le naturalisme français, étude sur Gustave Flaubert

 

Avant tout et par-dessus tout, Flaubert fut un artiste : artiste par ses qualités, artiste aussi par ses défauts.

Précisons, sans tarder davantage, ce que ce mot d'artiste, que l'on emploie de nos jours, comme tant d'autres, un peu au hasard, enferme de sens différents ; ou plutôt, mettons en lumière ce qu'il contient, tout au fond, de restrictions implicites à l'admiration dont il semble, au premier abord, qu'il soit l'expression absolue. Si, comme le dit Flaubert lui-même - un peu lourdement - dans la très curieuse Préface qu'il a mise aux dernières chansons de son ami Louis Bouilhet, si « les accidents du monde, dès qu'ils sont perçus, vous apparaissent comme transposés pour l'emploi d'une illusion à décrire, tellement que toutes les choses, y compris votre existence ne vous semblent pas avoir d'autre utilité », c'est à dire si vous considérez le monde, la nature, la vie, l'homme enfin comme des choses qui seraient faites pour l'art, et non plus l'art comme une chose qui serait faite pour l'homme, vos êtes artiste, au sens entier du mot, dans la force et la profondeur du terme. Alors, en effet, tout autour de vous, si large ou si restreint que soit le cercle de votre expérience ; que vous ayez confiné bourgeoisement votre vie dans un canton perdu de la Basse Bretagne ou de la Normandie ; que vous ayez promené votre observation vagabonde sur les bords du lac Asphaltite ou sur les ruines de Carthage, alors vous n'apercevez &endash; l'expression est encore de Flaubert &endash; que « ce qui peut profiter à votre consommation personnelle » ; et votre horizon, quel qu'il soit, limité par vos aptitudes originelles, a toujours et partout pour bornes les bornes même de votre talent.”

 

 

 

brunetiere
Ferdinand Brunetière (19 juli 1849 – 9 december 1906)

 

 

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 19 juli 2007.

 

De Schotse schrijver Archibald Joseph Cronin werd geboren op 19 juli 1896 in Cardross, Dunbartonshire

 

De Duitse dichter en schrijver Georg Anton Lorenz Diefenbach werd geboren op 19 juli 1806 in Ostheim, Hessen.

 

De Franse schrijver en criticus Ferdinand Vincent-de-Paul Marie Brunetière werd geboren op 19 juli 1849 in Toulon.