25-01-17

Renate Dorrestein, Stephen Chbosky, William S. Maugham, Virginia Woolf, David Grossman, J. G. Farrell, Alessandro Baricco, Robert Burns, Paavo Haavikko

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954. Zie ook alle tags voor Renate Dorrestein op dit blog.

Uit:Weerwater

“Het rode lampje van de reservetank lichtte op toen ik mijn auto startte. Op goed geluk reed ik de wijk uit terwijl het zweet in mijn ogen droop. Ik had op de kaart moeten kijken, ik had geen idee hoe ik zonder navigatie op een van de stadsdreven kwam die naar de snelweg leidden. Knarsetandend van de spanning sloeg ik willekeurig linksaf, rechtsaf.
Doordat ik niets snapte van Almeres gescheiden verkeersstromen belandde ik plotseling op een vrije busbaan. Ik kon er niet meer af, het leek alsof ik kilometerslang over ­ y-overs en viaducten reed. Paniek sneed me de adem af totdat ik bij een overgang mijn kans schoonzag en ik mijn auto met een onmogelijk krappe draai weer op een gewone weg wist te krijgen. Ik zeilde over een rotonde en kon mijn geluk niet geloven: ik kwam uit op de Hogering, een van de grote doorgaanswegen. Maar daar sloeg de motor af. Vloekend, biddend en machteloos op mijn stuur slaand kon ik nog net de vluchtstrook bereiken. Ik greep mijn handtas en mijn laptop en sloeg het portier achter me dicht.
Hete lucht verplaatsend raasden volgepakte auto’s aan me voorbij. Niemand leek me te zien staan. Of niemand wilde tijd verspillen door te stoppen. Weg, weg, weg van hier!
De middagzon brandde op mijn blote armen. Ik werd dizzy van de warmte. Ik had iets moeten eten.
Net toen ik dacht dat ik in tranen zou uitbarsten, reed er een grote truck met een Belgisch nummerbord de vluchtstrook op. Ik was nog nooit in zo’n gevaarte geklauterd, ik kwam de treeplank amper op. Ik voelde ineens dat ik een vrouw van boven de zestig was, strammer en brozer dan onder deze omstandigheden wenselijk was.
De vrachtwagenchau‑ eur, een man met een goedig gezicht, begon meteen tegen me te kletsen. Hij zei dat hij Lammert heette, Lammert Verweghe, en dat hij zich niet liet gekmaken door die verhalen over een mistbank. ‘Mijn camion geraakt er wel doorheen. Ik ga niet nog een dag vermorsen.’
Ik herademde. Nog even en deze nachtmerrie zou voorbij zijn. In mijn tas vond ik Maartens zakdoek. Ik snoot mijn neus. Nooit van mijn levensdagen zette ik meer een stap in Almere.”

 

 
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

Lees meer...

25-01-16

Renate Dorrestein, Stephen Chbosky, William S. Maugham, Virginia Woolf, David Grossman, J. G. Farrell, Alessandro Baricco

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954.Zie ook alle tags voor Renate Dorrestein op dit blog.

Uit: Verborgen gebreken

"Tommie!’ roept Christine. ‘Eten!’
Het jongetje komt aangebolderd, valt op een stoel en grijpt meteen een boterham.
‘Eerst bidden,’ beveelt zijn zusje.
‘Wat?’ zegt hij verbaasd. Voor hem is ergens een geruit jurkje met een gesmockt lijfje opgedoken. Eén strik in het steile zwarte haar, vandaag.
‘Jezus, eikel!’ roept het meisje uit. ‘God bestáát, weet je! en zeg goedemorgen tegen Agnes.’
‘Goedemorgen,’ prevelt Tommie, voorheen Ivatuq.
‘Goedemorgen,’ antwoordt Agnes. ‘Wat ben jij mooi, zeg. Dat jurkje is van Willemijn geweest. Prachtig hoor. Vind je het zelf ook leuk?’
Hij steekt een stuk brood in zijn mond.
‘Er zijn niet genoeg kleren voor hem in huis,’ zegt zijn zusje, terwijl ze twee boterhammen uit de rooster neemt en Agnes er een van geeft. ‘Je moet een paar rokjes kopen.’
‘Ik vind dat we eerst maar eens zijn mening moeten vragen.’
‘Hij doet gewoon wat ik zeg.’
‘Nou, dan moeten we maar hopen dat jij altijd weet wat het beste voor hem is, Christine.’
De ogen van het meisje verduisteren. ‘Ik heet Chris.’
‘Oké, Chris,’ zegt Agnes.
Tommie deelt met heldere stem mee:
‘Christine is een meidennaam. Chris is veel stoerder. Chris is veel gevaarlijker. Chris heeft...’
‘Hou je mond toch, stuk snot,’ valt het meisje uit.“

 

 
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

Lees meer...

25-01-15

Alessandro Baricco, Robert Burns, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Vladimir Vysotsky

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook alle tags voor Alessandro Baricco op dit blog.

Uit: Driemaal bij dageraad (Vertaald door Manon Smits)

“Het jongetje was op het bed gaan liggen zonder zelfs maar zijn schoenen uit te trekken, en hij lag nu al een tijdje te woelen op de dekens, hij dommelde af en toe in, maar viel niet echt in slaap. Op een stoel, in een hoek van de kamer, zat een vrouw naar hem te kijken terwijl ze probeerde het irritante gevoel dat ze het niet goed deden van zich af te schudden. Ze had niet eens haar jas uitgedaan, want in dit deprimerende hotel was de verwarming ook al een ramp. Net als de groezelige vloerbedekking en de ingelijste legpuzzels aan demuren. Alleen die idioten die haar bazen waren konden denken dat het een goed idee was om een jongetje van dertien daarnaartoe te brengen, nawat hij die avond hadmeegemaakt. De idiotie van de politie. En dat alleen omdat ze niet één familielid hadden weten op te sporen naar wie ze hem toe konden brengen. Ze hadden alleen een oom gevonden, maar die was absoluut niet van plan om weg te gaan van de plek waar hij zich bevond, namelijk een bouwplaats in het noorden, een gat van niks. Dus was zij nu ineens gebombardeerd tot kindermeid van dat jongetje, in dit klotehotel, en dan zou er morgenochtend een besluit worden genomen. Maar het jongetje bleef maar woelen, op de dekens, en de vrouw kon echt niet tegen die verwaarlozing, en de treurigheid van alles. Geen enkel jongetje had zo’n klerezooi verdiend. Ze stond op en liep naar het bed. Het is koud, zei ze, ga onder de dekens liggen. Het jongetje schudde zijn hoofd. Hij deed niet eens zijn ogen open. Eerder die avond hadden ze wel wat gepraat, het was haar zelfs gelukt hem aan het lachen te krijgen. Doe maar net of ik je oma ben, had ze gezegd. Zo oud ben je niet, had hij geantwoord. Ik zie er jonger uit, had de vrouw gereageerd, die zesenvijftig was en dat eerlijk gezegd ook goed kon merken. Daarna had ze geprobeerd hem te laten slapen, en nu zat ze hier, ervan overtuigd dat het helemaal fout was.”

 

 
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

Lees meer...

25-01-14

Alessandro Baricco, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Robert Burns, Vladimir Vysotsky

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook alle tags voor Alessandro Baricco op dit blog.

Uit: City (Vertaald door Ann Goldstein)

“It was Shatzy's voice. It came from outside the door. The bathroom door.
"I'm coming, I'm coming."
Music of flushing. Tap on. Tap off. Pause. Door opens.
"They've been waiting half an hour for you."
"I'm coming."
Some people from the local TV station had come to Gould's house. They wanted to do a feature for the Friday evening special. Title: Portrait of a Child Genius. They had set up the camera in the living room. What they had in mind was a half-hour interview. They counted on working up a sad story of a boy condemned by his intelligence to solitude and success. Its brilliance lay in their having found someone whose life was a tragedy not because he was terribly unfortunate but, on the contrary, because he was terribly fortunate. If it wasn't exactly brilliant at least it seemed like a good idea.
Gould sat on the sofa, in front of the camera. Poomerang was beside him, also sitting. Diesel didn't fit on the sofa, so he sat on the floor, although it took him a while to get there. And then it wasn't clear how he would ever get up. Anyway. They arranged the microphones and turned on the spots. The interviewer smoothed her skirt over her crossed legs.”

 

 
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

Lees meer...

25-01-12

David Grossman, Alessandro Baricco, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook alle tags voor David Grossman op dit blog.

 

Uit: Zie Liefde (Vertaald door Hilde Pach en W. Hansen)

 

Het ging zo.
Een paar maanden nadat oma Henny gestorven en begraven was, kreeg Momik een nieuwe opa. Deze opa arriveerde in de maand Sjevat van het jaar 5719, dat is 1959 in de buitenlandse jaartelling.
Hij kwam niet via het radioprogramma waarin nieuwe immigranten de groeten konden doen, het programma waarnaar Momik iedere dag tussen tien voor halftwee en halftwee onder het middageten moest luisteren, waarbij hij heel goed moest opletten of ze een van de namen noemden die papa voor hem op een blad papier had geschreven; nee, de opa kwam met een ambulance van de Blauwe Davidster, die op een middag midden in een stortbui stopte bij de kruidenierszaak annex cafe van Bella Marcus.
Er stapte een dikke man uit; hij was bruinverbrand, maar het was geen sjwartse – geen Sefardische jood, het was er een van ons. Hij vroeg Bella of zij hier in de straat de familie Neumann kende. Bella schrok, droogde snel haar handen aan haar schort af en zei: Jaja, er is toch niets gebeurd, God verhoede?

De man zei dat ze niet hoefde te schrikken, er was niets gebeurd, wat zou er gebeurd moeten zijn? Ze hadden alleen maar een familielid meegebracht, en hij wees met zijn duim naar achteren, naar de ambulance, die er volkomen leeg en rustig uitzag, en Bella werd plotseling zo wit als een doek, terwijl zij toch, zoals bekend, nergens bang voor was. Ze ging niet naar de ambulance toe, maar liep er juist een eindje vandaan, naar Momik, die aan een van de tafeltjes zijn bijbelhuiswerk zat te maken.

Wej iz mir, zei ze, hoezo opeens een familielid? De man zei: Nou, mevrouwtje, we hebben niet veel tijd, als u ze kan, ken u me misschien wel vertellen waar ze zijn, want er is daar niemand thuis. Hij sprak met veel fouten, terwijl hij er toch uitzag als iemand die hier al jaren woonde.”

 

 

David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

Lees meer...

25-01-11

David Grossman, Alessandro Baricco, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008 en ook mijn blog van 25 januari 2009 en ook mijn blog van 25 januiari 2010.

 

Uit: Vrouw op de vlucht voor een bericht (Vertaald door Ruben Verhasselt)

 

„Ook de volgende nacht verscheen hij voor twaalven in haar deuropening om haar op haar kop te geven en te klagen dat ze in haar slaap lag te zingen, dat ze hem en de hele wereld wakker maakte. Ze lachte in zichzelf en vroeg of zijn kamer echt zo ver weg was, en pas toen viel hem op

dat haar stem niet klonk vanaf dezelfde plek als de vorige of eervorige nacht.

‘Omdat ik nu zít,’ legde ze uit. Hij polste voorzichtig: ‘Waarom zit je eigenlijk?’‘Omdat ik niet sliep,’ zei ze. ‘En ik was niet aan het zingen. Ik zat hier rustig op jou te wachten.’

Ze hadden allebei het idee dat de duisternis nog zwarter werd. Een nieuwe golf van hitte, die misschien niets te maken had met haar ziekte, kroop vanuit Ora’s tenen omhoog en ontstak rode vlekken in haar hals en haar gezicht. Gelukkig is het donker, dacht ze en ze hield met haar hand

de kraag van haar ruime pyjama dicht.

Daarna schraapte hij, in de deuropening, zachtjes zijn keel en zei: ‘Goed, ik moet terug.’ En toen ze vroeg waarom eigenlijk, zei hij dat hij zich dringend in de pek en veren moest gaan wentelen. Ze snapte het niet meteen, maar even later begon ze hard te lachen en zei: ‘Kom op, sufferd, nou is het genoeg met die toneelstukjes van je, ik heb hier naast me een stoel voor je klaargezet.’

Hij tastte zijn weg af langs een deurpost, stalen kastjes en bedden, tot hij ergens bleef staan uithijgen als een oud pakpaard, leunend op een leeg bed. ‘Ik ben hier,’ kreunde hij.

‘Kom dichterbij,’ zei ze.“

 

 

 

David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

Lees meer...

25-01-10

Stefan Themerson, David Grossman, Alessandro Baricco, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Alfred Gulden


De Pools-Britse dichter, schrijver, filmmaker, componist en filosoof Stefan Themerson werd geboren in Płock op 25 januari 1910. In 1928 ging Themerson als student naar Warschau; hij studeerde eerst natuurkunde aan de Universiteit van Warschau maar stapte na een jaar over op architectuur aan de Technische Universiteit van Warschau. Hij besteedde een groot deel van zijn tijd aan fotografie, collage en het maken van films. Stefan schreef artikelen voor verschillende tijdschriften en schoolboeken; ook schreef hij zo'n tien kinderboeken. In 1936 en 1937 bezochten de Themersons Parijs en Londen, waar zij Moholy-Nagy en andere experimentele kunstenaars ontmoetten. Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog, in 1939, meldde Themerson zich aan als vrijwilliger voor het Poolse leger in Frankrijk. In 1940 werd Themerson opgeroepen voor een Pools regiment infanterie. In juni 1940 werd het regiment ontbonden en de manschappen zochten een goed heenkomen.

Eind 1942 gelukte het Themerson om via Marseille naar Lissabon te gaan, en vandaar naar Groot-Brittannië waar hij zijn vrouw terugvond en weer dienst nam in het Poolse leger. In Schotland voltooide hij Professor Mmaa, waarna hij naar Londen werd gestuurd, naar de filmgroep van het Poolse Ministerie van Informatie en Documentatie. Daar maakten Stefan en Franciszka twee korte films, Calling Mr Smith, een verslag van de Nazi wreedheden in Polen en The Eye and the Ear, geïnspireerd op vier liederen van Szymanowski. In 1944 verhuisden de Themersons naar Maida Vale, waar zij de rest van hun leven bleven. Stefan en Franciszka Themerson gaven van 1948 tot 1979 boeken uit via hun eigen Gaberbocchus Press. De eerste die het werk van Stefan Themerson een bredere bekendheid in Nederland gaf was Willem Frederik Hermans. In zijn essaybundel Van Wittgenstein tot Weinreb, het sadistische universum II (1970) nam hij een verhandeling op over Kardinaal Pölätüo, een boek van Themerson over een Roomse kardinaal die veel gevoel toont voor de nuttigheid van moderne technologieën.

 

Uit: The Mystery of the Sardine

 

“You don’t want to see the mystery. And this place is full of mysteries, Madame. One would need a Simenon to unravel all the coincidences. . . . Pardon? Sherlock Holmes? Oh, no, Madame. Your Sherlock Holmes is a puppet made of papier mache, Madame. One could rewrite his stories to show that he always points out the wrong suspect and lets the real criminal go scot-free. No, no. Sherlock Holmes doesn’t understand a thing. Especially women. And if you don’t like Simenon, Madame, then perhaps Zola? Maupassant? Mauriac? Or, pourquoi pas? Racine? Corneille? Unless you prefer your Father Brown, Chesterton I mean, or do you find the comparison outrageous? Yet, wouldn’t he—Simenon, I mean—wouldn’t he be the best man to explain why she didn’t cry?

(…)

 

“. . . What is the purpose of piling up and up all those isolated irrelevancies, all those unconnected facts and people near or far if you can’t link them together, hiddenly or not.”

“But I can,” he [the Minister of Imponderabilia] said.

“No,” she said.

“Yes,” he said.

“You really mean that all those various things can be linked with something? Something definite?”

“Yes.”

“Well, what is it? What is this mysterious something?”

“It isn’t a ’something,’ it’s ’somebody.’”

“A person?”

“Yes.”

“Can you tell me who?”

“I can.”

“Well, who?”

“You,” he said.“

 

 

 

 

StefanThemerson
Stefan Themerson (25 januari 1910 - 6 september 1988)

Portret door Drew Hewitt

 

 

 

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008 en ook mijn blog van 25 januari 2009.

 

Uit: Lion's Honey: The Myth of Samson (Vertaald door Stuart Schoffman)

 

‘Samson the hero’ is what every Jewish child, the first time he or she hears the story, learns to call him. And that, more or less, is how he has been represented over the years, in hundreds of works of art, theatre and film, in the literatures of many languages: a mythic hero and fierce warrior, the man who tore apart a lion with his bare hands, the charismatic leader of the Jews in their wars against the Philistines, and, without a doubt, one of the most tempestuous and colourful characters in the Hebrew Bible.
But the way that I read the story in the pages of my bible — the Book of Judges, chapters 13 to 16 — runs against the grain of the familiar Samson. Mine is not the brave leader (who never, after all, actually led his people), nor the Nazirite of God (who, we must admit, was given to whoring and lust), nor just a muscle-bound murderer. For me, this is most of all the story of a man whose life was a never-ending struggle to accommodate himself to the powerful destiny imposed upon him, a destiny he was never able to realise nor, apparently, fully to understand. It is the story of a child who was born a stranger to his father and mother; the story of a magnificent strongman who ceaselessly yearned to win his parents’ love — and, therefore, love in general — which in the end he never received.

There are few other Bible stories with so much drama and action, narrative fireworks and raw emotion, as we find in the tale of Samson: the battle with the lion; the three hundred burning foxes; the women he bedded and the one woman that he loved; his betrayal by all the women in his life, from his motherto Delilah; and, in the end, his murderous suicide, when he brought the house down on himself and three thousand Philistines. Yet beyond the wild impulsiveness, the chaos, the din, we can make out a life story that is, at bottom, the tortured journey of a single, lonely and turbulent soul who never found, anywhere, a true home in the world, whose very body was a harsh place of exile.“

 

 

 

Grossman_David
David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

 

 

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007  en ook mijn blog van 25 januari 2008 en ook mijn blog van 25 januari 2009.

 

Uit: Silk (Vertaald door Guido Waldman)

 

„1.

Although his father had imagined for him a brilliant future in the army, Hervé Joncour ended up earning his living in an unusual profession that, with singular irony, had a feature so sweet as to betray a vaguely feminine intonation.

For a living, Hervé Joncour bought and sold silkworms.

It was 1861. Flaubert was writing Salammbô, electric light was still a hypothesis and Abraham Lincoln, on the other side of the ocean, was fighting a war whose end he would not see.

Hervé Joncour was thirty-two years old.

He bought and sold.

Silkworms.

 

 

2.

To be precise, Hervé Joncour bought and sold silkworms when the silkworms consisted of tiny eggs, yellow or grey in colour, motionless and apparently dead. Merely in the palm of your hand you could hold thousands of them.

"It's what is meant by having a fortune in your hand."

In early May the eggs opened, freeing a worm that, after thirty days of frantic feeding on mulberry leaves, shut itself up again, in a cocoon, and then, two weeks later, escaped for good, leaving behind a patrimony that in silk came to a thousand yards of rough thread and in money a substantial number of French francs: assuming that everything happened according to the rules and, as in the case of Hervé Joncour, in a region of southern France.

Lavilledieu was the name of the town where Hervé Joncour lived.

Hélène that of his wife.

They had no children.“

 

 

 

 

Baricco
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

 

 

 

 

De Surinaamse dichter en journalist Jozef Hubert Maria Slagveer werd geboren in Totness op 25 januari 1940. Zie ook mijn blog van 25 januari 2009.

 

 

Humanae vitae

 

maria

laat het geen

dertien worden

ze vragen ons

straks te eten

in de hitte

van abrabroki

de paus kent

geen armoede

 

maria

ons leven

van geloof

in de kerk

in pinari

en de twaalf

jezussen

die je gedragen hebt

krijgen een beloning

van onbegrip

dat humanae vitae

heet

 

maria

vraag de paus

om met ons te komen

eten de resten van

de vorige dag

vraag hem te komen

slapen tussen de

muizen en kakkerlakken

dit is onze dank

voor zijn begrijpen

van onze ellende.

 

 

 

 

slagveer

Jozef Slagveer (25 januari 1940 — 8 december 1982)

 

 

 

 

 

De Finse dichter, toneelschrijver en uitgever Paavo Juhani Haavikko werd geboren in Helsinki op 25 januari 1931. Zie ook mijn blog van 25 januari 2009.

 

Uit: Kullervon tarina/Kullervo’s Story (Vertaald door Anselm Hollo)

 

I have a good memory. I remember how I was born, not from a woman but from the fire. That was my birth. I wasn’t killed. I wasn’t given my right, not even the right to die the day I was born. I do remember how the Father woke up, Mother woke up, how they disappeared into the smoke […] and this master came and took me away. Do I remember this, I don’t remember, and I’ll never forget. But I don’t dwell on it. I don’t want it to
fade and grow distant in my mind.

(...)

Perkele. The god of fire. I woke up. It woke me. It woke me because I sleep with my hand held over a burned spot, at the edge of the burned ground. […] Good hand, it knows to wake me up when the fiery ground burns it. I know how to take the broom out of the water I’ve dammed, to put out the fire. It won’t surprise me in my dream. My dream wakes me up, instantly, and without a word. My hand is a trap for that fire. If it wakes up
or ignites, I drown it with water, kill it on the spot. It won’t have time to run far, it won’t get away from me…

(...)

Now I know how to do things. No longer will I listen to any advice. Now I know, and it’s working. I won’t listen to others, I won’t ponder things. What if the others don’t feel anything? What if the others weren’t made the way I was made, so that everything hurts me?[…] I used to think that people were made the way I was made, but I was made by fire, born from fire. I don’t want to know anything about anybody: no family, no name,
let it all go! And it is going. Fate changed, life healed, like a wound. How does the kind of life heal that leaves a deep scar? I don’t know.“

 

 

 

 

PaavoHaavikko
Paavo Haavikko (25 januari 1931 – 6 oktober 2008)

 

 

 

 

 

De Duitse dichter, schrijver, musicus en filmmaker Alfred Gulden werd geboren op 25 januari 1944 in Saarlouis. Zie ook mijn blog van 25 januari 2009.

 

 

So weit gehen

 

Nichts da verloren
außer die Angst
aus dem Kopf geschlagen
in die Füße
das Argument laufen
so weit es geht

 

 

 

 

Die Zunge brennt

 

Mitten ins Gesicht direkt
die Augen hättest du
Antworten schuldig
frag nicht wie
plötzlich die Zunge brennt
ein Wort das andere
gedacht schon auf die Zunge
mitten ins Gesicht
zusammenfährt
in Grund und Boden
daß Worte das

 

 

 

 

Gulden_Alfred
Alfred Gulden (Saarlouis, 25 januari 1944)

25-01-09

Virginia Woolf, William S. Maugham, Renate Dorrestein, Robert Burns, David Grossman, Alessandro Baricco, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Alfred Gulden, Eva Zeller, Daniel von Lohenstein, Vladimir Vysotsky, Friedrich Jacobi, Stéphanie de Genlis


De Engelse schrijfster Virginia Woolf werd geboren op 25 januari 1882 te Londen. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

Uit: Mrs. Dalloway

 

„MRS. DALLOWAY said she would buy the flowers herself.

For Lucy had her work cut out for her. The doors would be taken off their hinges; Rumpelmayer's men were coming. And then, thought Clarissa Dalloway, what a morning-fresh as if issued to children on a beach.

What a lark! What a plunge! For so it had always seemed to her, when, with a little squeak of the hinges, which she could hear now, she had burst open the French windows and plunged at Bourton into the open air. How fresh, how calm, stiller than this of course, the air was in the early morning; like the flap of a wave; the kiss of a wave; chill and sharp and yet (for a girl of eighteen as she then was) solemn, feeling as she did, standing there at the open window, that something awful was about to happen; looking at the flowers, at the trees with the smoke winding off them and the rooks rising, falling; standing and looking until Peter Walsh said, "Musing among the vegetables?"-was that it?-"I prefer men to cauliflowers"-was that it? He must have said it at breakfast one morning when she had gone out on to the terrace-Peter Walsh. He would be back from India one o£ these days, June or July, she forgot which, for his letters were awfully dull; it was his sayings one remembered; his eyes, his pocket-knife, his smile, his grumpiness and, when millions of things had utterly vanished-how strange it was!-a few sayings like this about cabbages.

She stiffened a little on the kerb, waiting for Durtnall's van to pass. A charming woman, Scrope Purvis thought her (knowing her as one does know people who live next door to one in Westminster); a touch of the bird about her, of the jay, blue-green, light, vivacious, though she was over fifty, and grown very white since her illness. There she perched, never seeing him, waiting to cross, very upright.“

 

 

 

Roger_Fry_-_Virginia_Woolf
Virginia Woolf (25 januari 1882 – 28 maart 1941)

Portret door Roger Fry

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver William Somerset Maugham werd geboren in Parijs op 25 januari 1874. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

Uit: The ant and the grasshopper

 

“I suppose every family has a black sheep. Tom had been a sore trial to his for twenty years. He had begun life decently enough: he went into business, married, and had two children. The Ramsays were perfectly respectable people and there was every reason to suppose that Tom Ramsay would have a useful and honourable career. But one day, without warning, he announced that he didn't like work and that he wasn't suited for marriage. He wanted to enjoy himself. He would listen to no expostulations. He left his wife and his office. He had a little money and he spent two happy years in the various capitals of Europe. Rumours of his doings reached his relations from time to time and they were profoundly shocked. He certainly had a very good time. They shook their heads and asked what would happen when his money was spent. They soon found out: he borrowed. He was charming and unscrupulous. I have never met anyone to whom it was more difficult to refuse a loan. He made a steady income from his friends and he made friends easily. But he always said that the money you spent on necessities was boring; the money that was amusing to spend was the money you spent on luxuries. For this he depended on his brother George. He did not waste his charm on him. George was a serious man and insensible to such enticements. George was respectable. Once or twice he fell to Tom's promises of amendment and gave him considerable sums in order that he might make a fresh start. On these Tom bought a motor-car and some very nice jewellery. But when circumstances forced George to realize that his brother would never settle down and he washed his hands of him, Tom, without a qualm, began to blackmail him. It was not very nice for a respectable lawyer to find his brother shaking cocktails behind the bar of his favourite restaurant or to see him waiting on the box-seat of a taxi outside his club. Tom said that to serve in a bar or to drive a taxi was a perfectly decent occupation, but if George could oblige him with a couple of hundred pounds he didn't mind for the honour of the family giving it up. George paid.“

 

 

 

 

 

maughamwsomerset
William Somerset Maugham (25 januari 1874 – 16 december 1965)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

Uit: Mijn zoon heeft een seksleven

 

Ik was net met mijn zusje aan het bellen op het moment dat het moet zijn gebeurd. Had me onder het praten een glas wijn ingeschonken, de gordijnen dichtgedaan, lampen aangestoken. Bij mij was het kwart over zes, mijn werk zat erop.

Voor Francien niet, bij haar was de dag pas half om. Zij fokt paarden in Saugatuck, Michigan, samen met haar vriendin Nell. Ze wonen in een trailer op de stoeterij, kijken ’s nachts naar heldere sterren aan een onvervuilde hemel, baden een groot deel van het jaar in ijskoud water en lopen op laarzen die ze kopen bij een oude indiaanse vrouw. Ma zegt altijd: Ik heb heus geen moeite met Franciens persoonlijke leven en Nell is een lieve schoondochter, maar waarom niet een beetje lippenstift. Ik zou zelf niet weten waarom wel, maar ma uiteraard des te meer.

We hadden het over niets bijzonders. Francien vertelde hoe ze ’s ochtends vroeg in haar pick-up op pad was gegaan om een bestelling prikkeldraad op te halen. Op de terugweg had ze bij een kraam appels gekocht om cider van te maken. Nu zat ze weer thuis, in haar keukentje
van golfplaat. Nell en zij hadden net warme broodjes gegeten. Ook bij haar was het dus een doodgewone dag, een zoals alle andere, alleen besef je pas hoe geweldig het alledaagse is als je rust wordt verstoord.“

 

 

 

 

 

Dorrestein
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

 

 

 

 

 

De Schotse dichter Robert Burns werd geboren op 25 januari 1759 in Alloway, Ayrshire. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

 

The Ploughman's Life

 

As I was a-wand'ring ae morning in spring,

I heard a young ploughman sae sweetly to sing;

And as he was singin', thir words he did say, -

There's nae life like the ploughman's in the month o' sweet May.

 

The lav'rock in the morning she'll rise frae her nest,

And mount i' the air wi' the dew on her breast,

And wi' the merry ploughman she'll whistle and sing,

And at night she'll return to her nest back again. 

 

 

 

 

 

I Murder Hate

 

I murder hate by flood or field,

Tho' glory's name may screen us;

In wars at home I'll spend my blood-

Life-giving wars of Venus.

The deities that I adore

Are social Peace and Plenty;

I'm better pleas'd to make one more,

Than be the death of twenty.

 

I would not die like Socrates,

For all the fuss of Plato;

Nor would I with Leonidas,

Nor yet would I with Cato:

The zealots of the Church and State

Shall ne'er my mortal foes be;

But let me have bold Zimri's fate,

Within the arms of Cozbi! 

 

 

 

 

 

robert_burns
Robert Burns (25 januari 1759 – 21 juli 1796)

Standbeeld in Stanley Park, Vancouver

 

 

 

 

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007 en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

Uit: Writing in the Dark

 

“Explaining the process of inspiration, for me, is like trying to explain what occurs in a dream. In both cases we must resort to using words to describe an experience that by nature resists definition. In both cases we can rationally analyze the events and consider, for example, the themes and characters that may have influenced the dreamer and the needs that led him to conjure up these particular influences rather than others in his dream. But we will always feel that the essence of the dream, its secret, the unique glimmer of contact between the dreamer and the dream, remains an impenetrable riddle.

I remember what I experienced when I felt I was under the rays of a vast and inspiring literary power—when I read Kafka’s Metamorphosis, for example, or Yaakov Shabtai’s Past Continuous, or Thomas Mann’s Joseph and His Brothers. I have no doubt that some part of me, perhaps my innermost core, seemed to be in the realm of a dream. There was a similar intrinsic logic, and a direct dialogue conducted with the deepest and most veiled contents of my soul, almost without the mediation of consciousness.

When I talk, then, of this or the other author and how he or she touched my life and influenced my writing, I know that it is merely the story I tell myself today, in a waking state, under the spotlights, filtered through the natural sifting process of memory.“

 

 

 

 

davidgrossman
David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

 

 

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007  en ook mijn blog van 25 januari 2008.

 

Uit: City (Vertaald door Ann Goldstein)

 

“Larry! . . . Larry! . . . Larry Gorman is approaching our position . . . he's surrounded by his people . . . the ring is mobbed . . . LARRY! . . . it's not easy for the champion to make his way through . . . there's Mondini, his coach . . . a lightning-fast win tonight, here at the Sony Sports Club, let's recap, just 2 minutes 27 seconds is all . . . LARRY, here, Larry, we're on the air, live on radio . . . Larry . . . we're on the air, so, fast work . . ."

"Is this microphone working?"

"Yes, we're on the air."

"Nice microphone, where'd you buy it?"

"I don't buy them, Larry . . . listen . . . did you think it would be over so quickly or . . ."

"My sister would like that a lot . . . "

"I mean . . . "

"No, seriously. You know, she imitates Marilyn Monroe, she sings and she's the spitting image of Marilyn, the same voice, I swear, only she doesn't have a microphone . . . "

"Listen, Larry . . . "

"Usually she manages with a banana."

"Larry, you want to say something about your opponent?"

"Yes. I want to say something."

"Go ahead."

"I want to say something about my opponent. My opponent is called Larry Gorman. Why do they keep on setting me up with those zeroes wearing gloves and no clothes? They're always under my feet. So eventually I have to knock them down."

 

 

 

Barrico
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

 

 

 

 

 

De Surinaamse dichter en journalist Jozef Hubert Maria Slagveer werd geboren in Totness op 25 januari 1940.  Slagveer volgde de Sint Antonius-school te Mary's Hope en de Algemene Middelbare School (AMS) te Paramaribo. Vervolgens vertrok Slagveer naar Nederland waar hij journalistiek studeerde aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. In 1967 keerde hij naar Suriname terug.

Slagveer werkte aanvankelijk op de afdeling voorlichting van het ministerie van onderwijs, maar begon in 1971 samen met Rudi Kross een eigen persbureau, Informa geheten, dat een dagelijks bulletin en een weekblad (Actueel) uitgaf. Hij was voorstander van de onafhankelijkheid van Suriname en wilde samen met Rudi Kross de NPS omvormen tot een socialistische beweging. Slagveer viel in 1975 in ongenade bij de regering-Arron. Na de onafhankelijkheid werd Slagveer spreekbuis van de ontevreden sergeants van het Nationale Leger van Suriname. Nadat zij op 25 februari 1980 een staatsgreep hadden gepleegd, werd hij aangesteld tot hun woordvoerder en propageerde hij hun bewind. Legerleider Bouterse zocht vanaf eind 1980 via Slagveer toenadering tot de leiders van de oude politieke partijen, onder wie Jaggernath Lachmon. Gaandeweg begon Slagveer het regime te bekritiseren. Waarschijnlijk wegens die kritiek werd Slagveer in de nacht van 7 op 8 december 1982 opgepakt. Op 8 december werd hij op 42-jarige leeftijd te Fort Zeelandia vermoord.Slagveer debuteerde in 1959 in de Dichtershoek van het Nederlandse Algemeen Handelsblad. Zijn proza en poëzie in het Sranan en Nederlands is traditioneel vormgebonden en fel nationalistisch-geëngageerd.

 

 

 

Plensregen

 

plensregen kom

en was ons lichaam

 

plensregen kom

bevrijd onze geest

 

laat ons nieuwe kleren dragen

plensregen kom

 

laat ons werken aan een nieuw Suriname

plensregen kom

 

laat ons onszelf zijn

plensregen kom

 

kom plensregen

was het slaafse denken ver van ons weg

was het weg plensregen

kom was Suriname schoon!

 

 

 

 

Vertaald door Michel Berchem

 

 

 

 

Slagveer
Jozef Slagveer (25 januari 1940 — 8 december 1982)

 

 

 

 

 

De Finse dichter, toneelschrijver en uitgever Paavo Juhani Haavikko werd geboren in Helsinki op 25 januari 1931. Hij wordt beschouwd als een van de belangrijkste schrijvers in zijn land. Zo won hij in 1984 de Neustadtprijs voor literatuur. Haavikko debuteerde in de jaren vijftig met Tiet etäisyyksiin. In zijn volgende bundel Tuuliöinä (1953, Winderige nachten) gebruikt hij de wind als centrale metafoor voor hedendaagse angsten en vervreemding. Bekende bundels van Haavikko zijn ook Synnyinmaa (1955) en Lehdet lehtiä (1958). Zijn poëzie werd wel vaak als moeilijk toegankelijk beschouwd. In de jaren zestig sloop er meer sociale kritiek in zijn werk. In zijn verzamelde korte verhalen Lasi Claudius Civiliksen salaliittolaisten pöydällä (1964) toonde hij zich verwant met de nouveau roman, terwijl zijn verzameld toneelwerk Näytelmät (1978) aanleunde bij het theater van het absurde. Van 1967 tot 1983 was hij literair directeur van de uitgeverij Otava en van 1989 tot zijn dood was hij eigenaar van de uitgeverij Art House

 

 

Uit: 10 Poems of the Year 1966

And so she almost stops her breathing
like the wind that has to draw breath immediately
all the more violently.
And so she becomes for a moment smaller than any garment
she might be wearing now.
Everything in this world into which there is only one way to arrive,

but so many ways to leave,
that it makes us different people.
A public place, this world, and one doesn't always know

whether this is what is called a room, and whether this room
is growing darker, by gusts.

 

 

                              *

 

 

In the panelled room I stop, breathe Autumn,
but, no, it isn't you.
Is is that not even wood, carved into ceilings and walls
has a scent that would last.
And yet, those two were so eternal in the high days of summer,
when the warm wind on the skin is cool among the shadows,
and the grasses have vertigo.

 

 

 

 

 

 

paavohaavikko
Paavo Haavikko (25 januari 1931 – 6 oktober 2008)

 

 

 

 

De Duitse dichter, schrijver, musicus en filmmaker Alfred Gulden werd geboren op 25 januari 1944 in Saarlouis. Al in 1959 richtte hij zijn eerste toneelgroep op. Gulden studeerde germanistiek en theaterwetenschappen in Saarbrücken. Naast schrijver en filmmaker is hij ook schrijver van liederen (zowel tekst als muziek. Gulden schrijft zeer veel in het Saarlandse dialect.

 

 

NACHTSCHICHT

 

Zwanzig Jahre im Dunkeln
Tagsüber geschlafen und nachts
gearbeitet.
Sonntags wie werktags, jahr-
aus, jahrein , Sommer wie Winter, Tag
und Nacht verwechselt, verkehrtrum
gelebt.
Und im Urlaub nicht mehr hinten
und vorn gewußt die ersten paar
Tage, dann war er vorbei, zu
spät. Wieder die Arbeit, wieder von
vorn: nachts wach und am Tag
geschlafen.
Die Kinder sind groß geworden und
haben Kinder bekommen.
Die Haare sind grau geworden,
die Augen müde.
Und jetzt soll das alles
anders werden? Jetzt, wo ich
nicht mehr anders kann? Wo die Nacht
der Tag und der Tag die Nacht ist
für mich, soll ich
gehn?

 

 

 


 

Alfred_Gulden
Alfred Gulden (Saarlouis, 25 januari 1944)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijfster en dichteres Eva Zeller werd geboren op 25 januari 1923 in Eberswalde. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

glauben

Wenn jede Pore meiner Haut
hören könnte. Wenn ich so
viele Augen hätte, wie am
Mantelsaum seltener Muscheln sitzen,
ich fragte dennoch töricht:

Was für eine Stimme wirbt um mich
wie um eine Geliebte?
und was ist das für ein Licht ,
soll ich noch auf ein
anderes warten?

Auf einer Waage mit
kleinen und kleinsten
Kupfergewichten wird
meine Antwort gewogen .
Wie die Zungen spielen.

 



 

 

EvaZeller
Eva Zeller (Eberswalde,  25 januari 1923)
    

Portret door Helene Menne-Lindenberg

 

 

 

 

 

De Duitse dichter Daniel Caspar von Lohenstein werd geboren op 25 januari 1635 in Nimptsch, in Silezië. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

 

Inschrift des Tempels der Ewigkeit

 

Ihr dürres Volk, leblose Leute, todte Stumme,

Ihr Sterblichen, die ihr euch wünscht zu leben,

Die ihr den hellen Tag für Nacht,

Die Krone für Gefängniß, Freiheit für die Ketten,

Für Kerker Ruhm, für Wenig Alles alle,

Die ihr für Nebel Glanz, für Dünste Sonnenschein,

Für's Grab den Thron, den Zepter für das Grabescheit,

Für Nichts nicht Viel, den Himmel für die Erden,

Für Asche Gold,

Das Leben für den Tod,

Die Seide für den Koth,

Verwechseln wollt!

Ihr Menschen, die ihr Götter wollet werden,

Die ihr den Kitzel schnöder Eitelkeit,

Der Träume Nichts, der Ehrsucht süße Pein,

Der Wehmuth Wermuth, der Wollüste Galle

Verschmäht und euch vom Dorn' auf Rosen wollet betten!

Kommt, kommt! hier segelt her und macht

Den Lebensnachen an, wollt ihr erheben

Den Preis der Ewigkeit, das Wahre für das Dumme!

 

 

 

 

Lohenstein
Daniel Caspar von Lohenstein  (25 januari 1635 - 28 april 1683)

 

 

 

 

 

De Russische zanger, acteur en dichter Vladimir Semjonovitsj Vysotsky werd geboren op 25 januari 1938 in Moskou. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

Go ahead, drink

 

Go ahead, drink!

Luck's on your side.

Your life's a cent, but

Mine's a bull's eye.

You, with the felt there!

Let's bet shall we?

Me from 90 yards

And you right here.

 

My cards are bad,

My fate I'll face;

I've got a ten and

An ace of spades.

Because on that bet you

Shot at point-blanc;

But I'm a sharpshooter and

You're a gambler, right?

 

Now where could you go?

My shot hit hard:

And 10 in the head,

9 in the heart.

Just as a black dot

On a white leaf.

...That night became

a part of me...

 

 

 

Vertaald door Liza Simonova

 

 

 

 

Vysotsky
Vladimir Semjonovitsj Vysotsky (25 januari 1938 – 25 juli 1980)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijver en filosoof Friedrich Heinrich Jacobi werd geboren in Düsseldorf op 25 januari 1743. Jacobi was bevriend met de jonge Goethe, oefende met zijn briefromans Eduard Allwills Papiere (1775-1776) en Woldemar (1779) grote invloed uit op de Sturm und Drang-beweging. Ook in zijn theoretische geschriften keerde hij zich tegen het rationalisme, dat zijns inziens onafwendbaar tot 'nihilisme' (een neologisme van Jacobi) moest leiden..

 

Uit: Woldemar

 

„Eberhard Hornich, ein angesehener Handelsmann zu B., hatte drey Töchter: die älteste hieß Caroline, die zweyte Henriette, und die dritte Luise. Carl Dorenburg, der sich lange Zeit in Italien und England aufgehalten hatte, und zurück nach London wollte, wo ein vortheilhaftes Etablissement auf ihn wartete, sah Carolinen, und ward von ihr gefesselt. Er war ein sanfter und herzlicher Mann, der die feinern Vergnügen mit Einfalt liebte, einen reinen und festen Geschmack hatte, und sich nie an etwas hieng, als mit innigem Gefühl und aus wahrer aufrichtiger Neigung. Das Mädchen nahm ihn gern, und der Alte willigte mit Freuden in die Heyrath mit einem Manne, der ein so vortreflicher Kaufmann und von so grossem Vermögen war. Vater und Tochtermann traten miteinander in Gesellschaft.

Dorenburgs vertrautester Freund war Biederthal, ein junger Rechtsgelehrter. Die Aehnlichkeit ihrer Neigungen, der Eifer, den sie gegenseitig in sich erweckten, die Hülfe, die sie einander leisteten, brachte jene geistige Gemeinschaft der Güter unter ihnen zuwege, welche den Neid unmöglich und das Leben so süß macht. So war ihr Verständniß zwey Jahre hindurch immer vollkommener und enger geworden.“

 

 

 

jacobi
Friedrich Jacobi (25 januari 1743 - 10 maart 1819)

 

 

 

 

De Franse schrijfster Stéphanie Félicité Du Crest de Saint-Aubin, comtesse de Genlis, werd geboren op 25 januari 1746 in Champcéry bij Autun. Zij bestreed Madame de Staël en was als strenge katholiek ook een tegenstandster van Voltaire. Zij schreef voornamelijk opvoedkundige en historische werken.

 

 

L'oiseau, le prunier et l'amandier

 

Un jeune oiseau , perché sur un prunier,
Vit tout à coup un amandier :
Le bel arbre! dit-il, et quel charmant feuillage!
Allons goûter ses fruits : je gage
Qu'ils sont mûrs et délicieux.
A ces mots, fendant l'air d'un vol impétueux ,
L'oiseau bientôt, ainsi-qu'il le désire,
Se trouve transplanté sur l'arbre qu'il admire.
Lors aux amandes s'attachant,
Il veut les entamer; mais inutilement,
Et de son bec en vain il épuise la force.
Ne nous étonnons point de son raisonnement ;
Il ne jugeait que sur l'écorce.

 

 

 

 

Madame_Stephanie_de_Genlis
Stéphanie de Genlis (25 januari 1746 – 31 december 1830)

 

 

 

25-01-08

Virginia Woolf, Renate Dorrestein, Somerset Maugham, Robert Burns, David Grossman, Alessandro Baricco, Vladimir Vysotsky, Eva Zeller, Daniel von Lohenstein


De Engelse schrijfster Virginia Woolf werd geboren op 25 januari 1882 te Londen. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

Uit: To the Lighthouse

 

"YES, OF COURSE, if it's fine tomorrow," said Mrs. Ramsay. "But you'll have to be up with the lark," she added.

To her son these words conveyed an extraordinary joy, as if it were settled, the expedition were bound to take place, and the wonder to which he had looked forward, for years and years it seemed, was, after a night's darkness and a day's sail, within touch. Since he belonged, even at the age of six, to that great clan which cannot keep this feeling separate from that, but must let future prospects, with their joys and sorrows, cloud what is actually at hand, since to such people even in earliest childhood any turn in the wheel of sensation has the power to crystallise and transfix the moment upon which its gloom or radiance rests, James Ramsay, sitting on the floor cutting out pictures from the illustrated catalogue of the Army and Navy Stores, endowed the picture of a refrigerator, as his mother spoke, with heavenly bliss. It was fringed with joy. The wheelbarrow, the lawnmower, the sound of poplar trees, leaves whitening before rain, rooks cawing, brooms knocking, dresses rustling- all these were so coloured and distinguished in his mind that he had already his private code, his secret language, though he appeared the image of stark and uncompromising severity, with his high forehead and his fierce blue eyes, impeccably candid and pure, frowning slightly at the sight of human frailty, so that his mother, watching him guide his scissors neatly round the refrigerator, imagined him all red and ermine on the Bench or directing a stern and momentous enterprise in some crisis of public affairs.”

 

 

 

Woolf
Virginia Woolf (25 januari 1882 – 28 maart 1941)

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

Uit: Echt sexy

 

“Hallo!

Je zult zeggen, wie is daar, maar ik ben Fiebie Koolveld ik ben dertien ik ben voor niemand bang. Ik heb mijn nieuwe h&m-topje aan. Ik heb twee mobieltjes, een laptop, een Tom-

Tom en een Xbox. Allemaal van Johnny gekregen.

Ik ben Johnny’s mascotte. Ik breng hem geluk. Daarom woon ik bij hem in huis. We hebben een jacuzzi in de tuin, en een witte rat die Baby heet. Iedere ochtend als ik wakker word, denk ik meteen: Gaaf, ik ben nog steeds hier, bij Johnny.

Ken je Power unlimited, die nieuwe game? Waarin je tsunami’s en vulkaanuitbarstingen kunt veroorzaken, of juist verhinderen? Waarin je kunt voorkomen dat dieven de Wereldbank opblazen en er met al het goud vandoor gaan, of waarin je, als je daar meer van houdt, op aarde een nieuw virus in omloop kunt brengen waarvan iedereen binnen

drie uur etterbuilen krijgt en dan rochelend doodgaat? Nou, Johnny is nog honderd keer beter dan Power unlimited.Maar nu moet ik opschieten, want het is al kwart overacht.

Op weg naar school kom ik drie keer die nieuwe poster tegen die sinds kort in de stad hangt. Je ziet hem overal. Er is een vrouw in een witte bikini op afgebeeld. Ze draagt hoge hak10

ken en staat wijdbeens. Haar halfl ange blonde haar wappert in de wind. Haar ene hand rust uitdagend op haar heup, in de andere houdt ze een mobieltje. Ze kijkt je recht aan. Kom

maar halen, zie je haar denken. Naast haar staat een klein meisje, nog niet eens groep één, lijkt me. Ze heeft hetzelfde blonde haar, ze draagt dezelfde blote bikini en ook zij steekt een telefoontje naar voren, in dezelfde stoere houding, met dezelfde verleidelijke blik.”

 

 

 

renate_dorrestein
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

 

 

 

De Engelse schrijver William Somerset Maugham werd geboren in Parijs op 25 januari 1874. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

Uit: Of Human Bondage

 

“The day broke gray and dull.  The clouds hung heavily, and there was a rawness in the air that suggested snow.  A woman servant came into a room in which a child was sleeping and drew the curtains.  She glanced mechanically at the house opposite, a stucco house with a portico, and went to the child’s bed.

“Wake up, Philip,” she said.

She pulled down the bed-clothes, took him in her arms, and carried him downstairs.  He was only half awake.

“Your mother wants you,” she said.

She opened the door of a room on the floor below and took the child over to a bed in which a woman was lying.  It was his mother.  She stretched out her arms, and the child nestled by her side.  He did not ask why he had been awakened.  The woman kissed his eyes, and with thin, small hands felt the warm body through his white flannel nightgown.  She pressed him closer to herself.

“Are you sleepy, darling?” she said.

Her voice was so weak that it seemed to come already from a great distance.  The child did not answer, but smiled comfortably.  He was very happy in the large, warm bed, with those soft arms about him.  He tried to make himself smaller still as he cuddled up against his mother, and he kissed her sleepily.  In a moment he closed his eyes and was fast asleep.  The doctor came forwards and stood by the bed-side.

“Oh, don’t take him away yet,” she moaned.

The doctor, without answering, looked at her gravely.  Knowing she would not be allowed to keep the child much longer, the woman kissed him again; and she passed her hand down his body till she came to his feet; she held the right foot in her hand and felt the five small toes; and then slowly passed her hand over the left one.  She gave a sob.

“What’s the matter?” said the doctor.  “You’re tired.”

She shook her head, unable to speak, and the tears rolled down her cheeks.  The doctor bent down.

“Let me take him.”

She was too weak to resist his wish, and she gave the child up.  The doctor handed him back to his nurse.

“You’d better put him back in his own bed.”

“Very well, sir.”  The little boy, still sleeping, was taken away.  His mother sobbed now broken-heartedly.

“What will happen to him, poor child?”

The monthly nurse tried to quiet her, and presently, from exhaustion, the crying ceased.  The doctor walked to a table on the other side of the room, upon which, under a towel, lay the body of a still-born child.  He lifted the towel and looked.  He was hidden from the bed by a screen, but the woman guessed what he was doing.

“Was it a girl or a boy?” she whispered to the nurse.

“Another boy.”

 

 

 

 

Maugham
William Somerset Maugham (25 januari 1874 – 16 december 1965)

 

 

 

De Schotse dichter Robert Burns werd geboren op 25 januari 1759 in Alloway, Ayrshire. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

A Man's A Man For A' That

 

Is there for honest Poverty
That hings his head, an' a' that;
The coward slave-we pass him by,
We dare be poor for a' that!
For a' that, an' a' that.
Our toils obscure an' a' that,
The rank is but the guinea's stamp,
The Man's the gowd for a' that.

What though on hamely fare we dine,
Wear
hoddin grey, an' a that;
Gie fools their silks, and knaves their wine;
A Man's a Man for a' that:
For a' that, and a' that,
Their tinsel show, an' a' that;
The honest man, tho'
e'er sae poor,
Is king o' men for a' that.

Ye see
yon birkie, ca'd a lord,
Wha struts, an' stares, an' a' that;
Tho' hundreds worship at his word,
He's but a
coof for a' that:
For a' that, an' a' that,
His ribband, star, an' a' that:
The man o' independent mind
He looks an' laughs at a' that.

A prince can mak a belted knight,
A marquis, duke, an' a' that;
But an honest man's abon his might,
Gude faith, he maunna fa' that!

 

 

 

 

Burns
Robert Burns (25 januari 1759 – 21 juli 1796)

 

 

 

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

Uit: De stem van Tamar

 

Er draaft een hond door de straten en een jongen rent achter hem aan. Ze zijn met elkaar verbonden door een lang touw dat verstrikt raakt in de voeten van de voorbijgangers, die mopperen en boos worden, terwijl de jongen steeds maar ‘Sorry, sorry,’ mompelt en tussen het gesorry door ‘Stop!’ en ‘Hier!’ roept tegen de hond, en één keertje, pijnlijk genoeg, een onwillekeurig ‘Hu!’ En de hond blijft maar hollen.
Hij schiet vooruit, steekt de drukke straten over, vliegt door het rode licht, en de jongen ziet de gouden vacht tussen de benen van de voorbijgangers verdwijnen en weer tevoorschijn komen, als een geheim signaal. ‘Niet zo hard,’ schreeuwt hij. Wist ik maar hoe die hond heet, denkt hij bij zichzelf, dan kon ik hem bij zijn naam roepen en zou hij misschien stoppen of op z’n minst vaart minderen, maar ik voel aan mijn water dat de hond ook in dat geval zou blijven rennen, zelfs als het touw om zijn nek zo strak komt te zitten dat hij geen adem meer krijgt, dan nóg blijft hij doorrennen tot hij de plek bereikt waar hij zo nodig heen moet, dus hoe eerder, hoe beter, dan ben ik van hem af.
Dit alles gebeurt op een ongelegen moment. De jongen, die Assaf heet, holt voort, maar zijn gedachten raken ver achter hem in de war. Hij wil ze uit zijn hoofd zetten, hij moet zich op de hond concentreren, maar de gedachten slepen achter hem aan als een sliert rammelende blikjes. Het blikje van de reis van zijn ouders bijvoorbeeld. Die bevinden zich op dit moment ergens boven de oceaan, voor het eerst van hun leven in een vliegtuig, maar waarom moesten ze ineens zo nodig weg? Of het blik van zijn oudere zus, waar hij niet eens aan durft te denken, want daar kan alleen maar ellende van komen. En er zijn er nog meer, kleine en grote blikjes, en ze rammelen en botsen tegen elkaar aan, met aan het eind het blikje dat hij al twee weken met zich meesleept, dat hem gek maakt met zijn blikkerige geluid, dat heel hard schreeuwt dat Assaf nu eindelijk eens goed verliefd moet worden op Daffi, want hoe lang wilde hij nog wachten? En Assaf weet dat hij even moet stoppen om die irritante sliert met blikjes op orde te brengen, maar de hond heeft andere plannen.”

 

 

 

Grossmann
David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

 

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

 

Uit: Without Blood

 

The old farmhouse of Mato Rujo stood blankly in the countryside, carved in black against the evening light, the only stain in the empty outline of the plain.

The four men arrived in an old Mercedes. The road was pitted and dry--a mean road of the countryside. From the farmhouse, Manuel Roca saw them.

He went to the window. First he saw the column of dust rising against the corn. Then he heard the sound of the engine. No one had a car anymore, around here. Manuel Roca knew it. He saw the Mercedes emerge in the distance and disappear behind a line of oaks. Then he stopped looking.

He returned to the table and placed a hand on his daughter's head. Get up, he told her. He took a key from his pocket, put it on the table, and nodded at his son. Yes, the son said. They were children, just two children.

At the crossroads where the stream ran the old Mercedes did not turn off to the farmhouse but continued toward Alvarez instead. The four men traveled in silence. The one driving had on a sort of uniform. The other sitting in front wore a cream-colored suit. Pressed. He was smoking a French cigarette. Slow down, he said.

 

Manuel Roca heard the sound fade into the distance toward Alvarez. Who do they think they're fooling? he thought. He saw his son come back into the room with a gun in his hand and another under his arm. Put them there, he said. Then he turned to his daughter. Come, Nina. Don't be afraid. Come here.

The well-dressed man put out his cigarette on the dashboard of the Mercedes, then told the one who was driving to stop. This is good, here, he said. And shut off that infernal engine. He heard the slide of the hand brake, like a chain falling into a well. Then nothing. It was as if the countryside had been swallowed up in an unalterable silence

 

 

 

 

baricco
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

 

 

 

 

Zie voor onderstaande schrijvers ook mijn blog van 25 januari 2007.

 

De Russische zanger, acteur en dichter Vladimir Semjonovitsj Vysotsky werd geboren op 25 januari 1938 in Moskou.

 

De Duitse schrijfster en dichteres Eva Zeller werd geboren op 25 januari 1923 in Eberswalde.

 
De Duitse dichter Daniel Caspar von Lohenstein werd geboren op 25 januari 1635 in Nimptsch, in Silezië.

 

 

25-01-07

Virginia Woolf, Renate Dorrestein, William Somerset Maugham, Robert Burns, Vladimir Vysotsky, Eva Zeller, Daniel Caspar von Lohenstein, David Grossman, Alessandro Baricco


De Engelse schrijfster Virginia Woolf werd als Adeline Virginia Stephen geboren op 25 januari 1882 te Londen, in een klassiek Victoriaans gezin. Na de dood van haar moeder in 1895 maakte ze de eerste van diverse zenuwinzinkingen door. In 1905 maakte ze van schrijven haar beroep. Aanvankelijk schreef ze voor het Times Literary Supplement. In 1912 trouwde ze met Leonard Woolf, een ambtenaar en politicoloog. Haar eerste boek, The Voyage Out, kwam uit in 1915. Ze publiceerde romans en essays, en had zowel bij de literaire kritiek als het grote publiek succes. Veel van haar werk gaf ze zelf uit via de uitgeverij Hogarth Press. Op 28 maart 1941 pleegde Woolf zelfmoord door haar zakken te vullen met stenen, en zich te verdrinken in de rivier de Ouse nabij haar huis in Rodmell (Sussex).

 

Uit: A room of one's own

 

“But, you may say, we asked you to speak about women and fiction—what, has that got to do with a room of one’s own? I will try to explain. When you asked me to speak about women and fiction I sat down on the banks of a river and began to wonder what the words meant. They might mean simply a few remarks about Fanny Burney; a few more about Jane Austen; a tribute to the Brontës and a sketch of Haworth Parsonage under snow; some witticisms if possible about Miss Mitford; a respectful allusion to George Eliot; a reference to Mrs Gaskell and one would have done. But at second sight the words seemed not so simple. The title women and fiction might mean, and you may have meant it to mean, women and what they are like, or it might mean women and the fiction that they write; or it might mean women and the fiction that is written about them, or it might mean that somehow all three are inextricably mixed together and you want me to consider them in that light. But when I began to consider the subject in this last way, which seemed the most interesting, I soon saw that it had one fatal drawback. I should never be able to come to a conclusion. I should never be able to fulfil what is, I understand, the first duty of a lecturer to hand you after an hour’s discourse a nugget of pure truth to wrap up between the pages of your notebooks and keep on the mantelpiece for ever.”

 

 

 

Woolf
Virginia Woolf (25 januari 1882 – 28 maart 1941)

 

 

 

 

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954. Als romancier debuteerde Dorrestein in 1983 met Buitenstaanders, daarvoor was ze al bekend van haar columns in onder andere Opzij. In 1993 ontving ze de Annie Romeinprijs voor haar hele werk. Verder kreeg ze voor Een sterke man een nominatie voor de Libris Literatuurprijs, en een nominatie voor de Publieksprijs voor Een hart van steen. In 2002 werd Zonder genade genomineerd voor de AKO Literatuur Prijs. Ook kreeg ze twee internationale nominaties. In 1997 schreef ze op uitnodiging van de CPNB het Boekenweekgeschenk onder de titel Want dit is mijn lichaam.

 

Uit: Een hart van steen

 

“We waren al met z'n vieren toen Ida werd geboren, in een ongewoon koude zomernacht. Dankzij de bijna volle maan was het om twee uur nog zo licht dat we de sproeten op elkaars neus konden tellen. We waren vastbesloten wakker te blijven totdat we de eerste kreet van de nieuwe baby hadden gehoord.
We hadden chips en cola meegenomen naar onze slaapkamer op zolder en onze warmste flanellen pyjama's aangetrokken.
Ik had het me met een stapel kussens gemakkelijk gemaakt op Kesters bed. Om de tijd te doden lazen hij en ik samen een Batman-strip. Hij porde me zachtjes in mijn zij als ik de pagina moest omslaan. Onze zuster Billie zat op haar vaste plek voor de spiegel die naast de kleerkast hing en knipte met een nagelschaartje geconcentreerd de gespleten punten uit haar lange zwarte haren. En Carlos stond van opwinding rechtop in zijn ledikant te zingen, slaapdronken, zijn buikje bolde over zijn afgezakte slaapluier heen. We noemden hem Carlos omdat hij als baby als twee druppels water had geleken op die bonenstaak van Engeland, prins Charles.”

 

 

 

 

Dorrestein
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

 

 

 

 

 

De Engelse schrijver William Somerset Maugham werd geboren in Parijs op 25 januari 1874 en groeide op in Frankrijk. Na het overlijden van zijn ouders haalde zijn familie hem naar Kent en plaatste hem intern op de King's School in Canterbury. In 1914, tijdens de Eerste Wereldoorlog, zette hij zich een periode praktisch in voor het Rode Kruis in Frankrijk. Als geheim agent voor de Britse Geheime Dienst werkte hij in Genève en in Petrograd, waar hij betrokken was bij pogingen de uitbraak van de Russische Revolutie tegen te houden. Later schreef hij over deze ervaringen verschillende verhalen. Maugham trouwde met zijn maîtresse, de in die tijd bekende binnenhuisarchitecte Maud Gwendolen Syrie Barnardo. Het grootste deel van hun huwelijk bleven William en Syrië echter apart wonen. Sommigen menen dat Maugham wellicht homoseksueel was, maar daar niet voor wilde uitkomen uit angst voor wat collega-auteur Oscar Wilde was overkomen (gevangenschap). Zeker is dat Maugham vanwege die gebeurtenissen angstvallig vermeed het thema homoseksualiteit in zijn stukken te verwerken. Een complicerende factor in zijn huwelijk was mogelijk zijn vriendschap met de jonge en extraverte Amerikaan Gerald Haxton. Tijdens Maughams vele reizen die hij vanaf 1914 ondernam was hij vaak in gezelschap van zijn kompaan. Tot diens dood in 1944 zouden ze samen blijven reizen. Na een turbulent huwelijk scheidden William en Syrie in 1928. In 1940 wachtte Maugham het verloop van de oorlog niet af en vluchtte vanuit Frankrijk per boot naar de Verenigde Staten, waar hij de oorlog rustig uitzat. In 1944 overleed Gerald Haxton. Maugham keerde na de oorlog naar Frankrijk terug in gezelschap van Alan Searle. In 1946 riep hij de Somerset Maugham Award in het leven, een prijs die jonge schrijvers in staat stelde te reizen.

 

Uit: The Magician

 

 Arthur Burdon and Dr Porhoët walked in silence. They had lunched at a restaurant in the Boulevard Saint Michel, and were sauntering now in the gardens of the Luxembourg. Dr Porhoët walked with stooping shoulders, his hands behind him. He beheld the scene with the eyes of the many painters who have sought by means of the most charming garden in Paris to express their sense of beauty. The grass was scattered with the fallen leaves, but their wan decay little served to give a touch of nature to the artifice of all besides. The trees were neatly surrounded by bushes, and the bushes by trim beds of flowers. But the trees grew without abandonment, as though conscious of the decorative scheme they helped to form. It was autumn, and some were leafless already. Many of the flowers were withered. The formal garden reminded one of a light woman, no longer young, who sought, with faded finery, with powder and paint, to make a brave show of despair. It had those false, difficult smiles of uneasy gaiety, and the pitiful graces which attempt a fascination that the hurrying years have rendered vain.”

 

 

 

 

Somerset
William Somerset Maugham (25 januari 1874 – 16 december 1965)

 

 

 

 

 

Robert Burns is de bekendste dichter die in het Schots (het Engels-schotse dialect, niet de Keltisch schotse taal) geschreven heeft. Zijn gedicht Auld Lang Syne wordt in Engelssprekende gebieden vaak gezongen bij de overgang naar het nieuwe jaar. Hij werd geboren op 25 januari 1759 in Alloway, Ayrshire, Schotland in een arme boerenfamilie. Zijn ouders zorgden ervoor dat hij een goede opleiding kreeg toen hij jong was. Hij begon met het schrijven van poëzie in 1783, en gebruikte een traditionele stijl en het Ayrshire dialect van het Schots. De gedichten werden lokaal goed ontvangen, en werden in 1786 onder de naam Poems, Chiefly in the Scottish dialect uitgegeven door een drukkerij in Kilmarnock. Hierdoor werd hij beroemd in Schotland en als gevolg hiervan bracht hij een aantal jaren door in Edinburgh. Maar zijn faam bracht verder geen geld met zich mee, en hij zag zich genoodzaakt terug te gaan naar de boerderij. Maar ook dat bleek niet winstgevend te zijn, en in 1789 ging hij voor de regering werken op de afdeling Douane en Heffingen.

 

 

 

Auld Lang Syne 

(fragment)

 

Should auld acquaintance be forgot,
And never brought to mind?
Should auld acquaintance be forgot,
And auld lang syne!

Chorus.-For auld lang syne, my dear,
For auld lang syne.
We'll tak a cup o' kindness yet,
For auld lang syne.

And surely ye'll be your pint stowp!
And surely I'll be mine!
And we'll tak a cup o'kindness yet,
For auld lang syne.
For auld, &c.

 

 

 

 

The Parting Kiss

 

Humid seal of soft affections,
Tenderest pledge of future bliss,
Dearest tie of young connections,
Love's first snowdrop, virgin kiss!

Speaking silence, dumb confession,
Passion's birth, and infant's play,
Dove-like fondness, chaste concession,
Glowing dawn of future day!

Sorrowing joy, Adieu's last action,
(Lingering lips must now disjoin),
What words can ever speak affection
So thrilling and sincere as thine!

 

 

 

 

Burns
Robert Burns (25 januari 1759 – 21 juli 1796)

 

 

 

 

 

Vladimir Semjonovitsj Vysotsky was een Russische zanger, acteur en dichter, immens populair in de voormalige Sovjet-Unie. Hij werd geboren op 25 januari 1938. Hij heeft meer dan 600 liederen geschreven over onderwerpen als alcoholisme, de oorlog, sport, het gekkenhuis, de ochtendgymnastiek, prostitutie, geruchten en politie. Een enkel nummer is uit de naam van een voorwerp geschreven, zoals de belevenissen van een microfoon of een oorlogsvliegtuig. Hij hoorde bij geen enkele vereniging en was derhalve officieel geen dichter en geen zanger. Zichzelf noemde hij een dichter die zijn gedichten met een gitaar opvoerde. Hij onderscheidde serieuze liederen en de zgn. "grapliederen", die overigens vaak een moraal bevatten.

 

Das kotzt mich an

Zum Selbstmord lasse ich mich nicht verleiten,
vom Tod zu singen bin ich auch nicht scharf.
Zuwider sind mir jene Jammerzeiten,
wenn man malade ist, nicht saufen darf.

Zutraulichkeit erweckt nicht mein Vertrauen.
Von Zynikern im amtlichen Talar
laß ich mir ungern in die Karten schauen,
von Schnüfflern lesen meine Briefe gar.

Ich lasse mir nicht gern das Maul verschließen,
schweig nicht, wenn man im Satz mich unterbricht.
Nur ungern laß ich mich von vorn erschießen,
doch auch von hinten lieb ich so was nicht.

So wie ich Tratsch in allen Formen hasse,
empfind ich Ehrennadeln nur als Stich,
als kratz' ein Messer über Glas, als lasse
ich streicheln mir das Fell gegen den Strich.

Da ich nicht satte Sicherheit begehre,
mag's sein, daß meine Bremse mal versagt,
wenn man den wahren Sinn des Wortes »Ehre«
vergißt, verfälscht und zu beschmutzen wagt.

Für Demutstypen mit gebrochnen Flügeln
fühl ich zu Recht niemals Barmherzigkeit.
Gewaltlos ist Gewalt zwar nicht zu zügeln,
doch mir ist's gleich ... nur Christus tut mir leid.

Als miesen Feigling würde ich mich hassen,
ließe ich zu, daß man Unschuldige schlägt.
Von keinem möcht ich mich lobhudeln lassen,
der sonst auf Menschlichkeit zu spucken pflegt.

Der ewige Zirkus, wo wie Seifenblasen
Versprechen platzen, juble, wer da kann.
Große Veränderungen? – Nichts als Phrasen.
Das alles mag ich nicht, das kotzt mich an.

Vertaald door  Martin Remane

 

 

 

 

Vladimir
Vladimir Semjonovitsj Vysotsky (25 januari 1938 – 25 juli 1980)

 

 

 

 

De Duitse schrijfster en dichteres Eva Zeller werd geboren op 25 januari 1923 in Eberswalde. Zij studeerde germanistiek en filosofie en woont tegenwoordig in Berlijn. Zij is voor haar werk meerdere keren bekroond. Zij is lid van de Deutsche Akademie für Sprache und Dichtung en de Akademie der Wissenschaften und der Literatur

unterwegs

in letzter Zeit
will ich abwärtsfließende
Rolltreppen hochlaufen
und wildfremde Leute
nach dem Weg fragen
Wenn mir das
nochmal passiert...

Unterwegs fällt es mir
siedend heiß auf die Seele
daß in meiner Wohnung
ein Kabel durchschmort
und ich sowieso
im falschen Zug sitze
Wo komme ich hin

Auf jedem Bahnsteig
hole ich mich ab
falle mir um den Hals
und sage: Schön
daß du da bist
ich dachte schon
du bist verloren-
gegangen.

 

 

 

 

Zeller
Eva Zeller (Eberswalde,  25 januari 1923)
                 

 

 

De Duitse dichter Daniel Caspar von Lohenstein werd geboren op 25 januari 1635 in Nimptsch, in Silezië. Hij was jurist, diplomaat en een van de belangrijkste dichters uit de Silezische Barok.

 

Denn lieben ist nichts mehr / als eine schifferey

Denn lieben ist nichts mehr / als eine schifferey /
Das schiff ist unser hertz / den seilen kommen bey
Die sinnverwirrungen. Das meer ist unser leben /
Die liebeswellen sind die angst / in der wir schweben /
Die segel / wo hinein bläst der begierden wind /
Ist der gedancken tuch. Verlangen / hoffnung sind
Die ancker. Der magnet ist schönheit. Unser strudel
Sind Bathseben. Der weun und überfluß die rudel.
Der stern / nach welchem man die steiffen seegel lenckt /
Ist ein benelckter mund. Der port / wohin man denckt /
Ist eine schöne Frau. Die ufer sind die brüste.
Die anfahrt ist ein kuß. Der zielzweck /süsse lüste.
Wird aber hier umwölckt / durch blinder brünste rauch /
Die sonne der vernunfft / so folgt der schiffbruch auch /
Der seelen untergang / und der verderb des leibes:
Denn beyde tödtet uns der lustbrauch eines weibes.

 

Lohenstein
Daniel Caspar von Lohenstein  (25 januari 1635 - 28 april 1683)

 

 

 

De Israëlische schrijver David Grossman werd geboren op 25 januari 1954 in Jeruzalem. Hij studeerde filosofie en theaterwetenschappen aan de universiteit aldaar. Hij schrijft romans, kinder- en jeugdboeken en uitte zich in verschillende boeken kritisch over de Palestijnse kwestie. Grossmann verlangde ook samen met andere schrijvers in augustus 2006 een onmiddellijk stoppen van de strijd in Libanon. Enkele dagen later, op 12 augustus 2006 werd zijn zoon Uri in Zuidlibanon gedood toen diens pantservoertuig door een raket werd getroffen.

 

 

Uit: Das Gedächtnis der Haut

 

„Auch wenn, wie es Rotem am Ende der Geschichte klar wird, ihr Text kein einziges Körnchen Wahrheit enthält, sich alles anders abgespielt hat und ihre Erzählung nichts als ein Haufen Illusionen, Irrtümer und Phantasmagorien enthält, dann macht das nichts. Denn dies ist nun ihr Platz geworden, in dieser Welt hat sie sich eingerichtet, dies ist ihr Heim. Geborgen hat sie sich bei ihrer Mutter nie gefühlt. Diese Geschichte ist nun ihr Refugium, ihr Heim. Und mit diesem Gefühl kann ich mich sehr gut identifizieren: je unerträglicher die Welt wird, je unentzifferbarer, je grausamer, je mehr ich von Informationen, die für mich völlig irrelevant sind, von Fakten und Gegebenheiten überflutet werde, gegen die ich mich nur sehr mühevoll wehren kann, für die ich so viel Energie aufwenden muß, um mich ihnen anzupassen, desto stärker wird für mich der Text, meine Erzählung, das Buch, an dem ich gerade schreibe zu meinem Heim, dies ist der wichtigste Ort für mich. Ein Ort, den ich nach zwei, drei Jahren Arbeit verlassen kann, wo ich die Menschen kenne, ihre Charaktere verstehe, eine Welt, deren Logik ich verstehe, dies ist mein Heim.“

 

Grossman
David Grossman (Jeruzalem, 25 januari 1954)

 

 

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Hij studeerde fikosofie en muziekwetenschappen. Tien jaar lang werkte hij als muziek recensent voor Italiaanse dagbladen. In 1995 ontving hij de Franse literatuurprijs Prix Médicis (étranger). Hij doceert creatief schrijven en de door hem opgerichte Scuola Holden in Turijn.

 

Uit: Land van glas (1991)

 

"Een geopend boek betekent altijd aanwezigheid van een lafaard - je ogen gekluisterd aan die regels om je blik niet te laten stelen door de brandende wereld - de woorden die één voor één het geraas van de wereld door een ondoorzichtige trechter drukken zodat het in glazen vormpjes wordt gegoten die men boeken noemt - de geraffineerdste manier om je terug te trekken, dat is de waarheid. Een rotstreek. Maar wel: heel teder. Dat is belangrijk, en dat moet altijd worden onthouden, en overgeleverd, beetje bij beetje, van zieke op zieke, als een geheim, het geheim, zodat het nooit verloren gaat door iemands ontkenning of door iemands kracht, zodat het altijd zal overleven in het geheugen van tenminste één uitgeputte ziel, en daar zal klinken als een vonnis dat iedereen tot zwijgen kan brengen: lezen is een heel tedere rotstreek."

 

Werk o.a.: Oceano Mare (1993), Novecento (1994), City (2000)

 

 

 

Barrico
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)