21-06-14

Wulf Kirsten, Frans de Cort, Patrick Lowie, Henry S. Taylor, Mary McCarthy, Aleksandr Tvardovsky, Fyodor Gladkov

 

De Duitse dichter, schrijver en uitgever Wulf Kirsten werd geboren op 21 juni 1934 in Klipphausen bij Meißen. Zie ook alle tags voor Wulf Kirsten op dit blog.

 

KURFÜRSTENDAMM

Eisenzahnstraße, abgewinkelten arms.
emaille. gingkobäumchen in reih und glied.
astlos. vorübergehend an pfähle gebunden,
laufen neben den passanten her. so tun,
als ob. und wie sie marschieren.
pomologie, preußisch gedrillt. flexibel
gekrümmt bogenlaternen, eisenkunstguß.
nostalgisch verschnörkelt.
die geschmacksbildende idee alternierend
und eine spur zu absichtlich
zwischen die baumschulflüchter gesetzt.
abgeplatzte platanenrinde: heißt das,
ich soll entziffern, was die urbanisierte
natur mir achtlos vor die füße wirft?
eingemummt in ein giftgrünes brillengestell
die bankbesetzerin und ihr ausgesperrtes
eigentum. hinter einem wall sparriger
bündel das sperrgut mitten auf der avenue.
die einzige und ihr eigentum. anschauungs-
modell. sorgsam verschnürt und gehütet.
die geheimnisse des lebens. fremdbestimmt.
die krümel teilt sie mit den tauben, fittich,
fußkrank und stahlblau. ein ausgewildertes
team. gut eingespielt. auf einem endlosband
gestreckt fassadenfrohes grafitti-esperanto.
der mauerabtrag von spechten handlich
geklopft, oder waren die heiligen brocken
bloß auf feindwall getrimmt? verhökert
an einer straßenecke in Berlin.

 

 
Wulf Kirsten (Klipphausen, 21 juni 1934)
De Kurfürstendamm in Berlijn

Lees meer...

21-06-09

Ed Leeflang, Thomas Blondeau, Anne Carson, Adam Zagajewski, Georg Lentz, Mary McCarthy, Aleksandr Tvardovsky, Fyodor Gladkov, Henry S. Taylor, Frans Joseph de Cort

 

 

De Nederlandse dichter Ed Leeflang werd geboren op 21 juni 1929 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 21 juni 2007,  mijn blog van 21 maart 2008 en ook mijn blog van 21 juni 2008.

 

 

Ballade van de jaren

 

De meest onmogelijke jaren
verstreken waar wij zelf niet waren.

Waar lang en hardop werd geschoten
woonden alleen de tijdgenoten.

Je hoofd in maanlicht - van opzij
een broos en teerbeschilderd ei -

is hoezo hier en heel gebleven,
in slaap en moe van overleven.

Lees in stations de gebiedende wijzen,
de zucht te genezen, de drang te prijzen:

vrij veilig, drink minder, niet lozen, behoud
de grutto, gireer, red het regenwoud,

laat van je horen, vermager en blijf
van de verte, de stilte, de bomen, mijn lijf.

Gewaarschuwd, gesmeekt, bezworen, geboden
worden wij weggejaagd bij de doden,

de vaders en moeders aan zee, in het koren,
de dagjesmensen bij wie wij toch horen.

Zoals wij daar liepen bij poelen en vennen,
zo argeloos willen wij nog zien en kennen.

Wij willen hun vogels, hun blindheid, hun fruit,
hun gras. Wij willen hun tijd niet uit.

 

 

 

leeflang
Ed Leeflang (21 juni 1929 – 17 maart 2008)

 

 

 

 

 

De Vlaamse dichter, schrijver en journalist Thomas Blondeau werd geboren in Poperinge op 21 juni 1978. Hij studeerde aan de Katholieke Universiteit Leuven en aan de Universiteit Leiden (literatuurwetenschappen). Hij schreef voor onder andere Mare, Deng, De Revisor en Dif. Na vele succesvolle poëzievoordrachten en gepubliceerde korte verhalen, verscheen in 2006 zijn debuutroman "eX", die met name in België goed ontvangen werd.

 

Uit: eX

 

“‘Wat is dit?’ Het café ging op maandag na vijven dicht en toen David na schooltijd door het café naar het woongedeelte van het huis liep, hield zijn vader hem staande en zwaaide op een paar centimeter van Davids neus met de nieuwe, witte wc-borstel. Er zaten een paar lichtbruine vlekken op de onderste haren.
‘Een tennisracket.’
‘Kluchtigaard. Hier!’ Hij wees op de haren.
David was weliswaar geschrokken van de roodaangelopen kop van zijn pa maar had uitgekeken naar een confrontatie met zijn anders haast subcomateuze vader. Die middag had Oscar Maegdt, een vaste klant een lacherige opmerking gemaakt over een kleverige vloer in de mannen-wc.
‘Michel, ge hebt wel rare manieren van uw klanten te laten plakken. De tegels onder het urinoir hingen bijna aan mijn zolen.’
Michel Quispel noemde Oscar altijd meester omdat hij advocaat was en daarmee een uitzondering onder zijn stamgasten. Hij vond de aanwezigheid van Oscar het café een bijzonder cachet geven. Dat Oscar door zijn frequent cafébezoek alleen zijn populariteit als gemeenteraadslid wou verhogen, was iets waar Michel verkoos niet over na te denken. Davids vader zei dat de schoonmaakster ziek was, verontschuldigde zich en voelde een oude schaamte opsteken.
Toen Oscar naar het volgende café op zijn ronde ging, schopte Michel Quispel hard tegen een krat dat onder de spoelbak stond. En trok de handschoenen aan om schoon te maken.
‘Dat is roest.’
‘Inox roest niet.’ Hij hield de borstel nu vlak voor Davids neus. Met een zwaaibeweging wou hij de borstel wegslaan. De vader was hem voor en duwde hem nu nog dichter bij de kop van zijn aartsluie zoon.
‘Ik weet niet wat het is.’ David sloeg de borstel weer weg. De vader zag het weer aankomen, David miste en de nylon haren streken even over zijn kin. David klemde zijn rechtervuist dicht.
‘Zeg wat het is, jongen. Zeg wat het is dat ge te lui zijt om af te krabben.’


 

Blondeau
Thomas Blondeau (Poperinge, 21 juni 1978)

 

 

 

 

 

De Canadese dichteres, essayiste en vertaalster Anne Carson werd geboren op 21 juni 1950 in Toronto. Zie ook mijn blog van 21 juni 2007 en ook mijn blog van 21 juni 2008.

 

Uit: Eros: the Bittersweet

 

The Greek word eros denotes "want," "lack," "desire for that which is missing." The lover wants what he does not have. It is by definition impossible for him to have what he wants if, as soon as it is had, it is no longer wanting. This is more than wordplay. There is a dilemma within eros that has been thought crucial by thinkers from Sappho to the present day. Plato turns and returns to it. Four of his dialogues explore what it means to say that desire can only be for what is lacking, not at hand, not present, not in one's posession nor in one's being: eros entails endeia. As Diotima puts it in the Symposium, Eros is a bastard got by Wealth on Poverty and ever at home in a life of want. Hunger is the analog chosen by Simone Weil for this conundrum:

'All our desires are contradictory, like the desire for food. I want the person I love to love me. If he is, however, totally devoted to me he does not exist any longer and I cease to love him. And as long as he is not totally devoted to me he does not love me enough. Hunger and repletion."

Emily Dickinson puts the case more pertly in "I Had Been Hungry":

So I found

that hunger was a way

of persons outside windows

that entering takes away.

Petrarch interprets the problem in terms of the ancient physiology of fire and ice:

I know to follow while I flee my fire

I freeze when present; when absent, hot is my desire. ("Trionfo d'Amore")

Sartre has less patience with the contradictory ideal of desire, this "dupery." He sees in erotic relations a system of infinite reflections, a deceiving mirror-game that carries within itself its own frusteration.”

 

 

 

carson
Anne Carson (Toronto, 21 juni 1950)

 

 

 

 

 

De Poolse dichter en essayist Adam Zagajewski werd geboren op 21 juni 1945 in Lwów, het huidige Lviv. Zie ook mijn blog van 21 juni 2007  en ook mijn blog van 21 juni 2008.

 

 

Self-Portrait

 

Between the computer, a pencil, and a typewriter

half my day passes. One day it will be half a century.

I live in strange cities and sometimes talk

with strangers about matters strange to me.

I listen to music a lot: Bach, Mahler, Chopin, Shostakovich.

I see three elements in music: weakness, power, and pain.

The fourth has no name.

I read poets, living and dead, who teach me

tenacity, faith, and pride. I try to understand

the great philosophers--but usually catch just

scraps of their precious thoughts.

I like to take long walks on Paris streets

and watch my fellow creatures, quickened by envy,

anger, desire; to trace a silver coin

passing from hand to hand as it slowly

loses its round shape (the emperor's profile is erased).

Beside me trees expressing nothing

but a green, indifferent perfection.

Black birds pace the fields,

waiting patiently like Spanish widows.

I'm no longer young, but someone else is always older.

I like deep sleep, when I cease to exist,

and fast bike rides on country roads when poplars and houses

dissolve like cumuli on sunny days.

Sometimes in museums the paintings speak to me

and irony suddenly vanishes.

I love gazing at my wife's face.

Every Sunday I call my father.

Every other week I meet with friends,

thus proving my fidelity.

My country freed itself from one evil. I wish

another liberation would follow.

Could I help in this? I don't know.

I'm truly not a child of the ocean,

as Antonio Machado wrote about himself,

but a child of air, mint and cello

and not all the ways of the high world

cross paths with the life that--so far--

belongs to me.

 

 

 

Vertaald door Clare Cavanagh

 

 

 

 

zagajewski
Adam Zagajewski (Lwów, 21 juni 1945)

 

 

 

 

 

De Duitse schrijer en uitgever Georg Lentz werd geboren in Blankenhagen op 21 juni 1928. Hij groeide op in Berlijn. Hij studeerde voor uitgever en kwam terecht in de uitgeverswereld en de kunsthandel. In 1952 richtte hij in Stuttgart het "Georg-Lentz-Verlag" op, gespecialiseerd in prenten- en kinderboeken. Lentz stond tot 1964 aan het hoofd van de uitgeverij en was nadien actief in de uitgeverswereld in Zürich en Wenen. Georg Lentz publiceerde vanaf 1976 een succesrijke autobiografische romantrilogie (met de delen „Muckefuck“, „Molle mit Korn“ en „Weiße mit Schuß“), die zich afspeelde in Berlijn in de periode tussen 1933 en 1959. Op basis van zijn boeken „Muckefuck“ en „Molle mit Korn“ werd in 1988 de 10-delige TV-serie „Molle mit Korn“ gemaakt. Lentz overleed op 18 januari van dit jaar.

 

Uit: Molle mit Korn

 

„... "Schnüffelpaule", riefen wir! "Schnüffelpaule!"
Der Lastwagen hielt an. Schnüffelpaule sprang vom Trittbrett. Er trug wieder seinen alten Mantel. Oder einen, der genauso aussah. Und auch die Schiebermütze klebte ihm auf dem Kopf. "Nee", rief er, "det is nich möglich. Det kann ja nich sind! Ick krieje mir nich mehr ein! Ach du liebet bisschen! Komm in Paules Arme!" Wir begrüßten einander, tanzten wie die Indianer. Sternchen Siegel hatte schon die Schnapsgläser gefüllt. "Prost!" Sie machten sich alle miteinander bekannt.
Ein Polizist kam, der Lastwagen sollte weiterfahren. "Momang", sagte Paule, "kommt mal mit." Er astete einen Karton aus dem Führerhaus. "Für euch", sagte er. "Hat Paule mitgebracht. Freude!"
"Was ist denn drin?" fragte Gigi. Paule legte einen Finger auf die Lippen. "Wird nich verraten!"
Ein großer Karton! Schnüffelpaule stieg wieder ein. Langsam rollte der Lastzug an. "Bis morgen!" rief Paule.
Sternchen Siegel rief: "Bitteschön, derf ich fragen wat hamse jeladen?"
Paule rief zurück: "Vierzigtausend Büchsen Thunfisch!"
Im Karton waren zweihundert Büchsen Thunfisch....“

 

 

 

lentz
Georg Lentz (21 juni 1928 - 18 januari 2009)

 

 

 

 

 

De Amerikaanse schrijfster en feministe Mary McCarthy werd geboren op 21 juni 1912 in Seattle. Toen zij zes jaar was verloor zij haar ouders. Door haar voogden werd zij zowel protestants als katholiek als ook joods opgevoed. Bekend werd zij door haar vriendschap met Hannah Arendt. Hun correspondentie werd wereldberoemd. Haar reportages Vietnam-Report (1967) en Hanoi 1968 (1968) worden gerekend tot het beste wat over de oorlog in Viëtnam geschreven is.

 

Uit: The Group

 

„Outside, on Stuyvesant Square, the trees were in full leaf, and the wedding guests arriving by twos and threes in taxis heard the voices of children playing round the statue of Peter Stuyvesant in the park. Paying the driver, smoothing out their gloves, the pairs and trios of young women, Kay's classmates, stared about them curiously, as though they were in a foreign city. They were in the throes of discovering New York, imagine it, when some of them had actually lived here all their lives, in tiresome Georgian houses full of waste space in the Eighties or Park Avenue apartment buildings, and they delighted in such out-of-the-way corners as this, with its greenery and Quaker meeting-house in red brick, polished brass, and white trim next to the wine-purple Episcopal church—on Sundays, they walked with their beaux across Brooklyn Bridge and poked into the sleepy Heights section of Brooklyn; they explored residential Murray Hill and quaint MacDougal Alley and Patchin Place and Washington Mews with all the artists' studios; they loved the Plaza Hotel and the fountain there and the green mansarding of the Savoy Plaza and the row of horsedrawn hacks and elderly coachmen, waiting, as in a French place, to tempt them to a twilight right through Central Park.“

 

 

 

marymccarthy
Mary McCarthy (21 juni 1912 – 25 oktober 1989)

 

 

 

 

 

De Russische dichter Aleksandr Tvardovsky werd geboren in Oblast Smolensk  op 21 juni 1910. In de periodes 1950-1954, 1958-1970 was hij hoofdredacteur van het literaire tijdschrift Novy Mir. Zijn populaire gedicht ВасилийТёркин (Vasili Tyorkin) geldt als voorbeeld van de voorstellingen over dichtkunst die men er in de Sovjet Unie van die tijd op na hield. In 1971 ontving hij de Staatsprijs voor Literatuur.

 

 

Tyorkin wounded


On the mounds of graves, on ditches,
On half-rusted barbed-wire stretches,
On the hills, on open patches
Of the mangled countryside,
In the marshy woods, on bushes--
See the snows of wintertide.

And the ground-wind swathes the meadows
In a white, impervious shroud;
Blizzards boom in gutted chimneys
Down along the empty road.

Locked in snowdrifts quite impassable,
These once quiet and peaceful lands
All this winter unforgettable
Reeked of smoke from guns innumerable,
Not of smoke from ingle brands.

And in dug-outs with no heating,
In the woods, on icy snows,
By their tanks and field-guns waiting
While the patient horses froze,
Soldiers learnt the tedious wartime
Count of endless nights and days.

 

 

 

Vertaald door Alex Miller

 

 

 

 

Tvardovsky
Aleksandr Tvardovsky (21 juni 1910—18 december 1971)

 

 

 

 

De Russische schrijver Fyodor Gladkov werd geboren op 21 juni 1883 in Chernavka. In 1904 sloot hij zich aan bij een comunistische groep. In 1905 ging hij naar Tblisi waar hij wegens revolutionaire activiteiten gearresteerd werd. Hij werkte later o.a. als secretaris van het literaire tijdschrift"Novy Mir", als correspondent van de krant "Izvestiya" en als directeur van het Maxim Gorky Instituut. Hij was een vertegenwooriger van het klassieke sociale realisme in de literatuur.

 

Uit: Zement (Vertaald door Olga Halpern)

 

“Wie vor drei Jahren wogte auch an diesem frühen Morgen Anfang März hinter den Dächern der Mietskasernen und den Arkaden der Fabrik das Meer; in der Sonne glitzernd, lag zwischen den Bergen am Ausgang der Bucht der gleiche leuchtende Glanz in der Luft, rot wie Wein. Die bläulichen Schlote, die Werkgebäude aus Eisenbeton, die Arbeiterhäuschen der „Gemütlichen Kolonie" und die kupferrot leuchtenden Berggrate hatten in der Sonne ihre Konturen eingebüßt und waren durchsichtig wie Eis.

Nichts hatte sich in diesen drei Jahren verändert. Das dunstige Gebirge mit seinen Spalten, Klüften, Steinbrüchen und Felsen war dasselbe wie in der Kindheit. Von weitem schon sah man die altbekannten Abbaustellen an den Bergwänden, sah die Bremsberge zwischen Geröll und Gestrüpp und in engen Schluchten die Brücken und Aufzüge. Auch das Werk unten war dasselbe geblieben — eine ganze Stadt aus Kuppeln, Türmen, Tonnendächern —, und über alledem, am Bergabhang, die „Gemütliche Kolonie" mit ihren verkümmerten Akazien und den fünf Quadratmetern Hof vor jedem Häuschen.

Ging man durch das Loch in der Betonmauer, die Fabrikgelände und Vorstadt voneinander trennte (ehedem war das Loch eine Pforte gewesen), so gelangte man zu Glebs Wohnung in der zweiten Mietskaserne.”

 

 

 

 

Fyodor Gladkov
Fyodor Gladkov (21 juni 1883 – 20 december 1958)

 

 

 

 

De Amerikaanse dichter Henry S. Taylor werd geboren op 21 juni 1942 in Loudoun County, Virginia. Hij studeerde aan de University of Virginia. Hij doceerde literatuur en creatief schrijven aan de American University van 1971 tot 2003. Taylor  heeft vijftien bundels op zijn naam staan.In 1986 ontving hij de Pulitzer prijs voor zijn bundel The Flying Change.

 

 

RISING A ONE-EYED HORSE

 

One side of his world is always missing.

You may give it a casual wave of the hand

or rub it with your shoulder as you pass,

but nothing on his blind side ever happens.

 

Hundreds of trees slip past him into darkness,

drifting into a hollow hemisphere

whose sounds you will have to try to explain.

Your legs will tell him not to be afraid

 

if you learn never to lie. Do not forget

to turn his head and let what comes come seen:

he will jump the fences he has to if you swing

toward them from the side that he can see

 

and hold his good eye straight. The heavy dark

will stay beside you always; let him learn

to lean against it. It will steady him

and see you safely through diminished fields.

 

 

 

Taylot_Loudoun_County
Henry S. Taylor (Loudoun County, 21 juni 1942)

Gerechtsgebouw in Loudoun County (Geen portret beschikbaar)

 

 

 

 

 

De Vlaamse dichter Frans Joseph de Cort werd geboren in Antwerpen op 21 juni 1834. Hij werkte als secretaris van de auditeur-generaal bij de militaire rechtbank. Van 1861 tot 1875 was hij hoofdredacteur van De Toekomst, tijdschrift voor opvoeding en onderwijs. Hij was een bekend liberaal-Vlaams volksdichter van liederen in de trant van Van Ryswyck en later van gevoelvolle huiselijke genrestukjes (bijvoorbeeld Moeder en kind).

 

 

Moeder en kind

 

Wanneer ik weeldedronken

mijn rozig kind beschouw

en die ‘t mij heeft geschonken,

mijn aangebeden vrouw,

zo vraag niet wie van beiden

mijn hart het meest bemint…

Mijn hart en kan niet scheiden

de moeder van het kind.

 

 

Ik doe mijn armen open

en sluit ze er in bijeen,

en vreugdetranen lopen

mij langs de wangen heen…

Ach, wist gij, spreek ik stille,

hoe zeer gij wordt bemind,

gij, kind, om moeders wille,

gij, moeder, om uw kind!

 

 

De_Cort_Frans
Frans Joseph de Cort (21 juni 1834 – 18 januari 1878)