05-09-11

Marcel Möring, Herman Koch, Rachid Boudjedra, Daniela Danz, Christoph Wieland

 

De Nederlandse dichter en schrijver Marcel Möring werd geboren in Enschede op 5 september 1957. Zie ook mijn blog van 5 september 2008.en ook mijn blog van 5 september 2009 en ook mijn blog van 5 september 2010.

 

 

Laat-Puberale Gedichten 6

 

Ik heb haar Maria genoemd,

want haar ogen. Ik heb haar

Maria genoemd, want blauw

en dunne jurken, strijkend

langs haar benen in de wind,

heb ik haar genoemd - en zij

zegt mij haar naam en ik

draai mij om: de dansers

de voeten tot de grond -


en zacht

sambaritmes in de avond,

glijdende blue notes, geen

akkoord te veel, harmonieën,

wegdrinken langs de muren

van de luwte en een fruitmes

in een porseleinen schaal,


zo heb ik haar genoemd.

 

 

 

 

Reinigingsadvies

 

Vergeet mij was mij uit je kleren kam je haren onthaar je kam

schrob de hoeken van de badkamer met een tandenborstel

borstel je kleren laat de kranen lopen gooi chloor

in de toiletten zeem de ramen haal wattenstaafjes door je oren

snuit je neus en reinig je nagels borstel het huis stofzuig waar ik was.

 

 

 

Marcel Möring (Enschede, 5 september 1957)

Lees meer...

Jos Vandeloo, Peter Winnen, Heimito von Doderer, Margaretha Ferguson, Goffredo Mameli

 

De Belgische schrijver Jos Vandeloo werd geboren op 5 september 1925 in Zonhoven, Belgisch-Limburg. Zie ook mijn blog van 5 september 2006  Zie ook mijn blog van 5 september 2008. en ook mijn blog van 5 september 2009 en ook mijn blog van 5 september 2010.

 

Uit: De vijand

 

Je voelt dat het nu stilaan naar zijn einde loopt. Er is alleen maar een penode van windstilte in het strijdgewoel. Weldra zal het geweld weer losbarsten. Vliegtuigen zullen laag en onheilspellend over de velden scheren, soldaten zullen angstig wegkruipen onder hun helmen, ales zal weer vol geraas zijn en vervuld van dood en verschrikking. Het is een eindeloze, helse herhaling van afschuwelijke gebeurtenissen, van dorp tot dorp, in de steden even haperend aan de puinhopen en dan weer naar voren springend over de grenzen heen. Ik blijf nog wat rondhangen en ga dan weer naar beneden.
'Voorzichtig,' zegt Paps vaderlijk, 'de ladder is erg glibberig.' Dat wist ik al maar het doet me goed, dat hij het nog eens speciaal zegt. Ik zal Karl nog even gaan groeten in de tent, dat zal hem zeker plezier doen. Misschien wandelt Bea met me terug naar huis, dan kan ik onderweg nog wat met haar praten. Als ik beneden kom, "zuigen mijn schoenen zich dadelijk vast in de modderen als ik voortstap laten ze telkens met een flappend geluid weer los. Ik ga naar de tent en trek het zeil opzij voor de ingang. Het is er donker. Een klad licht valt naar binnen en ik hoor Karl Ontstemd vloeken. Ik zie het meisje Bea op het veldbed. Haar schoenen liggen op de grond. Er liggen ook nog andere kledingstukken. De regenjas van haar moeder en de kap en nog meer. Haar rok is opgeschort. Ze heeft een heeft witte huid. Karl hangt gebogen over haar heen met zijn mager, ongezond lichaam. Haar buik is een zeldzame witte schelp, hij moet zeer zacht zijn, van fluweel. En hij is vooral zeer blank. Een glanzende vlek in het halve duister.
Karl maakt een boos gebaar omdat ik zo plots en onverwacht in de opening van de tent sta. Bea wendt het hoofd af. Ik laat het zeil voor de opening vallen. Het is een bliksemschicht geweest, een weerlicht, één ondeelbaar ogenblik. De onsplitsbare kern van de tijd. Nu is het binnen weer donker. Ik heb nog net gezien hoe Karl op haar neerstreek. Behoedzaam en geruisloos als een grote vogel. Buiten regent het nog altijd. Het verbaast me een beetje, dat het nog altijd regent. zo lang. zo zonder ophouden.”

 

 


Jos Vandeloo (Zonhoven, 5 september 1925)

Portret door Ann de Bode, 2006

Lees meer...

04-09-11

Helga Ruebsamen, Antonin Artaud, Mary Renault, Richard Wright, René de Chateaubriand, Constantijn Huygens

 

De Nederlandse schrijfster Helga Ruebsamen is op 4 september 1934 geboren in Batavia, in Nederlands lndië. Zie ook mijn blog van 4 september 2006 en ook mijn blog van 4 september 2008 en ook mijn blog van 4 september 2009 en ook mijn blog van 4 september 2010.

 

Uit:Billy Holiday (Column)

 

Plotseling zag ik haar weer, na jaren. 't Was laat op de avond en laat in de zomer en daar was ze, op teevee, Billie Holiday. Zo vaak gebeurt dat gelukkig niet.

't Kwam hard aan, deze onverwachte confrontatie met mijn idool.

Het sneed door mijn ziel, zoals alle keren gebeurde dat ik het aandurfde haar met open oren te beluisteren en met open ogen te bekijken, haar elegante verschijning, haar hulpeloos schijnende gebaartjes, maar vooral haar stem. En ik had me niet kunnen wapenen, want ze kwam binnen gevaren als een verstekeling in het programma Zomergasten, daar in gesmokkeld door Henk van Os. Wat moet die kunstprofessor met mijn Billie, dacht ik pissig, laat-ie zich bij zijn Madonna's houden. In plaats van blij te zijn dat zo'n geachte medebewonderaar de zangeres eventjes uit de vergetelheid tilde, voelde ik me alsof hij haar uit mijn wagentje had gekidnapt. Hey man, wat doe jij met mijn baby? Het vervulde mij met afschuw dat ik mijn liefde voor Billie ineens moest delen met honderdduizenden mensen die ik niet kende, dat deze Jan en Alleman onverschillig naar haar keken en naar haar luisterden alsof ze een Imca Marina was, of een Corrie van de Rekels, wisten al die mensen veel. Ze praatten er misschien lustig doorheen of zaten zelfs smakkend te vreten of nog erger, ze stonden almaar op om tussendoor naar de keuken te gaan en nog meer bier en kaas te halen.

Iedereen mag jazz-zangeressen laten opdraven bij de vleet, Billie's voorgangsters bijvoorbeeld, Bessie Smith en Ma Rainey, nog liever Ella Fitzgerald wat mij betreft, een lust voor oor en oog, in haar heerlijke poffertjestentjurken en een en al stemacrobatiek, wat een geweldige dames, allemaal, ik hoor ze graag en durf best met ze mee te neuriën ook. Pompompomperdepom.

Maar Billie Holiday is hors concours. Iedereen moet van haar afblijven.

Bij mijn eerste kennismaking met haar, wel een jaar of veertig geleden, op een 78 toeren-plaat, kon en wilde ik niet geloven wat ik hoorde. Die stem, de voordracht, het effect, onbeschrijflijk, met niets te vergelijken. Als Billie zingt klinkt het niet alleen maar, zoals wel eens is geschreven, als het gekerm van een gevallen engel en evenmin koert en kreunt zij als een gekwelde duivelin, want dit mag dan allemaal waar zijn, het is toch meer en nog mooier.

 

 

Helga Ruebsamen (Batavia, 4 september 1934)

Lees meer...

03-09-11

Kiran Desai, Eduardo Galeano, Alison Lurie, Sergej Dovlatov, Lino Wirag

 

De Indische schrijfster Kiran Desai werd geboren op 3 september 1971 in New Dehli. Zie ook mijn blog van 3 september 2008 en ook mijn blog van 3 september 2009 en ook mijn blog van 3 september 2010.

 

Uit: Hullabaloo In The Guava Orchard

 

„It was this year that Sampath Chawla was born to his mother, Kulfi. She was twenty-one years old, newly married to Mr. Chawla, and pregnant. By late September the heat and lack of rain had combined to produce terrible conditions of drought. She grew bigger as it got worse. It got to be so bad that famine-relief camps were set up by the Red Cross to the west of Shahkot. The supply planes flew right over the bazaar and Shahkotians, watching with their heads tilted back, wondered why they didn't stop for them as well, for surely they were suffering quite enough to warrant the same attention and care being so assiduously delivered elsewhere. The ration shop was distributing rice and lentils in smaller and smaller portions all the time. There was no fruit to be found anywhere and hardly any vegetables. Prices had risen so high, nobody would buy the scraggy chickens sitting in cages outside the meat shop. Finally the poor butcher had to eat them himself, and after the last one, he was forced to turn vegetarian like the rest of the town.
Kulfi, in these months, was so enormously large, she seemed to be claiming all the earth's energy for herself, sapping it dry, leaving it withered, shriveled and yellow.
People stopped short in amazement as she walked down the street. How big she was! They forgot their dealings in the almost empty marketplace. They teetered on their bicycles as they looked around for just another sight of that stomach extending improbably before her like a huge growth upon a slender tree. Her eyes were so dark, so sooty and vehement, though, these people who turned their heads to stare turned quickly away again, ill at ease for some reason and unsettled. Not noticing them, she passed by as if they weren't there at all. On her face, about her mouth and in the set of her chin was an expression intent and determined but yet far away and distant, as if all her thoughts were concentrated upon a point invisible to everybody but herself. She walked through Shahkot like this, as distracted as this, as strange as this.
'What do you expect?' asked Ammaji, her mother-in-law, making excuses when curious neighbors asked about Kulfi's state of mind. 'What do you expect from a woman with a baby in her belly like a little fish?'

 

 

Kiran Desai (New Dehli, 3 september 1971)

 

Lees meer...

02-09-11

Willem de Mérode, Chris Kuzneski, Johann Georg Jacobi, Manfred Böckl

 

De Nederlandse dichter en schrijver Willem de Mérode (pseudoniem van Willem Eduard Keuning) werd op 2 september 1887 geboren in Spijk. Zie ook mijn blog van 2 september 2010 en eveneens alle tags voor Willem de Mérode op dit blog.

 

 

Zijn ziel en adem was doorgeurd van wijn

 

Zijn ziel en adem was doorgeurd van wijn.
Hij leunde in zijn verscheurde kaftan tegen
De deur der kroeg en stamelde verwegen
Van God en wereld en zijn eigen pijn.

'Gunt Gij de mens alleen rampzalig zijn?
Waarom wordt 't leven ongevraagd verkregen?
Maak ons als 't stof waaraan wij zijn ontstegen!
Wees ééns barmhartig en beveel: verdwijn!'

Hemels onwrikbaarheid en menslijk dwalen
Hoonde hij en prees 't dronken ademhalen
Tussen 'nog niet' en 'niet meer' 't hoogst genot.

Maar in de roes en enkle stille dromen
Werd al zijn wrevel van hem weggenomen
En schreeuwde hij beschaamd als kind om God!

 

 

 

 

Finis

 

Wij weten niet wat komen zal.
Het hart gedenkt wat is geweest:
De vrede van een stille geest,
Vervreemding, duister, overal.

Maar smart en onrecht zijn voorbij.
Wij keerden weer tot liefdes wijk.
Als kind'ren van Gods koninkrijk
Zijn wij herboren, sterk en vrij.

God boog de rechte lijn; ‘t begin
Raakt aan het eind, de cirkel sluit.
De hemel heeft zijn zaalge buit.
En - harts verlies blijkt harts gewin.

 

 

 

 

Wintermorgen

 

De tuin is toegesneeuwd; 't gazon
Ligt onder 't hoge witte duin bedolven.
Maar veilig in hun warme strooien kolven
Wachten de rozen (en mijn hart wacht ook) de Zon!

't Is late nacht, de lamp brandt laag,
De ruiten glinstren van de blauwe koude,
En koel is 't hart, dat gaarne branden zoude
Van ongeduld naar Uwe komst. Vandaag?

O, nacht en morgen vloeien traag tezamen,
Ontberen en genieten smelt ineen,
Maar nòg heerst over ziel en de verbleekte ramen
Het grijzen van de schemering alleen.

Dan doet een licht de schaduw zwarten en versnellen.
Warmer en driftiger golft 't ongeduldig bloed.
Door de gestrekte stilte tinkelen de bellen.
Bij 't ijle dagen ijlt Ge ons tegemoet.

 

 

 

Willem de Mérode (2 september 1887 – 22 mei 1939)

 

Lees meer...

Johan Daisne, Joseph Roth, Paul Bourget, Pierre Huyskens

 

De Belgische dichter en schrijver Johan Daisne werd op 2 september 1912 in Gent geboren als Hermanus Thiery. Zie ook mijn blog van 2 september 2010 en eveneens alle tags voor Johan Daisne op dit blog.

 

 

Breugel

 

Vierhonderd jaar zijn gauw voorbij,
veranderingen louter schijn :
sinds hij zijn hoofd te ruste lei,
altijd, altijd blijft Breugel zijn.

 

De schilder van luilekkerland,
van kinderspel en kindermoord,
naar kreupelen gaat steeds zijn hand -
Ikaros valt, de boer ploegt voort !

 

Laten de wijven zich bekakken,
de mannen zat zijn als wijnslakken,
de kleur is sterker dan de geur.

 

En sterker dan het beest de geest,
spreuken van avond en van morgen.
God zal voor alle zondaars zorgen !

 

 

 

Johan Daisne (2 september 1912 – 9 augustus 1978)

Portret doorJ.Bauwens

Lees meer...

Paul Déroulède, Giovanni Verga, Richard Voß

 

De Franse dichter, schrijver en politicus Paul Déroulède werd op 2 september 1846 geboren in Parijs. Zie en ook mijn blog van 2 september 2009 en ook mijn blog van 2 september 2010

 

 

Monsieur le Hulan(Fragment)
conte de Noël

 

IV

 

Qu'y trouveront-ils ?... le bon Dieu s'en doute,
Et les chers dormeurs le sauront demain,
Car, lorsque minuit sonnait sous la voûte,
Le petit Jésus s'est mis en chemin,
Ayant décroché pour y voir en route
Une étoile d'or qu'il tient à la main.

 

V

Le petit Jésus marche vite, vite,
Il a tant à faire un jour de Noël,
Il est tant d'enfants qu'il faut qu'il visite...
Mais bientôt chacun a son lot tel quel ;
Le petit Jésus regagne son gîte,
Raccroche l'étoile et retourne au ciel.

 

VI

Or, le lendemain, lorsque vint l'aurore,
Les petits souliers près des gros chenets
Renfermaient chacun un noeud tricolore.
Et tous les bambins d'une voix sonore :
« O chères couleurs, je vous reconnais ! »
Et voilà les noeuds piqués aux bonnets.

 

 

 

Paul Déroulède (2 september 1846 - 30 januari 1914)

In 1913

Lees meer...

01-09-11

W. F. Hermans, Hubert Lampo, Blaise Cendrars, Peter Adolphsen

 

De Nederlandse dichter en schrijver Willem Frederik Hermans werd geboren op 1 september 1921 in Amsterdam. Zie ook mijn blog van 1 september 2010 en eveneens alle tags voor W. F. Hermans op dit blog.

 

 

Samenzijn in négligé

 

Zij stond voor haar toilettafel,
Een driedelige toilettafel,
Een toilettafel met drie spiegels.

Zij kamde haar haar,
En ik stond achter haar.
Zij plukte uit haar kam een rafel.

En zo lichtgevend was zij,
Dat ik, toen ik mij omdraaide naar de wand
(De toilettafel - zij - ik - de wand),
Zag een driedubbele schaduw in haar hand.

Drie lichtende vingers; ik ontweek ze schuw,
Ik ontweek ze, ik, driedubbele schaduw.

 

 

 

Bewaakte overweg

De wit en rode zuurstangen van het verbodene
Kantelen, terwijl ze breder worden.
- Aldoor bellen die waanzinnig worden
Aangehitst door omgekochte seinen
Tot eerbetoon aan dolgeworden treinen.

Als ik op 't hek leun: plotseling bedaren.
Een overrompeld, in ontzetting, staren.
Palen houden eindeloze snaren
Omhoog in bundels die ertussen dalen.

Hun kandelabers kammen het geruis
Van hese en veeltonige elektronen.
Nergens een huis. Alleen de weg. Geen bomen.

Ik haat de snelheid die de mijne kruist
Tomeloos, als slaap de vaart der dromen.

De trein ijlt in een mantel van gefluit.
Zijn haar een witte, overzware stroom.
Zijn hart tikt haperend op de stalen sporen.
- Moeder! – Mijn woorden smoren in geluid.
Haar wuiven gaat verloren onder stoom.

 

 

W. F. Hermans (1 september 1921 – 27 april 1995)

Lees meer...

Sabine Scho, Lenrie Peters, J. J. Cremer, Edgar Rice Burroughs

 

De Duitse dichteres en schrijfster Sabine Scho werd geboren op 1 september 1970 in Ochtrup. Zie ook mijn blog van 1 september 2009 en ook mijn blog van 1 september 2010

 

 

atomic tangerine

 

eine tür, was für ein gebrauch

ein schloß, scharnier, kragenstäbchen,

damit misst man

stahlzargen aus, beton, akten

und, ja, akten. »so machen wir

das licht aus«, auf stapeln von

papier, aber grauen ist doch auch

eine farbe, betont sachlich mit dem

besenstiel, beinahe wie zuhaus, nur

höher, der dritte teil des karmaspiels

fiel aus, 'no alarms and

no surprises', ein korridor, was

für ein schlauch, pizza aus der

plätzchendose, und da draußen

wird es immer weißer, an weihnachten,

heißt es, sei das so brauch

glitzerzäune, ein letztes umschlussbier

but, please, couldn't you 'let me out of here'

 

 

 


Sabine Scho (Ochtrup, 1 september 1970)

Lees meer...

31-08-11

Wolfgang Hilbig, Raymond P. Hammond, Elizabeth von Arnim, William Saroyan, Théophile Gautier

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Zie ook mijn blog van 31 augustus 2007 en ook mijn blog van 31 augustus 2008 en ook mijn blog van 31 augustus 2009 en ook mijn blog van 31 augustus 2010.

 

 

fragwürdige rückkehr (altes kesselhaus)

 

als wär seither noch keine zeit vergangen
faulen im salpeterweiß die selben wände
und in den winkeln wie seit ewigkeiten hangen
die vagen spinnen noch an ihrer fäden ende

die stühle sind mit staub bedeckt und zeigen
wie nah sie dem zerbrechen sind im golde
der sonnenflecken die durch blind zersprungne scheiben
hereingefallen sind im roten abendneigen

es ist als ob ich wiederkommen sollte
und etwas auch als wollt es mich vertreiben
es ist als ob noch keine zeit vergangen wäre

säumnis -
als zögerte noch immer in den wänden
weil ich nicht wegbleib und nicht wiederkehre
ein feuriger wink von geisterhaften händen.

 

 

 

Die Blumenbetrachtung

 

Fuhren hinaus in den Garten der Herrin

samstags: ich fuhr mit

über Preußens Chausseen

brechend voll von den Kohorten aus Chrom und Blech

umdröhnt von der Freiheit stinkreicher Untertanen –

immer gewärtig jener düster-roten Abendhimmel

und des scharfen trockenen Winds vor Gewittern.

Oh dann folgt ich ihr mit Blicken dort im Garten:

und sie

wie eine Königin schritt sie durch das Licht

um ihre Blumen zu besichtigen

und mit erlesner Wägung dreier Fingerspitzen

anzuheben jedes Blütenhaupt: anzuheben leicht wie Phalli –

so sacht wie dus nicht spüren kannst nicht wahrnimmst

und leichter als es dir im Denken dunkelte am Abend

so ohne Weh:

ach wie ich träumen werde nach dem

Abzug der Gewitter

träumen wie Tau im Licht das sich im Blick der Blüten bricht.

 

 

 

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 - 2 juni 2007)

Bewaren

Lees meer...

30-08-11

Charles Reznikoff, François Cheng, Jiři Orten

 

De Amerikaanse dichter Charles Reznikoff werd op 30 augustus 1894 in New York geboren. Zie ook mijn blog van 30 augustus 2009 en ook mijn blog van 30 augustus 2010.

 

 

Meditations on the Fall and Winter Holidays


II
Day of Atonement

The great Giver has ended His disposing; 
the long day
is over and the gates are closing.
How badly all that has been read
was read by us,
how poorly all that should be said.
All wickedness shall go in smoke. 
It must, it must!
The just shall see and be glad.
The sentence is sweet and sustaining;
for we, I suppose, are the just;
and we, the remaining.
If only I could write with four pens between five fingers 
and with each pen a different sentence at the same time--
but the rabbis say it is a lost art, a lost art.
I well believe it. And at that of the first twenty sins that we confess,
five are by speech alone;
little wonder that I must ask the Lord to bless
the words of my mouth and the meditations of my heart.
Now, as from the dead, I revisit the earth and delight 
in the sky, and hear again
the noise of the city and see
earth's marvelous creatures--men.
Out of nothing I became a being,
and from a being I shall be
nothing--but until then
I rejoice, a mote in Your world,
a spark in Your seeing.

 

 

III

Feast of Booths

 

This was a season of our fathers' joy:

not only when they gathered grapes and the fruit of trees

in Israel, but when, locked in the dark and stony streets,

they held--symbols of a life from which they were banished

but to which they would surely return--

the branches of palm trees and of willows, the twigs of the myrtle,

and the bright odorous citrons.

 

This was the grove of palms with its deep well

in the stony ghetto in the blaze of noon;

this the living stream lined with willows;

and this the thick-leaved myrtles and trees heavy with fruit

in the barren ghetto--a garden

where the unjustly hated were justly safe at last.

 

In booths this week of holiday

as those who gathered grapes in Israel lived

and also to remember we were cared for

in the wilderness--

I remember how frail my present dwelling is

even if of stones and steel.

 

I know this is the season of our joy:

we have completed the readings of the Law

and we begin again;

but I remember how slowly I have learnt, how little,

how fast the year went by, the years--how few.

 

 

 

Charles Reznikoff (30 augustus 1894 – 22 januari 1976)

Lees meer...

Libuše Moníková, Gisela von Arnim, Mary Wollstonecraft Shelley, Adam Kuckhoff

 

De Duitstalige, Tsjechische schrijfster Libuše Moníková werd geboren op 30 augustus 1945 in Praag. Zie ook mijn blog van 30 augustus 2007 en ook mijn blog van 30 augustus 2008 enook mijn blog van 30 augustus 2009 en ook mijn blog van 30 augustus 2010.

 

Uit: Eine Schädigung und Pavane für eine verstorbene Infantin

 

„Ich schalte ein in einen Bericht über die Findelkinder vom Kriegsende. Sie kennen ihren Geburtsort und ihr Geburtsdatum nicht, ihr Alter kann bis zu zwei Jahren differieren, meist haben sie schon

mehrere Namen gehabt. Einem Mann wurde der Name fünfmal geändert, hinter jedem Namen stand »genannt«. Einige finden noch nach Jahrzehnten ihre Eltern und Geschwister über das

Rote Kreuz, eigene Initiative hat wenig Aussicht auf Erfolg.

Die Zusammenführung nicht selten unter Mithilfe eines Dolmetschers: die ersten zwanghaften Umarmungen, das Lächeln, die Pflegeeltern sind eingeladen, sie stehen da und freuen sich

verwirrt für ihre Kinder.

Das Festival der Kurzfilme in Oberhausen. Die Vorsitzende, etwa achtunddreißig, selbstbewußt, nennt unter den vertretenen Ländern die Tschechei kein Land sonst verstümmelt. Der jugoslawische Beitrag ›Die Ramme‹. Auf einem Fließband werden geschlüpfte Küken von Frauenhänden sortiert. Die nicht rechtzeitig ausgeschlüpften bleiben liegen und kommen in einen Behälter, wo sie mit den Eierschalen von einer Ramme zu Hühnerfutter zerstampft werden. Die Ramme ist nicht automatisch, man sieht zwei Männerhände, die sie bedienen. Ein schwarzes Küken steht mit den anderen geschlüpften auf dem Band. Es wird zur Seite geschoben und treibt mit dem lebenden Abfall zu der Tonne. Es läuft zurück, wird wieder von der Frau zurückgestoßen, noch einmal läuft es gegen das Band, aber es gehört nicht in die Legebatterie. So gleitet es auf dem Band in die Grube, wo Hunderte von Küken ihre ersten Bewegungen probieren, aus den Schalen schlüpfen, jetzt völlig normal, nur um Sekunden verspätet, aber schon von der Last der anderen gedrückt, das schwarze strampelt, versucht loszukommen, es fallen die nächsten Schalen und Küken darüber, danach die Ramme. Sie hebt

sich und fällt nieder, zerstampft alles zu Brei hochwertiges, eiweißgesättigtes Futter. Die vollen Behälter auf dem Hof, in dem Schrot zuckt es schwache Bewegungen der noch nicht ganz toten

Kükenreste. Unter dem Schrot erscheint etwas Schwarzes, das schwarze Küken kämpft sich durch die Leichen und zerdrückten Eierschalen, kommt hoch, unversehrt, strampelt sich los und läuft.“

 

 

Libuše Moníková (30 augustus 1945 – 12 januari 1998)

Lees meer...

29-08-11

Hugo Brandt Corstius, Maurice Maeterlinck, Thom Gunn, Lukas Hartmann, Edward Carpenter

 

De Nederlandse schrijver en wetenschapper Hugo Brandt Corstius werd geboren in Eindhoven op 29 augustus 1935. Zie ook mijn blog van 29 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Hugo Brandt Cortius op dit blog.

 

Uit: De toekomst van het Nederlands

 

„Veel klagen zij over de verloedering, de versloffing, de achteruitgang van het Nederlands zoals zij zich dat uit vroeger jaren herinneren. Op een avond in 1991 zette ik voet aan wal in Curaçao en werd onmiddellijk besprongen door een schrijver met een grote hoed, Boelie van Leeuwen, die een hoofdartikel uit de Nieuwe Rotterdamse Courant meedroeg waarin alle woorden door felle rode strepen onleesbaar waren gemaakt: ‘Kunt u daar niets tegen doen?’

Maar wat zij niet weten, die klagers buiten Nederland, is dat het ook in Nederland, en ik neem aan in België niet minder, één grote klaagzang is. Charivarius kon zijn onbegrijpelijke afkeer van ‘vanaf’ en ‘vanuit’ tenminste nog wel sprekend en grappig onder woorden brengen. Maar wie, om een voorbeeld te noemen, leest hoe Jan Kuitenbrouwer deze weken klaagt over woordcompressie (alsof die niet in alle talen en alle tijden wordt uitgeoefend op woorden en zelfs zinnetjes die je veel gebruikt) en over de verkeerde uitspraak van de ‘r’ of de ‘g’, die verstijft van zoveel onkunde en domheid. ‘Alsjeblieft’ en ‘alstublief’, dat zijn toch prachtige zinscomprimaties, waar onze leerlingen veel van kunnen opsteken.

Het is nu al zover dat het, helaas ook in het beschaafde Nederland voorkomende, racisme zijn weg naar de oppervlakte vindt door het klagen over het Nederlands van die jeugdigen die de pech hebben dat hun ouders niet in Batavia of Amsterdam maar in Turkije of Marokko geboren werden, alsof niet altijd en overal jeugdigen er een eer in scheppen een eigen taaltje te maken waar de ouderen zich aan ergeren.

Er is, laat ik het maar direct verklappen, over de Nederlandse taal niets te klagen. Nooit in de geschiedenis is er door zoveel mensen Nederlands gesproken als nu. En dat komt niet eens door onze vruchtbaarheid, maar door onze immigranten. Kon je vroeger in bepaalde Franse dorpjes zomers veel Hollands horen van vakantiegangers, nu klinken onze klanken de hele zomer in menig Turks of Berbers dorp, van vakantiegangers in hun oude land.“

 

 

Hugo Brandt Corstius (Eindhoven, 29 augustus 1935)

Lees meer...

Elma van Haren, Herbert Meier, Jacques Kruithof, Djamel Amrani, Valery Larbaud

 

De Nederlandse dichteres en beeldend kunstenares Elma van Haren werd geboren in Roosendaal op 29 augustus 1954. Zie ook mijn blog van 29 augustus 2009 en ook mijn blog van 29 augustus 2010

 

 

Het liefhebbende

 

Het stak de kop op, toen een onverwachte zonneschijn
over de meubels viel, die al vijfentwintig jaar in de
kamer stonden.

Nu aangeraakt door de gestrekte wijsvinger van het
licht.
Ternauwernood verdroegen zij deze zachte
liefdesverklaring.
Ze wilden alleen donker, waarin welwillendheid,
mededogen voor hun brand- en mottengaatjes,
hun slijtage, hun verschoten kale plek.
Zij stonden met de ruggen naar elkaar, want

wanneer, na hoeveel jaren,
houdt het blozen eindelijk op?

Haastig begon ik met het bevrijden van een kleine plant,
door alle omstandigheden taai overeind gebleven.
Beloonde zijn niet-willen-sterven met ruimte en mest,
verwijderde hier en daar een witte ziekte,
ging met hem in het zonlicht staan en

voelde de dunne scheidingslijn tussen mijn handelen en
de het-zich-voltrekken-processen in mijn lichaam,
in- en uitvoer van zuurstof en stikstof,
de chemie van het voelen,
het kunnen denken.

Midden in de streep zonlicht met de tuimelende stofjes,
zag ik in de spiegel, los van mededogen en
welwillendheid,
mijn eigen omhulsel al tamelijk aangetast
zacht staan te glanzen met oplichtende kleur,
als werd ik nu op mijn beurt opgemerkt door de zon
omdat ik al die tijd gebleven was en
blozen kon bij de eerste de beste blijk
van willekeurige warmte.

Wat was toch deze chemie van voelen?
Dat koken vloeien glijden,
dat stomen branden bonzen...
Het stopte nooit.
Mijn hart hield niet op.
Doch misschien heeft het na zoveel jaren
niets meer met hartszaken van doen.
Wellicht is het de blikkerende pitbull in mij.

 

 

Elma van Haren (Roosendaal, 29 augustus 1954)

 

Lees meer...