16-06-11

Giovanni Boccaccio, Jean d'Ormesson, Anna Wimschneider, John Cleveland, Frans Roumen

 

De Italiaanse dichter en schrijver Giovanni Boccaccio werd geboren in Florence of Certaldoi in juni of juli 1313. Zie ook mijn blog van 16 juni 2007 en ook mijn blog van 16 juni 2008 en ook mijn blog van 16 juni 2009 en ook mijn blog van 16 juni 2010

 

Uit: Decamerone

 

„Lisabetta werd wakker en huilde naar aanleiding van deze droom bittere tranen, want zij geloofde heilig in de waarheid ervan. 's Morgens stond zij op en zonder iets aan haar broers te durven vertellen besloot zij op de aangegeven plek te gaan kijken of dat wat zij in haar slaap had gezien waar was. Ze kreeg verlof voor een klein uitstapje buiten de stad, en in gezelschap van een vrouw, die wel eens vaker met Lorenzo en haar was meegegaan en die van heel hun doen en laten op de hoogte was, begaf zij zich zo spoedig rnogelijk naar de bewuste plaats. Ze haalde de dorre bladeren weg die daar lagen, en begon op een punt waar de grond haar minder hard leek te graven. En het duurde niet lang of zij stuitte daarbij op het lichaam van haar ongelukkige minnaar, dat nog volledig gaaf en ongeschonden was. En daaruit kon ze duidelijk afleiden dat het droomgezicht waar was geweest. Ofschoon zij bedroefder was dan wie ook, begreep zij dat het daar niet de juiste plaats was voor tranen. En hoewel ze, als dat mogelijk was geweest, graag heel het lichaam had meegenomen om het op een meer passende manier te begraven, zag ze wel in dat dat niet kon. Ze sneed daarom zo goed en zo kwaad als het ging met een mes het hoofd van de romp en wikkelde het in een doek, waarna zij het aan haar gedienstige overhandigde. Nadat zij de rest van het lichaam weer had begraven, ging zij vervolgens, zonder dat zij door iemand was opgemerkt, van die plaats weg en keerde naar huis terug.“


 

 

Giovanni Boccaccio ( juni of juli 1313 - 21 december 1375)

Italiaanse school, Portretgalerij,Schloss Ambras, Innsbruck

Bewaren

Lees meer...

15-06-11

Maria Dermoût, Christian Bauman, Silke Scheuermann, Roland Dorgelès, Ramon Lopez Velarde, François-Xavier Garneau, Trygve Gulbranssen

 

De Nederlands-Indische schrijfster Maria Dermoût (eigenlijk Helena Anthonia Maria Elisabeth Dermoût-Ingerman) werd geboren in Pekalongan, Java, op 15 juni 1888. Zie ook mijn blog van 15 juni 2007 en ook mijn blog van 15 juni 2008 en ook mijn blog van 15 juni 2009 en ook mijn blog van 15 juni 2010.

 

Uit: De tienduizend dingen

 

„Het woei daarboven altijd.
De koeien van mevrouw van Kleyntjes werden in de heuvels geweid, en de wilde hertjes kwamen er stilletjes grazen.
De drie kleine meisjes speelden daar wel, 's middags in de zon, als er niemand was — de afgevallen rozenblaadjes hadden weer overal in het rond gelegen! — zei de koeherder, 'laat ze maar' zei mevrouw van Kleyntjes.
En soms, niet dikwijls, zaten zij alle drie naast elkaar gehurkt op het strandje aan de binnenbaai onder de plataanbomen, een eind van het huis af, om te kijken wat voor horentjes er aangespoeld waren? Zij krabbelden het zand wat weg (dat was later duidelijk te zien) horentjes verstoppen zich wel — ssst.“

(...)

 

“Felicia kwam met de lege melkprauw mee terug uit de stad aan de buitenbaar. Er was post: een brief van Himpies. Hij schreef bijna nooit en dan ineens een ellenlang epistel over alles en nog wat: hij zette wel eens ten eerste, ten tweede voor aan een regel als om het voor zich zelf uit elkaar te houden.

Ten eerste was hier: nu geef ik u te raden! Mingoes teruggevonden na bijna twintig jaar (nou meneer Himpies, zo lang is het nog niet). Hij zegt wel eens toean Himpies in plaats van toean luitnant tot groot vermaak van de rest. Zonder toean gaat het blijkbaar niet; waarom eigenlijk niet?

Hij is nu onze door een ieder geëerbiedigde sergeant!”

 

 

 

Maria Dermoût (15 juni 1888 – 27 juni 1962)

 

Lees meer...

14-06-11

Lieve Joris, Laurence Yep, Allard Schröder, Dieter Forte, Peter O. Chotjewitz, Thomas Graftdijk

 

De Vlaamse schrijfster Lieve Joris werd geboren op 14 juni 1953 in Neerpelt. Zie ook mijn blog van 14 juni 2007 en ook mijn blog van 14 juni 2008 en ook mijn blog van 14 juni 2009 en ook mijn blog van 14 juni 2010.

 

Uit: De hoogvlaktes

 

Na drieënhalf uur lopen zagen we Mikalati liggen. Op de heuvelflank stonden honderden koeien met gewelfde hoorns; daartussen liepen mannen met hoeden en stokken heen en weer, keurend, prijzend. Uit het dal steeg een zacht gegons op, dat sterker werd naarmate we, laverend tussen de koeien, dichterbij kwamen. In de gekleurde vlek in de diepte tekenden zich strooien afdaken af. Daartussen krioelde het van pratende, lachende, gebarende marktgangers. Zodra ze ons in de gaten kregen, stootten ze elkaar aan en algauw draaide de menigte zich als één man onze kant op.’

(…)

 

'We waren laat, marktgangers kwamen ons uit tegengestelde richting tegemoet. Eén man had een kip in zijn raffia rugzakje gestopt; ze stak haar hoofd boven zijn schouders uit en volgde nieuwsgierig de commotie op het pad. Vrouwen hielden hun hand voor de mond als ze me in het oog kregen en riepen: 'Mana-wéééh' Mijn God! Vier mannen droegen een zieke die op een laken tussen twee bamboestokken lag. Een voorbijganger ving mijn blik: 'Muzungu, vous voyez la souffrance des Africains?''

 

 

Lieve Joris (Neerpelt, 14 juni 1953)

Lees meer...

Hermann Kant, Peter Mayle, Jerzy Kosinski, Harriet Beecher Stowe, René Char

 

De Duitse schrijver Hermann Kant werd op 14 juni 1926 in Hamburg geboren. Zie ook mijn blog van 14 juni 2007 en ook mijn blog van 14 juni 2008 en ook mijn blog van 14 juni 2009 en ookmijn blog van 14 juni 2010.

 

Uit: Die Aula

 

„Sie kamen in einen Raum, der wie eine Schulklasse aussah und Robert setzte sich in die letzte Reihe. Er gab ihnen ihre neugierigen Blicke wütend zurück, und er ärgerte sich, dass er nicht wie sie eine Mappe mitgebracht hatte. Als ein alter Mann den Raum betrat, klopften die anderen mit den Knöcheln auf die Bänke und trampelten mit den Füßen. Robert wusste, dass Studenten so grüßten. Früher. Und er wunderte sich, dass es dies immer noch gab. Und außerdem waren sie vorerst doch noch Arbeiter und Bauern, die zu einer Eignungsprüfung gekommen waren, und keine Studenten.“

(...)

 

„‘Selten sah man einen‘, sagte der alte Mann und hielt Robert, der zur Tür wollte, am Ärmel fest, ‚den es so zu einer Prüfung zog wie diesen hier. Aber verweilen Sie doch noch einen Augenblick, lieber Arbeiter, oder sind Sie ein lieber Bauer? Sie sollten sich so fremd nicht fühlen unter uns; der Hirtenstand ist uns doch sehr nahe, und der Hasenjäger in der ersten Reihe da ist eines Häuslers Sohn, nicht wahr, Hasenjäger?‘ Ein untersetzter Bursche stand auf und sagte: ‚Jawohl, Herr Professor, aus Spandowerhagen!‘ ‚Sehen Sie‘, sagte der Professor, ‚von der Scholle einer wie Sie. Und unser aller Herr, dessen Lehre zu verbreiten wir uns hier präparieren, war eines Zimmermannes Kind. Am Ende sind Sie auch eines Zimmermannes Kind?‘ ‚Nein‘, sagte Robert, ‚mein Vater war Straßenfeger!‘.“

(...)

 

"O herrlicher sächsischer Lügenbold, gepriesen sei dein vielgeschmähter Name! Dank dir, du genialer Spinner aus Hohenstein-Ernstthal, dank dir für tausendundeine Nacht voller Pulverdampf und Hufedonnern. Heißen Dank für Äquatorsonne und Präriewind und Wüstensand und Steppengras, für Shatterhand und Hadschi, für Winnetou und Geierschnabel, ungeschmälerten Dank dafür, was immer sie dir auch nachsagen.“

(...)

 

"Hier ist niemand tot, und hier ist auch niemand zornig, und hier wird schon noch geredet werden."



 

Hermann Kant (Hamburg, 14 juni 1926)

Lees meer...

13-06-11

Pinksteren (Muus Jacobse), Gonzalo Torrente Ballester, Fernando Pessoa, Willem Brakman, Marcel Theroux

 

Prettige Pinksterdagen!

 

 

Pfingsten, Jozseph Ignaz Mildorfer (1719 –1775), rond 1750

 

 

 

Pinksteren

Gij hebt dit graf gebroken nu
En wij kunnen niet blijven staan
Nu Gij daaruit zijt opgestaan,
Maar toch, hoe was het vol van U.

Het hart dat gij geschapen hebt
Werd ledig van Uw hemelvaart,
En 't oog heeft blind omhoog gestaard
Omdat Gij het verlaten hebt.

Het is zo vreemd geworden nu,
Want wij, uw kindren, zijn verweesd
En wachten ledig op Uw Geest,
En toch, wij zijn niet zonder U.

Ach, dat wij op dezelfde tijd
Verweesde zijn en deelgenoot,
Horen aan leven en aan dood,
Verlossing en verlorenheid.




Muus Jacobse (13 september 1909 – 21 november 1972)

Lees meer...

Hector de Saint-Denys Garneau, William Butler Yeats, Bruno Frank, Leopoldo Lugones

 

De Frans-Canadese dichter en schilder Hector de Saint-Denys Garneau werd geboren op 13 juni 1912 in Montréal. Zie ook mijn blog van 13 juni 2007. en ook mijn blog van 13 juni 2008en ook mijn blog van 13 juni 2009 en ook mijn blog van 13 juni 2010.

 

 

J'avais son bras

 

J'avais son bras d'eau fraîche autour de mon cou
Et la brûlure de son ventre sous mon épaule
Et ma tête était portée sur le spasme misérable
de son corps
Roulée sur cette suffocation misérable
Sur cette respiration malade
Et dans mes yeux qu'on ne peut fermer
L'horreur d'un plafond bas et blanc
Et cependant autour de mon cou
Son bras incroyable restait d'eau fraîche

 

 

Les pommiers

 

 

 

On dirait que sa voix

 

On dirait que sa voix est fêlée
Déjà?
Il rejoint parfois l'éclat du rire
Mais quand il est fatigué
Le son n'emplit pas la forme
C'est comme une voix dans une chaudière
Cela s'arrête au milieu
Comme s'il ravalait le bout déjà dehors
Cela casse et ne s'étend pas dans l'air
Cela s'arrête
et c'est comme si ça n'aurait pas dû commencer
C'est comme si rien n'était vrai

Moi qui croyais que tout est vrai à ce moment
Déjà?
Alors, qu'est-ce qui lui prend de vivre
Et pourquoi ne s'être pas en allé?

 

 

 

Hector de Saint-Denys Garneau (13 juni 1912 – 24 oktober 1943)

Lees meer...

Lode Zielens, Dorothy L. Sayers, Fanny Burney, Heinrich Hoffmann

 

De Vlaamse schrijver Lode Zielens werd geboren in Antwerpen op 13 juni 1901. Zie ook mijn blog van 13 juni 2007 en ook mijn blog van 13 juni 2009 ook mijn blog van 13 juni 2010.

 

Uit: Forebon

 

De meneer, die dezen Zaterdag namiddag even voor drie uur in de Antwerpsche tram zit - lijn 12, naar het Gerechtshof - is inderdaad de griffier Forebon. Of wilt ge hem Bonfore noemen? Hij leest, hij leest zelfs zeer aandachtig, wat inderdaad zeldzaam is bij een griffier, veeleer gewoon dossiers vluchtig door te nemen. De griffier is dus geheel in zijn lectuur verdiept. Hij merkt de halten niet op; klein zit hij, in schraalheid gedoken; dit zelf opgelegd bewuste, dit eigenhandig aangekweekte besef van zelfwaardigheid zijn totaal weg. Het is of de griffier op zijn beurt met iemand wordt geconfronteerd en deze confrontatie hem niet gunstig uitvalt. Met een zekere gejaagdheid, bijna drift te noemen, slaat hij de bladzijden van het boek om.

Achter, op het balcon houdt zich de onderzoeksrechter Ange op. Zoo aanstonds zullen zij als zijde aan zijde zitten, in éénzelfde kabinet, den zooveelsten dag van het zooveelste jaar. Ange zal zwijgend spreken en de griffier zwijgend luisteren. Beiden zullen verdwijnen in het duister van dit rommelige vertrek, zoo goed als opgelost in de vuile lucht daarvan en in het grijze stof, er zal niets anders wezen als de blik van Ange. Die blik: een bliksemend rapier. Wie hem ondergaat is getroffen vóór hij het zich bewust kan zijn. Even klein van gestalte als de griffier is de onderzoeksrechter. Gemeten is zijn stap, de handen houdt hij altijd ergens verdoken, opdat geen trilling zou verraden wat het brein doorwoelt en besluit. Even onaanzienlijk is het fletse gelaat, zoo goed als onopmerkelijk, vuns en bleek.“

 

 

 

Lode Zielens (13 juni 1901 - 28 november 1944)

Lees meer...

Tristane Banon

 

De Franse journaliste en schrijfster Tristane Banon werd geboren op 13 juni 1979 in Neuilly-sur-Seine. Banon behaalde een diploma van de Ecole Superieure de Journalisme de Paris, en had aanvankelijk gelegenheidsbanen als journaliste, als anchorwoman in een tv-show over nieuwe informatie-en communicatietechnologieën, en als sportjournaliste. Ze was werkzaam in de politiek-afdeling, en later de culturele afdeling van het Franse weekblad Paris-Match, vervolgens werkzaam bij het ​​dagblad Le Figaro. Haar eerste boek, een lang essay getiteldErreurs avouées… (au masculin)” over de grootste fouten in het leven van politieke figuren, werd gepubliceerd in november 2003 door Anne Carrière. Een korte roman “Noir delire”, geïnspireerd door de tragische dood van de Franse actrice Marie Trintignant, verscheen in hetzelfde jaar in het literaire blad Bordel. Haar eerste romanJ'ai oublié de la tuer” werd in september 2004 gepubliceerd door éditions Anne Carrière. Op 5 februari 2007, tijdens een televisie-chat-show, beweerde Banon dat Dominique Strauss-Kahn haar in 2002 tijdens een interview seksueel had lastig gevallen, terwijl ze onderzoek deed voor “Erreurs avouées…”.

 

Uit: Erreurs avouées…”.

 

“Je n'ai rien vu venir, je l'ai harcelé, même; je le voulais, ce rendez-vous. Après quatre appels sur son portable en trois jours, il a cédé. La date est fixée - le 5 février, dans son bureau de l'Assemblée nationale. Dominique Strauss-Kahn est un multirécidiviste de la responsabilité publique: député du Val d'Oise, membre de la commission des Affaires étrangères des groupes d'amitié avec l'Allemagne, l'Arménie, la Chine, les Etats-Unis, Israël, le Maroc et le Viêt-nam, et professeur d'université.

Après avoir vu Séguéla, je voulais que mon entreprise de dissection de l'objet d'étude "Erreur" s'arrête sur un politique, je n'aurais peut-être pas dû.

L'animal politique est une bête traquée. La peur du mot de trop, de la parole en l'air que retiendra un canard à scandales (pour rester dans le registre animal), le pousse a des réactions étonnantes (j'y reviendrai).

Avez-vous déjà observé un agent immobilier? Terminé le discours pesant sur la bonne orientation et "cette merveilleuse hauteur sous plafond", il se tait. On passe souvent du moulin à paroles au voeu de silence. L'homme est toujours rassuré par les sujets qu'il maîtrise. Dominique Strauss-Kahn, c'est un peu pareil. Sorti du discours politique galvaudé, la peur de la récupération médiatique le handicape.”

 

 

 


Tristane
Banon (Neuilly-sur-Seine,13 juni 1979)

08:16 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: tristane banon, romenu |  Facebook |

12-06-11

Pinksteren (Willem de Mérode)

 

Prettige Pinksterdagen!

 

 

 

Jean II Restout, La Pentecôte , 1732

 

 

 

Pinksteren


O Geest, toen Gij ternederkwaamt

En voor hun oog gestalte naamt,

Doorzonk de hemel ademloos

Een stille witte vlammenhoos.

 

Boven hun lichaams donkre zuil

Verscheen een zacht bewogen tuil

Van licht, en glinsterende gleed

Het neder langs hun schamel kleed.

 

Hun mengelmoes van woorden vaal

Klonk ieder als zijn moedertaal.

In mensenwoord, op mensenwijs

Geeft God zijn heilgeheimen prijs.

 

Geen is zo druk, geen leeft zo snel,

Of hij hoort Uw vermaning wel:

De storm steekt op, de noodklok luidt,
De wereld wijkt, o mens, trek uit!

 

Die U in vlammen openbaart,

Wiens adem door de wereld vaart,

Die 't al bezielt, doordringt ons 't meest,

Ken ons, dat wij U kennen, Geest!

 

 

 

 


Willem de Mérode
(2 september 1887 -  22 mei 1939)

 

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 12e juni ook mijn vorige blog van vandaag en eveneens mijn eerste blog van vandaag.

20:06 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: pinksteren, willem de mérode, romenu |  Facebook |

Anne Frank, Christoph Meckel, Renan Demirkan, Djuna Barnes, Sandro Penna, Brigid Brophy

 

De Nederlandse schrijfster Anne Frank werd geboren in Frankfurt am Main op 12 juni 1929. Zie ook mijn blog van 12 juni 2010 en eveneens alle tags voor Anne Frank op dit blog.

 

Uit:Het Achterhuis

 

„Zondag, 14 Juni 1942

Vrijdag 12 Juni was ik al om 6 uur wakker en dat is heel begrijpelijk, daar ik jarig was. Maar om 6 uur mocht ik toch nog niet opstaan, dus moest ik mijn nieuwsgierigheid bedwingen tot kwart voor zeven. Toen ging het niet langer, ik ging naar de eetkamer, waar ik door Moortje (de kat) met kopjes verwelkomd werd.

Om even na zevenen ging ik naar papa en mama en dan naar de huiskamer, om mijn cadeautjes uit te pakken. Het was in de eerste plaats jou die ik te zien kreeg, wat misschien wel een van mijn fijnste cadeau's is. Dan een bos rozen, een plantje, twee takken pinkster-rozen, dat waren die ochtend de kinderen van Flora, die op mijn tafel stonden, maar er kwam nog veel meer.

Van papa en mama heb ik een heleboel gekregen en ook door onze vele kennissen ben ik erg verwend. Zo ontving ik o.a. de Camera Obscura, een gezelschapsspel, veel snoep, chocola, een puzzle, een broche, Nederlandse Sagen en Legenden door Joseph Cohen, Daisy's Bergvacantie, een enig boek, en wat geld, zodat ik me Mythen van Griekenland en Rome kan kopen, fijn!

Dan kwam Lies mij halen en wij gingen naar school. In de pauze tracteerde ik leraren en leerlingen op boterkoekjes en toen moesten we weer aan het werk.

Nu moet ik ophouden. Dáág, ik vind je zo fijn!“

 

 

Anne Frank (12 juni 1929 – maart 1945)

Lees meer...

H. C. Artmann, Günter Nehm, Rona Jaffe, André Suarès, Johanna Spyri, Charles Kingsley

 

De Oostenrijkse dichter en vertaler Hans Carl Artmannwerd geboren op 12 juni 1921 in Wenen. Zie ook mijn blog van 12 juni 2007 en ook mijn blog van 11 juni 2008 en ook mijn blog van 12 juni 2009 en ook mijn blog van 12 juni 2010

 

 

Der 51. Traum

 

Stiege dir an einem neujahrsmorgen (im traum) ein zwerg aus deinem linken schuh und fragte dich, wo du seinen stern habest, und du dächtest: Was für einen stern meint er, der kleine kerl? Und du gäbest ihm nach einer weile zur antwort: Ich habe ihren stern nicht, aber bitte, sie können ja in meiner wohnung nachsuchen ... Und er käme endlich an das Bett deiner noch schlafenden frau und riefe erfreut: Aber da liegt er doch! Und du sagtest: Man soll schlafendes nicht vor seiner zeit wecken; auch keinen stern .... Und der zwerg antwortete: Gut, so will ich mich denn einstweilen mit den lockenwicklern unterhalten ... Und er begänne einen nach dem anderen in seinen langen bart zu wickeln - dann zähle mit bis zum fünfzigsten, aber beim einundfünfzigsten wirf ihn hinaus vor das haus, denn in diesem augenblicke ist er machtlos wie ein kind, seine fabelhafte stärke verläßt ihn, deine frau aber darfst du behalten.

 

 


H. C. Artmann (12 juni 1921 – 4 december 2000)

Lees meer...

11-06-11

William Styron, Renée Vivien, Jean-Pierre Chabrol, Sophie van der Stap, Ben Jonson

De Amerikaanse schrijver William Styron werd op 11 juni 1925 in Newport News in de staat Virginia geboren. Zie ook mijn blog van 11 juni 2010 en eveneens alle tags voor William Styron op dit blog.

 

Uit: Sturz in die Nacht

(Darkness Visible: A Memoir of Madness, vertaald door Willy Winkler)

 “In Paris, an einem kalten Abend Ende Oktober 1985, wurde mir zum ersten Mal voll bewusst, dass der Kampf mit meiner psychischen Störung – ein Kampf, der mich schon seit einigen Monaten in Anspruch nahm – tödlich ausgehen könnte. Das war mir in dem Augenblick klar, als das Auto, in dem ich saß, eine vom Regen glänzende Straße in der Nähe der ChampsÉlysées hinabfuhr und an einem matt leuchtenden Neonschild mit der Aufschrift HÔTEL WASHINGTON vorbeiglitt. Beinah fünfunddreißig Jahre war es her, seit ich das Hotel gesehen hatte, als es im Frühjahr 1952 für einige Nächte meine erste Unterkunft in Paris gewesen war. Während der ersten Monate meines »Wanderjahrs « war ich im Zug von Kopenhagen nach Paris gekommen und dank der nachdrücklichen Laune eines New Yorker Reisebüroangestellten im Hôtel Washington gelandet.

Damals war das Hotel eine der vielen feuchten, anspruchslosen Herbergen für vorwiegend amerikanische Touristen, die nur über sehr bescheidene Mittel verfügten, dafür aber, wenn

sie wie ich reagierten und zum ersten Mal aufgeregt mit den Franzosen und ihren komischen

Gepflogenheiten in Berührung kamen, nie vergessen würden, wie das exotische Bidet, unverrückbar

an seinem Platz im tristen Schlafzimmer, zusammen mit der Toilette am anderen Ende des schwach beleuchteten Flurs buchstäblich den Abgrund zwischen der gallischen und der angelsächsischen Kultur definierte.

Im Washington war ich allerdings nur kurz geblieben: Innerhalb weniger Tage hatten mich

neugewonnene junge amerikanische Freunde zum Auszug überredet und mich in einem noch schäbigeren, dafür aber bei weitem pittoreskeren Hotel am Montparnasse in nächster Nähe von Le

Dôme und anderen, einem Literaten angemessenen Lokalen untergebracht. (Ich war Mitte zwanzig, hatte soeben meinen ersten Roman veröffentlicht und war eine Berühmtheit, allerdings eine recht bescheidene, weil nur sehr wenige in Paris lebende Amerikaner von meinem Buch gehört, geschweige denn es gelesen hatten.) Und im Lauf der Jahre verschwand das Hôtel Washington

allmählich aus meinem Bewusstsein.”

   


William Styron (11 juni 1925 – 1 november 2006)

Lees meer...

Athol Fugard, Yasunari Kawabata, Jules Vallès, George Wither, Barnabe Googe

 

De Zuidafrikaanse schrijver Harold Athol Lannigan Fugard werd geboren op 11 juni 1932 in Middelburg, Kaapprovincie. Zie ook mijn blog van 11 juni 2007 en ook mijn blog van 11 juni 2008 en ook mijn blog van 11 juni 2009 en ook mijn blog van 11 juni 2010

 

Uit: Hello And Goodbye

 

„Hester: Somewhere else. Your were too young. They pushed me forward. ‘Say goodbye to your Mommie, Hester.’ I said it – but I couldn’t cry. I was dry and hot inside. Ashamed! Of u. Of her, Mommie, for being dead and causing all the fuss. Of him, Daddy, his face cracked like one of our old plates, saying things he never said when she was alive.

And all the uncles and aunties kissing him and patting hin on the back and saying ‘Shame!’ every time they saw you. It was those cousins of his from Despatch, who never ever came to visit us. The whole mob of them, all in black, the little girls in pretty dresses, looking at everything in the house and us looking like poor whites because there wasn’t enough cups to give everybody coffee at the same time. I hated it! I hated Mommie for being dead. I couldn’t cry. I cried later. I don’t know, maybe two days. Everything was over, the relatives gone. He was in bed with shock. The house was quiet like never before. Then there was a knock at the back door. I opened it an it was that coolie who always sold the vegetables, Where’s your Mommie?’ he asked. I couldn’t say anything at first. ‘Girlie, where’s your Mommie?’ then I told him. ‘Dead.’ I just said, ‘Dead’, and started to cry. He took off his hat and stood there watching me until I shouted, ‘Voetsek!” and chased him away – and sad down and cried and cried. Because suddenly I knew she was dead, and what it meant, being dead. It’s goodbye for keeps. She was gone forever. So I cried. There was something I wanted to do, but it was to late.

 

 

Athol Fugard (Middelburg (ZA), 11 juni 1932)

Lees meer...

10-06-11

Louis Couperus, Saul Bellow, Mensje van Keulen, Jan Brokken

De Nederlandse schrijver Louis Couperus werd op 10 juni 1863 geboren in Den Haag. Zie ook mijn blog van 10 juni 2010 en eveneens alle tags voor Louis Couperus op dit blog.

 

Uit: Eline Vere

 

“Men verdrong zich in de, tot kleedkamer ingerichte, eetzaal. Voor een psyché stond Frédérique Van Erlevoort, met los hangende haren, zeer bleek onder een dunne laag poudre de riz, de wenkbrauwen als door een enkele penseelstreek zwarter getint.

- Haast je dan toch, Paul! We komen nooit klaar! zeide ze, een weinig ongeduldig, met een blik op de pendule.

Voor haar knielde Paul van Raat, en zijn vingers plooiden een langen, ijlen sluier, van goud en karmozijn, als een draperie om haar middel. De stof wolkte op het roze fond van haar onderkleed; haar hals en armen waren, sneeuwwit van de veloutine, vrijgelaten en flonkerden in den glans van, door elkander gestrengelde, snoeren en ketenen.

- O, wat een tocht! Hoû toch de deur dicht, Dien! gilde Paul een oude meid na, die, bevracht met eenige japonnen, de kamer verliet. Door de open gelaten deur zag men gasten, gerokte heeren en licht gekleede dames; zij begaven zich langs de aralia's en palmen van den corridor naar de groote suite; zij glimlachten om de oude meid en wierpen een steelschen blik naar binnen.

Allen schaterden om die verrassing, dien blik achter de coulisses; alleen Frédérique bleef ernstig, in het bewustzijn, dat zij de waardigheid eener antieke vorstin had op te houden.

- Haast je toch, Paul! sprak zij, bijna smeekend. Het is reeds over half negen!

- Ja, ja, Freddy, wees maar niet bang, je bent al klaar! antwoordde hij, en handig schikte hij eenige juweelen tusschen de gazige plooien harer draperie.

- Klaar? vroegen Marie en Lili Verstraeten, uit de kamer komende, waar de estrade was opgeslagen: een geheimzinnige verhevenheid, als uitgewischt in een halfduister.

Klaar! antwoordde Paul. En nu, alsjeblieft kalmte! vervolgde hij, terwijl hij zijn stem verhief en gebiedend in het rond zag.

De vermaning was noodig. De drie jongens, de vijf meiden, welke als kameniers dienst deden, liepen in het, met allerlei accessoires opgevulde, vertrek elkaâr in den weg, lachende, gillende, de grootste wanorde veroorzakend. Te vergeefs poogde Lili een gouden bordpapieren lier uit de handen te redden van den twaalfjarigen zoon des huizes, terwijl de beide bengels van neven op het punt waren tegen een groot wit kruis aan te klimmen, dat, in een hoek der kamer geplaatst, onder hun aanvallen reeds wankelde.“

 

 

Louis Couperus (10 juni 1863 – 16 juli 1923)

Standbeeld op het Lange Voorhout, Den Haag

Lees meer...