29-05-14

In Memoriam Maya Angelou

 

In Memoriam Maya Angelou

 

De Amerikaanse dichteres, schrijfster,regisseur en activiste Maya Angelou is gisteren op 86-jarige leeftijd overleden. Maya Angelou (eig. Margueritte Johnson) werd geboren in Saint Louis, Missouri, op 4 april 1928. Zie ook alle tags voor Maya Angelou op dit blog.

 

The Detached

We die,
Welcoming Bluebeards to our darkening closets,
Stranglers to our outstretched necks,
Stranglers, who neither care nor
care to know that
DEATH IS INTERNAL.

We pray,
Savoring sweet the teethed lies,
Bellying the grounds before alien gods,
Gods, who neither know nor
wish to know that
HELL IS INTERNAL.

We love,
Rubbing the nakednesses with gloved hands,
Inverting our mouths in tongued kisses,
Kisses that neither touch nor
care to touch if
LOVE IS INTERNAL.

 

 

 
Maya Angelou (4 april 1928 – 28 mei 2014)

08:07 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: in memoriam, maya angelou, romenu |  Facebook |

28-05-14

Leo Pleysier, Adriaan Bontebal, Frank Schätzing, Maeve Binchy, Thomas Moore, Ian Fleming, Walker Percy

 

De Belgische schrijver Leo Pleysier werd geboren in Rijkevorsel op 28 mei 1945. Zie ook alle tags voor Leo Pleysier op dit blog.

Uit: Wit is altijd schoon

“Heb ik het hier anders niet schoon behangen in de keuken? vroeg ze, Gusta.
Ik zei: amai, héél schoon! Zei ik.
Zo een schoon effen behang! Hebt ge dat zelf gedaan?
’t Is percies dat de schilder geweest is, zei ik, zo schoon gedaan!
Maar ik ben toch echt niet goed zenne, Gusta, zei ik, ik ben percies aan het doodgaan.
Ja, zei ze, maar het was ook een heel werk, dat behangen.
Eerst dat oud papier d’r afdoen.
Want dat zag er nogal uit, zei ze, dat oud papier.
Vuil en vet. En losgekomen.
Haar dochter Josee was komen helpen, zei Gusta, want behangen zelf, dat ging haar toch niet zo goed niet meer af.
Iedere keer dat traplereke op en af, dat was niks meer voor haar, zei ze.
En Josee had dat ook gezegd tegen haar.
Moe, gij gaat die keuken toch niet alleen behangen zeker!
Dat is toch geen werk!
Iedere keer dat traplereke op en af mee die lange panden vol lijm en pap!
Dat is toch geen werk zo alleen!
Ik zal wel ’s een dag komen helpen, had Josee gezegd.
O da’s goed Josee, had Gusta gezegd, ik zal dan al beginnen mee het oud papier eraf te halen want da’s ook al een heel werk, dat oud papier d’er afhalen, en als ik daarmee gedaan heb, zal ik wel eens bellen.
Wel ja, doe dat, had Josee gezegd, als ge daarmee gedaan hebt, dan belt ge maar en dan zal ik wel eens een dag komen helpen.”

 

 
Leo Pleysier (Rijkevorsel, 28 mei 1945)

Lees meer...

Ad Zuiderent

 

De Nederlandse dichter en criticus Ad Zuiderent werd geboren in ’s-Gravendeel op 28 mei 1944. Zuiderent maakte op zijn achtste de watersnood van 1953 in Nederland mee. Hij studeerde Nederlands taal- en letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Vanaf 1969 ging hij lesgeven. Zes jaar lang doceerde hij Nederlands op de Christelijke Scholengemeenschap Buitenveldert te Amsterdam waarna hij voor vier jaar moderne Nederlandse letterkunde en vakdidactiek gaf aan de lerarenopleiding VL-VU. Tussen 1976 en 1978 gaf hij poëzieanalyse bij een opleiding Nederlands in Amsterdam. Van 1979 tot 2009 werkte hij als wetenschappelijk medewerker aan de Vrije Universiteit. Hij schreef recensies voor het dagblad Trouw en De Tijd en is redacteur van het Kritisch Literatuur Lexicon. Zuiderent is naast letterkundige tevens dichter. Sinds 1966 publiceert hij gedichten in literaire tijdschriften, zoals Merlyn, Raster, Soma, Maatstaf, De Revisor, Tirade en het Nieuw Wereldtijdschrift. In 1968 debuteerde hij met de bundel “Met de apocalyptische mocassins van Michel de Nostredame op reis door Nederland” waarin hij de door hem beleefde watersnood van 1953 beschrijft.

 

Waar geen haven is

Dichter, kunstkind, wat zul je nog dichten.
In eeuwigheid, dat gesloten systeem, drijf je
voorbij. Maar zoek je 's avonds het lek, is er
niemand daarbuiten, kieuw noch bek. Enkel gordijnen
waarachter de buren het nieuws of de nachtfilm
bekijken. Je lyrisch betoog kan bewegen als
een pont aan de steiger, je kapseist hooguit
in het zich van een horizon, een verre vriend.
Op de rede, op straat blijft het stil, al die tijd.
Je denkt dat ze dichters en kinderen eerst
zullen horen, maar hun gordijnen hangen in slik.

 

 

Op de fiets

Een nuchter fietser op de gracht: wat valt
dat is een herfstblad - licht stijgt op.
Nóg is er geen gevoel van kortste dag.

Maar keert het licht, dan keert de fietser ook
de stad de rug toe, kiest rivier voor gracht,
sneeuw op de buitenweg voor stadse prak.

Wat voedt nog zijn herinnering: de damp
die geurt bij 't uitdoen van een regenpak?
Ging ooit Sebastiaan naar Duivendrecht?

Komt lente, lost de eenzaamheid zich op
in wie hij tegenkomt de Amstel langs:
de fietsers met hun hand omhoog als vrienden.

Zo voelt wie de beslotenheid verliet,
bedreigd door damp van snelverkeer, zich thuis
voorbij de weiden achter zijn bureau.

Maar op een zomerdag slaat hij voorbij
de brug linksaf, wil de rivier ten einde:
komend van Ouderkerk zoekt hij weer stad.

Na molen en begraafplaats wordt het stil:
'Zo eeuwig fietsen!' gaat het door hem, en
geen mens ziet dat zijn fiets de lucht in wil.

 

 
Ad Zuiderent (’s-Gravendeel, 28 mei 1944)

18:30 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ad zuiderent, romenu |  Facebook |

27-05-14

Jan Blokker, Niels 't Hooft, Louis-Ferdinand Céline, Kaur Kender, Georges Eekhoud, Said, Adriaan Venema

 

De Nederlandse schrijver, journalist en columnist Jan Blokker werd geboren in Amsterdam op 27 mei 1927. Zie ook alle tags voor Jan Blokker op dit blog.

Uit: Anna

“Ik zie hen voor mij staan: midden in de kamer naast een toren van grote blokken die net zo hoog is als hijzelf. Vorsend kijkt hij in mijn richting. ‘Help, Opa, help mij!’ Hij wijst op zijn bouwwerk: ‘Opa, kom hier!’
Ik druk af. Voor de lens schuift een vergeeld plaatje van 35 jaar geleden: Wietske, in deze zelfde kamer. In haar hand houdt ze een kwart appel. Naast haar zit Anna met een aardappelmesje en het klokhuis. Ze lacht vaag naar iets buiten beeld.
Ik laat de camera zakken: Albert kijkt me aan met Anna's wijd open ogen van verbazing. Dan lijkt hij zich te bedenken; hij loopt op me toe, pakt mijn gezicht met beide handen vast en dwingt me, hem aan te kijken: ‘Kijk, Opa!’
‘Ik zal je eens een foto laten zien van vroeger,’ zeg ik; ‘toen mamma net zo groot was als jij nu; samen met Oma.’
Hij komt tegen m'n knieën staan en steekt z'n duim in z'n mond. Geduldig kijkt hij in het fotoboek. ‘Of zullen we naar buiten gaan,’ zeg ik. Direct rent hij de gang in en pakt z'n jas. ‘Ik doet!’ roept hij terwijl hij, op z'n tenen staande, probeert, de deur te openen. ‘Kan niet,’ zegt hij. ‘Nee, want ik heb de deur op slot gedaan.’
Hij staat voor me en hipt van zijn ene been op 't andere; ik probeer zijn jas dicht te ritsen en zijn das om te doen. ‘Heb toren gebouwd!’
‘Jazeker, dat heb je; en nu gaan we lopen.’ Ik doe de deur open en hij rent voor me uit tot aan het hek. Ik volg op enige afstand.
Hand in hand lopen we de dijk af in de richting van het oude land. Bij 't Zant gekomen laat hij me los en rent het pad op. ‘Is boomerd!!’ roept hij juichend. ‘Ja, jongen, 't Is de bongerd; maar Opa kan niet meer zo hard
.’

 

 
Jan Blokker (27 mei 1927 - 6 juli 2010)

Lees meer...

26-05-14

Alan Hollinghurst, Radwa Ashour, Hugo Raes, Isabella Nadolny, Ivan O. Godfroid, Maxwell Bodenheim

 

De Britse schrijver Alan Hollinghurst werd geboren op 26 mei 1954 in Stoud, Gloucestershire. Zie ook alle tags voor Alan Hollinghurst op dit blog.

Uit: The Line of Beauty

“Catherine's ups and downs were part of Nick's mythology of the house. Toby had told him about them, as a mark of trust, one evening in college, sitting on a bench by the lake. 'She's pretty volatile, you know,' he said, quietly impressed by his own choice of word. 'Yah, she has these moods.' To Nick the whole house, as yet only imagined, took on the light and shade of moods, the life that was lived there as steeped in emotion as the Oxford air was with the smell of the lake water. 'She used to, you know, cut her arms, with a razor blade.' Toby winced and nodded. 'Thank god she's grown out of all that now.' This sounded more challenging than mere moods, and when Nick first met her he found himself glancing tensely at her arms. On one forearm there were neat parallel lines, a couple of inches long, and on the other a pattern of right-angled scars that you couldn't help trying to read as letters; it might have been an attempt at the word ELLE. But they were long healed over, evidence of something that would otherwise be forgotten; sometimes she traced them abstractedly with a finger.

 

 
Scene uit de tv-serie „The Line of Beauty“ uit 2006

 

'Looking after the Cat' was how Gerald had put it before they went away, with the suggestion that the task was as simple as that, and as responsible. It was Catherine's house but it was Nick who was in charge. She camped nervously in the place, as though she and not Nick was the lodger. She was puzzled by his love of its pompous spaces, and mocked his knowledgeable attachment to the paintings and furniture. 'You're such a snob,' she said, with a provoking laugh; coming from the family he was thought to be snobbish about, this was a bit of a facer. 'I'm not really,' said Nick, as if a small admission was the best kind of denial, 'I just love beautiful things.' Catherine peered around comically, as though at so much junk. In her parents' absence her instincts were humbly transgressive, and mainly involved smoking and asking strangers home. Nick came back one evening to find her drinking in the kitchen with an old black minicab driver and telling him what the contents of the house were insured for.

 

 
Alan Hollinghurst (Stoud, 26 mei 1954)

Lees meer...

25-05-14

Egyd Gstättner, Eve Ensler, Friedrich Dieckmann, Claire Castillon, Raymond Carver, Jamaica Kincaid

 

De Oostenrijkse schrijver en essayist Egyd Gstättner werd geboren op 25 mei 1962 in Klagenfurt. Zie ook alle tags voor Egyd Gstättner op dit blog.

Uit: Der Haider Jörg zieht übers Gebirg

„Sehr geehrte Damen & Herren, wir unterbrechen die Sendung Ins Land einischau’n für folgende wichtige Mitteilung:
Der Landeshauptmann und Kulturreferent von Kärnten, Präsident des FC Kärnten und FC Feistritz / Rosental, Bürgermeister von Triest, Bademeister von Jesolo, Tennismeister von Tripolis, Führer der Lega Nord, Kapitän aller Traditionsverbände, Direktor von Stadttheater, Volkstheater & Burgtheater, Trainer von Sturm Graz, Rapid und Austria Wien, Generalintendant der Tabakwerke und des ORF, Herausgeber der Kronenzeitung, ÖFB-Chef, ÖSV-Chef, ÖAMTC-Chef, Caritasdirektor, Bundeskanzler der Republik Österreich sowie deren Außenminister, Innenminister, Finanzminister, Infrastrukturminister und Frauenminister, Dr. Jörg Haider, einfaches Mitglied seiner selbst, beehrt sich bekanntzugeben, dass er sämtliche politischen, sozialen, gesellschaftlichen, kulturellen, ethnischen sowie sonstige Probleme im Handumdrehen gelöst hat (Tja, man muß eben wissen, wessen Hand man umdreht!), was nun auch alle seine Kritiker, die ihn jahrelang mit persönlichen Ressentiments und blindem Haß verfolgt haben und anfangs Ämterkumulierung, Gesinnungsterror oder gar Machtrausch prophezeit haben, nun aber beschämt am Wegesrand des Heils stehen, endlich zähneknirschend zur Kenntnis nehmen werden müssen. Die gesellschaftliche Realität heute ist: Nirgendwo Proteste, nirgendwo Resolutionen, nirgendwo Demonstrationen, nirgendwo regt sich auch bloß das geringste Widerstandsnest. Die Kritiker aus der linken Schickeria sind verstummt, die ehemaligen linken Denkfabriken ausgebrannte Ruinen. Auch die vormals kranken Journalistengehirne vormals bissiger Medien sehen nun nach und nach ein, dass es nicht angeht, den Hund, der einen beißt, zu füttern.“

 

 
Egyd Gstättner (Klagenfurt, 25 mei 1962)

Lees meer...

Robert Ludlum, Theodore Roethke, Georges Bordonove, W. P. Kinsella, Max von der Grün, John Gregory Dunne

 

De Amerikaanse schrijver Robert Ludlum werd geboren in New York op 25 mei 1927. Zie ook alle tags voor Robert Ludlum op dit blog.

Uit: The Bourne Supremacy

“As swiftly as the order of the evening had been disrupted it was restored. With luck, through the tuxedoed manager, the explanation that an impetuous bartender had mistaken a belligerent drunk for something far more serious would be acceptable to the police.
Suddenly, all thoughts of fines and official harassment were swept away as his eyes were drawn to a clump of white fabric on the floor across the room - in front of the door to the inner offices. White cloth, pure white - the priest? ...
"Come!" ordered the manager, getting to his feet and heading for the door.
"The police!" objected the brother. "One of us should speak to them, calm them, do what we can."
"It may be that we can do nothing but give them our heads! Quickly!"
Inside the dimly lit corridor the proof was there. The slain guard lay in a river of his own blood ... He approached the body and with his handkerchief he wiped away the blood and stared at the face.
"We are dead," he whispered. "Kowloon is dead, Hong Kong dead. All is dead."
"What?"
"This man is the Vice-Premier of the People's Republic, successor to the Chairman himself."
"Here! Look!" The first-assistant brother lunged toward the body of the dead laoban. Alongside the riddled, bleeding corpse was a black bandanna. It was lying flat, the fabric with the curlicues of white discoloured by blotches of red. The brother picked it up and gasped at the writing in the circle of blood underneath: JASON BOURNE.
The manager sprang across the floor. "Great Christian Jesus!" he uttered, his whole body trembling. "He's come back. The assassin has come back to Asia! Jason Bourne! He's come back!"

 

 
Robert Ludlum (25 mei 1927 – 12 maart 2001)
Filmaffiche met Matt Damon als Jason Bourne

Lees meer...

Ralph Waldo Emerson, Rosario Castellanos, Alain Grandbois, Naim Frashëri, Edward Bulwer-Lytton

 

De Amerikaanse dichter, schrijver, filosoof en essayist Ralph Waldo Emerson werd geboren in Boston, Massachusetts op 25 mei 1803. Zie ook alle tags voor Ralph Waldo Emerson op dit blog.

 

Days

Daughters of Time, the hypocritic Days,
Muffled and dumb like barefoot dervishes,
And marching single in an endless file,
Bring diadems and fagots in their hands.
To each they offer gifts after his will,
Bread, kingdom, stars, and sky that holds them all.

I, in my pleached garden, watched the pomp,
Forgot my morning wishes, hastily
Took a few herbs and apples, and the Day
Turned and departed silent. I, too late,
Under her solemn fillet saw the scorn.

 

 

Friendship

A ruddy drop of manly blood
The surging sea outweighs,
The world uncertain comes and goes;
The lover rooted stays.
I fancied he was fled,-
And, after many a year,
Glowed unexhausted kindliness,
Like daily sunrise there.
My careful heart was free again,
O friend, my bosom said,
Through thee alone the sky is arched,
Through thee the rose is red;
All things through thee take nobler form,
And look beyond the earth,
The mill-round of our fate appears
A sun-path in thy worth.
Me too thy nobleness had taught
To master my despair;
The fountains of my hidden life
Are through thy friendship fair.

 

 

 
Ralph Waldo Emerson (25 mei 1803 - 27 april 1882)
Portret door Arthur Wardle, z.j.

Lees meer...

24-05-14

Joseph Brodsky, Michael Chabon, Bob Dylan, Henri Michaux, William Trevor, Tobias Falberg, Arnold Wesker

 

De Russisch-Amerikaanse dichter Joseph Brodsky werd op 24 mei 1940 in Leningrad (het huidige St.Petersburg) geboren als Iosif Brodski. Zie ook mijn blog van 24 mei 2010 en eveneens alle tags voor Joseph Brodsky op dit blog.

 

24 mei 1980

In plaats van een beest heb ik me steeds in een kooi laten zetten,
mijn straftijd en nummer heb ik gekrast in celmuren,
'k heb aan zee gewoond, gespeeld aan de roulette,
in rok gesoupeerd met de vreemdste sinjeuren.
Hoog op een gletsjer had ik de halve wereld voor ogen,
'k ben driemaal verdronken, heb tweemaal onder het mes gelegen.
Het land dat mij grootbracht heb ik verloochend.
Je kunt een stad vullen met allen die mij zijn vergeten.
'k Heb door steppen gedwaald waar de grond zich de Hunnen herinnert,
kleren aangehad die weer in de mode raken,
rogge gezaaid, schuren van hardhout getimmerd
en het enige dat ik nimmer dronk is droog water.
'k Heb mijn dromen gevuld met 't stalen oog van de bewaking,
het genadebrood van de balling tot de laatste kruimel verslonden.
Elke klank is mijn keel gepasseerd behalve janken;
'k ben gaan fluisteren. Vandaag ben ik veertig geworden.
Wat moet ik zeggen van het leven ? Dat het lang is gebleken.
Solidariteit voel ik alleen met mislukten en manken.
Maar zolang mijn strot niet onder de klei wordt vertreden
zal 't geluid dat hij geeft enkel dit zijn: danken.

 

 

Ter nagedachtenis aan mijn vader: Australië

Ik droomde dat je nog leefde en geëmigreerd
was naar Australië. Doodgemoedereerd
kwam je stem tot mij, mopperend over het klimaat
en het behang: de flat die je hebt gehuurd staat
jammer genoeg niet in het centrum maar aan zee,
vier hoog, geen lift, wel een bad, dat valt mee,
dikke enkels, 'En m'n pantoffels ben ik kwijt'
klonk het goed verstaanbaar en ietwat zuur.
En in de hoorn gierde opeens 'Adelaide ! Adelaide !',
het bulderde, beukte, alsof er tegen een muur
een luik sloeg, van de scharnieren bijna los.

Toch is dit stukken beter dan de urn met je as,
dan het document waarop je sterfdatum staat -
deze flarden van een stem die praat en praat
en de pogingen nors te lijken en onaangedaan

de eerste keer sinds jij in rook bent opgegaan.

 

Vertaald door Jan Robert Braat e.a.

 

 

I threw my arms about those shoulders

I threw my arms about those shoulders, glancing
at what emerged behind that back,
and saw a chair pushed slightly forward,
merging now with the lighted wall.
The lamp glared too bright to show
the shabby furniture to some advantage,
and that is why sofa of brown leather
shone a sort of yellow in a corner.
The table looked bare, the parquet glossy,
the stove quite dark, and in a dusty frame
a landscape did not stir. Only the sideboard
seemed to me to have some animation.
But a moth flitted round the room,
causing my arrested glance to shift;
and if at any time a ghost had lived here,
he now was gone, abandoning this house.

 

 
Joseph Brodsky (24 mei 1940 – 28 januari 1996)

Lees meer...

George Tabori, Rainald Goetz, Louis Fürnberg, Michail Sjolochov, Arthur Wing Pinero, Kamiel Vanhole, Jean de La Varende

 

De van oorsprong Duits-Hongaarse, maar Engelstalig schrijver en dramaturg George (György) Tabori werd geboren in Boedapest op 24 mei 1914. Zie ook alle tags voor George Tabori op dit blog.

Uit:Der Zauberberg und das Hollywoodschnitzel

„Um diesen Ratschlag zu bekräftigen, begann Mann seinen eigenen Vortrag (ich glaube, über den „Doktor Faustus“) mit einem Witz, und die Zuhörer lachten entspannt. So ermuntert, habe ich mit zwei ähnlichen Witzen angefangen, denn ich wusste, dass das englische Wort für Witz also wit, „geistreich“ bedeutet. Das Publikum hat wieder gekichert, und Thomas Mann sagte hinterher: „Gut.“ Was ich damals als wichtigstes literarisches Kriterium betrachtete.
Das zweite Mal trafen wir uns in der sagenhaften Villa von Lion Feuchtwanger, dem erfolgreichsten deutschen Schriftsteller in den USA. Frau Feuchtwanger, eine wunderschöne, riesengroße und sonnengebräunte Dame, führte uns durch die mit 30000 Büchern dekorierten Räume ins Arbeitszimmer. Dort gab es, neben ungefähr 20 Gästen, drei Schreibtische, einen zum Sitzen, einen zum Stehen, der dritte zum Liegen. Feuchtwanger, der Brecht einst den Titel „Dreigroschenoper“ vorgeschlagen hatte und mich auf merkwürdige Weise an ein altes Kind erinnerte, stand hinter dem Stehpult und las fast zwei Stunden lang aus einem noch nicht veröffentlichten Roman (ich glaube über Goya). Mann bekam mit seiner Frau Katja natürlich den besten Platz, ganz dicht bei Feuchtwanger, und schlief sofort geräuschlos ein. Feuchtwanger hat das nicht gestört, er las sehr dramatisch, mit kindlicher Stimme. Am Ende haben wir alle enthusiastisch applaudiert, worauf Thomas Mann erwachte und höflich klatschte. Später hat er mich freundlich zur Seite genommen und auf Feuchtwangers tolle Villa, die wertvolle Einrichtung, den herrlichen Garten gedeutet: „Alles von ihm verdient, alles erschrieben. Mit nichts als Scheiße.“

 

 
George Tabori (24 mei 1914 - 23 juli 2007)

Lees meer...

23-05-14

Adriaan Roland Holst, Maarten Biesheuvel, Lydia Rood, Jane Kenyon, Susan Cooper

 

De Nederlandse dichter Adriaan Roland Holst werd geboren op 23 mei 1888 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Adriaan Roland Holst op dit blog.

 

Besluit

De kamer was donker; het raam alleen
hield nog een licht, dat te sterven scheen.

Zij sprak uit het bed: hoe zijt gij zo laat,
en uw haar zo wild om uw gelaat?

Toen sprak hij met een dode stem,
(de blaren ritselden achter hem):

Ik kom u zeggen dat ik ga -
Nooit keer ik weer waar ik nu sta -

Hij zweeg; achter zijn duistere wil
viel de wind in de blaren stil.

 

 

Schelp

De zeeschelp in mijn hand
is vandaag op het strand
door de zee neergelegd.
Haar zwijgen zegt
dat de wereld vergaat
en niets bestaat
dan alleen de zee.
Alle wel en wee
is maar vloed en ebbe.
Ik wil niets meer hebben
en leg de schelp weer
neer bij de zee.

 

 

Bach in de vroegte

Als hij gaat klinken in het morgenlicht
staat de klok stil, de tijd verzaakt zijn plicht.
Ik poets mijn schoenen of ik kijk naar buiten,
en leef weer eerder dan het eerst gedicht.

 

 

 
Adriaan Roland Holst (23 mei 1888 - 5 augustus 1976)
Portret door Gisèle van Waterschoot van der Gracht, 1941

Lees meer...

22-05-14

Erik Spinoy, Arthur Conan Doyle, Ahmed Fouad Negm, Anne de Vries, Kees Winkler, Gérard de Nerval

 

De Vlaamse dichter en schrijver Erik Spinoy werd geboren op 22 mei 1960 in Sint-Niklaas. Zie ook alle tags voor Erik Spinoy op dit blog.

 

Wat die witte dan wel

Wat die witte dan wel
zeggen wou?

wat zegt vuurwerk
hoogtevrees
een hartaanval?

Als zaaier zaait ze
maanzaad
in u uit.

Als beker lest ze dorst
met ongewone wijn.

Als brandglas steekt ze
kaarsen aan die
onvoorzien

in andere gaan
ontbranden.

 

 

Fuck de grizzly arend

Fuck de grizzly arend beren van het ijs,
screw de bever in zijn burcht -

te warm is het naar vonkend
spattend water zie ik om alleen
of graaf een kuil in vochtige grond
en laat mij zoeken in de buik
van welige struiken.

Insecten om de muil in dit mijn hijgend rijk
waar hij mijn zon niet ondergaat

totdat er rijp verschijnt en ratelpopulier en
dwergberk branden als
een braambos.

Bij sneeuwstorm draven wij de trappen af
de bloed bespatte ladder naar de
omega.

 

 

 
Erik Spinoy (Sint-Niklaas, 22 mei 1960)

Lees meer...

21-05-14

Gabriele Wohmann, Urs Widmer, Emile Verhaeren, Robert Creeley, Alexander Pope, Tudor Arghezi

 

De Duitse schrijfster Gabriele Wohmann werd op 21 mei 1932 in Darmstadt geboren als Gabriele Guyot. Zie ook alle tags voor Gabriele Wohmann op dit blog.

Uit: Die Klavierstunde

“Das hatte jetzt alles keine Beziehung zu ihm: die flackernden Sonnenkleckse auf dem Kiesweg, das Zittern des Birkenlaubs; die schläfrige Hitze zwischen den Hauswänden im breiten Schacht der Straße. Er ging da hindurch (es war höchstens eine feindselige Beziehung) mit hartnäckigen kleinen Schritten. Ab und zu blieb er stehen und fand in sich die fürchterliche Möglichkeit, umzukehren, nicht hinzugehen. Sein Mund trocken vor Angst: er könnte wirklich so etwas tun. Er war allein; niemand, der ihn bewachte. Er könnte es tun. Gleichgültig, was daraus entstünde. Er hielt still, sah finster geradeaus und saugte Spucke tief aus der Kehle. Er brauchte nicht hinzugehen, er könnte sich widersetzen. Die eine Stunde möglicher Freiheit wog schwerer als die mögliche Unfreiheit eines ganzen Nachmittags. Erstrebenswert: der ungleiche Tauschhandel; das einzig Erstrebenswerte jetzt in dieser Minute. Er tat so, als bemerke er nichts davon, dass er weiterging, stellte sich überrascht, ungläubig. Die Beine trugen ihn fort, und er leugnete vor sich selbst den Befehl ab, der das bewirkte und den er gegeben hatte.
Gähnend, seufzend, streckte sie die knochigen Arme, ballte die sehr dünnen Hände zu Fäusten; sie lag auf der Chaiselongue. Dann griff die rechte Hand tastend an die Wand, fand den Bilderrahmen, in dem der Stundenplan steckte; holte ihn, hielt ihn vor die tränenden Augen. Owehowehoweh. Die Hand bewahrte den sauber geschriebenen Plan wieder zwischen Bild und Rahmen auf: müde, renitent hob sich der Oberkörper von den warmen Kissenmulden.
Owehowehoweh. Sie stand auf; empfand leichten Schwindel, hämmernde Leere hinter der faltigen Stirnwand; setzte sich wieder, den nassen Blick starr, freudlos auf das schwarze Klavier gerichtet. Auf einem imaginären Bildschirm hinter den Augen sah sie den Deckel hochklappen, Notenhefte sich voreinanderschieben auf dem Ständer; verschwitzte Knabenfinger drückten fest und gefühllos auf die gelblichen Tasten, die abgegriffenen; erzeugten keinen Ton.”

 

 
Gabriele Wohmann (Darmstadt, 21 mei 1932)

Lees meer...

20-05-14

Ellen Deckwitz, Tommy Wieringa, Gerrit Achterberg, Annie M.G. Schmidt, William Michaelian, Wolfgang Borchert

 

De Nederlandse dichteres en schrijfster Ellen Deckwitz werd geboren op 20 mei 1982 in Deventer. Zie ook alle tags voor Ellen Deckwitz op dit blog.

 

Gebed

Als kluisdeuren schuiven vingers in elkaar,
rust boven de schoot een dubbele vuist.
Nog steeds is je hart groter dan de knokenkluwen

die je zachtjes tegen je voorhoofd perst.
Wat je vroeger gebruikte om te weren, ligt
nu geklonken neer. Zo van: ik lok je god,
het is okay.

 

 

Kaarsje

De lont verkoolt in het vlamhart en ervoor
staat de wapenbroeder van Jeanne d’Arc. Hij zag
machteloos toe hoe ze terecht werd gesteld.

Iedere keer wanneer hij een licht opsteekt,
ziet hij een geblakerde, terugstaren
vanuit het vuur. Neemt waar dat hij toekijkt en
wat hij ook lijkt, het is niet voldoende.

 

 

Liedje

Laat me je oproepen in de geest
van degene die dit jaren later leest.
Ook al stellen ze zich je blond voor,

je ogen grijs en je mond grover
dan ik bedoelde. Laat me uitbeelden
voor wanneer niemand je meer wil,
voor als niemand nog de pen uit

mijn handen rukt, verwacht ik je
tong en hef je mijn gezicht alsof
het een kelk is.

 

 
Ellen Deckwitz (Deventer, 20 mei 1982)

Lees meer...