19-01-10

In Memoriam Bibeb



In Memoriam Bibeb

 

De Nederlandse journaliste Bibeb is op 95-jarige leeftijd in Scheveningen overleden. Dat meldde maandag tijdschrift Vrij Nederland op zijn website.

 

Bibeb, pseudoniem van Elisabeth Maria Lampe-Soutberg, werd geboren in Amsterdam op 15 juni 1914.  Bibeb begon met schrijven voor bladen van De Nieuwe Pers, in het bijzonder voor het Haarlems Dagblad, waar Walther Schaper hoofdredacteur was. Toen deze in 1936 een baan accepteerde bij De Sumatra Post in Deli, volgde zij hem een jaar later; in 1937 trouwde zij met Schaper in Deli. Voor De Sumatra Post begon zij een kinder- en moderubriek. Ook schreef zij voor het maandblad Oké. Later hertrouwde zij met George Lampe die directeur was van de Vrije Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. Vanaf begin jaren vijftig tot circa 1997 publiceerde ze interviews in het weekblad Vrij Nederland. Opvallend aan haar interviews was dat zij zich als interviewster zeer sterk op de achtergrond hield, en niets over zichzelf prijsgaf in haar stukken. Haar interviews behoorden lange tijd tot de meest gelezen bijdragen aan Vrij Nederland. Haar interviews bereidde ze gedegen voor en vonden vaak in meerdere urenlange sessies plaats, bij voorkeur bij de geïnterviewde thuis; een enkele keer in haar eigen huis in Scheveningen.

 

Uit: Bibeb in gesprek met Willem Brakman

 

'Ik ben een angstgenie, ik draag de dood bij me vanaf dat ik een kind was'

 

'Ik heb altijd veel last gehad van doodsangst. Ik heb daar een talent voor. Ik ben een angstgenie. Ik draag de dood bewust bij me vanaf dat ik kind was. Het sombere gedempte geschuifel, gebogen mond en, alles ruikt muf.

M'n oudste herinnering is de dood van vrouw Prins. Op een avond, in winter, kwam een man m'n moeder halen. "Vrouw Prins ligt op het uiterste". Ik deed de gordijnen een eindje opzij en keek naar buiten. In die tijd gingen de lantarens pas aan als het echt donker was. De straat leek een duister hol. Vrouw Prins woonde aan de overkant, gelijkvloers. Ze lag altijd voor het raam, daarachter zag je haar roerloze bleke profiel.

Een sterfgeval was in Scheveningen een gebeurtenis. Iedereen liep ervoor uit. De zwarte kist werd naar buiten gedragen. Ik kon niet begrijpen dat ze daarin lag. De eerste opdonder kreeg ik toen m'n vriendje zei: "Daar komen we allemaal in." "Maar eerst word je vreselijk ziek," zei m'n broer. Ik was verpletterd.

Toen m'n opa gestorven was, hadden ze een kapelletje gemaakt in huis. Om de kist stond een zwart kamerscherm met zilveren koorden en tressen. In de diepte, onder het ruitje in het deksel, zag ik een klein blauw gezichtje. Later is mijn tante zo op opa gaan lijken. Raar hoe spoken in de levenden kruipen.'t Was net of die man weer langzamerhand opstond!'

 

 

 

(Vrij Nederland 23 mei 1981)

 

 

 

Bibeb

Bibeb (15 juni 1914 – 18 januari 2010)

01-12-09

In Memoriam Ramses Shaffy



In Memoriam Ramses Shaffy

 

 

Nederlands grootste chansonnier Ramses Shaffy is vandaag op 76-jarige leeftijd overleden.

 

De Nederlandse chansonnier en acteur Ramses Shaffy werd op 29 augustus 1933 geboren in de Parijse voorstad Neuilly-sur-Seine als zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin van Russische afkomst. Hij groeide op in Cannes bij zijn moeder. Toen deze tuberculose kreeg, kwam Shaffy via een tante in Utrecht en een kindertehuis, in een Leids pleeggezin terecht.  Hij maakte de middelbare school niet af en werd in 1952 aangenomen op de Amsterdamse toneelschool. Vervolgens debuteerde hij in 1955 bij de Nederlandse Comedie. In 1960 reisde hij met zijn partner Joop Admiraal naar Rome in de hoop daar werk te vinden als filmacteur maar onverrichter zake keerden ze weer terug. Er is hier ook een boek over verschenen: "Brieven uit Rome". In 1964 richtte Shaffy de theatergroep Shaffy Chantant op. Hij werkte langdurig samen met zangeres Liesbeth List en pianist Louis van Dijk. Bekendste song van de groep werd de Shaffy Cantate. Met Liesbeth List zette hij in 1968 onder andere het lied Pastorale op de plaat, een lied dat grote bekendheid zou verwerven.

Shaffy trad vanaf begin jaren tachtig ook weer op als acteur, zowel in films als op de planken (Toneelgroep Amsterdam). Hij oogstte in 1993 succes met zijn vertolking van Don Quichotte in de musical De Man Van La Mancha van het Koninklijk Ballet van Vlaanderen.

In 2002 maakte Pieter Fleury een documentaire over hem: ('Ramses: Où est mon prince'), die op het Nederlands Filmfestival in Utrecht een Gouden kalf won. In 2003 schreef Bas Steman een belevingsbiografie over Shaffy, getiteld 'Naakt in de orkaan'.

Shaffy ontving op 31 mei 2006 de eerste Edison Oeuvre Prijs voor Kleinkunst evenals Normaal en Rita Reys. Op 5 mei 2009 werd bekend dat Shaffy aan slokdarmkanker leed. Op 1 december 2009 is hij hieraan overleden

 

 

Uit: Zonder bagage

 

Het is een verbazingwekkend lot, waar men mij mee stoorde
Een verbazingwekkend lot, van wat eens bij mij behoorde
Geen parasieten
Geen gevlij
Geen gestroop meer
Geen gevrij
Geen gelik meer
't Is voorbij, niets meer te halen
De wereld heeft mij failliet verklaard
Het is een geschenk van God en niet van de maatschappij
Het is een geschenk van God en dit is wat hij zei:
Je moet weer werken
Je moet weer zingen
Je moet weer lachen
Je moet weer spelen
Je moet weer geven
En beleven
Je moet weer stralen
De weg is vrij
De weg is open
De weg is mateloos van mij
Zonder bagage
Kan ik weer lopen
Want ik ben nu vogelvrij
De wereld heeft mij failliet verklaard
Ik ben ontstegen aan het groot krakeel
Ik ben ontslagen aan het maffe oordeel
Ik heb niets meer te verliezen
Ik heb alleen
Te winnen
Te beminnen
Te beginnen
Ik ben niet meer
Te achterhalen

 

 

 

 

 

 

RamsesShaffy
Ramses Shaffy (29 augustus 1933 – 1 december 2009)

05-09-09

In Memoriam Christine D'haen


In Memoriam Christine D'haen

 

 

De Vlaamse schrijfster en dichteres Christine D'haen is donderdag op 85-jarige leeftijd overleden in haar woonplaats Brugge. Christine D'haen werd op 25 okrober 1923 geboren in Sint-Amandsberg. Zie ook mijn blog van 25 oktober 2008.

 

 

 

Daimoon megas

 

Mijn daimoon bedroefde bij nacht mijn bloed:

 

het hoofd in uw armen, het hoofd van een man,
het is niets. En uw dagen en nachten zijn niets
dan een schaduw van schaduwen; al wat gij doet,

 

het is niets: en het vlees dat gij eet, en het bloed
dat gij drinkt, het is niets. Verfoei ook den geest!
Want de ziel die gij eet, het visioen dat gij drinkt,
het is niets. En zo al wat gij zoekt, wat gij doet,

 

het is niets. Het is minder dan de as en het schuim.
En de mond op uw hart, het is niets. Als het zand
aan de zee is u alles, en minder dan as
van het vuur, en uw dromen zijn minder dan puin.

 

Want al wat gij drinkt en verteert, alles voedt
slechts mij, en de macht is aan mij, echter gij,
gij zijt niets dan een schaduw, en ik ben die leven
in doodsstrijd en sterven al levende doet.

 

Ik slechts verzwijg u. - Mijn daimoon bij nacht
bedroefde mij bitter. - En 't hoofd in mijn arm,
het hoofd van een man, het is niets. Het is niets
dan een aangezicht, sluimrend, vol koelte en zacht.

 

 

 

 

 

christine200

Christine D'haen (25 oktober 1923 - 3 september 2009)

 

28-07-09

In Memoriam Michaël Zeeman



In Memoriam  Michaël Zeeman

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, journalist en literair criticus Michaël Zeeman is maandagavond op 50-jarige leeftijd overleden aan een hersentumor. Zie ook mijn blog van 18 september 2008. Voor een uitgebreid herdenkingsartikel zie de Volkskrant.

 

 

 

Halverwege, de dood

 

Tot gisteren waren wij even oud, zij en ik.

Nu sta ik hier en ligt zij daar, koud, zij -

en ik bezweet van zomer, haast en gêne.

 

Zij lijkt een beetje op een zonnebloem:

gebruind gezicht, blonde haren,

nog lang niet uitgebloeid, toch geknakt.

 

Zij ligt voor schut; slaap noch diepe rust.

Niet stuk, niet beschadigd, niet ziek:

kan nog heel goed bloeien in een vaas.

 

Bij alle zinnen moet nu nagedacht, de tijd

verspringt een klinker. Ik ben al uren ouder.

 

 

Halverwege, de dood

Er verstreek geen week of wij spraken

de doodstille nacht aan, vonden blindelings

code en toon. Ik sprak over lezen en leven,

ik hoorde van het verre voortbestaan -

 

’t was avond, ’t was laat, een zacht zoemen

opende verten, kamers die ik kende, een stoel

waarin ik zat, een glas waaruit ik dronk,

al in geen honderd jaar is afstand een bezwaar.

 

Mijn lieve kalme vriend, wie heeft dat ene wel

heel onbenullige adertje in jouw nog lang niet grijze kop

kapot geprikt, die dunne wand gescheurd en al dat

doodgemoedereerde bloed door jouw hersens

 

heen gejaagd, je liefde en je kalmte verzopen

tot een hopeloze black pudding, die had ik niet besteld?

 

Een man stierf op een donderdag in mei,

rond middernacht. Zijn lijk lag onderaan

de trap en lag daar al toen ik die nacht

mijn laptop afsloot en mijn glas vol schonk.

 

Het duurde maanden. Omstreeks dat trouwe uur

klonk in zijn lege almaar kouder wordend huis

dat vriendelijke en uitnodigende, nieuwsgierig makende -

want geen zee en geen hemel, geen dalen nabij.

 

Ik wil een toestel in zijn graf, dat bel ik dan,

zodat, al kan hij niet meer spreken, hij weet

dat ik hem spreken moet. De wormen die hem slopen

een maal per dag aan het schrikken maken kan.

 

 

 

 

 

 

 

Zeeman1
Michaël Zeeman (18 september 1958 – 27 juli 2009)

 

20-07-09

In Memoriam Frank McCourt



In Memoriam Frank McCourt

 

 

De Iers-Amerikaanse schrijver Frank McCourt is zondag op 78-jarige leeftijd overleden in zijn woonplaats New York. Hij stierf aan huidkanker. McCourt is vooral bekend geworden door zijn eerste boek, de bestseller Angela's Ashes (1996) dat in Nederland verschenen is onder de titel De as van mijn moeder. Frank McCourt werd geboren op 19 augustus 1930 in New York. Zie ook mijn blog van 19 augustus 2006 en ook mijn blog van 19 augustus 2007 en ook mijn blog van19 augustus 2008.

 

Uit: Angela's Ashes

 

“We ran to the church. My mother panted along behind with Michael in her arms. We arrived at the church just in time to see the last of the boys leaving the altar rail where the priest stood with the chalice and the host, glaring at me. Then he placed on my tongue the wafer, the body and blood of Jesus. At last, at last.

It's on my tongue. I draw it back.
It stuck.
I had God glued to the roof of my mouth. I could hear the master's voice, Don't let that host touch your teeth for if you bite God in two you'll roast in hell for eternity. I tried to get God down with my tongue but the priest hissed at me, Stop that clucking and get back to your seat. God was good. He melted and I swallowed Him and now, at last, I was a member of the True Church, an official sinner.

When the Mass ended there they were at the door of the church, my mother with Michael in her arms, my grandmother. They each hugged me to their bosoms. They each told me it was the happiest day of my life. They each cried all over my head and after my grandmother's contribution that morning my head was a swamp.”

 

 

 

 

 

McCourt

Frank McCourt (19 augustus 1930 – 19 juli 2009)

 

 

12-07-09

In Memoriam Simon Vinkenoog


In Memoriam Simon Vinkenoog

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Simon Vinkenoog is in de nacht van zaterdag op zondag op 80-jarige leeftijd overleden aan een hersenbloeding. Vinkenoog zou op 18 juli 81 jaar zijn geworden. Geboren werd hij op 18 juli 1928 in Amsterdam. Hij kampte al langer met zijn gezondheid. Op 19 juni werd zijn rechteronderbeen geamputeerd, als gevolg van een vaatziekte. Vinkenoog was vastbesloten met behulp van een kunstbeen weer te gaan lopen en was ook van plan weer op te gaan treden. Zie ook mijn blog van 18 juli 2007 en eveneens mijn blog van 18 juli 2008. Een uitgebreider herdenkingsartikel staat in de Volkskrant.

 

 

 

 

Machteloosheid

een brandende schemer hangt al jaren
over deze voorstad van de dood
de vonkende straten zijn verlaten
de schaduwloze huizen lege gaten
maar in de ramen spiegelt kinderleven

vermoeden: het ongerijpt verlangen
waaraan als natte vlaggen
bloeiende vogellijken hangen—
dit wordt het weten

ik heb gezichsloos deze buurt doorkruist
en heb met zoekmoede ogen
die de mijne niet waren
stervende drempels overschreden

—ik ben verloren en hervonden
verward geraakt
en verbannen geworden—

nu volgt een uitgebluste nacht
op deze schemer op de regen
en op de tijdloze dagen
die van mijn dwalen de
verlamde getuigen waren
want dit is het eeuwige nodeloze
wanhopige groeiende verdergaan

 

 

 

 

 

 

Vinkkenoog
Simon Vinkenoog (18 juli 1928 – 12 juli 2009) 

 

 

26-06-09

In Memoriam Michael Jackson



In Memoriam Michael Jackson

 

 

 

Do You Remember The Time

When We Fell In Love

Do You Remember The Time

When We First Met

Do You Remember The Time

When We Fell In Love

Do You Remember The Time

 

Do You Remember The Time

When We Fell In Love

Do You Remember The Time

When We First Met

Do You Remember The Time

When We Fell In Love

Do You Remember The Time

 

 

 

 

 

MichaelJackson
Michael Jackson (29 augustus 1958 – 25 juni 2009)

 

 

 

 

In augustsus 2008 verscheen in kranten (The Guardian, The Telegraph) en (online) tijdschriften het bericht dat Michael Jackson de studio in was gedoken om poëzie van de Schotse dichter Robert Burns op muziek te zetten. Of dat serieus was of de zoveelste publiciteitsstunt laten we nu maar even in het midden. Ae fareweel, alas, forever!

 

 

Ae Fond Kiss 

 

Ae fond kiss, and then we sever;

Ae fareweel, and then forever!

Deep in heart-wrung tears I'll pledge thee,

Warring sighs and groans I'll wage thee.

Who shall say that Fortune grieves him,

While the star of hope she leaves him?

Me, nae cheerfu' twinkle lights me;

Dark despair around benights me.

 

I'll ne'er blame my partial fancy,

Naething could resist my Nancy;

But to see her was to love her;

Love but her, and love forever.

Had we never lov'd sae kindly,

Had we never lov'd sae blindly,

Never met--or never parted--

We had ne'er been broken-hearted.

 

Fare thee weel, thou first and fairest!

Fare thee weel, thou best and dearest!

Thine be ilka joy and treasure,

Peace, enjoyment, love, and pleasure!

Ae fond kiss, and then we sever;

Ae fareweel, alas, forever!

Deep in heart-wrung tears I'll pledge thee,

Warring sighs and groans I'll wage thee!

 

 

 

 Robert Burns

 

 

18-05-09

In Memoriam Mario Benedetti



In Memoriam Mario Benedetti

 

 

De Uruguayaanse schrijver Mario Benedetti is gisteren op 88-jarige leeftijd overleden. Benedetti schreef in de zestig jaar waarin hij als schrijver actief was, meer dan tachtig dichtbundels, romans, essays en andere werken. Een van zijn bekendste boeken is La Tregua, dat in het Nederlands is vertaald onder de titel Het Uitstel. Benedetti werd geboren op 14 september 1920 in Paso de los Toros in het department Tacuarembó.Tijdens de militaire dictatuur in Uruguay (1973-1985) woonde Benedetti in het buitenland, aanvankelijk Cuba - hij was een aanhanger van het beleid van de communistische leider Fidel Castro - en daarna jaren in Madrid. Zie ook mijn blog van 14 september 2008.

 

 

 

The South Also Exists

 

With its ritual of steel

its great chimneys

its secret scholars

its siren song

its neon skies

its Christmas sales

its cult of God the Father

and of epaulets

      with its keys

      to the kingdom

      the North is the one

      who orders

 

but down here, down

hunger at hand

resorts to the bitter fruit

of what others decide

while time passes

and pass the parades

and other things

that the North doesn't forbid.

      With its hard hope

      the South also exists.

 

With its preachers

its poison gases

its Chicago school

its owners of the Earth

with its luxurious costume

and its meager frame

its spent defenses

its expenses of defense

      with its epic of invasion

      the North is the one

      who orders.

 

But down here, down

each in their hideaway

are men and women

who know what to grasp

making the most of the sun

and eclipses

putting useless things aside

and using what is useful.

      With its veteran faith

      the South also exists.

 

With its French horn

and its Swedish academy

its American sauce

and its English wrenches

with all its missiles

and its encyclopedias

its war of galaxies

and its rich cruelty

      with all its laurels

      the North is the one

      who orders.

 

But down here, down

near the roots

is where memory

omits no memory

and there are those

who defy death for

and die for

and thus together achieve

what was impossible

      that the whole world

      would know

      that the South,

      that the South also exists

 

 

 

 

 

Vertaald door Yoshie Furuhashi

 

 

 

 

 

benedetti
Mario Benedetti (14 september 1920 - 17 mei 2009)

 

 

23-04-09

In Memoriam Martin Bril



In Memoriam Martin Bril

 

 

In Amsterdam is woensdag de Nederlandse columnist en schrijver Martin Bril op 49-jarige leeftijd overleden. Bril werd op 21 oktober 1959 geboren in Utrecht. Hij schreef sinds oktober 2001 dagelijkse columns in de Volkskrant. Eerder publiceerde hij columns voor Het Parool (over Amsterdam) en Vrij Nederland (over popmuziek, en het later voor tv verfilmde feuilleton Evelien). Veel van zijn stukken werden gebundeld in (vaak thematische) boekvorm. Deze week won Martin Bril nog voor zijn boek ’De Kleine Keizer’ de Bob den Uyl Prijs, de jaarlijkse prijs voor het beste literaire en/of journalistieke reisboek. Hij doet daarin verslag van zijn fascinatie voor Napoleon. Zie ook mijn blog van 21 oktober 2008.

 

Uit: Mannen van de dood

 

„Ze lachten, de heren, maar toch staken ze dreigend af tegen de zomerse hemel en ze leken zich ineens ook ongemakkelijk te voelen in hun rol – uitgerekend op een mooie dag als vandaag moesten zij hun werk doen, en erg ver waren ze zelf trouwens ook niet meer verwijderd van hun einde. Het besef was ineens daar.

Ze vervolgden hun weg.

Maar er was iets veranderd. Ze waren nu in hun rol. De gezichten stonden plechtig en uitgestreken, de man die zijn hoed in de hand had gehouden, zette hem met een zwierig gebaar weer op. Ze liepen perfect met elkaar in de pas, het zouden broers kunnen zijn. Of had het beroep hen zo dichtbij elkaar gebracht? Ze leken wel één en alle kraaien tegelijk.

Ze werden bekeken.

De oude man op het bankje naast de ingang had de kraaien over de brug zien komen. Een vreemd soort opwinding maakte zich van hem meester nu ze zijn kant op kwamen. Hij kende ze, hij wist waar ze voor kwamen, ze brachten leven in de brouwerij. Ze hielden halt toen ze bij hem waren, gaven hem hen een hand, klopten hem op de schouder. Ze lachten toen hij een grap maakte, ongetwijfeld in de trant van “Jullie komen zeker voor mij hè...” De dames verderop keken nadrukkelijk de andere kant op.

Na nog een paar woorden gingen de kraaien verder, het verzorgingstehuis in. In de deuropening namen ze gelijktijdig hun hoed af. Hier woont de dood, zeiden hun smalle ruggen, ook op zonnige dagen.“

 

 

 

 

 

martin_bril
Martin Bril (21 oktober 1959 – 22 april 2009)

 

20-04-09

In Memoriam J. G. Ballard



In Memoriam J. G. Ballard

 

 

De Britse schrijver J. G. Ballard is gisteren overleden. Ballard werd geboren op 15 november 1930 in Shanghai, China, waar zijn vader een in-en exportbedrijf had. Hij brak in 1984 door met het boek Empire of the Sun. Het boek is grotendeels gebaseerd op de ervaringen van de jonge Ballard in een Japans interneringskamp waar hij, gescheiden van zijn ouders, bescherming kreeg van twee Amerikaanse avonturiers. Ballard begon zijn schrijversloopbaan met het publiceren van S.F. Geen fantasy, maar meer op de werkelijkheid preluderende, pessimistische, toekomstvisies. “Crash”, een macabere fantasie over auto-ongelukken die sex-thrills genereren werd beschouwd als een grensoverschrijdende cultroman en is verfilmd door David Cronenberg. Later zou zijn werk minder SF- elementen bevatten, maar werden zijn boeken wél cynischer. Zoals Cocaine Nights, dé roman over geld, roem en decadentie in de filmwereld.

 

Uit: Crash

 

VAUGHAN died yesterday in his last car-crash. During our friendship he had rehearsed his death in many crashes, but this was his only true accident. Driven on a collision course towards the limousine of the film actress, his car jumped the rails of the London Airport flyover and plunged through the roof of a bus filled with airline passengers. The crushed bodies of package tourists, like a haemorrhage of the sun, still lay across the vinyl seats when I pushed my way through the police engineers an hour later. Holding the arm of her chauffeur, the film actress Elizabeth Taylor, with whom Vaughan had dreamed of dying for so many months, stood alone under the revolving ambulance lights. As I knelt over Vaughan's body she placed a gloved hand to her throat.

Could she see, in Vaughan's posture, the formula of the death which he had devised for her? During the last weeks of his life Vaughan thought of nothing else but her death, a coronation of wounds he had staged with the devotion of an Earl Marshal. The walls of his apartment near the film studios at Shepperton were covered with the photographs he had taken through his zoom lens each morning as she left her hotel in London, from the pedestrian bridges above the westbound motorways, and from the roof of the multi-storey car-park at the studios.”

 

 

 

 

Ballard
J.G. Ballard ( 15 november 1930 - 19 april 2009)

 

 

10-04-09

In Memoriam Fritzi Harmsen van Beek



In MemoriamFritzi Harmsen van Beek

 

 

De Nederlandse dichteres en schrijfsterFritzi Harmsen van Beek is vorige week zaterdag, 4 april, overleden. Dat liet uitgeverij De Bezige Bij vandaag weten. Fritzi Harmsen van Beek is 81 jaar geworden. Ze is intussen in besloten kring gecremeerd. Zie ook mijn blog van 28 juni 2008.

 

 

Goedemorgen, hemelse mevrouw Ping

 

is U de zachte nacht bevallen, hebben de on-
deugende, geheimzinnige planten naar behoren

gegeurd en zijn hopelijk geen van uw overige
zuigelingen aan de builenpest bezweken?

Hebt U de interessante nerveuze godvruchtige
vogeltjes, vrome goedertierende mevrouw, al wel

bekeken, druk telefonerend van: hallo, met piet,
kom je op mijn tak - o de sierlijke levendige

vogels, allemaal allemaal voor de brave poes,
die veelbeproefde droevige moeder. Ja verdomd,

deze ziekte, lieve beklagenswaardige mevrouw,
is een wrede rakker en zoveel is wel duidelijk:

er valt niet tegenop te baren, waar zelfs het
begrafeniswezen, die intieme huisgenoot, die

zeer bekende schenker ook van lauwe melk,
op zijn verlengde achterpoten het ter

aarde bestellen welhaast niet meer bij kan
benen, nietwaar, dame Ping, radarbesnorde,

dubbelgepuntmutste, mevrouwogige poezin?
Het is nu beter te zitten zonder weemoed in

de rauwe geurige ochtendlucht, nu de zon nog
teder is en de gordijnen levendig in de goede

vrolijke wind. O halmstaartige voortreffelijke,
kijk, zwijgzame zwakzinnige allerliefste,

er loopt een belangwekkend, héél klein maar
bijzonder lekker beestje tussen de kiezelstenen

onder de hemelsblauwe hortensia

(Aan mijn neerslachtige poes, ter vertroosting bij het overlijden van zijn gebroed)

 

 

F__ten_Harmsen_van_der_Beek

Fritzi Harmsen van Beek (28 juni 1927 – 4 april 2009)
Foto © chris van houts, amsterdam

 

In Memoriam Elfriede Gerstl



In Memoriam Elfriede Gerstl

 

 

De Oostenrijkse dichteres, schrijfster en essayiste Elfriede Gerstl is op donderdag 9 april na een lang ziekbed gestorven. Ze was 76 jaar. Gerstl had talrijke literatuurprijzen op haar naam staan, zoals de Theodor Körner Preis en de Ben Witter Preis. Zie ook mijn blog van 16 juni 2008.

 

 

 

ich schreibe also ... was ...

 

1.
schreiben ersetzt ersehntes sprechen?
verstanden werden wollen
was für ein wahnsinn
als ob der wind lesen könnte
na ja schreiben in ehren
schreiben ist der beste koch
das schreiben kommt
das schreiben geht
ich schreibe ... also bin ich?

 

 

2.
versteh ich denn was ich da sag
& bin ich der hüter meiner gedanken
& wie und wann gehören sie mir
in buchform eh klar - habs nicht
so gemeint -
& und wenn mir einer zufliegt
wie die birne vom baum
was dann

 

 

 

 

 

 

 

gerstl
Elfriede Gerstl (16 juni 1932 – 9 april 2009)

 

07-03-09

In Memoriam Patricia De Martelaere



In Memoriam Patricia De Martelaere

 

 

De Vlaamse schrijfster, filosofe, hoogleraar en essayiste Patricia De Martelaere is woensdag 4 maart op 51-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van kanker. Patricia De Martelaere werd geboren op 16 april 1957 in Zottegem. Zij was verbonden als hoogleraar aan de universiteiten van Brussel en Leuven. Naast romans publiceerde ze een viertal essaybundels over filosofische, literaire en psychologische onderwerpen. In 2002 debuteerde ze als dichter met de bundel Niets dat zegt. Ze werd bekroond met de Belgische Staatsprijs voor Literatuur, werd drie keer genomineerd voor de AKO Literatuurprijs en kreeg de publieksprijs Gouden Uil. Zie ook mijn blog van 16 april 2008.

 

Uit: Nachtboek van een slapeloze

 

Woensdag 8 juni 1983, 02.00 uur
Mijn borstkas is zo leeg en hol als een tomaat op een feestdis waar je vergeten bent de garnalen in te doen (en anderzijds, mijn hoofd, barstensvol, wriemelend, alsof dáár de garnalen zaten, halfdood, spartelend van dierlijk, dodelijk onbehagen).
Ik voel mij de hele dag alsof er de dag daarvoor iets is gebeurd dat nu bij alles wat ik doe als koffiedik onderaan mijn gedachten ligt. Iemand of iets werd mij ontnomen, en ik mag er niet aan denken, ik moet het zo snel mogelijk proberen te vergeten, zó voel ik mij de hele dag – maar eigenlijk is er helemaals niets gebeurd, er is niets waaraan ik niet mag denken, en dat is telkens weer een vreemde, bijna ontgoochelende ontdekking: dat ik me voel als een minnaar die treurt om het verlies van zijn geliefde, terwijl ik bij mijn weten nooit een geliefde heb gehad, laat staan verloren.”

 

 

 

 
demartelaere1
Patricia De Martelaere
(16 april 1957 - 4 maart 2009)

 

28-01-09

In Memoriam John Updike



In Memoriam John Updike

 

 

De Amerikaanse schrijver John Updike is gisteren op 76-jarige leeftijd overleden. Updike, die bijna vijftig romans en evenzovele bundels met essays, gedichten en korte verhalen schreef, overleed aan longkanker in zijn woonplaats Beverly Farms, Massachusetts. Hij won vele grote Amerikaanse prijzen, waaronder twee Pulitzers, voor Rabbit Is Rich en Rabbit at Rest, en twee National Book Awards.

Zie ook mijn blog van 18 maart 2008 en  mijn blog van 18 maart 2007.

 

Uit: The Widows of Eastwick

 

“It was in bed she first felt his death coming. His erections began to wilt just as she might have come if he had held on; instead, in his body upon hers, there was a palpable loosening in the knit of his sinews. There had been a challenging nicety in the taut way Jim dressed himself—pointy vanilla-colored boots, butt-hugging jeans with rivet-bordered pockets, and crisp checked shirts double-buttoned at the cuff. Once a dandy of his type, he began to wear the same shirt two and even three days in a row. His jaw showed shadows of white whisker underneath, from careless shaving or troubled eyesight. When the ominous blood counts began to arrive from the hospital, and the shadows in the X-rays were visible to even her untrained eyes, he greeted the news with stoic lassitude; Alexandra had to fight to get him out of his crusty work clothes into something decent. They had joined the legion of elderly couples who fill hospital waiting rooms, as quiet with nervousness as parents and children before a recital. She felt the other couples idly pawing at them with their eyes, trying to guess which of the two was the sick one, the doomed one; she didn’t want it to be obvious. She wanted to present Jim as a mother presents a child going to school for the first time, as a credit to her. They had lived, these thirty-plus years since she had lived in Eastwick, by their own rules, up in Taos; there the free spirits of the Lawrences and Mabel Dodge Luhan still cast a sheltering cachet over the remnant tribe of artistic wannabes, a hard-drinking, New Age–superstitious, artsy-craftsy crowd who aimed their artifacts, in their shop-window displays, more and more plaintively at scrimping, low-brow tourists rather than the well-heeled local collectors of Southwestern art.

 

 

 

 

Updike
John Updike (18 maart 1932 – 27 januari 2009)