31-07-12

In Memoriam Maeve Binchy

 

In Memoriam Maeve Binchy

 

 

De Ierse schrijfster en columniste Meave Binchy is gisteren op 72-jarige leeftijd overleden.Maeve Binchy werd geboren op 28 mei 1940 in Dalkey. Zie ook alle tags voor Maeve Binchy op dit blog.

 

Uit: Circle of Friends

 

“Annabel Hogan came in carrying three big bags. She was surprised to see her daughter sitting swinging her legs in the kitchen.

"Aren't you home nice and early? Let me put these things upstairs."

Benny ran over to Patsy when her mother's heavy tread was heard on the stairs.

"Do you think she got it?"

"Don't ask me Benny, I know nothing."

"You're saying that because you do know."

"I don't. Really."

"Was she in Dublin? Did she go up on the bus?"

"No, not at all."

"But she must have." Benny seemed very disappointed.

"No, she's not long gone at all. . . . She was only up the town."

Benny licked the spoon thoughtfully. "It's nicer raw," she said.

"You always thought that." Patsy looked at her fondly.

"When I'm eighteen and can do what I like, I'll eat all my cakes uncooked," Benny pronounced.

"No you won't, when you're eighteen you'll be so busy getting thin you won't eat cakes at all."

"I'll always want cakes."

"You say that now. Wait till you want some fellow to fancy you."

"Do you want a fellow to fancy you?"

"Of course I do, what else is there?"

"What fellow? I don't want you to go anyway."

"I won't get a fellow, I'm from nowhere, a decent fellow wouldn't be able to talk about me and where I came from. I have no background, no life before, you see."

"But you had a great life," Benny cried. "You'd make them all interested in you."

 

 

Maeve Binchy (28 mei 1940 – 30 juli 2012)

15-07-12

In Memoriam Rutger Kopland

 

In Memoriam Rutger Kopland

 

 

De Nederlandse dichter en schrijver Rutger Kopland is afgelopen woensdagin zijn woonplaats Glimmen op 77-jarige leeftijdoverleden. Rutger Kopland (eig. Rutger Hendrik van den Hoofdakker) werd geboren in Goor op 4 augustus 1934. Zie ook alle tags voor Rutger Kopland op dit blog.

 

 

Lijsterbessen

 

De dichtkunst beoefenen is
met de grootst mogelijke zorgvuldigheid
constateren dat bijvoorbeeld
in de vroege morgen
de lijsterbessen duizenden tranen dragen
als een tekening uit de kindertijd
zo rood en zo veel.

 

 

 

 

Enkele andere overwegingen

 

Hoe zal ik dit uitleggen, dit waarom
wat wij vinden niet is
wat wij zoeken?

Laten wij de tijd laten gaan
waarheen hij wil,

en zie dan hoe weiden hun vee vinden,
wouden hun wild, luchten hun vogels,
uitzichten onze ogen

en ach, hoe eenvoud zijn raadsel vindt.

Zo andersom is alles, misschien.
Ik zal dit uitleggen.

 

 

 

 

De Dokter

 

De dokter keek op mij neer
ik zag zijn gezicht boven het mijne

ik zag wat hij dacht
dat ik dood kon gaan - zo keek hij
terwijl hij luisterde aan mijn borst

hij keek mij aan met een blik
- hoe kan ik dat zeggen - een blik
voorbij mijn gezicht, een blik naar iets
achter mij naar iets verwegs
alsof hij iets in de toekomst
probeerde te zien

hij keek mij aan en hij zei
hier mag u niet blijven
ze komen u halen

 

 

 

 

Rutger Kopland (4 augustus 1934 – 11 juli 2012)

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 15e juli ook mijn blog van 15 juli 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

06-07-12

In Memoriam Gerrit Komrij

 

In Memoriam Gerrit Komrij

 

 

De Nederlandse dichter, schrijver, criticus, polemist en toneelschrijver Gerrit Komrij is gisteren op 68-jarige leeftijd overleden. Gerrit Komrij werd geboren op 30 maart 1944 in Winterswijk. Zie ook alle tags voor Gerrit Komrij op dit blog.

 

 

 

Fiat lux

 

We liepen op de Transformator Weg.
De zon kwam op, ze bleef nog even hangen:
Een sinaasappel door de groene heg.
We stapten zwijgend voort. Je bleke wangen
Weerkaatsten argeloos de vroege gloed.
Een jonge god, heet zoiets sedert Tachtig.
We liepen stil de morgen tegemoet.
Ik hoorde je niet ademen. Stormachtig
Kwam toen de zon omhoog. Je werd zo licht.
De vonken sprongen uit je zwarte haren.
De zon sloeg stralen van je aangezicht.
Zie, hoe het vlamde. 't Kwam niet tot bedaren.

 

 

 


Maskers

 

De man die vrolijk met zijn masker speelde
Totdat het uur sloeg dat zijn waar gelaat
Muurvast één leven met zijn masker deelde:
Als kind al maakte dat verhaal me kwaad.

 

Zoiets was zuur. Straks, als ik groot zou zijn,
Zou ik bewijzen dat het anders kon:
Dat ieder masker veilig, zonder pijn,
Weer van je hoofd kon, als een capuchon.

 

En lang heb ik daar heilig in geloofd.
Op niets bedacht hield ik mijn aard verborgen
Opdat die, als mijn speelvuur was gedoofd,
Zuiver zou blijken als de eerste morgen.

 

Nu ben ik oud, alleen om te erkennen:
't Verhaal is waar. Het masker gaat niet af.
Het is alsof je aan de hel moet wennen.
Het is alsof je kijkt in een leeg graf.

 

 

 

 

Vooravond

 

Dood is mijn vriend. Nog altijd schijnt de maan

Naar binnen, uit zijn asbak kringelt rook,

er ligt een boek, de radio staat aan.

 

De rozen die hij kocht zijn nog bedauwd.

Een scheermesje, een spiegel en wat coke

Staan op tafel klaar voor zo meteen.

 

De kachel doet haar best, maar hij blijft koud.

Alles is nog precies zo om hem heen -

Maar hij is uit de symfonie verdwenen.

 

Het boek, de maan, de kachel en de rook -

Eens, op een dag, verdwijnt dat alles ook.

Dat is de dag waarop de dood zal wenen.

 

 

 


Gerrit Komrij (30 maart 1944 – 5 juli 2012)

 

 

 

 

Zie voor de schrijvers van de 6e juli ook mijn blog van 6 juli 2011 deel 1, en deel 2,en deel 3 en eveneens deel 4.

16-05-12

In Memoriam Carlos Fuentes

 

In Memoriam Carlos Fuentes

 

De Mexicaanse schrijver Carlos Fuentes is in een ziekenhuis in Mexico-Stad op 83-jarige leeftijd overleden. Het bericht over zijn dood werd dinsdag via Twitter bevestigd door president Calderón. Carlos Fuentes Macías werd op 11 november 1928 in Panama-Stad geboren. Zie ook alle tags voor Carlos Fuentes op dit blog.

 

Uit: Inez (Vertaald door Margaret Sayers Peden)

 

„Could this round seal be the key to his own personal dwelling? Not the physical house where he was living in Salzburg; not the transitory houses he had lived in throughout his itinerant profession; not his childhood house in Marseilles, tenaciously forgotten so that he would not have to recall ever again, the migrant's poverty and humiliation; not even the cave, our first castle, we can reconstruct in our imagination. Could it be the original space, the intimate, inviolable, irreplaceable circle that contains us all but at the price of exchanging sequential memory for an initial memory that is complete in itself and has no need to consider the future?
Baudelaire evokes a deserted house filled with moments now dead. Is it enough to open a door, uncork a bottle, take down an old suit, for a soul to come back to fill it?
Inez.
He repeated the woman's name.
Inez.
It rhymed with "regress," Ee-ness, and in the crystal seal the maestro hoped to find the impossible reflection of both: Inez and a return to a time before the years prohibiting his love. Inez. Regress.
It was a crystal seal. Opaque but luminous. That was its greatest marvel. In its place on the tripod by the window, light could shine through it, and then the crystal scintillated. It shot delicate sparks, and illegible letters appeared, revealed by the light: letters of a language unknown to the aged orchestra conductor, a score in a mysterious alphabet, perhaps the language of a lost people, maybe a voiceless clamor that came from a long-ago time and in a certain way mocked the professional artist who was so faithful to the composition that even knowing it by memory he had to have it before his eyes as he directed...
Light in silence.
Lyrics without voice.“

 

 

 


Carlos Fuentes (11 november 1928 – 15 mei 2012)

17-02-12

In Memoriam Anil Ramdas

 

In Memoriam Anil Ramdas

 

 

De Nederlandse schrijver, journalist en programmamaker Anil Ramdas is gisteren op zijn verjaardag op 54-jarige leeftijd overleden. Anil Ramdas werd geboren in Paramaribo op 16 februari 1958. Zie ook alle tags voor Anil Randas op dit blog. Schokkend nieuws zo kort na het memoreren van zijn geboortedag.

 

Uit: Badal

 

„Eén keer had hij de aanvechting gehad naar huis terug te keren. Hij was sober, dat wilde hij ze bewijzen. Op het perron aarzelde hij bij de kaartautomaat, toen hij een doffe klap achter zich hoorde. Een grote jongen met een zware bril en aankomend baardje lag languit op de grond. De twee jongens die hem vergezelden keken hem aan, en keken daarna naar de omgeving, alsof ze niet echt bij elkaar hoorden, of alsof ze hulp zochten maar niemand zagen.
Schuin naast Badal stond een Engelssprekend stel van in de dertig, hij blank, zij zwart. Hij had de neiging zwarte mensen op te merken. Tot nu toe was hij maar één zwarte jongen tegengekomen in Zandvoort, in een rolstoel. Een gehandicapte zwarte; als het allemaal figuranten waren, was het goed gevonden. En nu dus deze mooie zwarte vrouw, met de Engelse man die niet reageerde op de jongen op de grond. Dat de zwarte vrouw ook niet reageerde viel hem niet op. Blanken horen blanken te helpen.
Aarzelend liep Badal naar de jongen op de grond en vroeg, eerst in krakkemikkig Duits en daarna gewoon in Engels, of er iets was. Hij haalde zijn mobiele telefoon al uit zijn zak toen de jongen zijn zware bril goed op zijn neus zette en riep: ‘No, no, everything okay, everything is okay.’
‘Are you sure?’ vroeg Badal.
‘Yes, yes, sure.’
Badal liep terug naar de kaartautomaat en bleef het tafereel in de gaten houden. Pas toen de jongen overeind krabbelde en wankelend de hoge stenen trappen naar de stationsuitgang op wilde, greep de Engelsman in: ‘Doe dat maar niet,’ zei hij in het Duits. De jongen liet zich zakken op de eerste trede.
‘Hebben jullie iets zoets bij je,’ vroeg hij aan de twee vrienden, die nog altijd verdwaasd keken. Nee, niets zoets.
‘Ga naar boven en haal iets uit een automaat, chocola, of ijs, geeft niet wat.’
De Engelsman liep terug naar zijn vriendin en zei: ‘Die halfgare jongeren, komen uit Duitsland om zich hier suf te blowen en om te vallen.’
Blowen, dacht Badal, als hij niet meer dronk kon hij toch wel blowen? De gedachte maakte dat hij de kaartautomaat met rust liet en naar boven ging: Badal, jij bent nog lang niet hersteld.“

 

 

 

Anil Ramdas (16 februari 1958 – 16 februari 2012)

13-02-12

In Memoriam Adriaan Bontebal

 

In Memoriam Adriaan Bontebal

 

In de nacht van 10 op 11 februari 2012 is op 59-jarige leeftijd in zijn woonplaats Den Haag de Nederlandse dichter en schrijver Adriaan Bontebal overleden.Adriaan Bontebal werd geboren op 28 mei 1952 in Leidschendam.Zie ook mijn blog van 28 mei 2011.

 

 

Romantiek

De kamer was gevuld
met tedere geluiden:
de regen op het raam
een knapperende haard
Tezamen op de bank
de armen om elkander
De radio heeeel zacht
Jan 'Candlelight' van Veen

Ik zon op een manier
mijn liefste zo te kwetsen
dat zij (eerst nog perpleks
dan stamelend verward)
luid uitbarst in gekrijs
de tranen niet te stelpen

Dan neem ik haar heel zacht
Dat is pas romantiek

 

 

 

 

Mijn Laatste Wens

 

Als ik dood ben
wil ik worden
geplastificeerd
in vlammend rood
en worden bijgezet
tegen de
donkerblauwe wand
met de helwitte spot
in de noordoosthoek
van de zitkuil

 

en een
overlijdensbericht
in Avenue
en VT/Wonen

 

 

 


Adriaan Bontebal
(28 mei 1952 – 11 februari 2012)

02-02-12

In Memoriam Wislawa Szymborska

 

In Memoriam Wislawa Szymborska

 

 

De Poolse dichteres Wislawa Szymborska is op 88-jarige leeftijd overleden. Dat is gisteren bekendgemaakt. Szymborska won in 1996 de Nobelprijs voor de Literatuur. Wisława Szymborska werd geboren op 2 juli 1923 in Bnin. Zij is volgens haar woordvoerder 'vredig, in haar slaap, overleden'. De dichteres was al lange tijd ziek. Ze woonde in de Zuid-Poolse stad Krakau. Zie ook alle tags voor Wislawa Szymborska op dit blog.

 

 

Hier

 

Ik weet niet waar nog meer,
maar hier op aarde is genoeg van alles.
Hier maakt men stoelen en verdriet,
schaartjes, violen, tederheid, transistors,
stuwdammen, grappen, kopjes.

 

Misschien dat elders van alles meer is,
alleen ontbreken daar om bepaalde redenen schilderijen,
kinescopen, noedels, tranendoekjes.

 

Hier is een overvloed aan plekken met omgeving.
Op sommige kun je bijzonder gesteld raken,
ze op jouw manier benoemen
en behoeden voor het kwade.

 

Misschien zijn elders soortgelijke plekken,
alleen vindt niemand die mooi.

 

Misschien als nergens anders of zelden ergens
heb je hier een eigen romp,
en daarbij de nodige attributen
om bij kinderen van anderen die van jezelf te voegen.
En verder handen, benen en een verbaasd hoofd.

 

Onwetendheid hier is aldoor in de weer,
telt voortdurend iets, vergelijkt, meet,
trekt daaruit conclusies en wortels.

 

Ik weet het, ik weet wat je denkt.
Niets hier is blijvend,
want voor eeuwig en altijd in de macht der elementen.
Maar zie — elementen raken snel vermoeid
en moeten soms lang rusten
tot de volgende keer.

 

En ik weet wat je nog meer denkt.
Oorlogen, oorlogen, oorlogen.
Maar ook daartussen doen zich pauzes voor.
Geef acht — de mensen zijn slecht.
Plaats rust — de mensen zijn goed.
Op geef acht produceert men woestenijen.
Op plaats rust worden in het zweet des aanschijns huizen gebouwd
en raken snel bewoond.

 

Het leven op aarde is tamelijk goedkoop.
Voor dromen bijvoorbeeld betaal je hier geen cent.
Voor illusies — pas als je ze kwijt bent.
Voor het hebben van een lichaam — alleen met dat lichaam.

 

En alsof dat nog niet genoeg is
draai je zonder kaartje mee in een carrousel van planeten,
en samen met haar, zwart, in een storm van melkwegstelsels,
door tijden zo duizelingwekkend,
dat niets hier op aarde daar zelfs maar van trillen kan.

 

Want kijk maar eens goed:
de tafel staat waar hij stond,
op de tafel ligt een briefje, zoals daar neergelegd,
door het open raam een vleugje van enkel lucht,
en in de muren geen vervaarlijke spleten,
waardoor je nergens heen zou kunnen waaien.

 

 

 

Vertaald door Karol Lesma

 

 

 

Wislawa Szymborska (2 juli 1923 – 1 februari 2012)

31-01-12

In Memoriam Doeschka Meijsing

 

In Memoriam Doeschka Meijsing

 

 

De Nederlandse schrijfster Doeschka Meijsing is op 64-jarige leeftijd overleden. Doeschka Meijsing werd geboren in Eindhoven op 21 oktober 1947. Ze stierf aan de complicaties van een zware operatie. Doeschka Meijsing was de zus van schrijver Geerten Meijsing met wie ze in 2005 het boek 'Moord & Doodslag' schreef. Zie ook alle tags voor Doeschka Meijsing op dit blog.

 

Uit: Moord & Doodslag

 

Timbeer ontwaakte uit zijn betovering. Hij begon een dansje, zo wild dat hij er elk moment bij neer kon vallen. Hij zwaaide met zijn armen en draaide in de rondte en stampte met zijn voeten. Zijn tong krulde naar buiten. Hij zong iets.
– Wat doet híj nou? vroegen de meisjes van de straat en liepen door.
Ik bleef bij de poort van de tuin naar hem staan kijken tot hij was uitgedanst en hijgend, stralend op me afkwam. Hij was een beeld van een jongetje, zag ik nu. Hij had lichtblond krullend haar, vrij lang, en ongelooflijk blauwe ogen. Als hij lachte met zijn kleine melktandjes leek het of hij schaterde. Er hing een zeer licht licht om hem heen alsof God de vrolijkste van zijn cherubijntjes even zonder stempel had uitgeleend.
–Wat deed je daar? vroeg ik naar zijn werkelijk opvallend gedrag van zo-even.
– Ik danste, zei hij.
– En wat danste je dan? vroeg ik.
Hij pakte zijn step weer op en keek me aan of hij de nieuwe wereld had ontdekt.
– De dans van het meisje met de kleurpotloden, zei hij en stepte weg.
Ik keek hem na. Hoe hij nog onhandig stepte, afstapte, weer twee stepjes probeerde.
Zijn antwoord had mij volledig uit het lood geslagen. Hoewel ik het niet onder woorden kon brengen, wist ik dat hij de perfecte woorden had gevonden voor het geluk van de verliefdheid. Hij had iets benoemd wat nooit beter onder woorden zou kunnen worden gebracht, feilloos had hij de juiste termen gevonden, geen te veel, geen te weinig, geen pathos, geen opwinding, die hij in het dansje zelf nu juist wel had getoond, overmoedige seksuele opwinding, een buiten jezelf treden, of jezelf en de wereld voelen samenvallen in één grote luchtballon, hoger en hoger, totdat je uit het zicht was verdwenen. En nooit zou je weer terugkeren.
De dans van het meisje met de kleurpotloden. Niet vóór het meisje, maar ván. Dat was het. Daarmee had hij alles gezegd.”

 

 

 

Doeschka Meijsing (21 oktober 1947 – 30 januari 2012)

19-01-12

In Memoriam Rudi van Dantzig

 

In Memoriam Rudi van Dantzig

 

De Nederlandse topchoreograaf en schrijver Rudi van Dantzig is op 78-jarige leeftijd overleden. Rudi van Dantzig werd op 4 augustus 1933 in Amsterdam geboren. Hij leed aan verschillende vormen van kanker. Zie ook mijn blog van 4 augustus 2011.

 

Uit: Voor een verloren soldaat

 

“De wekker loop ’s ochtends om vijf uur af. Ik stommel mijn kamertje uit, in het halfdonker van de gang wacht onverbiddelijk een rechthoekige vorm: de koffer. Dit is dus de dag.
Het zeil is kil aan mijn voeten. Rillend was ik me bij het aanrecht. Zelf het waterstraaltje maakt lawaai. Mijn vader loopt op sokken door het huis, omzichtig bewegend om mijn broertje niet wakker te maken. Hij leunt over de keukentafel, snijdt een stuk brood doormidden en kijkt me onderzoekend aan.
‘Ben je bang?’
‘Nee’ Ik praat moeizaam, mijn keel zit dicht. Ik schuif de halve boterham terug.
‘Nog te vroeg?’
Hij helpt mijn haar in een scheiding te kammen. Ik zie mezelf in de spiegel, een bleke vlek.

(...)

 

“Overal waar we gaan hangen rissen lampjes, ze staan als sterren over het water gespannen, en de mensen lopen erlangs, in zwijgende, bewonderende processies. De grachtkanten zijn intiem als huiskamers waar het licht is gedoofd en kaarsen branden.
‘Nou?’mijn vader breekt de betovering. ‘Dat is me eventjes wat hè? Dat had je in Friesland kunnen dromen, dat er zoiets bestond.’”

 

 

 

Rudi van Dantzig (4 augustus 1933 – 19 januari 2012)

17-01-12

In Memoriam Piet Römer

 

In Memoriam Piet Römer

 

De Nederlandse acteur Piet Römer is op 83-jarige leeftijd overleden. Sinds 1956 speelde Römer in verschillende televisieseries (Stiefbeen en zoon, 't Schaep met de vijf pooten en natuurlijk Baantjer) en een twintigtal films en in meer dan zestig theaterproducties.

 


 

 

 

Vissen

 

Voor mijn part word ik arm, heb ik het nooit meer warm
Voor mijn part moet ik verder leven zonder blinde darm
Maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen
En dat is vissen

Voor mijn part mag ik nooit geen zout meer en geen vet
Voor mijn part word ik eeuwig op een streng dieet gezet
Maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen
Vissen

Je zoekt een fijne stek, je rolt je zware shag
Al wat je hartje verlangt
De vogeltjes hoor je kwelen, de lammetjes zie je spelen
En het kan je in feite geen donder schelen of je wat vangt
Ik geef niet om bezit, en niet om broodbeleg
Ik geef aan de liefdadigheid mijn laatste joetje weg
Maar er is een ding wat ik nooit zou kennen missen
Vissen

En ik leef ideaal, wat geeft het allemaal
Ik maak mij niet meer druk als ik de laatste trein niet haal
Maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen
Vissen

Ik hoef niet naar een brand, of naar een inter-land
Ik zie het wel op de beeldbuis of ik lees het wel in de krant
Maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen
Vissen

Zo'n brasem die daar zwemt, voor jou is voorbestemd
Zonder dat hij het nog weet
Hij snuffelt eens aan jouw deeg en je dobbertje gaat bewegen
De spanning is bijna ten top gestegen want je hebt beet
Ik hoef geen bungalow, geen huis met patio
Het hele huwelijksleven krijg je zo van mij kado
Maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen
Een ding wat ik nooit zou willen missen
Een ding wat ik nooit zou willen missen
Vissen

 

 

 

Piet Römer (2 april 1928 – 17 januari 2012)

In Memoriam Phil Bosmans

 

 

In Memoriam Phil Bosmans

 

 

De Belgische dichter, schrijver en pater Phil Bosmans is dinsdag op 89-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn uitgever Lannoo gemeld. Phil Bosmans werd geboren in Meeuwen-Gruitrode op 1 juli 1922 en in maart 1948 in Oirschot in Nederland tot priester gewijd. De pater montfortaan werd als schrijver vooral bekend door zijn boek 'Menslief, ik hou van jou' uit 1972. Dat was een bundel van 100 telefonische boodschappen. Bosmans noemde die vitamines voor het hart. Alleen in Nederland en Vlaanderen zijn al 800.000 exemplaren van het boek verkocht. Zie ook alle tags voor Phil Bosmans op dit blog.

 

 

Liefde

 

Liefde
is warmte geven
zonder elkaar te verbranden.

 

Liefde
is vuur zijn
zonder elkaar te verteren.

 

Liefde
is elkaar heel nabij zijn
zonder elkaar te bezitten.

 

Liefde is 'houden van'
zonder elkaar vast te houden.

 

Liefde is het grote
waagstuk van het
menselijk hart.

 

De mooiste lianen
kunnen de sterkste boom wurgen,
door hem jarenlang
teder te omhelzen.

 

Voelen mensen het hart van een medemens
dan komen ze tot leven.
Alleen in liefde kan men 'mens' worden
en voelt ook de kleinste mens
zich veilig en geborgen.

 

Alleen de liefde is een huis
om in te wonen.

 

 

 


Phil Bosmans (1 juli 1922 – 17 januari 2012)

18-12-11

In Memoriam Vaclav Havel

 

In Memoriam Vaclav Havel

 

De Tsjechische schrijver, politicus en voormalige president van Tsjechië Vaclav Havel is overleden aan complicaties bij zijn langdurige ziekbed. Hij is 75 jaar geworden. Havel was van oorsprong (toneel)schrijver. Tijdens het communistische regime in Tsjecho-Slowakije was hij een van de belangrijkste dissidenten. Zie ook alle tags voor Václav Havel op dit blog.

 

Uit: To the Castle and Back (Vertaald door Paul Wilson)

 

„The days I spent there were important in my life. The hippie movement was at its height. There were be-ins in Central Park. People were festooned with beads. It was the time of the musical Hair. (Joe had presented it in the Public Theater before my play opened, and because it was so successful it moved to Broadway, where I saw the premiere.) It was the time when Martin Luther King Jr. was killed, a period of huge antiwar demonstrations whose inner ethos--powerful but in no way fanatical--I admired; it was also the heyday of psychedelic art. I brought many posters home, and to this day they are hanging in Hradecek. And I brought home the first record of Lou Reed with the Velvet Underground.
My stay in the United States influenced me considerably. After I returned, my friends and I experienced a very joyful, albeit a somewhat nervous, summer, which could not have ended well; on August 21, the Soviet troops arrived. And then, seeing long-haired, bead-festooned young people waving the Czechoslovak flag in front of the Soviet tanks and singing a song that was a favorite among the hippies at the time, "Massachusetts," I had a truly strange sensation. In those circumstances it sounded a bit different from how it had sounded in Central Park, though it had essentially the same ethos: the longing for a free and colorful and poetic world without violence.
The second time I visited America--after a long and gloomy twenty-two years--I was president of my country. The former hippies were now no doubt respected senators or bosses of multinational corporations. Since then I've been here at least ten times; I've become close to three American presidents and to many American politicians (a special role among them was played by my compatriot the marvelous Madeleine Albright), as well as to important people and to many famous stars. These working or state or official visits, however, were brief and the program was always full, so that I only saw America from a speeding limousine. I sometimes found time to go for a walk or visit a rock club, but it was never easy. And so now, here I am on my second long visit almost forty years after the first one. In the meantime, I've lived through quite a bit, and perhaps precisely for that reason--paradoxically--I long for the freedom of movement I once enjoyed here when I was in my thirties.“

 

 

Václav Havel (5 oktober 1936 – 18 december 2011)

01-12-11

In Memoriam Christa Wolf

 

In Memoriam Christa Wolf

 

De (Oost-)Duitse schrijfster Christa Wolf is op de leeftijd van 82 jaar in Berlijn overleden. Dat heeft vandaag haar uitgeverij, de Suhrkamp Verlag, laten weten. De Duitse schrijfster Christa Wolf werd geboren op 18 maart 1929 in het huidige Poolse Gorzów Wielkopolski. Zie ook alle tags voor Christa Wolf op dit blog.

 

Uit: Was bleibt

 

Aber das weiß ich doch, daß man durch willentlichen Entschluß keinen Himmelsschatz erwirbt, der sich unter der Hand vermehrt; weiß doch: Alle Nahrung über des Leibes Notdurft hinaus wächst uns zu, ohne daß wir sie Stück um Stück zusammentragen müßten oder dürften, sie sammelt sich von selbst, und ich fürchte ja, alle diese wüsten Tage würden nichts beisteuern zu dieser dauerhaften Wegzehrung und deshalb unaufhaltbar im Strom des Vergessens abtreiben. In heller Angst, in panischer Angst wollte ich mich jetzt an einen dieser dem Untergang geweihten Tage klammern und ihn festhalten, egal, was ich zu fassen kriegen würde, ob er banal sein würde oder schwerwiegend, und ob er sich schnell ergab oder sich sträuben würde bis zuletzt. So stand ich also, wie jeden Morgen, hinter der Gardine, die dazu angebracht worden war, daß ich mich hinter ihr verbergen konnte, und blickte, hoffentlich ungesehen, hinüber zum großen Parkplatz jenseits der Friedrichstraße.
Übrigens standen sie nicht da. Wenn ich recht sah - die Brille hatte ich mir natürlich aufgesetzt -, waren alle Autos in der ersten und auch die in der zweiten Parkreihe leer. Anfangs, zwei Jahre war es her, daran maß ich die Zeit, hatte ich mich ja von den hohen Kopfstützen mancher Kraftfahrzeuge täuschen lassen, hatte sie für Köpfe gehalten und ob ihrer Unbeweglichkeit beklommen bestaunt; nicht, daß mir gar keine Fehler mehr unterliefen, aber über dieses Stadium war ich hinaus. Köpfe sind ungleichmäßig geformt, beweglich, Kopfstützen gleichförmig, abgerundet, steil - ein gewaltiger Unterschied, den ich irgendwann einmal genau beschreiben könnte, in meiner neuen Sprache, die härter sein würde als die, in der ich immer noch denken mußte. Wie hartnäckig die Stimme die Tonhöhe hält, auf die sie sich einmal eingepegelt hat, und welche Anstrengung es kostet, auch nur Nuancen zu ändern. Von den Wörtern gar nicht zu reden, dachte ich, während ich anfing, mich zu duschen - den Wörtern, die, sich beflissen überstürzend, hervorquellen, wenn ich den Mund aufmache, angeschwollen von Überzeugungen, Vorurteilen, Eitelkeit, Zorn, Enttäuschung und Selbstmitleid.
Wissen möchte ich bloß, warum sie gestern bis nach Mitternacht dastanden und heute früh einfach verschwunden sind.“

  


Christa Wolf (18 maart 1929 – 1 december 2011)





Zie voor de schrijvers van de 1e december ook
mijn vorige blog van vandaag en eveneens mijn eerste blog van vandaag. Zie ook ter herinnering aan Ramses Shaffy.

Herinnering aan Ramses Shaffy

 

Herinnering aan Ramses Shaffy

 

 

Nederlands grootste chansonnier Ramses Shaffy is vandaag precies twee jaar geleden op 76-jarige leeftijd overleden.

 

De Nederlandse chansonnier en acteur Ramses Shaffy werd op 29 augustus 1933 geboren in de Parijse voorstad Neuilly-sur-Seine als zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin van Russische afkomst. Zie ook mijn blog van 1 december 2010.

 

 

't Is stil in Amsterdam

 

De mensen zijn gaan slapen
De auto's en de fietsen

Zijn levenloze dingen

De stad behoort nu nog

Aan een paar enkelingen

Zoals ik

Die houden van verlaten straten

Om zomaar hardop

In jezelf te kunnen praten

Om zomaar hardop te kunnen zingen

Want de auto's en de fietsen

Zijn levenloze dingen

Als de mensen zijn gaan slapen

't Is zo stil in Amsterdam

En godzijdank niemand

Die ik tegenkwam

 

't Is stil in Amsterdam

De mensen zijn gaan slapen

Ik steek een sigaret op

En kijk naar het water

En denk over mezelf

En denk over later

Ik kijk naar de wolken

Die overdrijven

Ik ben dan zo bang

Dat de eenzaamheid zal blijven

Dat ik altijd zo zal lopen

Op onmogelijke uren

Dat ik eraan zal wennen

Dat dit zal blijven duren

Als de mensen zijn gaan slapen

't Is zo stil in Amsterdam

Ik wou

Dat ik nu eindelijk iemand tegenkwam

 

 

 

Ramses Shaffy (29 augustus 1933 – 1 december 2009)





 

13:36 Gepost door Romenu in In Memoriam, Literatuur, Muziek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ramses shaffy, romenu |  Facebook |