03-12-17

Ready for Silence (Madeleine L’ Engle)

 

Bij de eerste zondag van de Advent

 

 
Edinburgh Christmas Market door Paul Pacey, 2012

 

 

Ready for Silence

Then hear now the silence
He comes in the silence
in silence he enters
the womb of the bearer
in silence he goes to
the realm of the shadows
redeeming and shriving
in silence he moves from
the grave cloths, the dark tomb
in silence he rises
ascends to the glory
leaving his promise
leaving his comfort
leaving his silence

So come now, Lord Jesus
Come in your silence
breaking our noising
laughter of panic
breaking this earth’s time
breaking us breaking us
quickly Lord Jesus
make no long tarrying

When will you come
and how will you come
and will we be ready
for silence
your silence

 

 
Madeleine L’Engle (29 november 1918 – 6 september 2007)
Kerstmarkt in New York, de geboorteplaats van Madeleine L’Engle

 

 

Zie voor de schrijvers van de 3e september ook mijn vorige twee blogs van vandaag.

09:41 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: advent, romenu, madeleine l’engle |  Facebook |

Hendrik Conscience, Joseph Conrad, Herman Heijermans, Grace Andreacchi, Ugo Riccarelli

 

De Vlaamse schrijver Henri (Hendrik) Conscience werd geboren in Antwerpen op 3 december 1812. Zie ook alle tags voor Hendrik Conscience op dit blog.

Uit: Bavo and Lieveken

“Dat groote huis met zijne honderden vensters, dat men ziet van op de Watermolenbrug te Gent, is de katoenfabriek van mijnheer Raemdonck.
Alhoewel het daglicht reeds vermindere is er alles nog in de volle, drukke werkzaamheid; het logge gebouw davert op zijne grondvesten onder de zwoeging der mekanieken, die de stoomkracht in zijn binnenste doet leven.
Het is vooreerst de Duivel, dat machtig tuig, waarin het katoen wordt geklopt, geschud en gefolterd, totdat het alle onreinheid heeft verloren; dan de koorden, de rektuigen en de lantaarnen of draaiende potten, die altezamen de boomwol in vlokkig sneeuw veranderen, ze mengen, ze verdeelen en ze bereiden, om door de spintuigen tot haarfijne draden te worden herschapen; de scheer- en boommolens, en eindelijk de getouwen der wevers en de banken der spinners met hunne ontelbare spillen en bobijnen.
Alles boven en beneden beweegt, loopt of slingert met koortsige snelheid; het is eene oneindigheid van rollende assen, van wentelende wielen, van knarsende radertanden, van vluchtende riemen, van wandelende spinmolens, van draaiende spillen.
Uit elke beweging ontstaat een gerucht, dat zich met de duizenden andere geruchten vermengt tot een donderend gebruis, tot een zenuwtergend geraas, zoo aanhoudend en zoo vol, dat het de denkingskracht van den toevalligen bezoeker inzwelgt en hem duizelig maakt gelijk het geloei der losgebrokene winden op eene woedende zee.
Terwijl het ijzer en het vuur hier alles met hun leven en met hunne stem vervullen, dwaalt de mensch als een sprakeloos en spookachtig wezen tusschen de reusachtige tuigen, die zijn vernuft heeft geschapen.
Er zijn mannen, vrouwen, kinderen in menigte; zij letten op den gang der raderwerken, zij hechten de gebrokene draden aaneen, zij brengen katoen of bobijnen aan, en geven onophoudend voedsel aan het duizendledig, monster, dat de stof met onverzaadbaren honger schijnt te verslinden.
Ziet, hoe mannen en vrouwen schier aandachteloos tusschen de raderwerken heen- en wedergaan; hoe de kinderen onder de spinmolens doorkruipen! En nochtans, dat een riem, een tand, één van al die draaiende dingen hunnen kiel, hun kleed of slechts hunne mouw aangrijpe..... en het onverbiddelijk ijzer zal hunne leden afrukken of hun lichaam vermalen, en het niet loslaten, vóórdat het, ginder verre, als een onkennelijke klomp weder uitgeworpen worde. Ach, hoevele onvoorzichtige werklieden zijn dus verminkt of verslonden geworden door de barsche, zinnelooze kracht, die geen onderscheid kent tusschen katoen en menschenvleesch!”

 

 
Hendrik Conscience (3 december 1812 – 10 september 1883)
Antwerpen in de Adventstijd

Lees meer...

France Prešeren, F. Sionil José, Franz Josef Degenhardt, Jules Claretie, Ludvig Holberg

 

De Sloveense dichter en schrijver France Prešeren werd geboren op 3 december 1800 in Vrba. Zie ook alle tags voor France Prešeren op dit blog en ook mijn blog van 3 december 2010.

 

A Wreath of Sonnets (5/14)    

They come from where no man can sunshine find -
Not from those regions by your glance caressed,
Where all the cares of this world are at rest,
And sweet oblivion follows close behind;

Where joy reigns with a fullness scarce divined,
And vanished are the conflicts that distressed;
Where song springs from an overflowing breast
With sweetest harmonies of every kind;

Where nursed by pure love, grow the fairest flowers,
Luxuriant in beauty and in grace,
As though kissed by the breath of vernal hours.

My songs that praise you come from no such place;
They grew untouched by any friendly powers,
Unblest by soothing winds of warmer days.

 

 

A Wreath of Sonnets (6/14)    

Unblest by soothing winds of warmer days,
My songs remain, since from you, haughty maid,
They never won the word that might be said -
The word that neither saddens nor dismays.

As you were bred upon the German phrase,
Like many a Slovene girl, they were afraid
That from such flowers on our Parnassus laid
With cold disdain you would avert your gaze.

Our Muses were not loved in our own land:
They were but spinsters doomed to lonely ways,
While foreign beauties won both heart and hand.

Like flowers that bud within the glacier's maze,
Our songs are sparse, as though by nature banned,
Above them savage peaks the mountains raise.

 

 
France Prešeren (3 december 1800 – 8 februari 1849)
Portret door Bozidar Jakac, 1948

Lees meer...

Kristina Sandberg

 

De Zweedse schrijfster Kristina Sandberg werd geboren op 3 december 1971 in Sundsvall en groeide op in het noorden van Zweden. Tegenwoordig woont zij in Stockholm. Ze is psychologe en debuteerde in 1997 als schrijfster met “I vattnet flyter man”. Ze won o.a. de Augustprijs en de Svenska Dagbladet literatuurprijs voor de lijvige trilogie over het leven van Majs. In 2017 verscheen de roman “Zorgen voor het gezin.” Deze roman is het tweede deel van de Maj-trilogie, de grote doorbraak van Sandberg. Eerder dat jaar werd het eerste deel gepubliceerd: “De komst van een kind”. Sandbergs romans draaien om de kleine details van het dagelijks leven, over generaties van vrouwen en het gezinsleven in de verzorgingsstaat vanaf de late jaren 1930 tot de jaren 1970.

Uit: Leven tot elke prijs (Vertaald door Jasper Popma en Webdy Prins)

“Stockholm, 1953
Als iemand verdwenen is, wanneer neem je dan contact op met de politie? Maj weet het niet Ze staat in de nette, anonieme hotelkamer met de dubbele gordijnen - de zware gesteven beige van gebloemd cretonne plus de dichtgetrokken witte vitrages - zijn ze wat gelig van de nicotine?Nubenje weduwe. Nee! Tenue komt zo. Zacht geruis van de waterleiding - een nachtbraker is nog wakker. Even voor enen. Ga naar bed, Maj. Rust een poosje. Ze kan nu toch niet slapen. Kan zich er zelfs niet toe zetten tegen het hoofdeinde te gaan zitten. Hoort ze haar hart bonken? Het plakkerige gesmak van haar tong tegen het gehemelte. Haar tanden. Drink een glas water. Dat zal ze doen. Een koud glas water halen bij de kraan in de badkamer. Maar dan klinkt er geklop op de deur. Een ritmisch roffeltje. Ze haast zich ernaartoe, doet open. Lasse en Anita. Als kleine kinderen in pyjama en nachtjapon - ze lijken zoveel jonger dan hun elfen net veertien jaar - is papa al terug? We kunnen niet slapen... Maj schudt haar hoofd. Zegt dat ze wel bij haar mogen komen. Dat zij ook wakker is. Ze haalt de sprei van het tweepersoonsbed, slaat beide dekbedden open, waarop Lasse meteen op het matras begint te springen zodat de veren doorbuigen - ze had Anita en Lasse zich toch maar gereed laten maken voor de nacht - misschien was het dom van haar om ze naar hun eigen kamer te sturen om daar te gaan slapen. Ze wilde alles graag normaal laten lijken. Hun het vertrouwen geven dat papa gauw terug zou zijn. Als hij al komt. Hou op, Lasse - en hij stopt met springen zodra Anita er iets van zegt Maj gaat in de leunstoel zit-ten - moet ze de lamp op het bureau echt aan laten - ga nu slapen,
maant ze hen, ze pakt een sigaret, strijkt een lucifer af. Wees zuinig met de sigaretten, wat doe je als ze op zijn? Ze heeft niet eens genoeg contanten voor een pakje rookwaar. Snel drukt ze hem uit in de as-bak, stopt de amper gerookte sigaret terug. Tomas is in elkaar gesla-gen. geroofd van zijn portefeuille. Ligt ergens gewond zonder dat ze zijn identiteit kunnen achterhalen. Misschien lopen mensen hier wel ge-woon langs iemand die mishandeld is. Of ?Wat zou anders de reden zijn dat hij haar en de kinderen alleen op een hotelkamer in de hoofdstad achterlaat? Pas als ze gaat verzitten in de leunstoel, merkt Maj hoe hard ze haar dijen tegen elkaar drukt. Adem. Ontspan. Lacht zeeven? Ze slaat opnieuw haar ene been over het andere, haakt haar voet achter haar enkel.”

 

 
Kristina Sandberg (Sundsvall, 3 december 1971)

08:30 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: kristina sandberg, romenu |  Facebook |

02-12-17

Frédéric Leroy, Ann Patchett, Hein Boeken, T. C. Boyle, George Saunders, Botho Strauß, Jacques Lacarrière, Iakovos Kampanellis, Eric L. Harry

 

De Vlaamse dichter Frédéric Leroy werd geboren op 2 december 1974 in Blankenberge. Zie ook alle tags voor Frédéric Leroy op dit blog.

 

A la très pieuse

Bij stilte. Bij regen en zon, het luiden van
klokken. Wanneer in duisternis een kaars
wordt aangestoken en jij een kruis slaat.
Bij sterfte en geboorte. Bij overdaad.

Bij god en bij duivel, zo ontsluit jij de dagen:
met vingervlugge kruistekens. Regenspatjes
op een vijver. Alsof je uit je lichaam draadjes
plukt waarmee je aan de hemel werd geregen.

Laat ons over het lijden zwijgen (het lijden
is link en reusachtig en heeft een eigen stem).
Dit mag genoeg zijn: de kinderlijke verbazing
en het kruis op je lippen, je borsten, je lippen.

 

 

Terug naar Eden

Een gifgroene tuin, de mieren, de maden,
een leistenen cirkel en het spietsen van de grond
met afgerukte takken, de van kippenbloed dronken,
daverende bodem en de grote, grijze man
met de bijl.

Ik dank je, grote, grijze man: het was
een wonderlijke, groene tuin, onze tuin,
een paradijs met bloedfonteinen. Ik doopte
twijgjes in rode plassen en was
een lachende kleuter.

En hier, waar het gras wat geler is: hier
stookte ik de eerste vuurtjes, verbrandde
droge, krakende bladeren, later alles
wat ik vinden kon. Hier was niets
dat bloemen droeg.

 

 

Ontbijtintimiteiten (ochtendfruit)

Met een frambozenmondje nip je van
een kopje groene thee, tevreden wip
je zachtjes op het topje van je stoel,
had je niet liever wat gebleven, ik
bedoel, wij tweeën in het beddengoed?

Jij likt de honing, ik de ochtendgloed
die de zondagmorgenzon lachend
in je haren spelen laat - mijn hand
strijkt doorheen de restjes slaap die daar
nog stiekem kleven: clandestiene sterren.

Maar zoveel aandacht doet je blozen, dus
gooi ik maar wat vrolijk ochtendfruit:
een fraaie donkerrode kersenregen,
een appel en een drietal abrikozen.

 

 
Frédéric Leroy (Blankenberge, 2 december 1974)

Lees meer...

01-12-17

Pierre Kemp, Arthur Sze, Natasza Tardio, Daniel Pennac, Tahar Ben Jelloun, Billy Childish, Ernst Toller, Mihály Vörösmarty, Valery Bryusov

 

De Nederlandse dichter en schilder Pierre Kemp werd geboren in Maastricht op 1 december 1886. Zie ook alle tags voor Pierre Kemp op dit blog.

 

Geruis

De wind is een ding
en de bladeren zijn een ander.
Ze ruisen onderling
al lang samen met elkander.
Ik sta daarbij en luister mij niet moe.
Soms schijnt me alles vaag, soms alles klaar.
En als ik even mijn hoed af doe,
is muziek een beweging door het haar.

 

 

Zingende daad

De kinderen zingen naar een daad.
Zij gaan op de zon af vanuit hun straat
en stormen langs de ladders van het licht
naar boven! Midden in mijn klein gedicht
hoor ik dit aan en vraag het groen:
of ook ík een zingende daad zal doen?
Zeker, wuiven de bomen met hun vlag:
kinderen en dichters zijn eenzelfde slag,
dat alles kan en alles mag.
Daar valt de wind uit zijn goedgeluimde lach
in de bladeren en heel de wereld staat
eerst nu vol zingende overdaad!

 

 

Eenzaamheid

De lucht is zo lila en lauw
om de rose bloemen bij de molen.
Het water ernaast stapt grauw
geruist in de schoepen met vloeiende zolen.
Het is er om in 't grijs gereed te staan
en maar in en uit de kamers te gaan.

 

 
Pierre Kemp (1 december 1886 - 21 juli 1967)
Fourrures door Pierre Kemp, 1929

Lees meer...

Herinnering aan Ramses Shaffy

 

Herinnering aan Ramses Shaffy

Nederlands grootste chansonnier Ramses Shaffy is vandaag precies acht jaar geleden op 76-jarige leeftijd overleden. Ramses Shaffy werd op 29 augustus 1933 geboren in de Parijse voorstad Neuilly-sur-Seine als zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin van Russische afkomst. Zie ook alle tags voor Ramses Shaffy op dit blog.

 

 
Ramses Shaffy (29 augustus 1933 – 1 december 2009)

 

 

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Voor degene in een schuilhoek achter glas
Voor degene met de dichtbeslagen ramen
Voor degene die dacht dat-ie alleen was
Moet nu weten, we zijn allemaal samen

Voor degene met `t dichtgeslagen boek
Voor degene met de snelvergeten namen
Voor degene die `t vruchteloze zoeken
Moet nu weten, we zijn allemaal samen

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Niet zonder ons

Voor degene met de slapeloze nacht
Voor degene die `t geluk niet kan beamen
Voor degene die niets doet, die alleen maar wacht
Moet nu weten, we zijn allemaal samen

Voor degene met z`n mateloze trots
In z`n risicoloze hoge toren
Op z`n risicoloze hoge rots
Moet nu weten, zo zijn we niet geboren

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Niet zonder ons

Voor degene met `t open gezicht
Voor degene met `t naakte lichaam
Voor degene in `t witte licht
Voor degene die weet, we komen samen

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder
Niet zonder ons

Niet zonder ons




 

18:46 Gepost door Romenu in Literatuur, Muziek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ramses shaffy, romenu |  Facebook |

30-11-17

Dennis Gaens, Christophe Vekeman, James Worthy, Y.M. Dangre, Reinier de Rooie, David Nicholls, Yasmine Allas, Jan G. Elburg, Jesús Carrasco

 

De Nederlandse dichter Dennis Gaens werd geboren in Susteren op 30 november 1982. Zie ook alle tags voor Dennis Gaens op dit blog.

 

met vertrouwen, vrienden en hamers

Komende zomer doen we dat anders.

De dresscode: kleren die kapot kunnen, stevige schoenen, vieze handen
en een riem waaraan een hamer hangt. We halen hout (massaal en in alle
maten), klimmen in ladders en leggen verlengkabels van de radio's naar de
aggregaten. Gesprekken staken we tot 's avonds - met je mond vol spijkers
is het lastig praten.

Die drie maanden vallen we samen met de splinters in onze vingers, de
schaafwonden op onze schenen, de blaren op onze handen en een handvol
gebroken benen - met alles op onze namen na.

Dit ding gaat groot worden.

Wat het ook wordt - als het af is, klimmen we erin, trekken kratten bier
omhoog met touwen, kijken omlaag en zullen zien dat het goed is.

Als wij het niet doen, doet niemand het.

 

 

bezet gebied

onze benen over de rand van het perron geklemd
kijken we langs het spoor dat van elke bestemming
een verdwijnpunt langs een vluchtlijn maakt

kijken in de trein naar een dwarsdoorsnede
van steden die als kralen aan het spoor
worden geregen totdat de knoop compleet is

komen overal langs iets ander glas in hetzelfde beton
spiegels voor wolkenkrabbers en kranen
een enkele helikopter en een blauwdruk voor later

leven in steden gegijzeld door morgen
elke bouwgrond bezet gebied
prikkeldraad de rode lijn

lopen over ruitjespapier en rijden over
steeds nog niet gesleten asfalt
eeuwig onslijtbaar asfalt

en wij met onze benen geklemd om de rand van het perron
zoeken ons verdwijnpunt langs een vluchtlijn
en praten van bestemming

 

 
Dennis Gaens (Susteren, 30 november 1982)

Lees meer...

29-11-17

Mario Petrucci, George Szirtes, Jean Senac, Carlo Levi, Jean-Philippe Toussaint, C.S. Lewis, Wilhelm Hauff, Louisa May Alcott, Franz Stelzhamer

 

De Engelse dichter en schrijver Mario Petrucci werd geboren op 29 november 1958 in Londen. Zie ook alle tags voor Mario Petrucci op dit blog.

 

Gene

With pollution and GM, future seas may change colour.

Worl alway same me rekon
nuttin much-change Dere alway green
melon-anana Alway yelow-sea

Me granee she live-be twennysix
wit ray hair Me tel me-babee
we not die-soon We like granee –

we live-long An me caree-she
for look-see thru eave – for look
yelow-sea An me tel-she

wen de-Life tek-you you com
yelow like you fall-in yelow-sea An
you stopp Dat all

An me tel-she bout ol-peepol
hoo-liv wen Worl dri Me tel-she
storee bout way ting used-be

wen ol-peepol walk in air an walk
wid weel An way dem ol-peepol talk
in riddl An way dem stepp in someting

dey call Gene Yeh Dem mess-up
reel-bad someting call Gene An dem
rising-now for meet-us in yelow-sea

An me-babee say – Dees storee
all troo? Dem ol-peepol all stopp? All
com-yelow like ye’ow-sea? Butt me

know nuttin mor Cept
dey bildin tall Dey much-like carr
much-like Wor Dem tuch ev-where

dem stepp ev-where Butt
me tel-me-babee – me-tink
dem ol-peepol dem juss-walk

one Gene too-farr

 

 
Mario Petrucci (Londen, 29 november 1958)

Lees meer...

28-11-17

Erwin Mortier, Alberto Moravia, Hugo Pos, Stefan Zweig, Sherko Fatah, Philippe Sollers, William Blake, Alexander Blok, Rita Mae Brown

 

De Vlaamse dichter en schrijver Erwin Mortier werd geboren in Nevele op 28 november 1965. Zie ook alle tags voor Erwin Mortier op dit blog.

 

Brief achtentwintig

Als ik zwijg kan ik u horen. Wat ik hoor
legt mij het zwijgen op. Wat ik verzwijgen moet

hoor ik met mijn ziel vol tanden aan.
Als ik u uitspreek scheuren de talen mij open

–dus ik zwijg en ik slaap
in het voorhoofd van uw nacht.

Blijf, trek het laken der firmamenten
niet van mij af. Laat uw naakte hemel

en diens hemisferen als een dakloos
raadsel op mijn ogen rusten.

Leg een vinger op mijn lippen Liefste.
Uit één vinger valt men niet.

 

 

Gebed
(Hadewijchvariatie)

Ik vrees dat ik te licht word en teveel
voel dat ik barst hier (in mijn hoofd het uitbreekt,
geen woord volstaat). Ik ben de veer

het buigzaam schreeuwen (in uw vel - syllaben).
Ik ben de vlekken die ik tel

als jamben troubadoursmuziek maar ik wil
de schuimende muil zijn van de gargouille de water-
spuwende draak (lief) wanneer het op uw

gewelven regent en de verdoemden (de versteenden)
in het westportaal zich warmen

aan de troost van uw hel.

 

 

Uiteindelijk reinigt alles zich, altijd

Uiteindelijk reinigt alles zich, altijd. Waarom
anders heft het huis zijn goten hoog op zinken

pijpen rank als libellenpoten
langs de gevels, om dorstig te wachten

tot de wolken splijten ? Het dak
wordt dak wanneer het regent.

Veld van glinstering. De pannen blozen
nu de pijpen gulzig slikken.

Langs rozen, langs leipeer
en klimop omlaag. Tot ergens,

onder de keukenvloer, een maag
de vangst opslaat.

Voor ons, voor later.

 

 
Erwin Mortier (Nevele, 28 november 1965)
In 2014

Lees meer...

27-11-17

Navid Kermani, Nicole Brossard, Han Kang, Philippe Delerm, James Agee, Jos. Habets, Friedrich von Canitz, Jacques Godbout, Klara Blum

 

De Duits-Iraanse schrijver en islamist Navid Kermani werd geboren op 27 november 1967 in Siegen. Zie ook alle tags voor Navid Kermani op dit blog.

Uit: Große Liebe

„Das erste Mal hat er mit fünfzehn geliebt und seither nie wieder so groß. Sie war die Schönste auf dem Schulhof, stand in der Raucherecke oft nur zwei oder drei Schritte entfernt, ohne ihn zu beachten. Weil den Schülern der unteren Klassen verboten war, sich zu den Rauchern zu stellen, geschweige denn selbst eine Zigarette anzuzünden, verhielt er sich so unauffällig wie möglich, verhielt sich zwischen den breiteren Rücken wie ein blinder Passagier still. Den Kopf hob er nur an, um kurz nach den Lehrern, noch kürzer nach ihr zu schielen, die unnahbar für ihn stets den Mittelpunkt ihres Grüppchens zu bilden schien. Sowenig Hoffnung er sich machte, ihre Gunst je selbst zu erlangen, brachte ihn die Sorge dennoch um den Verstand, sie könne einem der Abiturienten, die sie umringten, mehr als nur wohlwollen. Zur Beruhigung redete er sich ein, daß sie ihre offenbar ansteckende Heiterkeit und ihre zweifellos erlesenen Worte gerecht mal diesem, mal jenem zudachte.
Im Blick behielt der Junge dabei stets die Finger der Abiturienten, ob sie nicht heimlich die Hände der Schönsten berührten, ihren Rücken, gar ihren Po.
Zugleich erwartete er bang, daß jemand sich umdrehte, um zu fragen, was er in der Raucherecke suchte. Mehrfach hatten ihn die Lehrer bereits vertrieben, deren ärgerlicher oder auch nur erstaunter Blick genügte, damit er sich verzog. Die Peinlichkeit ersparte er sich lieber, vor den Augen der Schönsten aus dem Pulk gezogen und zu den Gleichaltrigen verwiesen zu werden. Peinlich war dem Jungen seine Lage schon genug, da er sich einbildete, daß alle Raucher ihn beäugten, in jeder Sekunde ihn, obwohl sie ihm doch – aber hier setzte der logische Schluß aus – ihre Rücken zuwandten.“

 

 
Navid Kermani (Siegen, 27 november 1967)

Lees meer...