13-08-17

Dolce far niente, Adriaan Roland Holst, antoine de kom, Atte Jongstra, Amélie Nothomb, Nikolaus Lenau, Tom Perrotta

 

Dolce far niente

 
Het voormalige huis van A. Roland Holst aan de Nesdijk in Bergen

 

Wereld en droom

Dwazen, die duur van aardsch geluk bedongen,
dat zingend op geen sterven zich bezint:
Waar het nu ritselt, daar werd eens bemind -
Waar nu de raaf krast werd eenmaal gezongen.

Wij bouwen tot het woord ons wordt ontwrongen:
De steden staan op graven in den wind -
En als vergeefschheid zich bevestigd vindt
moet nog de dood ons worden opgedrongen.

Maar wat dan van den droom? duizenden zwerven
voorbij de wegen naar de bronzen poorten
van gindschen steilen, nooit ontsloten tempel -

Maar daar ook waait de wind en heerscht het sterven,
en harten, eenmaal ruischend van geboorten,
ritselen schuw daar over duistren drempel.

 

 
Adriaan Roland Holst (23 mei 1888 - 5 augustus 1976)
Interieur van het huis van A. Roland Holst aan de Nesdijk in Bergen

Lees meer...

Taije Silverman

De Amerikaanse dichteres, vertaalster en hoogleraar Taije Silverman werd geboren in San Francisco op 13 augustus 1974 als dochter van een projectontwikkelaar en architect en een docente kunstgeschiedenis. Ze is in 1996 afgestudeerd aan Vassar College. Zij debuteerde in 2009 met “Houses Are Fields”. In het boek reageerde zij op de dood van haar moeder. Gedichten van Silverman zijn gepubliceerd in tijdschriften als Poetry, The Harvard Review, Plowshares, Massachusetts Review, The Antioch Review en AGNI. Silverman's gedichten werden ook opgenomen in de bloemlezing van de hedendaagse Amerikaanse poëzie, “The Best American Poetry” (2016). Als vertaalster is ze vooral bekend om haar vertalingen van Giovanni Pascoli, die zijn verschenen in The Nation, New England Review, Agni, Pleiades en Modern Poetry in Translation. Zij wordt beschouwd als een van de meest vernieuwende hedendaagse Engelse vertalers van Italiaanse poëzie. Silverman vertaalde ook de dialectpoëzie van Pier Paolo Pasolini en verschillende werken van Paolo Valesio. Ze heeft lesgegeven aan de universiteit van Bologna in Italië onder een Fulbright-fellowship, Ursinus College en Emory University, waar ze ook creatief-schrijven doceerde. Silverman was ook docent aan de Universiteit van Maryland en de Universiteit van Houston en werkte ze als lerares poëzie op openbare scholen via het programma Writers-in-the-Schools.

 

The Winter Before

My mother knocked on the bathroom door
to read me a poem. Her happiness was shining.
Even now, she read from her place on the page,
the Beloved is tending himself inside of you.
When I didn’t smile she asked, Isn’t it beautiful?
God is inside of us. Yes. A thousand times yes.
For no reason I remembered my dream
from the night before, how I had no money
in a strange city and each male friend I asked
for a place to stay wanted sex in exchange.
No reason. I smiled. I let her happiness
be my happiness, which is easy sometimes,
but when she turned to walk back
to her bedroom, I wanted to call to her:
Wait. All my dreams had returned.
Dreams of being alone in strange cities,
a man following or being followed—death
as the lover we greet indifferently, on the stairs.
Wait. I wanted to ask her, Will we be all right?
My father was already sleeping in the bed
she would climb into and the skin on their bodies
was the most precious thing I would ever know.
I would lose it. Will we be all right? The door
closed click, shut. Ghosts cluttered the hallway.
Inside me somewhere buried and lightless
I was sobbing and would not stop, but in the mirror
my eyes were dry. I asked to forget and be forgiven
though I asked no one, and nothing.

 

 

Philtrum

I.
Paper boat, rift
in the water.
Deft bluff
of a thumb.
Misplaced teardrop,
left to dry.
Cool cleft
of the river bed.


II.
Before we are born, the angel of God comes to the womb
and teaches us everything. How the lung books in scorpions
let them breathe, the nature of a galaxy's greed.
Whole memories and the words for each piece of the world.
Then birth. And the angel returns as our mothers
begin to suffer, silences cells as our mothers beg.
Push, someone urges, and almost, while inside
the angel traces a finger from the nose to the top lip, so when
we enter our lives, all we were taught is forgotten.

 

 
Taije Silverman (San Francisco, 13 augustus 1974)

18:00 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: taije silverman, romenu |  Facebook |