15-01-16

Antoine Wauters, Etty Hillesum, Osip Mandelstam, F. Springer, Maud Vanhauwaert, Mihai Eminescu, Philip Snijder

 

De Belgische dichter en schrijver Antoine Wauters werd op 15 januari 1981 geboren in Luik. Zie ook alle tags voor Antoine Wauters op dit blog.

 

Uit: Sylvia

Maintenant que vous êtes nus, feu au feu,
en la cendre la cendre, tu me viens par
grâce, Sylvia. Arquée comme petite. Et tout
ce que tu parviens à saisir de moi, en moi,
ou à toucher entre les points jamais comblés
du corps, et que tu entends et qui s’écrit ou
même s’essouffle, considère-le comme la
plus mince parcelle encore, mon
bruissement, la poussière.


Maintenant je ne peux pas bouger, ni la
jambe, ni supporter ce qui a pris place de
souffle, toute lumière utile à vos vies. Qui a
pris, ou par le feu a rejoint la zone grise, ton
ventre, Armand, creusé et composté sous le
prunus, ton ventre, Charles, mort et mis à
brûler parmi les restes. Mais maintenir vos
yeux, comme clarté pure ou diffuse joie, en
les miens grands ouverts, je dois.

 

 
Antoine Wauters (Luik, 15 januari 1981)


 

De Nederlandse schrijfster Etty Hillesum werd geboren in Middelburg op 15 januari 1914. Zie ook alle tags voor Etty Hillesum op dit blog.

Uit: Het verstoorde leven - Dagboek van Etty Hillesum

“11 juli 1942 Zaterdagochtend 11 uur
Velen verwijten mij onverschilligheid en passiviteit en zeggen, dat ik me zo maar overgeef. En zeggen: ieder, die uit hun klauwen kan blijven, moet dat proberen en is dat verplicht. En ik moet iets dóen voor mezelf. Dit is een sommetje dat niet op gaat. Iederéen is op het ogenblik n.l. bezig iets voor zichzelf te doen om er onder uit te komen en er moet immers toch een aantal, een zeer groot aantal zelfs, gaan? En het gekke is: ik voel me niet in hun klauwen. Niet als ik blijf en niet als ik weggetransporteerd word. Ik vind dat alles zo cliché-achtig en zo primitief, ik kan die redenering helemaal niet meer volgen, ik voel me in niemands klauwen, ik voel me alleen maar in God’s armen, om het nu eens beeldschoon te zeggen en of dat nu hier aan dit verschrikkelijk dierbare en vertrouwde bureau is, of over een maand in een kale kamer in de Jodenbuurt of misschien een in een arbeidskamp onder S.S.-bewaking, in God’s armen zal ik me geloof ik altijd voelen. En men zal mij lichamelijk misschien ten gronde kunnen richten, maar verder ook niet. En ik zal misschien aan wanhoop ten prooi vallen en aan ontberingen, die me zelfs tot in m’n vruchtbaarste phantasieën niet had kunnen voorstellen. En toch is dit alles zeer gering aan die onmetelijke wijdheid van godsvertrouwen en innerlijke belevingsmogelijkheid. Het kan zijn, dat ik alles onderschat. Dagelijks leef ik met alle harde mogelijkheden, die zich ieder ogenblik verwerkelijken kunnen voor mijn persoontje en die zich voor velen, voor veel te velen, al verwerkelijkt hebben.”

 

 
Etty Hillesum (15 januari 1914 – 30 november 1943)

 

 

De Russische dichter Osip Mandelstam werd geboren op 15 januari 1891 in Warschau. Zie ook alle tags voor Osip Mandelstam op dit blog.

 

Yet to die. Unalone still.

Yet to die. Unalone still.
For now your pauper-friend is with you.
Together you delight in the grandeur of the plains,
And the dark, the cold, the storms of snow.

Live quiet and consoled
In gaudy poverty, in powerful destitution. 
Blessed are those days and nights.  
The work of this sweet voice is without sin.  

Misery is he whom, like a shadow,  
A dog’s barking frightens, the wind cuts down.  
Poor is he who, half-alive himself  
Begs his shade for pittance.

 

 

Alone I stare into the frost’s white face

Alone I stare into the frost’s white face.  
It’s going nowhere, and I—from nowhere.  
Everything ironed flat, pleated without a wrinkle:  
Miraculous, the breathing plain.  

Meanwhile the sun squints at this starched poverty—
The squint itself consoled, at ease . . .  
The ten-fold forest almost the same . . .  
And snow crunches in the eyes, innocent, like clean bread.

 

Vertaald door John High en Matvei Yankelevich  

 


Nature –is Rome, and mirrored  there
 
Nature  -  is Rome, and mirrored there.
We see its grandeur, civic forms parade:
a sky-blue circus in the clear air,
fields a forum, trees a colonnade.
 
Nature  -  is Rome, therefore,
it seems vain now for prayers to be made:
there are sacrificial entrails, to foretell war;
slaves, to keep silent; stones, to be laid!

 

Vertaald door A. S. Kline

 

 
Osip Mandelstam (15 januari 1891 – 27 december 1938)
Rond 1920

 

 

De Nederlandse schrijver en diplomaat F. Springer (eig. Carel Jan Schneider) werd geboren in Batavia op 15 januari 1932. Zie ook alle tags voor F. Springer op dit blog.

Uit: Bougainville

“Ze ging door. Haar stralende herinnering aan die vierentwintig uur in het Marriott Hotel veranderde na enige tijd in irritatie. De heer Vaulant was zijn streken dus nog niet kwijt. Waarom had zij kunnen denken dat wij op ons vijfenveertigste anders handelen dan wanneer we twintig zijn. Les jeux sont faits, nietwaar? Ze dacht, barst Tommie Vaulant, minnaars genoeg, bewonderaars bij het dozijn, jawel, niet lachen Bo (ik lachte niet), dus een hele drukke tijd, veel reizen, veel aanloop van buitenlandse relaties op het kantoor in Amsterdam, hij kon barsten, Tommie Vaulant. Dagen achtereen dacht ze geen seconde aan hem, arrogante big shot van de Verenigde Naties.
Maar die vierentwintig uur: als ze een enkele keer alleen thuis zat, omdat er werkelijk niets meer te verzinnen was aan werk, uitgaan, weg zijn, dan kwamen die vierentwintig uur glashelder terug, minuut na minuut. Er waren ogenblikken dat ze het zo allemaal had kunnen opschrijven. (O god, ook zij, dacht ik, en misschien zou zij haar opstel dan ook wel bij haar vriendje Bo inleveren.) Maar het zou er nooit van komen. September vorig jaar, vlak na een teleurstellende ervaring met een zogenaamd begripvolle minnaar had ze, eigenlijk toch nijdig op zich zelf, toegegeven aan haar verlangen en een brief naar New York geschreven, naar Mr Vaulant in het hoofdkwartier van de VN. Er kwam een briefje terug. De inhoud kende ze uit haar hoofd. ‘Dear Madam, I sincerely regret to inform you that Mr Thomas Vaulant met with a fatal accident while on a recent official mission in South East Asia. I herewith duly return your letter."

 

 
F. Springer (15 januari 1932 – 7 november 2011)

 

 

De Vlaamse dichteres en schrijfster Maud Vanhauwaert werd op 15 januari 1984 geboren in Veurne. Zie ook alle tags voor Maud Vanhauwaert op dit blog.

 

Ik ga je heel veel dragen

Ik ga je heel veel dragen
boven alles en om mij heen
en als ze mij naar je vragen
zeg ik wacht en dan leg ik je
zachtjes van mij af, kijk
hoe ze mijn kleren is
en hoe naakt ik zonder haar.

Ik kan je ook in mij dragen
en dan denkt men hé
er is iets zwarts met haar
maar als niemand ziet
hoe je in mij doorweegt
houd ik het niet lang in.

Laat mij je daarom aandoen
en hopen dat op een dag
je door lichtheid bent vervaagd
dat ik weer durf kleur bekennen
als er nog eens een vrouw komt
die haar vouwen om mij slaat.

 

 
Maud Vanhauwaert (Veurne, 15 januari 1984)

 

 

De Roemeense dichter Mihai Eminescu (eigenlijk Mihail Eminovici) werd geboren op 15 januari 1850 in Botoşani bij Czernowitz. Zie ook alle tags voor Mihai Eminescu op dit blog.

 

Sonnet III

When e'en the inner voice of thought is still,
And does some sacred chant my soul endear,
'Tis then I call to thee; but will you hear?
Will from the floating mists your form distil?

Will night its tender power of wonder rear
And your great, peaceful eyes their light fulfil,
That of the rays that bygone hours spill
To me as in a dream you do appear?

But come to me... come near, come still more near...
Smiling you bend to gaze into my face
While does your sigh gentle love make clear.

Upon my eyes I feel you lashes' trace,
O love, for ever lost, for ever dear,
To know the aching thrill of your embrace!

 

Vertaald door Corneliu M. Popescu

 

 
Mihai Eminescu (15 januari 1850 - 15 juni 1889)
Portret door Gicu Serban, z.j.

 

 

Onafhankelijk van geboortedata:

De Nederlandse schrijver Philip Snijder werd geboren in Amsterdam in 1956. Zie ook alle tags voor Philip Snijder op dit blog.

Uit:De volcontinu

In de huiskamer deed ik de gordijnen dicht en zette de televisie aan. Toen het toestel bijna was opgewarmd en ik de eerste menselijke geluiden hoorde- ik herkende, terwijl het scherm nog donker was, de zelfingenomen stem van presentator Fred Oster, gevolgd door het gelach van een zaal vol
publiek- zette ik het meteen weer uit. Opeens wist ik volkomen zeker dat het kijken naar die stompzinnige Avros’s Wiekentkwis me niet zou afleiden, maar me nog meer in verwarring zou brengen. Als ik zou meespelen met de deelnemende echtparen en proberen de quizvragen eerder te beantwoorden dan zij, zou natuurlijk blijken dat mijn geest zelfs dat allerlaagste intellectuele niveau niet meer kon bereiken.
(…)

Maar later kreeg zijn slaapafwijking de ernstiger vorm die ik me herinner: het in alle drukte stante pede wegzakken in een onbereikbaar diepe bewusteloosheid, en daaruit lange tijd later met een extra hard, angstig snurkgeluid plotseling ontwaken. Snel probeerde oom Klaas dan de verwarring en gêne van zich af te schudden, meestal door op te veren en heel hard een lied te gaan zingen:”Op naar Jeruzalem marcheren! Alle hoeren de kolere…!”

 


Philip Snijder (Amsterdam, 1956)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e januari ook mijn blog van 15 januari 2015 en ook mijn blog van 15 januari 2014 en ook mijn blog van 15 januari 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

 

De commentaren zijn gesloten.