30-04-15

Jeroen Brouwers, Alexander Osang, Ulla Hahn, Luise Rinser, John Boyne, Annie Dillard, Kno’Ledge Cesare

 

De Nederlandse schrijver Jeroen Brouwers werd geboren op 30 april 1940 in Batavia, de hoofdstad van het voormalige Nederlands-Indië (tegenwoordig Djakarta, Indonesië). Zie ook alle tags voor Jeroen Brouwers op dit blog.

Uit: Het hout

“Zo’n strijkstok is van pernambukhout. Zo’n stok is licht elastisch, je kan ermee zwiepen. Als je ermee door de lucht slaat veroorzaakt het een zoefgeluid. Dit is mij door Mansuetus, naamdag 19 februari, voorgedaan. Zoef. Klap. Schreeuw. De jongen voorover, de hand van Mansuetus als een bankschroef rond de nek van de gestrafte of rond diens tegen de schouderbladen gedraaide arm om hem tegen het bureaublad onder bedwang te houden, zijn andere hand omhoog om het hout met opperste kracht op het zitvlak te laten neerkomen.
(..)

Het gebeurt zo: De jongen schreeuwt en blijft schreeuwen naarmate de medebroeder, volgeling van onze stichter, de zachtmoedige Franciscus, blijft slaan, hard, nog harder, de voorflap van zijn scapulier over de schouder gegooid om er niet door te worden gehinderd bij zijn inspanning en bewegingen. Hij schreeuwt er tegenin. Meer geluid dan de ruimte in het dode licht lijkt te kunnen bevatten. Gehoorzaamheid en tucht! Jij hebt geen wil! Ik heb een wil! Jij doet mijn wil! Bij ieder woord een steeds fellere klap met het venijnige hout. Hoe de jongen ook kronkelt, de opvoeder blijft met bestudeerde precisie op dezelfde plek van het achterwerk slaan, twintig keer, meer dan twintig keer.’
(…)

‘Niets meer te doen, ik heb er niets meer mee te maken. U loof ik die mijn schepper zijt die met uw liefde mij geleidt. Psalm zoveel. Schiet me te binnen, we zingen het weleens. Wie is die u? Mijn schepper is hij niet, hij mag zijn liefde houden, tot hiertoe heeft hij mij verkeer geleid, zoals er in de oorlog helden waren die moffen die de weg vroegen opzettelijk de verkeerde richting heen leidden. Risicovolle verzetsdaad tegen de overmacht. Ik heb een grotere verzetsdaad in gedachten. Besluit. Ik denk aan bommenwerpers. De scholieren moeten worden gespaard, een paar goede mannen uit de broedergemeenschap ook. Bommen op dit instituut. Bommen op het hele instituut roomse kerk.’

 

 
Jeroen Brouwers (Batavia, 30 april 1940)
Cover


 

De Duitse schrijver en journalist Alexander Osang werd geboren op 30 april 1962 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Alexander Osang op dit blog

Uit: Tamara Danz

„In der Nacht träumte ich, daß Tamara Danz versucht hatte, mich anzurufen. Wegen des Interviews, das wir gerade geführt hatten. Ich hatte es ihr zum Autorisieren gebracht, aber sie hatte es nicht lesen können, weil sie zu erschöpft war. Jetzt hatte sie es gelesen. Sie hatte versucht, mich anzurufen. Immer wieder. Sie wollte noch mal über bestimmte Dinge reden. Sie wollte Sachen geraderücken. Erklären. Aber sie hatte mich nicht erreicht. Ich war ja weit weg. In Amerika. Sie war immer schwächer geworden. Und dann war sie gestorben.
Am Morgen hatten wir den dünnen Motelkaffee aus Styroporbechern geschlürft und dazu ein paar trockene, klebrige und eingeschweißte Doughnuts gegessen. Die kanadischen Grenzbeamten hatten mit starkem französischem Akzent eigenartige Fragen gestellt, uns aber schließlich in ihr Land gelassen.
Nun rollten wir auf einen sonnigen Parkplatz zu, der sich etwa fünf Meilen hinter der Grenze befand. Auf dem Parkplatz stand eine dieser praktischen Informationsbaracken, in denen man sich mit kostenlosem Kartenmaterial und Prospekten eindecken kann. Amerika hatte ja auch seine guten Seiten.
Vor den Toiletten der Baracke hingen zwei Telefone, die VISA-Karten akzeptierten. In Berlin war jetzt Nachmittag.
Ich könnte eigentlich mal in der Redaktion meiner Zeitung anrufen. Ich könnte fragen, ob Tamara Danz inzwischen das Gespräch autorisiert hat, das wir vor ein paar Wochen geführt hatten. Ich könnte, aber ich mußte nicht. Ich wollte auch gar nicht. Ich wollte es nicht wissen. Ich hatte ja Urlaub. Niemand zwang mich.
Ich schob die VISA-Karte in den Automaten und tippte die lange Nummer ein. Ich dachte an meinen Traum.”

 

 
Alexander Osang (Berlijn, 30 april 1962)

 

 

De Duitse dichteres en schrijfster Ulla Hahn werd geboren op 30 april 1946 in Brachthausen. Zie ook alle tags voor Ulla Hahn op dit blog

 

Bekanntschaft

Die Fehler sind bekannt: Ich hab sie längst begangen
Schuld oder Unschuld trifft mich ganz allein
Ich bin auf meinen eigenen Leim gegangen
ich fiel auf keinen als mich selber rein

Was ich auch tue macht die Fehler schwerer
die Fehler machen bald mein Leben aus
Ich bin in diesem Leben eingefangen
ich komme nicht aus meiner Haut heraus

die narbenstrotzend an mir klebt und knittert
und mit den Jahren deutlicher verwest
Ich bin die einzige die vor mir zittert
ich weiß daß niemand mich von mir erlöst.

 

 

Zu schwer

Bleib bei mir als wärst Du
lang für mich da
laß wachsen dein weißes
in meinem Haar

Lieb mich als ob
das gut für dich wär'
als gäben wir
Leben um Leben her

Ertrag mich als trügest
du nicht zu schwer
behüt mich als ob
ich verloren wär'.

 

 
Ulla Hahn (Brachthausen, 30 april 1946)

 

 

De Duitse schrijfster Louise Rinser werd op 30 april 1911 in Pitzling geboren. Zie ook alle tags voor Louise Rinser op dit blog

Uit: Die rote Katze

„Sie hat mich immer- fort angeschaut mit ihren grünen Augen. Da hab ich sie gefragt: »Was willst du eigentlich?« Das war verrückt, denn sie ist doch kein Mensch, mit dem man reden kann. Dann bin ich ärgerlich gewor- den über sie und auch über mich, und ich hab einfach nicht mehr hingeschaut und hab ganz schnell mein Brot hinuntergewürgt. Den letzten Bissen, das war noch ein großes Stück, den hab'ich ihr hin- geworfen und bin ganz zornig fortgegangen.
Im Vorgarten, da waren Peter und Leni und haben Bohnen ge- schnitten. Sie haben sich die grünen Bohnen in den Mund gestopft, daß es nur so geknirscht hat, und Leni hat ganz leise gefragt, ob ich nicht noch ein Stückchen Brot hab. »Na«, hab ich gesagt, »du hast doch genau so ein großes Stück bekommen wie ich und du bist erst neun, und ich bin dreizehn. Größere brauchen mehr. « - »Ja«, hat sie gesagt, sonst nichts. Da hat Peter gesagt: »Weil sie ihr Brot doch der Katze gegeben hat.« - »Was für einer Katze?« hab ich gefragt. »Ach«, sagt Leni, »da ist so eine Katze gekommen, eine rote, wie so ein kleiner Fuchs und so schrecklich mager. Die hat mich immer angeschaut, wie ich mein Brot hab essen wollen. « — »Dummkopf«, hab ich ärgerlich gesagt, »wo wir doch selber nichts zu essen ha- ben. « Aber sie hat nur mit den Achseln gezuckt und ganz schnell zu Peter hingeschaut, der hat einen roten Kopf gehabt, und ich bin sicher, er hat sein Brot auch der Katze gegeben. Da bin ich wirklich ärgerlich gewesen und hab ganz schnell weggehen müssen.
Wie ich auf die Hauptstraße komm, steht da ein amerikanisches Auto, so ein großer langer Wagen, ein Buick, glaub ich, und da fragt mich der Fahrer nach dem Rathaus. Auf englisch hat er ge- fragt, und ich kann doch ein bißchen Englisch. »The next street«, hab ich gesagt, »and then left and then« - geradeaus hab ich nicht gewußt aufenglisch, das hab ich mit dem Arm gezeigt, und er hat mich schon verstanden.“

 

 
Luise Rinser (30 april 1911 – 17 maart 2002)

 

 

De Ierse schrijver John Boyne werd geboren in Dublin op 30 april 1971. Zie ook alle tags voor John Boyne op dit blog

Uit: Het winterpaleis (The House Of Special Purpose, vertaald door Mechteld Jansen)

“Dat was destijds niet ongewoon en nauwelijks reden tot rouw; het werd beschouwd als een natuurlijkegang van zaken. Tegenwoordig zou het onverwacht zijn, en een procesgang waard. Mijn grootvader nam snel daarna natuurlijk een nieuwe vrouw, om zijn nest groot te brengen.
Toen ik klein was, schrokken de andere kinderen als ze mijn vader op straat naar hen toe zagen lopen, als hij met heen en weer schietende blik huiswaarts keerde na zijn werk op het land, of met opgeheven vuist de hut van een buurman uit stapte na de zoveelste ruzie over verschuldigde roebels of al dan niet ingebeelde beledigingen. Ze hadden bijnamen voor hem en vonden het spannend om die in zijn richting te slingeren. Ze noemden hem Cerberus, naar de driekoppige hond van de Hades, en maakten hem belachelijk door hun kolpaks af te trekken, hun polsen tegen hun voorhoofd te drukken en als een gek met hun armen te flapperen terwijl ze oorlogskreten uitstootten. Ze vreesden geen vergelding als ze zich zo gedroegen waar ik, zijn enige zoon, bij was. Ik was destijds klein en zwak. Ze waren niet bang voor me. Ze trokken gekke gezichten achter zijn rug en imiteerden zijn gewoonte om op de grond te spugen, en als hij zich dan brullend als een gewond dier omdraaide stoven ze uiteen als graankorrels die over een akker worden uitgestrooid en verdwenen net zo makkelijk tegen de achtergrond. Ze lachten hem uit; ze vonden hem angstaanjagend, monsterlijk en afstotelijk tegelijk.”

 

 
John Boyne (Dublin, 30 april 1971)

 

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Annie Dillard werd geboren op 30 april 1945 in Pittsburgh. Zie ook alle tags voor Annie Dillard op dit blog

Uit: The Maytrees

“He courted Lou carefully in town, to wait, surprised, until his newly serious intent and hope firmed or fled, and until then, lest he injure her trust. No beach walks, dune picnics, rowing, sailing. Her silence made her complicit, innocent as beasts, oracular. Agitated, he saw no agitation in her even gaze. Her size and whole-faced smile maddened him, her round arms at her sides, stiff straw hat. Her bare shoulders radiated a smell of sun-hot skin. Her gait was free and light. Over her open eyes showed two widths of blue lids whose size and hue she would never see. Her face's skin was transparent, lighted and clear like sky. She barely said a word. She tongue-tied him.
She already knew his dune-shack friend Cornelius Blue, knew the professors Hiram and Elaine Cairo from New York, knew everyone's friend Deary the hoyden who lived on the pier or loose in the dunes, and old Reevadare Weaver who gave parties. Bumping through a painter's opening, picking up paint at the hardware store, ransacking the library, she glanced at him, her mouth curving broadly, as if they shared a joke. He knew the glance of old. It was a summons he never refused. The joke was — he hoped — that the woman had already yielded but would set him jumping through hoops anyway. Lou Bigelow's candid glance, however, contained neither answer nor question, only a spreading pleasure, like Blake's infant joy, kicking the gong around.”

 

 
Annie Dillard (Pittsburgh, 30 april 1945)

 

 

De Nederlandse dichter, artiest en blogger Kno’Ledge Cesare werd als Jerry King Luther Afriyie geboren in Bechem, Ghana, op 30 April 1981. Zie ook alle tags voor Kno’Ledge Cesare op dit blog.

 

De Mona Lisa Hangt Niet Meer Op Haar Plek

De Mona Lisa hangt niet meer op haar plek
De muur is leeg, ook de Picasso is weg
Ook de fluit van Henk en Ingrid
Bezuinigen, als de sleutel tot inzicht

Voel je de leegte, geen geluid
Hoor je de stilte, we komen niet vooruit
Ik wil genieten, met mijn liefde
In de schouwburg, op dat ene liedje

Ooit was het vanzelfsprekend
Toen we geen links of rechts waren
Maar jong, laagdrempelig,
En toch, vrij, geen dienaren

Het Jazz meisje zingt de blues
En dan valt het doek
Er heerst ouderdom
Saai, fragiel
Bijna vergaan

Maar niets is minder waar
Creatievelingen onder elkaar
Kunst en cultuur bij uitstek
Zet de Mona Lisa terug op haar plek

 

 
Kno’Ledge Cesare (Bechem, 30 April 1981)

 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 30e april ook mijn blog van 30 april 2011 deel 2.

De commentaren zijn gesloten.