14-02-14

Love and Friendship (Emily Brontë), Ischa Meijer, Alexander Kluge, Hanna Bervoets, Piet Paaltjens, Robert Shea, Frank Harris

 

Bij Valentijnsdag

 

 
Illustratie uit:
Vies de saints door Richard de Montbaston et collaborateurs
Sint Valentijn en zijn leerlingen

 

Love and Friendship

Love is like the wild rose-briar,
Friendship like the holly-tree—
The holly is dark when the rose-briar blooms
But which will bloom most constantly?

The wild rose-briar is sweet in spring,
Its summer blossoms scent the air;
Yet wait till winter comes again
And who will call the wild-briar fair?

Then scorn the silly rose-wreath now
And deck thee with the holly’s sheen,
That when December blights thy brow
He still may leave thy garland green.

 

 
Emily Brontë (30 juli 1818 - 19 december 1848)


 

De Nederlandse journalist, toneelschrijver, filmacteur en televisiepresentator Ischa Meijer werd geboren in Amsterdam op 14 februari 1943. Zie ook alle tags voor Ischa Meijer op dit blog.

Uit: De interviewer en de schrijvers (Gerrit Komrij)

“De grootste belachelijkheid die je jezelf op de hals kunt halen, is, denk ik, voortdurend bezig blijven met het verbazen van de mensen. En dat bén ik ook helemaal niet. Ik ben bezig om iets te maken, te schrijven. Eén groot boek, vanaf m'n kinderjaren tot m'n laatste dag. En dat boek wordt gewoon in stukjes en afleveringen, in verschillende oefeningen uitgegeven. Altijd maar weer getokkel op een bordpapieren lier. Exercities in één en hetzelfde. Ja, maar daar is ieder mens mee bezig. Niemand doet iets anders. Om in de mode van de dag te blijven, zou ik moeten zeggen: treurig genoeg. Maar ik vertel liever dat 't me hoogst vrolijk stemt.
De hilariteit die mijn werk wekt? Vind ik best. Als ik zeg dat het eigenlijk intens tragische stukjes zijn, wekt dat alleen nog maar méér hilariteit. Daar kan ik me ook geen zorgen over maken. Trouwens, dat zou een goedkope weg zijn om het publiek te strelen. Als je vrolijk bent, vindt iedereen dat prettig. Als je vrolijk bent omdat je zo droevig bent, en je roept dat heel luid, vindt iedereen dat nog prettiger. Een soort constante in de Nederlandse waardering. Zoals ook mensen het heel mooi vinden wanneer je een boek schrijft met allemaal van die lelijke, afbrekende stukken en d'r staat toch iets opbouwends in. Dan is het hele boek inenen prachtig. Waarom? Ik bedoel, ik zou me geen eniger boek kunnen voorstellen dan waarin alles afbrekend was, beledigend.’‘Wat is er nu mooier?’
‘Te veel je hoed afnemen - daar krijg je alleen maar verstandskwaaltjes van. Tocht op je hersens.’
‘En god, al lachen de mensen zich dood. 't Zal mij een zorg zijn.’

 

 
Ischa Meijer (14 februari 1943 – 14 februari 1995)

 

 

De Duitse schrijver en regisseur Alexander Kluge werd op 14 februari 1932 geboren in Halberstadt. Zie ook alle tags voor Alexander Kluge op dit blog.

Uit: Dezember (samen met Gerhard Richter)

“1. Dezember 1941: Eissturm an der Front vor Moskau. Es müßten zwei Armeen in Reserve stehen, sagt Generalfeldmarschall Fedor von Bock, der gegen 17 Uhr mit dem Oberkommando des Heeres telefoniert. An sich brauchen wir, fährt er fort, keine Waffen zur Bekämpfung der Russen, sondern eine Waffe zur Bekämpfung des Wetters. Nichts von diesem Geschehen im Osten ist in den Häusern Deutschlands unmittelbar wahrzunehmen.
  Dr.-Ing. Fred Sauer, ehemals Siemens, für die Versuchsabteilung des Heereswaffenamtes tätig, untersucht die Anatomie von Mammuten. Ließ sich aus den kurzen Rümpfen und gedrungenen Körpern dieser erfahrenen Riesen der Kaltsteppe (die es mit ihren staubigen, immerwährenden, extrem kalten Ostwinden im Jahr 1941 nicht mehr gibt) eine winterfeste Panzerwaffe entwickeln? In den gewaltigen Säulenbeinen, so Fred Sauer, wärmte das sauerstoffhaltige Blut, das aus dem Körper dieser Tiere strömte, das verbrauchte kalte Blut, das zum Körper hinaufstieg. Das war ein Hinweis auf die Möglichkeit, durch doppelte Kreisläufe in den Motoren (einer zur Erwärmung des Gerätes und einer für den Antrieb) eine Aushilfe gegen die Tükke des russischen Winters zu finden. Das Projekt kommt für die Entscheidung in diesem Jahr zu spät. 
  Der Monat Dezember 1941 war durch Zeitarmut charakterisiert.”

 

 
Alexander Kluge (Halberstadt, 14 februari 1932)

 

 

De Nederlandse schrijfster journaliste en columniste Hanna Marleen Bervoets werd geboren in Amsterdam op 14 februari 1984.Zie ook alle tags voor Hanna Bervoets op dit blog.

Uit: Iets (column)

“Soms droom ik dat ik eindexamen wiskunde moet doen. Dat ik die middag in de gymzaal wordt verwacht, met potlood, banaan, blikje Red Bull en zwart-witte examenbundel in mijn tas. En dat ik, wanneer ik daar eenmaal zit, met uitzicht op geschoren nekken en klimrekken, opeens niet meer weet hoe je een vergelijking oplost. Wat een afgeleidde ook alweer is, waar soscastoa ook alweer een ezelsbruggetje van was, – vaak is dat het moment waarop ik ontwaak. Vervolgens blijkt een deel van de droom waar: ik heb werkelijk geen idee waar soscastoa voor staat. Maar dan groeit het besef dat dat niet erg is, daar mijn eindexamenwiskunde al elf jaar achter de rug is. Wat volgt is een korte oriëntatiefase  – Waar ben ik: in bed. Wat doe ik: kwijlen op een kussen. Wat voor dag is het: dinsdag, misschien… – die eindigt in een gevoel van algehele opluchting.
Geen groter geluk dan ongeluk dat niet echt blijkt. Het eindexamen dat slechts gedroomd is. Maar ook: de telefoon die toch niet gejat is, want gewoon in een binnenzak zit. Het fietsslot dat na een kwartier alsnog open klikt. De vermiste kat die door de buren wordt teruggebracht. De brandweerauto die naar een ánder huis op weg was. Allemaal situaties die, meestal, grote opluchting veroorzaken.
En zoals er mensen zijn die niezen lekkerder dan klaarkomen vinden, vind ik opluchting misschien wel fijner dan triomf. Ja, op de slappe lach na, vind ik opluchting misschien wel de fijnste staat denkbaar.”

 

 
Hanna Bervoets (Amsterdam, 14 februari 1984)

 

 

De Nederlandse dichter en predikant Piet Paaltjens werd geboren in Leeuwarden op 14 februari 1835. Zie ook alle tags voor Piet Paaltjes op dit blog.

 

Frits en Kee
Moderne ballade

Zij heette Kee. Hij schreef zich Frits.
Zij zag wat scheel. Hij liep mank.
Een englenpaar. Maar zij erg bits,
En hij verschriklijk aan de drank.

Zo woonden ze in een lekke schuit,
Als twee marmotjes in hun hol.
Geregeld schold zij hem de huid
En dronk hij zich met bitter vol.

De tijd vliegt snel, vooral wanneer
De liefde 's levens zuur verzoet.
Hun koopren bruiloft kwam dus, eer
Het minnend paar het had vermoed.

In zijn verrassing leegde hij
Reeds 's morgens vroeg zijn tweede fles;
En van weeromstuit raasde zij
In ééns wel voor een week of zes.

Doch ziet! - Terwijl de teedre bruid
Haar eedle bruidegom en heer
Nog streelde, zonk opeens de schuit
Tot op de boom der stadsgracht neer.

Het water stroomde 't roefje in
En vulde in nog geen ommezien
Frits' lege fles, zijn gemalin
En ook hemzelve bovendien.

Toen taald' hij naar geen drinken meer,
En Keetje hield voorgoed de mond.
Dat was voor de allereerste keer
In hun gelukkig echtverbond.

 

 
Piet Paaltjens (14 februari 1835 – 19 januari 1894)

 

 

De Amerikaanse schrijver Robert Shea werd geboren op 14 februari 1933 in New York. Zie ook alle tags voor Robert Shea op dit blog.

Uit: All Things Are Lights

“The battle cries of northern crusaders and Languedoc Cathars were now so mingled that Roland could not tell one from the other. Swords boomed on wooden shields and rang on steel helmets. Screams pierced the night, some fading into the darkness below as men plunged off the mountaintop to their deaths.
But the clamor of battle diminished as Roland on his ledge crossed to the north side. The limestone wall of the fortress glowed faintly under the stars, rising above Roland like the hull of a ship. Like the Ark atop Mount Ararat, he thought. Only this ark could not save those who sought refuge in her. Against the pale background of the wall a sloping boulder stuck out, huge and black. Roland’s father, who had visited this place years ago, had written him saying, “The top of the great stone is only ten feet below the top of the parapet, and an agile man can make it over the wall there. You should be able to do it, if you have not let the wine and women of France ruin your body ere now.”
Roland could make out cracks and crevices in the century-old wall where he might dig in with fingers and toes. Still, it would be a far more fearsome climb than his father had made it sound. Taking a running start, Roland scrambled up the huge rock. Atop the boulder, he threw himself flat against the wall and reached up high, finding a fissure that afforded him a grip. Then he felt about with his right toe until it slipped into a crack between stones. Maybe now he would have the leverage to push himself upward. His limbs ached from clinging to the wall, but he could only inch his way up. He dared not look over his shoulder. Behind and below him, he knew, was black, empty space. Right hand up, right foot, left hand up, left foot, he crawled upward until at last the palm of his hand touched the blessed flatness of the top. He let out the breath he hadn’t even been aware he was holding. He raised himself up a little further and slid both arms over the wall and hauled himself to lie flat along the top.”

 

 
Robert Shea (14 februari 1933 – 10 maart 1994)

 

 

De Iers-Engelse schrijver, publicist, uitgever en redacteur Frank Harris werd geboren op 14 februari 1856 in Galway, Ierland Zie ook alle tags voor Frank Harris op dit blog

Uit: Oscar Wilde, His Life and Confessions

“He never took any interest in mathematics either at school or college. He laughed at science and never had a good word for a mathematical or science master, but there was nothing spiteful or malignant in anything he said against them; or indeed against anybody.
“The romances that impressed him most when at school were Disraeli’s novels. He spoke slightingly of Dickens as a novelist. . . .
“The classics absorbed almost his whole attention in his later school days, and the flowing beauty of his oral translations in class, whether of Thucydides, Plato or Virgil, was a thing not easily to be forgotten.”
This photograph, so to speak, of Oscar as a schoolboy is astonishingly clear and lifelike; but I have another portrait of him from another contemporary, who has since made for himself a high name as a scholar at Trinity, which, while confirming the general traits sketched by Sir Edward Sullivan, takes somewhat more notice of certain mental qualities which came later to the fruiting.
This observer who does not wish his name given, writes:
“Oscar had a pungent wit, and nearly all the nicknames in the school were given by him. He was very good on the literary side of scholarship, with a special leaning to poetry. . . .
“We noticed that he always liked to have editions of the classics that were of stately size with large print. . . . He was more careful in his dress than any other boy.
“He was a wide reader and read very fast indeed; how much he assimilated I never could make out. He was poor at music.”

 

 
Frank Harris (14 februari 1856 – 27 augustus 1931)
Karikatuur door Owl in Vanity Fair, 1913
 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e februari ook mijn blog van 14 februari 2012 deel 1 en eveneens deel 2.

De commentaren zijn gesloten.