31-01-14

Anton Korteweg, Alfred Kossmann, Anna Blaman, Marcus Roloff, Norman Mailer, Stefan Beuse

 

De Nederlands dichter en neerlandicus Anton Korteweg werd geboren in Zevenbergen op 31 januari 1944. Zie ook alle tags voor Anton Korteweg op dit blog.

 

Van haar af

Hij is al weer lang van haar af.
Moet ooit dus haar hebben beklommen.

Soms zal het gestormd hebben, daar,
maar soms was het weergaloos helder.

Soms lag het daar heerlijk, dat moet wel.
Soms ook wel niet.

Nu is hij dan dus van haar af.
Gedaald eerst, gerold, toen gevallen.
Het dal in.

Niet eens geprobeerd zich vast
te grijpen aan takken of struiken.
Niet schrap zich gezet. Hij was moe.

Aan haar voet ziet hij tegen haar op
als tegen de berg die zij is,
de berg die zij was en geweest is

en laat zich maar zo.

 

 

Hoe het leven tegemoet te treden nu je ouder wordt

Niet boos worden, schreeuwen,
hard weghollen nu, en niet
als een gek om je heen slaan.
Wie zegt dat er iets moet duren?

In de herfst vang je minder licht
dan 's zomers, en 's winters nog minder.
Waarom tekeer gaan?

Nee, met bescheiden animo en,
is die niet meer beschikbaar,
versleten bewegingen.

Besta ik straks niet meer,
kan ik alsnog gaan huilen

 

 

 
Anton Korteweg (Zevenbergen, 31 januari 1944)

Lees meer...

VSB Poëzieprijs 2014 voor Antoine de Kom

De VSB Poëzieprijs 2014 is toegekend aan de Nederlandse dichter Antoine de Kom. De Kom krijgt de jaarlijkse prijs voor de beste Nederlandstalige dichtbundel voor haar bundel “Ritmisch zonder string.” Aan de prijs is een geldbedrag van 25.000 euro verbonden en een glaskunstwerk van kunstenares Maria Roosen. Antoine de Kom ontving de prijs op 29 januari tijdens een feestelijke avond in het Stadhuis van Rotterdam uit handen van burgemeester en juryvoorzitter Ahmed Aboutaleb. Zie ook alle tags voor Antoine de Kom op dit blog.

 

nu de zon

nu de zon
lager staat is ze des
te heter en vrees ik ergens
dat – de jongste
van onze honden at zojuist een duif op.
kleine bruine veren over steen
verspreid. ik heb mezelf gisteren
uitgezwaaid. ik zal morgen
vroeg in de ochtend het land verlaten
op blote voeten.
de honden doen alsof ze slapen.
mijn hangmat is leeg. boven de kust
drijft rood en wit van vogels
door het groen. ik ruik naar hout
wat zurig wel. en verder is er stof
en natuurlijk het gevoel eindelijk
van hier te zijn: bij de cambio waren er
de kleine wisselvingers van een bruid zij
verrichtte handelingen en zei
nog net even iets liefs over pinnen
pin maar en kijk
zei ze staande op schelpzand bij de zee.
vanuit de verte woei een dreunende techno
beat aan. en ik zal zo dadelijk
worden aangesproken dan
zal blijken dat ik niet besta dat familie
voor mij in de plaats is gekomen in
kleren uit een heel andere tijd dan de onze
hun kleur en tongval overvallen me net als
de beat op de wind
die laat in de middag opstak toen
tegen de auto omgevallen lege dozen streelde
terwijl er laos in de zon ligt te drogen
op een betegelde tafel

 

 

 
Antoine de Kom (Den Haag, 13 augustus 1956)

30-01-14

Bernard Dewulf, Tijs Goldschmidt, Shirley Hazzard, Adelbert von Chamisso, Les Barker, Karl Gerok

 

De Vlaamse dichter, schrijver en journalist Bernard Dewulf werd op 30 januari 1960 in Brussel geboren. Zie ook alle tags voor Bernard Dewulf op dit blog.

 

Zoontje slaapt

Het is een middag uit een dagelijkse week,
een eeuw wordt buiten afgewerkt.
In de ether van het eerste huis
ruist je slaap in een elektrisch oor.

Ramen staan wijd open op een zomer
en tot in onze stille kamers dringt
het pidgin door van weer een nieuwe tijd.
Nu kan de toekomst komen.

Hier wonen wij tot later samen.
Tot ik in je pas, een vader in een vader.
Tot dit huis je zal verhuizen.
Tot het is alsof ik er nooit was.

Hier ben ik, na de middag van mijn dag.
Ik weet, het droomt nu in je hoofd,
maar hoor. Er zingt in onze kamers iets
van elke tijd. Adem, adem met mij door.

 

 

Hart

Het diepste houd ik van hem over,
wat ik zeg verzwijgt zijn taal.
Hij draagt zijn hart in mij
het haast mij dagelijks voort.

Wij praten en hij knikt bij nee,
hevig verkeerd. Drank zuipt hem op.
Om oude grappen lacht hij nog
de lach die ik verstop.

Later staat hij scheef
voor zijn huis en wuift altijd.
Ik rijd mij gehaast van hem weg,
hij slaapt al in mijn hoofd.

 

 

Grand nu blue, 1924

Dit is mijn vrouw. Zij is mij duizend-en-één.
Bredere mannen hebben in duizenden hetzelfde,
in haar alleen heb ik de duizend anderen gezien.
Zij was het dichtste, het verste onder de dingen.
ik heb niets anders misdaan dan haar benaderd.
Verder dan de verf ben ik niet geraakt. De verf
is haar vlees geworden. Haar vlees was moeilijk
zoals alle gras. Ik wilde dat het zienderogen zong.
Ieder treurlied dat het aanhief kreeg mijn kleur.
In mijn duizend kleuren heb ik hetzelfde gezocht.
Altijd dichterbij te kijken, zo bijziend als ik kon
de einder van haar huid volledig te bestrijken.

 

 
Bernard Dewulf (Brussel, 30 januari 1960

Lees meer...

29-01-14

Hans Plomp, Saskia de Coster, Willem Hussem, Anton Tsjechov, Lennaert Nijgh, Romain Rolland, Hubert C. Poot

 

De Nederlandse dichter en schrijver Hans Plomp werd op 29 januari 1944 in Amsterdam geboren. Zie ook alle tags voor Hans Plomp op dit blog.

 

Venus in Holland

Wat ben je mooi
met je neus en je oren
met je billen
en je kut van voren!
Wat ben je goddelijk herboren,
oude vriend.
Wat staat een vrouw je goed,
geur van aarde,
smaak van bloed.

Weet je nog, eeuwen geleden,
in elkaars armen
overleden?
Ik was vrouw toen,
jij was man.
Nu omgekeerd,
dat komt ervan.

Lieverik, o lieverik,
kom hier met je stijve pik.
Aan mijn borst, o heerlijk wijf,
ik word bloedgeil van je lijf.
In mijn armen, hemels beest,
zijn we altijd één geweest.
In mijn armen, hemels beest,
zijn we altijd één geweest.

 

 
Hans Plomp (Amsterdam, 29 januari 1944)
In 1987

Lees meer...

28-01-14

Ramsey Nasr, Peter Verhelst, Maik Lippert, Ismail Kadare, Wies Moens, José Martí

De Palestijns-Nederlandse dichter, schrijver en acteur Ramsey Nasr werd geboren in Rotterdam op 28 januari 1974. Zie ook alle tags voor Ramsey Nasr op dit blog.

 

Geen lied (Fragment)

De lier telt zeven snaren. Elke snaar
Is een planeet. Zeven planeten had ik.
Zeven planeten draaiden rondom mij
Met daaromheen een zwarte koepelbol
Die alles afsloot, maar niet helemaal;
Er zaten gaten in, duizenden sterren
Als venstertjes naar buiten op het vuur.
Zeven sirenen ook en hoe dat kon,
En of ze echt meesuisden met de planeten,
Zijn vragen die ik mij nooit heb gesteld,
Omdat ik ze alle dagen horen kon:
Vrouwen met baarden, met vogellichamen
En klauwen die zich in hun vaart als klem
Vast konden zetten aan de hemelbanen.
Elke sirene zong strak aangehouden
Een toon. Zeven sirenen, zeven tonen,
Een huiverend akkoord van zonnestralen
Of licht. Iets dergelijks. Zuiver geluid
Onder een tweemaal kolossale koepel,
Waardoor mijn snaren als vanzelf aanvingen
Te trillen. Ik hoefde maar mee te zingen.
Wanneer ik zong, zwermden de vogels uit;
Niet slechts bijzondere, maar alle soorten
Krioelden om mijn hoofd, ik weet niet hoe.
Bijen, libellen, wespen, horzels, kevers
Voerden fantastische figuren uit,
Achter elkaar, als danspassen op lucht.
Grote dieren kwamen op mij af,
Namen mij op de rug en luisterden,
Terwijl ze ruimte lieten voor de bomen,
Die langzaam dichterbij geschuifeld waren.
Zelfs rotsen bogen voorzover dat kon
Hun oren naar ons toe. Niet allemaal:
Er waren er die onbewogen stonden
En toekeken hoe bovenop de bergen
De sneeuw aan het wegsmelten was begonnen
En de rivieren weer in gang zette,
Die stilgehouden hadden in stroom,
Terwijl erboven alle bruggen golfden.

 

 
Ramsey Nasr (Rotterdam, 28 januari 1974)

Lees meer...

Thierry Baudet

 

De Nederlandse schrijver, historicus en jurist Thierry Baudet werd geboren in Heemstede op 28 januari 1983. Baudet studeerde rechten en behaalde een bachelor-graad Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde in 2012 aan de rechtenfaculteit van de Universiteit Leiden. Aan die universiteit was hij tevens als docent verbonden. In 2013 was hij als post-doc verbonden aan de Universiteit van Tilburg. Baudet publiceerde in 2010 samen met Michiel Visser Conservatieve Vooruitgang, een essaybundel met portretten van een twintigtal moderne conservatieven. Zijn proefschrift verscheen in het Nederlands onder de titel “De Aanval op de Natiestaat”. Baudet betoogt in zijn boek dat de democratische rechtsstaat alleen kan functioneren binnen de context van de natiestaat. Supranationalisme, zoals dat onder meer in de Europese Unie, de Wereldhandelsorganisatie, het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het Internationaal Strafhof tot uitdrukking komt, is volgens hem fundamenteel onverenigbaar met de democratische rechtsstaat. Dit zou het geval zijn omdat de democratische rechtsstaat grenzen nodig heeft, een zekere sociale cohesie onder de bevolking en soevereiniteit in de vorm van een parlement dat verantwoording verschuldigd is aan de bevolking. Elders heeft Baudet zich specifiek over de EU en de euro uitgelaten. In de media betoogde hij dat beide op de langere termijn niet houdbaar zullen blijken te zijn. In zijn boek “Oikofobie”, de angst voor het eigene, beschrijft Thierry Baudet uitvoerig een relatief nieuwe filosofische stroming, de zgn. oikofobie, een verregaande vorm van cultuurrelativisme. Oikofobie is volgens hem de ziekelijke afkeer van het eigene, het eigen nest

Uit: De aanval op de natiestaat

“Op dit moment zijn de Europese nationale regeringen in laatste instantie nog altijd soeverein in het valideren van de verdragen die hen binden – en ze kunnen dus nog altijd over hervormingen onderhandelen of zich terugtrekken als die onderhandelingen op niets uit zouden draaien. Evenmin heeft de ideologie van het multiculturalisme, uitzonderingen daargelaten, formele gelijkheid voor de wet of het gezag van de nationale rechter om het nationale recht toe te passen volledig doen verdwijnen.
Dit betekent dat we nog een keuze hebben. Hoewel de Europese politieke toplaag zo’n beetje alles heeft gedaan wat zij kon om nationale grenzen te elimineren, liggen de sleutels tot de poort nog steeds in eigen hand.
Dit is niet onbelangrijk. In heel Europa hebben politici met een duidelijk nationalistische agenda de afgelopen jaren aanzienlijk – en voortdurend toenemend – electoraal succes gehad. Het feit dat de Europese elites een gezamenlijke aanval op de natiestaat hebben ondernomen wil dus niet zeggen dat de Europese bevolkingen daar ook in mee zijn gegaan.
Politieke leiders als Berlusconi in Italië, vader en dochter Le Pen in Frankrijk, Fortuyn, Roemer en Wilders in Nederland, Klaus in Tsjechië, Haider in Oostenrijk, Timo Soini in Finland, Pia Kjaersgaard in Denemarken, en vele andere, hebben allemaal een belangrijk punt gemaakt van het opkomen voor de nationale cultuur en de nationale soevereiniteit, en hebben bewust ‘trots’ tot uitdrukking gebracht in het vertegenwoordigen van hun land. In referenda over de Europese ‘grondwet’ hebben grote delen van de bevolking hun verzet uitgesproken tegen het afstaan van macht die voorheen was toevertrouwd aan nationale regeringen. En op 29 november 2009 stemden de Zwitsers tegen het recht van islamitische immigranten om hun religie te manifesteren op een opzichtige manier, en verboden hun het bouwen van nieuwe minaretten. Het is aannemelijk dat dergelijke referenda in andere Europese landen tot vergelijkbare resultaten zouden leiden (wat ook de reden is dat politici zo huiverig zijn om deze referenda toe te staan).”

 

 
Thierry Baudet (Heemstede, 28 januari 1983)

19:10 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: thierry baudet, romenu |  Facebook |

27-01-14

Benjamin von Stuckrad-Barre, Leopold von Sacher-Masoch, Ethan Mordden, Lewis Carroll, Rudolf Geel, Neel Doff

 

De Duitse schrijver Benjamin von Stuckrad-Barre werd op 27 januari 1975 in Bremen geboren. Zie ook alle tags voor Benjamin von Stuckrad-Barre op dit blog.

Uit: Soloalbum

„...Ich gehöre zum Rest von vielleicht 10 Leuten. Ich kenne niemanden mehr, Christian ist auch weg (WOHIN?), die verbliebenen Männer sind allesamt so Verbindungstrottel mit Uniform und vernarbter Fresse. Der eine guckt mich an, mein Pullover missfällt ihm offenbar. Er ist nicht betrunken, er ist besoffen.
- Ist hier jetzt Pulloverparty, du kleiner Straßenköter?
- Ja, genau, Pulloverparty, aber Fettsäcke mit großem Latinum dürfen auch im Matrosenanzug kommen, das ist kein Problem. Oder hattest Du Probleme reinzukommen?
Das war jetzt ein guter Witz, würde ich sagen, auch angemessen, da er ja angefangen hat usw. Kann ich gleich vergessen diese Argumente, denn jetzt sagt er seinen Freunden Bescheid, so läuft das ja immer. Man muss dann einfach abhauen. Habe ich jetzt verpasst. Ganz so böse meinte ich es auch nicht, im Gegenteil, ich finde es sogar fair, so Verbindungswichsern mal einen objektiven Tip zu geben hinsichtlich ihrer Kleidung, Gesinnung und Lebensführung, denn deshalb sind sie ja in einer Verbindung, um genau dem zu entgehen – das sind in der Schule immer die Dicken oder Stotternden oder Pickligen oder Schüchternen gewesen, die (gleich nach Lego-Technik statt Playmobil) zur Schach AG rannten und dann später froh waren, dass es außer „Actionfilmen“, Toten Hosen-Konzerten, der Zeitschrift P.M. und Stephen King-Büchern noch was gibt...“

 

 
Benjamin von Stuckrad-Barre (Bremen, 27 januari 1975)

Lees meer...

26-01-14

Menno ter Braak, Achim von Arnim, Jonathan Carroll, Gerrit Jan Zwier

 

De Nederlandse schrijver Menno ter Braak werd geboren op 26 januari 1902 in Eibergen. Zie ook alle tags voor Menno ter Braak op dit blog.

Uit: De nieuwe elite

“Terwijl het geraas van den Teutoneninval in Tsjecho-Slowakije mijn ooren nog verdooft, volg ik met een nieuwsgierigheid, die mijzelf bij tijd en wijle pervers lijkt, mijn gedachten over een nieuwe elite: een zeepbel, ‘unzeitgemässe Betrachtungen’, voorbestemd om weggeblazen te worden door de losgebroken orkaan van het bruut geweld. Of... waren alle gedachten, die zich opdrongen tegen het rumoer van den tijd in, misschien ‘unzeitgemäss’? Denken wij niet juist daarom voortdurend na over het probleem van een elite, omdat wij de ‘oude’ elites niet meer kunnen erkennen en de zoogenaamde ‘nieuwe’ (de ‘Massenelite’, volgens een term van Hermann Rauschning) slechts erkennen onder protest van onze geheele persoonlijkheid? In het gedachtenspel is altijd een element van dwaasheid en nutteloosheid, maar nu meer dan ooit; waarom zou men gedachten ten einde denken, als ieder oogenblik het geweld de elementaire voorwaarden tot denken onmogelijk kan maken en daardoor het geheele denken problematisch wordt? Is zelfs de veronderstelling, dat gedachten ‘unzeitgemäss’ kunnen zijn, niet een vorm van romantische hoop op een verwerkelijking, die voor ons nooit komen zal, voor ons, die een oorlog zagen ‘uitbannen’ om twintig jaar later met een totalen oorlog te worden geconfronteerd?... Maar de zeepbel danst, en het protest wordt feller; er is geen keuze, wij moeten denken en ten einde denken.
Er is geen troost te vinden in de befaamde historische parallellen, die altijd opgaan toe zij niet meer opgaan; meer troost biedt dan nog de zeepbel, de geschiedenis is hoogstens een arsenaal van vergelijkingsmateriaal. Zoo kan men een merkwaardig parallelisme constateeren tusschen de Duitsche revolutie van Hitler en de Fransche revolutie van 1789; Golo Mann en Denis de Rougemont hebben onafhankelijk van elkaar dat parallelisme aangewezen.”

 

 
Menno ter Braak (26 januari 1902 - 14 mei 1940)
V.l.n.r. Katia Mann, Menno ter Braak en Thomas Mann bij het Mauritshuis in Den Haag, 1939

Lees meer...

Bhai, Rudolf Alexander Schröder, François Coppée, Eugène Sue, Jochen Missfeldt

 

De Surinaamse dichter Bhai (eig.James Ramlall) werd geboren op 26 januari 1935 in het toenmalige district Suriname. Zie ook alle tags voor Bhai op dit blog.

 

ma-beta
(Moeder en Zoon)

Blank
is het rijstveld.
Een slanke vrouw
met bibit in d'r hand

Mááaaa............!

De stilte verbroken;
brokstukken vallen uiteen.
De echo weergalmt,
De luchtzee resoneert,
De blanke watermassa rimpelt,
De bladeren aan de bomen ritselen.
Dan richt de vrouw zich op,
kijkt,
legt de jonge plantjes neer
en glimlacht:
Mijn zoon is thuisgekomen!

 

 

chiriya aur naiya
(Vogel en Schip)

Ik ben een kleine, niet'ge koyal,
gezeten op een amrud-twijg.
De baren van de luchtzee
doen deinen mijn tere weke boot....
Schommel maar mijn scheepje,
dein maar op en neer.
Je lading zal nimmer kantelen,
noch zinken zal ze ooit:
Weet dat jouw lading vleugels heeft!

 

 
Bhai (District Suriname, 26 januari 1935)

Lees meer...

Philip José Farmer, Alfons Paquet, Lode Baekelmans, Jan van Hoogstraten, Delphine Gay, Sabino Arana Goiri

 

De Amerikaanse schrijver Philip José Farmer werd geboren in North Terre Haute (Indiana) op 26 januari 1918. Zie ook alle tags voor Philip José Farmer op dit blog.

Uit: To Your Scattered Bodies Go

“Slowly, he turned over in a somersault. Then the resistance halted him with his fingertips about six inches from the rod. He straightened his body out and moved forward a fraction of an inch. At the same time, his body began to rotate on its longitudinal axis. He sucked in air with a loud sawing noise. Though he knew no hold existed for him, he could not help flailing his arms in panic to try to seize onto something.
Now he was face "down," or was it "up"? Whatever the direction, it was opposite to that toward which he had been looking when he had awakened. Not that this mattered. "Above" him and "below" him the view was the same. He was suspended in space, kept from falling by an invisible and unfelt cocoon. Six feet "below" him was the body of a woman with a very pale skin. She was naked and completely hairless. She seemed to be asleep. Her eyes were closed, and her breasts rose and fell gently. Her legs were together and straight out, and her arms were by her side. She turned slowly like a chicken on a spit.
The same force that was rotating her was also rotating him. He spun slowly away from her, saw other naked and hairless bodies, men, women, and children, opposite him in silent spinning rows. Above him was the rotating naked and hairless body of a Negro.”

 

 
Philip José Farmer (26 januari 1918 - 25 februari 2009)

Lees meer...

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige (Annette von Droste-Hülshoff)

 

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige

 

 

 
Jezus geneest een melaatse door Jean-Marie Melchior Doze, 1864

 

 

Am dritten Sonntage nach Heilige Drei Könige
Evang.: Vom Aussätzigen und Hauptmann

"Geh hin, und dir gescheh, wie du geglaubt!"
Ja, wer da glaubt, dem wird sein Heil geschehen;
Was aber ihm, dem in verborgnen Wehen
Das Leben hat sein Heiliges geraubt?

Herr, sprich ein Wort, so wird dein Knecht gesund!
Herr, sprich das Wort, ich kann ja nichts als wollen;
Die Liebe kann das Herz dir freudig zollen,
Der Glaube wird ja nur als Gnade kund!

Wie kömmt es, da ich dich am Abend rief,
Da ich am Morgen ausging dich zu finden,
Daß du in Lauheit und des Zweifels Sünden
Mich sinken ließest, tiefer stets und tief?

Ist nicht mein Ruf in meiner höchsten Not
Zu dir empor geschollen aus der Tiefe?
Und war es nicht, als ob ich Felsen riefe?
Indes mein Auge stets von Tränen rot.

Verzeih, o Herr, was die Bedrängnis spricht!
Ich habe dich doch oft und süß empfunden,
Ich war ja Eins mit dir zu ganzen Stunden,
Und in der Not gedacht' ich dessen nicht!

Und ist mir nun, als sei ich ganz allein
Von deinem weiten Gnadenmahl verloren,
Der ausgesperrte Bettler vor den Toren:
O Gott, die Schuld ist doch gewißlich mein!

Fühlt' ich in Demut, wie ich nimmer wert,
Daß ich dein Wort in meinem Geist empfangen,
Daß meine Seufzer an dein Ohr gelangen,
Daß meine Seele dich erkennt und ehrt?

Mein Herr, gedenke meiner Sünden nicht!
Wie oft hab' ich auf selbstgewähltem Pfade
Geschrien im Dunkel, Gott, um deine Gnade
Wie um ein Recht und wie um eine Pflicht!

O hätt' ich ihre Gaben nicht versäumt,
Hätt' ich sie nicht zertreten und verachtet!
Ich stände nicht so grauenvoll umnachtet,
Daß das entfloh'ne Licht mir wie geträumt.

Wie oft ist nicht, noch eh' die Tat geschah,
Die als Gedanke lüstern mich umflogen,
In milder Warnung still vorbeigezogen
Dein Name mir, dein Bild auf Golgatha!

Und wenn ich nun mich frevelnd abgewandt,
Die Sünde, die ich klar erkannt begangen,
Wie hast du dann in reuigem Verlangen
Nicht oft in meiner Seele nachgebrannt!

Ach, viel und schwere Sünden übt' ich schon,
Noch mehr der Fehle, klein in ihren Namen,
Doch groß in der Verderbnis tiefstem Samen,
Taub für des jammernden Gewissens Ton!

Nun ist mir endlich alles Licht dahin
Und öfters deine Stimme ganz verschollen;
Doch wirf mich, o du siehst, ich kann noch wollen,
Nicht zu den Toten, weil ich lebend bin!

Mein Jesu, sieh, ich bin zu Tode wund
Und kann in der Zerrüttung nicht gesunden!
Mein Jesu, denk' an deine bittern Wunden
Und sprich ein Wort, so wird dein Knecht gesund!

 

 

 
Annette von Droste-Hülshoff (10 januari 1797 – 24 mei 1848)
Haus Rüschhaus, waar Annette vanaf 1826 woonde, van boven gezien

 

19:17 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: annette von droste-hülshoff, romenu |  Facebook |

Jos van Daanen

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jos van Daanen werd geboren op 26 januari 1959 in Kerkrade.Na het behalen van zijn vwo-diploma studeerde hij Nederlandse taal- en letterkunde en Algemene Literatuurwetenschap in Nijmegen. Gedichten van hem verschenen onder andere in Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Krakatau, Op Ruwe Planken en in gelegenheidsbundels. Ook geeft hij regelmatig acte de présence met zijn gedichten bij diverse poëziepodia.

 

Tot er woorden waren, waren we niets

In het bladstil, in het oranje waar zon en maan
de schemering bedrijven, in de blik van glurend fauna
en de klamme veeg van klossend water over griend
zijn we opgestaan.

We schepten loof en legden op- en ondergang
op linnen vast. Jij zat in alle kleuren en ik schiep koffie,
sigaretten om het ruwe leven af te dwingen. Samen
gaven we licht.

Maar tot er woorden waren, waren we niets, en zelfs nu
zijn we nauwelijks. We zijn nog maar amper
goden in het spel, te druk met het wijzigen
van de regels.

 

 
Jos van Daanen (Kerkrade, 26 januari 1959)

19:15 Gepost door Romenu in Literatuur | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jos van daanen, romenu |  Facebook |

25-01-14

Renate Dorrestein, William S. Maugham, Virginia Woolf, Stephen Chbosky, David Grossman, J. G. Farrell

 

De Nederlandse schrijfster Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam op 25 januari 1954.Zie ook alle tags voor Renate Dorrestein op dit blog. Renate Dorrestein viert vandaag haar 60e verjaardag.

Uit: Een hart van steen

“Het liep tegen het einde van de zomervakantie; ik weet het nog precies. Elke avond zaten er dikke, taaie teken tussen je tenen die je er volgens Billie tegen de klok in uit moest draaien, anders kreeg je de ziekte van Lyme. We hadden die dag bosbessen geplukt, onze tanden waren er nog blauw van. Alleen Kester had de zijne gepoetst. Mijn broer was de laatste tijd in een verbeten gevecht verwikkeld met het vuil van de wereld. Hij waste elke dag zijn oksels en zijn gezicht, maar hij bleef stinken en hij zag er altijd uit als een beduimelde oude krant. Om hem te laten merken dat het mij niets uitmaakte, ging ik onder het lezen af en toe even tegen hem aan hangen.
Hij zat met gekruiste benen op zijn rode sprei, de voeten onder zich getrokken. Hij had sinds kort stugge zwarte haren op zijn tenen, waarvoor hij zich doodschaamde.
Hij wachtte de afloop van Batman niet af, maar pakte Billies vijl van de vloer en begon ermee onder zijn nagels te peuteren.
Onze bedden stonden tegen de vier muren geschoven:
we hadden allemaal ons eigen domein. Soms, als we ruzie hadden, trokken we met krijtstrepen op de plankenvloer om ons gebied af te bakenen, of we legden gore, weke vondsten uit de vijver bij elkaar onder de lakens.
‘Zou het nog lang duren?’ zei Billie terwijl ze naast me kwam zitten.
Kester boog de vijl met zijn duim achterover en liet hem toen met een zoevend geluid in haar richting schieten.
‘Moeten we geen water koken?’
‘We zitten hier niet op de High Chaparall,’ zei mijn zuster. Ze krabde verveeld aan haar kuit.
We zaten een tijdje zwijgend bijeen, te moe om nieuwe afleiding te verzinnen. Ten slotte zei Kes: ‘Je hoeft niet van me te houden, Scarlett, maar kus me.’

 

 
Renate Dorrestein (Amsterdam, 25 januari 1954)

Lees meer...

Alessandro Baricco, Stefan Themerson, Jozef Slagveer, Paavo Haavikko, Robert Burns, Vladimir Vysotsky

 

De Italiaanse schrijver Alessandro Baricco werd geboren op 25 januari 1958 in Turijn. Zie ook alle tags voor Alessandro Baricco op dit blog.

Uit: City (Vertaald door Ann Goldstein)

“It was Shatzy's voice. It came from outside the door. The bathroom door.
"I'm coming, I'm coming."
Music of flushing. Tap on. Tap off. Pause. Door opens.
"They've been waiting half an hour for you."
"I'm coming."
Some people from the local TV station had come to Gould's house. They wanted to do a feature for the Friday evening special. Title: Portrait of a Child Genius. They had set up the camera in the living room. What they had in mind was a half-hour interview. They counted on working up a sad story of a boy condemned by his intelligence to solitude and success. Its brilliance lay in their having found someone whose life was a tragedy not because he was terribly unfortunate but, on the contrary, because he was terribly fortunate. If it wasn't exactly brilliant at least it seemed like a good idea.
Gould sat on the sofa, in front of the camera. Poomerang was beside him, also sitting. Diesel didn't fit on the sofa, so he sat on the floor, although it took him a while to get there. And then it wasn't clear how he would ever get up. Anyway. They arranged the microphones and turned on the spots. The interviewer smoothed her skirt over her crossed legs.”

 

 
Alessandro Baricco (Turijn, 25 januari 1958)

Lees meer...